
Romeinse oudheden
Buste van Livia
Haar stenen hoofd stamt uit het begin van onze jaartelling en is een Romeinse kopie van een bronzen buste die in de 5de eeuw v.Chr. in Griekenland werd gemaakt. Zij stelt de jeugdige aardgodin Kora voor, zoals die in de lente oprijst uit de onderwereld. Alleen het hoofd is antiek. De rest van de buste dateert uit de 17de of 18de eeuw, toen ook aan het hoofd, dat ongetwijfeld beschadigd was, reparaties en aanpassingen werden uitgevoerd.
Die ‘verbeteringen’ zijn niet gering. Er is een stukje van haar hals weggenomen, samen met de punten van haar krullen. De hoge diadeem op haar hoofd is afgebeiteld en van ‘banale ornamenten’ voorzien, zoals A.W. Bijvanck het in 1912 formuleerde. Ook haar neus is aangepakt. Zoals bij veel beelden uit de Oudheid was het puntje van haar neus afgebroken.
Deze markante vrouwenkop, die als ‘buste van Livia’ bekendstaat, heeft eeuwenlang een prominente plaats ingenomen in de huizen van Nederlandse notabelen. De Delftse regent Valerius Röver probeerde de kop te identificeren door hem met de koppen op antieke munten te vergelijken. Verzamelaars zagen hun munten als miniportretten van beroemde personen uit de Oudheid die de teksten van de antieke geschiedschrijvers konden illustreren. Röver twijfelde tussen Arsinoë, de vrouw van de Egyptische vorst Ptolemaeus Philadelphus, en Livia, de vrouw van keizer Augustus. Het is duidelijk dat zo’n methode van vergelijken ertoe leidde dat men vrijwel altijd bij vorstelijke personen uitkwam.
Maar Livia of geen Livia, deze kop – die in 1806 door Johan Meerman werd gekocht en die in 1815 eigendom werd van Baron Van Westreenen – vormt een van de belangrijkste beeldhouwwerken in het museum.
11 oktober 2008 t/m 11 januari 2009
Unieke tentoonstelling over Jacob van Maerlants Rijmbijbel in Museum Meermanno
Van 11 oktober t/m 11 januari a.s. zijn in Museum Meermanno in Den Haag unieke miniatuur-schilderingen uit de
Rijmbijbel van Jacob van Maerlant van dichtbij te zien. Doordat de
Rijmbijbel voor restauratie uit elkaar genomen is heeft de bezoeker voor het eerst de gelegenheid om twintig afzonderlijke pagina’s met evenzoveel miniaturen in detail te bekijken. Daarnaast zijn miniaturen uit andere prachtige Maerlant-handschriften te bewonderen die zeer zelden te zien zijn, en o.a. in Berlijn, Brussel en Brugge worden bewaard.
Jacob van Maerlant - een Vlaamse dichter die aanvankelijk ridderromans schreef - voltooide de
Rijmbijbel in 1271. In dit boek zette hij de bijbelse verhalen op rijm waarbij hij als eerste de volkstaal gebruikte. Hierdoor werd de bijbel voor veel meer mensen toegankelijk dan tot dan toe het geval was: meestal werden boeken in het Latijn geschreven.
In 1332 werd dit exemplaar van de
Rijmbijbel door de kunstenaar Michiel van der Borch voorzien 64 miniaturen. Van Michiel van der Borch is weinig bekend, maar uitzonderlijk is wel dat hij zijn naam onder een paginagroot miniatuur heeft geschreven. Het maakt de
Rijmbijbel die in Museum Meermanno te zien is tot het vroegste gesigneerde en gedateerde verluchte handschrift uit de Noordelijke Nederlanden. De
Rijmbijbel die Museum Meermanno bezit is een van de rijkst geïllustreerde exemplaren, die bewaard is gebleven.
Ga naar de online catalogus >2006
60 ex libris
De zestig jaren van Ex libris-wereld verbeeld in zestig ex libris, gekozen door leden
Het ex libris neemt een bescheiden plaats in, in de wereld van de grafische kunst. Van oudsher is het ex libris vooral een functioneel als boekmerk, maar inmiddels heeft het zich ontwikkeld tot een apart genre binnen de grafiek. Er is een schare van liefhebbers en verzamelaars van het ex libris actief, waarvan er zo’n kleine 400 zijn verenigd in Ex libris-wereld, de Nederlandse vereniging voor ex libris en andere kleingrafiek. Deze vereniging werd in 1946 opgericht als onderdeel van de Wereld Bibliotheek Vereniging en is sinds 1986 een zelfstandige vereniging.
In de expositie in het souterrain van het museum zijn 60 ex libris bijeengebracht, uitgekozen door 60 leden van Ex libris-wereld. De expositie geeft een beeld van de diversiteit van de verschijningsvormen van het ex libris. De keuze wordt toegelicht in een catalogus die in het museum te koop is.
1 mei t/m 27 juni 2004
Ode aan de Kolossale Zon. Kunstenaarsboek van Helga Kos
In de souterrainvitrines besteedt Museum Meermanno aandacht aan de uitgave van het kunstenaarsboek ‘Ode aan de Kolossale Zon’ van beeldend kunstenares Helga Kos. Dit boek, bestaand uit drie delen is recent aangekocht ten behoeve van de collectie van het museum.
Met dit boek heeft Kos, geassisteerd door typograaf Josje Pollmann een kunstwerk willen maken dat wezenlijke kenmerken gemeen heeft met muziek. Het is geïnspireerd op het muziekstuk
Last Poems of Wallace Stevens van de Amerikaanse componist Ned Rorem. Deze muziek is in het boek opgenomen in de vorm van een cd, met een uitvoering door het muziekgezelschap ‘Wendingen’.
In de opeenvolgende pagina’s van een boek ziet Kos een overeenkomst met het karakter van muziek. Een boek wordt al bladerend ervaren, niet in één oogopslag. Ook muziek geeft geen totaalbeeld ineens, maar openbaart zich ‘in de tijd’. Muzikale thema’s komen in verschillende delen van een compositie terug. De opzet bij dit kunstenaarsboek is dat de verschillende pagina’s niet los van elkaar staan. Het zijn geen afzonderlijke grafiekbladen, maar zij krijgen hun betekenis in relatie tot elkaar. Het beeld verandert door het omslaan van de pagina’s.
Nabeeld en transparantie spelen een grote rol. Om het beeld dat door de pagina heen schijnt te kunnen benutten zijn vaak dunne papiersoorten gebruikt en ‘vette’ druktechnieken als lino en stencil. Traditionele drukkersnachtmerries als ‘smet’ en ‘doordrukken’ werden bewust opgezocht om het gewenste resultaat te bereiken.
Het boek bestaat uit honderdvijftig pagina’s grafiek. Het merendeel is handgedrukt op de grafiekwerkplaats van de Rijksakademie in Amsterdam. De editie is 288, gesigneerd en genummerd. De gebruikte druktechnieken zijn linoleumdruk, stencildruk, zeefdruk, offset van handgetekende films, stempeldruk, preeg, foliedruk, stans, fotokopie en gomdruk.
De totstandkoming van het boek heeft in totaal vijf jaar geduurd. In de expositie zijn naast de complete uitgave ook drukproeven, losse bladen, werkbladen en afsnijsels te zien, die een beeld geven van de totstandkoming van het boek.
Van 31 januari t/m 5 april 2009
Bizarre boekbanden van Tom Lanoye
Museum Meermanno organiseert een tentoonstelling over de bijzondere boekbanden van Tom Lanoye naar aanleiding van zijn bekroning met de Gouden Ganzenveer (2007). De tentoonstelling heet
Het moet niet mooi worden. De boeken van Tom Lanoye en is te zien van 31 januari t/m 5 april 2009.
Vanaf zijn eerste uitgaven, in eigen beheer verspreid bij talloze optredens, heeft Lanoye het uiterlijk van zijn boeken mede bepaald. Zijn ontmoeting met bibliofielen, die zijn werk fraai lieten binden, bracht Lanoye op het idee van een uitzonderlijke vorm voor zijn boeken. Sindsdien werd van elke uitgave een beperkt aantal exemplaren met de hand gebonden door Handboekbinderij De Pers in Antwerpen. De materialen daarvan zijn verbazingwekkend divers, van staal tot tapijt en van perkament tot kokosmat.
De ook voor Nederland ‘gewone bibliofilie’ van het in leer gebonden boek laat Lanoye daarmee snel achter zich. Vanaf 1991 neemt Lanoye het heft in eigen handen en bepaalt hij het basisidee van deze luxe edities. ‘Het moet niet mooi worden’, is daarbij de richtlijn en er wordt korte metten gemaakt met alles dat zweemt naar ‘dat bibliofiele gedoe’. Intussen krijgen de boeken in opdracht van zijn uitgever Prometheus een gedegen typografische vormgeving die steeds in de vertrouwde handen was van Jan Willem Stas, Gert Dooreman en anderen.
De tentoonstelling zal deze voor Nederland ongewone boekobjecten van alle kanten laten zien en de bezoeker daarbij confronteren met dweilen, doe-het-zelfmaterialen, loden verzegelingen, aan stukken gesneden canvas banieren én met de moderne vormgeving van romans, essays en toneelstukken. Er worden in de tentoonstellingsperiode speciale bijeenkomsten georganiseerd over boekbinden en typografie en de auteur heeft toegezegd de eerste dag van april een speciaal optreden te komen geven.
Bij de tentoonstelling verschijnt een speciale, gelimiteerde uitgave
HET MOET NIET MOOI WORDEN, met de teksten uit de tentoonstelling. De oplage van 45 exemplaren is genummerd en gesigneerd door Tom Lanoye. Prijs: € 50. Verkrijgbaar in de museumwinkel.
Van 31 januari t/m 5 april 2009
Meermanno eert Iraanse dichter des vaderlands
Museum Meermanno te Den Haag organiseert de tentoonstelling
Omar Khayyám. Een boek in de woestijn. 150 jaar in Engelse vertaling. Deze is te zien van 31 januari t/m 5 april 2009. In 2009 is het precies 150 jaar geleden dat de eerste Engelse vertaler, Edward FitzGerald (1809-1883) zijn eerste vertaling van de
Rubáiyát uitgaf én het is 200 jaar geleden dat hijzelf geboren werd. Die samenloop en de viering van Gedichtendag is een mooie aanleiding voor het museum om, in overleg met het Nederlands Omar Khayyám Genootschap, een tentoonstelling te organiseren.
De gedichten van de Perzische dichter Omar Khayyám (ca. 1048-1123) werden pas in de negentiende eeuw bekend in West-Europa en kregen snel een wijde verspreiding als de zogeheten
Rubáiyát of Omar Khayyám. Die titel is in 1859 bedacht door Edward FitzGerald.
In de eerste zaal van de tentoonstelling zullen typografisch fraaie uitgaven aan de orde komen en in de tweede zaal geïllustreerde edities. In beide zalen staat één uniek stuk centraal. In de typografische zaal zal dat de eerste druk uit 1859 zijn. Die editie is nooit eerder in Nederland te zien geweest en is uiterst zeldzaam. In de zaal van de geïllustreerde edities staat een bijzonder handschrift in het middelpunt. In 1872 kalligrafeerde William Morris de gedichten op perkament. Edward Burne-Jones schilderde er illustraties bij. Beide topstukken worden in een unieke samenwerking aan Museum Meermanno uitgeleend door The British Library. In totaal zijn er meer dan honderd publicaties te zien.
Ter gelegenheid van de tentoonstelling verschijnt van Jos Biegstraaten en Jos Coumans het boek
A Book in the wilderness. FitzGerald’s Rubáiyát of Omar Khayyám: 150 years in print and image(Amsterdam, Rozenberg Publishers).
Bezoekersinformatie
Openingstijden
Dinsdag t/m zondag van 12.00 tot 17.00 uur geopend.
Gesloten op nationale feestdagen.
Op afspraak en voor groepen is het museum ook op andere tijden te bezoeken. Reserveer: T 070-3462700 E-mail:
evenementen@meermanno.nl
Inlichtingen activiteiten, arrangementen en zaalverhuur: Gitana Lutke Schipholt 070 3462700. Prijzen op aanvraag.
Toegangsprijzen
Volwassenen vanaf 19 jaar
€ 8,-
Kinderen tot en met 12 jaar
gratis
Studenten en Jeugd 13 t/m 18 jaar
€ 4,-
Vrienden/begunstigers van het museum
gratis
Museumkaart, Icom-kaart
gratis
Leden Vereniging Rembrandt
gratis
CJP/Ooievaarspas/Uitpas/Rotterdampas
€ 4,-
Rondleidingen max. 20 personen (excl. entree)
€ 45,-
Groepen meer dan 20 personen
€ 4 ,- p.p.
Voor de tentoonstelling Enge dingen geldt voor alle museumbezoekers een toeslag van € 2,-
Bereikbaarheid
Museum Meermanno ligt tegenover het Malieveld op 800 meter van Den Haag Centraal en is te bereiken vanaf Den Haag Centraal en Den Haag Hollands Spoor met tram 9 richting Scheveningen. Uitstappen: halte Malieveld.
Leeszaal
De leeszaal is op afspraak te bezoeken. In principe worden alle stukken uit de collectie op verzoek in de leeszaal ter inzage gegeven. Voor een beperkt aantal werken vragen wij een schriftelijk verzoek dat wordt voorgelegd aan de conservator.
Gezien de decentrale opslag is het niet altijd mogelijk de gewenste stukken onmiddellijk beschikbaar te stellen. U wordt daarom verzocht uw aanvraag minimaal een week vóór uw bezoek aan de bibliotheekafdeling door te geven.
Bezoek aan de leeszaal is dan mogelijk van dinsdag t/m vrijdag van 11:00-12:30 en van 13:00-16:45. Een afspraak kan telefonisch of schriftelijk gemaakt worden:
Museum Meermanno
t.a.v. de bibliotheek
Prinsessegracht 30
2514 AP Den Haag
Telefoon: 070-3462700
E-mail:
bibliotheek@meermanno.nl
Vrienden van het Museum van het Boek
’Sine amicitia vita non valet’ (naar Cicero)
(‘Zonder vriendschap heeft het leven geen waarde’)
Vrienden en Boeken. Boekenvrienden.
Die combinatie is de kracht van de grote en actieve groep van ruim 800
Vrienden van het Museum van het Boek. Graag nodigen wij u uit om u aan te sluiten bij dit brede netwerk van boekenvrienden.
Als
Vriend ondersteunt u nieuwe ontwikkelingen van het museum, interessante projecten en belangrijke aanwinsten.
Bovendien ontvangt u als Vriend de volgende voordelen:
- gratis toegang tot de vaste collectie en de bijzondere tentoonstellingen van het museum (binnen reguliere openingstijden)
- tweemaal per jaar het speciale Vriendentijdschrift
Leeslint
- uitnodigingen voor openingen van tentoonstellingen van het museum
- uitnodigingen voor de jaarlijkse Vriendendag (met lezingen en demonstraties) en voor de nieuwjaarsbijeenkomst (afwisselend in het museum en elders in het land).
Een bijzondere categorie
Vrienden vormen onze
Begunstigers en
Vrienden voor het Leven. Zij ontvangen naast de bestaande Vriendenvoordelen jaarlijks een bijzondere bibliofiele uitgave van een speciaal geselecteerde tekst die in verband staat met de collecties van het museum.
Voor relaties met bedrijven en/of organisaties maken wij graag afzonderlijke afspraken, om uw behoeften en wensen zorgvuldig in kaart te brengen.
De tarieven van het lidmaatschap zijn voor 2010 vastgesteld op € 25,- voor Vrienden, € 20,- voor studenten en minimaal € 50,- voor Begunstigers. U kunt Vriend voor het Leven worden door een eenmalige donatie van € 500,-.
De Vriendenstichting heeft de zogenaamde
ANBI-status, waardoor bepaalde fiscale faciliteiten gelden. U kunt zich door een notariële akte verbinden tot een fiscaal aftrekbare donatie gedurende tenminste vijf jaren. De Stichting kan u met een dergelijke akte helpen en de kosten daarvan voor haar rekening nemen als de gift minimaal € 200 per jaar bedraagt. Voor legaten gelden fiscaalvriendelijke mogelijkheden. Ook de eenmalige donatie van € 500 voor de status van Vriend voor het Leven is afhankelijk van uw eigen situatie mogelijk voor de fiscus aftrekbaar.
Uw aanmelding stellen we zeer op prijs en is mogelijk via
vrienden@meermanno.nl of door een briefje te sturen aan Vrienden van Museum van het Boek | Huis van het boek, Antwoordnummer 10869, 2501 WB Den Haag.
Voor nadere informatie kunt u telefonisch contact opnemen met het museum (070 – 3462700) of per e-mail
vrienden@meermanno.nl (Pauline van Gulik).
23 maart t/m 30 mei 2010
Pippi op Papier, 2x3=4!

Festival Boekids 2010 heeft dit jaar een bijzonder thema: Zweden@Boekids, met extra aandacht voor het rijke aanbod aan Zweedse kinderboeken, vooral het werk van Astrid Lindgren, de ‘moeder’ van vele geliefde kinderboekenpersonages zoals Pippi Langkous, Ronja de Roversdochter, Michiel van de Hazelhoeve en de dappere Gebroeders Leeuwenhart.
In de unieke tentoonstelling
Pippi op Papier, 2 x 3 = 4! in Museum Meermanno | Huis van het Boek te Den Haag zijn 170 bijzondere en geïllustreerde drukken van Pippi Langkous en andere boeken van Lindgren te bezichtigen. In het Zweeds en in vele andere vertalingen, waaronder Thai, Farsi én Nederlands.
Pippi op Papier, 2x3=4! is gebaseerd op letterkundig onderzoek van dr. Astrid Surmatz, universitair docent Zweeds en Scandinavische letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam, naar de ideologie, tijdgeest en symboliek in de boeken van Astrid Lindgren.
Wat zijn de achterliggende betekenissen van gebeurtenissen in Lindgrens fantasierijke verhalen voor kinderen? En welke ervaringen uit haar eigen leven en tijd heeft zij verwerkt in haar boeken? Vanuit interessante en dikwijls verrassende invalshoeken wordt gekeken naar de verhalen en de bijbehorende illustraties, die in de vele landen waar vertalingen van Lindgren verschenen, zijn vormgegeven door verschillende illustratoren met andere ideeën over hoe de wereld van Pippi en haar vrienden er uitziet.
Pippi op Papier is voor alle leeftijden, met voor kinderen ook de Pippi Speurtocht, een Lindgren-leestafel en het Museum Kakelbont Luistertheater.
Jeugd en onderwijs
Museum Meermanno is een museum over boekgeschiedenis en boekvormgeving. In deze digitale wereld is het belangrijk om terug te kijken naar het verleden, om te ervaren hoe het boek nou eigenlijk ontstaan is.
Hoe maakten monniken vroeger een boek? Hoe schrijf je eigenlijk met een ganzenveer? Hoe wordt perkament gemaakt? Op de zolder van Meermanno is een middeleeuws scriptorium waar schoolklassen kunnen leren kalligraferen met een echte ganzenveer. Het museum heeft een drukkerij waar je losse loden letters kan zetten en afdrukken. Ook als je nog niet kan lezen en schrijven is dit een spannende plaats waar kleuters met grote houten drukletters kunnen stempelen.
Voor elke leeftijdscategorie is er een programma. In het
basisonderwijs kunnen de leerlingen aan de slag in het scriptorium of de drukkerij.
Ook het
voortgezet onderwijs komt aan zijn trekken; voor hen is er een speciaal scriptorium- of drukkerijprogramma ontwikkeld.
Studenten zijn ook van harte welkom; een rondleiding door het museum in combinatie met een druk- of schrijfworkshop combineert theorie met praktijk.
Meermanno geeft ook feestjes! Wil jij op een originele en spannende plek je
verjaardag vieren? Kom dan naar Meermanno. Daar kan je op zoek naar een gestolen mummie, je eigen graffiti ontwerpen of schrijven met een ganzenveer en dat ook nog eens versieren met schitterend bladgoud!
Bekijk de beschikbare programma’s en reserveer via
onze reserveringsservice
Zaalverhuur
Vergaderen of uw receptie in het vroegere woonhuis van de Baron? Dat kan!
Vanwege de centrale ligging en de direct grenzende uitvalswegen is het sfeervolle monumentale pand inmiddels een geliefde locatie.
Niet alleen vergaderingen of recepties, maar ook het ontvangen van uw gasten voor een partij, lezing, seminar of workshop behoort tot de mogelijkheden in ons museum.
Er zijn verschillende karakteristieke zalen om uw zakelijke of feestelijke bijeenkomst te laten plaatsvinden: het voormalig Koetshuis, het directievertrek, de 18de eeuwse balkenzolder waar het scriptorium is gevestigd, en het souterrain. De ruimtes zijn afzonderlijk van elkaar te huren.
Daarnaast beschikt het museum ook over een Franse siertuin en een nieuwe Lettertuin.
Het koetshuis
Deze zaal is een modern geoutilleerde ruimte gelegen aan de Franse siertuin.
Geschikt voor vergaderingen (max. 25 pers.), recepties (max. 60 pers.) en presentaties (max. 60 pers.).
De balkenzolder
Bent u opzoek naar een informele ruimte dan is de gezellige zolder uitermate geschikt. De houten balken en de scriptoriumtafels geven de ruimte een warme uitstraling. Alle faciliteiten zijn hier aanwezig.
Vergadering: max. 20 personen, staande receptie: max. 70 personen, presentatie: 40 personen.
Directievertrek
Dit mooie exclusieve vertrek kan na sluitingstijd worden gehuurd.
Vergadering: max. 10 personen. Diner: 8 personen.
Souterrain
In de keuken van het museum kan na sluitingstijd worden vergaderd, maar voor een partij, diner of borrel is deze ruimte ook zeer geschikt.
Voor
reserveringen of meer informatie kunt u contact opnemen met Gitana Lutke Schipholt, tel.nr. 070-346 27 00 of e-mail:
evenementen@meermanno.nl
Download hier de folder:

Download our brochure in English:

Schoolprogramma’s
Voor alle klassen van het basisonderwijs en voortgezet onderwijs heeft Museum Meermanno een educatief programma.
Letterland (groep 1 en 2)
Voordat ze daadwerkelijk leren schrijven, zijn kleuters al spelenderwijs bezig met letters. Letters zijn niet alleen om woordjes mee te maken, maar het zijn ook hele mooie vormen! Met allemaal letters bij elkaar gestempeld, kan je bijvoorbeeld een koe maken, of een kleurige bloem. In de drukkerij van Meermanno gaan we aan de slag met grote houten drukletters. Ook gaan we in het museum op zoek naar letters. Het stempelwerk mag na afloop mee naar huis worden genomen.
Lettertheater (Cultuurmenu)(groep 1 en 2)
Het Haags Museum Platform is in 2005 gestart met een nieuw aanbod voor groepen 1 t/m 8 van het basisonderwijs: het Cultuurmenu. Museum Meermanno verzorgt de lessen voor groep 1 en 2. Door middel van een multimedia lettertheatertje krijgen de kinderen een verhaal te horen over een letter L die verliefd is. De aanbeden letter K is echter nergens te vinden. Na een zoektocht op zolder en door het museum vinden we hem uiteindelijk in de letterspeeltuin van het museum.
Heeft u als school belangstelling, dan kunt u contact opnemen met het Bureau Cultuurmenu (www.cultuurmenu.nl). Voor niet-Haagse scholen is deze les (in tegenstelling tot Haagse scholen) rechtstreeks te boeken bij ons museum.
Scriptorium (groep 5 t/m 8)
Hoe werd een middeleeuws handgeschreven boek gemaakt? Wie schreven die boeken? En wat is perkament? Hoe schrijf je met een ganzenveer? Allemaal vragen die in het scriptoriumprogramma aan bod komen. De leerlingen krijgen op een heldere manier uitleg over de wereld van het handgeschreven middeleeuwse boek. Ook mogen zij zelf gehuld in monnikspij met een ganzenveer schrijven in ons sfeervolle scriptorium. (Let op! Voor groep 3 en 4 vrij moeilijk!)
Drukkerij (groep 3 t/m 8)
Rond 1450 werd de boekdrukkunst uitgevonden. Dit betekende een enorme vooruitgang in de verspreiding van kennis. Na eeuwenlang boeken te hebben overgeschreven, kon er nu gedrukt worden. Hoe ging dat in zijn werk? Hoe zien die loden letters eruit? In de drukkerij van Meermanno gaan kinderen zelf aan de slag met drukletters. Ze kunnen hun eigen drukwerk mee naar huis nemen.
Gestampte boeken, Boekomslag ontwerpen (groep 4 t/m 8)
Heb je een boek wel eens echt goed bekeken? Natuurlijk heeft een schrijver goed nagedacht over het verhaal, maar ook de vormgeving van een boek komt er niet zomaar.
In het programma ’gestampte boeken’ leren kinderen van groep 4 t/m 8 van het basisonderwijs hoe een boek wordt vormgegeven en wat daar bij komt kijken.
Welke letters gebruik je? Wat voor papier? Hoe kan je dat drukken?
Speciaal voor dit programma zijn er speciale voetpersjes ontwikkeld; door middel van hard stampen, druk je de letters in het papier en zo maak je je eigen boekomslag! Natuurlijk mag je die na afloop van het programma mee naar huis nemen.
Papier scheppen (groep 3 t/m 8)
In Museum Meermanno is er aandacht voor alle aspecten van het boek. Van het schrijven, het drukken, de vormgeving tot aan het papier aan toe!
In het programma ’Papier scheppen’ mogen kinderen zelf hun eigen papier maken. Er komt nog heel wat bij kijken voordat je jouw zelf gemaakte papier in handen hebt; kleurtjes, bloemetjes, stofjes, veertjes, draadjes, van alles kan er in verwerkt worden. Op school kan er desgewenst nog verder mee gewerkt worden: maak van alle blaadjes samen bijvoorbeeld een mooi boek, of stempel er gedichten op.
Voor alle groepen (behalve het Cultuurmenu) geldt: maximaal 20 leerlingen (bij meer dan 20 leerlingen worden het twee groepen).
Duur: 120 minuten (’Letterland’ en ’Lettertheater’: 90 minuten).
Per groep dient de school voor minimaal twee (bij groepen 1 t/m 4 minimaal vier) begeleiders te zorgen.
Reserveren kan via onze
reserveringsservice, of als u specifieke vragen heeft door een mail te sturen naar
reserveringen@meermanno.nl
Pop up! Zelf een pop up boekje maken
Niet schrikken, uit dit boek springt iets op je af! Wat dat is mag je zelf weten. In Meermanno kan je een boek maken van één bladzijde waarin van alles gebeurt en op je af komt. De illustrator, schrijver en vormgever ben je natuurlijk zelf.
Na het bekijken van grappige, spannende, rare, fascinerende en vooral hele mooie bewegende en pop-up boeken ga je natuurlijk ook zelf aan de slag!
Ook heel geschikt voor BSO’s. Als u hier meer informatie over wilt kunt u contact opnemen met Winnifred Dijkstra:
dijkstra@meermanno.nl
Kosten
Prijs: € 2,- per kind, inclusief entree. Het van te voren opgegeven aantal kinderen is bindend voor de betaling.
Maartje de Haan nieuwe directeur Museum Meermanno
Maartje de Haan (1963) wordt per 1 augustus 2010 directeur van Museum Meermanno | Huis van het boek in Den Haag. Zij is thans nog werkzaam als conservator tentoonstellingen bij het Van Gogh Museum te Amsterdam. Hier was zij ondermeer verantwoordelijk voor de exposities ’Avant Gardes’, ’Alfred Stevens’ en ’Paul Gauguin, doorbraak naar de Moderniteit’.
Kunsthistorica Maartje de Haan is met het boekenvak in contact gekomen in de periode dat zij als conservator werkzaam was bij het Prenten- en Tekeningenkabinet van Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam (1993-2001). Ook als manager/directeur van het Haagse Museum Mesdag was zij betrokken bij diverse boekproducties. Haar eigen publicaties hebben vooral betrekking op negentiende-eeuwse kunst.
Naast de tentoonstellingen, die Maartje de Haan in het Van Gogh Museum en in Museum Mesdag organiseerde, voerde zij een zeer actief beleid ten aanzien van culturele evenementen en festivals, waarvan de Indische Zomer (2005) de bekendste is. In dit kader werkte ze intensief samen met diverse culturele instellingen, het bedrijfsleven en vermogensfondsen.
Bij Museum Meermanno zal Maartje de Haan zich inzetten om het museum onder een breder publiek bekendheid te geven, zonder aan kwaliteit en verdieping in te boeten.
Maartje de Haan is de opvolger van Leo Voogt, die met ingang van 1 juni 2010 is aangetreden als directeur van het Sectorinstituut Openbare Bibliotheken (SIOB). In de periode van 1 juni tot 1 augustus wordt de directeursfunctie waargenomen door Rien Schouten, hoofd bedrijfsvoering/plv. directeur.
Voor meer informatie: Aafke Boerma (pr/marketing), tel: 070-3462700, e-mail:
boerma@meermanno.nlRondleidingen en arrangementen
Bedrijfsuitjes, familiefeestjes of gewoon uit interesse. Ook volwassenen kunnen een programma volgen bij Museum Meermanno. Naast de verschillende
rondleidingen bieden wij ook
arrangementen die praktijk met theorie combineren.
Maximaal 20 personen per groep (bij meer dan 20 personen worden het twee groepen).
Kosten rondleiding: € 45,- per groep, excl. entree.
Duur rondleiding: 60 minuten
Kosten arrangement: € 10,- per persoon, incl. koffie en entree
Duur arrangement: 120 minuten
Reserveren kan direct via onze
reserveringsservice, of voor specifieke vragen of wensen kunt u mailen naar
reserveringen@meermanno.nl.
Informatie voor de pers
Meer informatie over het museum, de tentoonstellingen en de activiteiten, en persfoto’s kunt u aanvragen bij: Aafke Boerma, tel. 070 3462700 of per e-mail:
boerma@meermanno.nl.
Download hier het persbericht Van lood tot led:
Download hier het persbericht Enge dingen:
Download hier het persbericht Museum Meermanno stelt voortbestaan zeker.

Download hier het persbericht Boek zoekt vrouw

Het ideale boek.
Honderd jaar ‘private press’ in Nederland, 1910-2010.
Op vrijdag 19 november heeft Gerrit Komrij in Theater Diligentia de tentoonstelling ‘Het ideale boek’ geopend die t/m 20 februari 2011 te zien is. Een uniek overzicht van honderden met liefde en vakmanschap gemaakte boeken waarvan zestig boeken, en dat is uitzonderlijk, door de bezoeker ter hand kunnen worden genomen.
Iedere 500ste bezoeker krijgt een boek uit de tentoonstelling cadeau!
In 1910 werd in Nederland de eerste private press opgericht, De Zilverdistel. Twintig jaar eerder had de Engelse Kelmscott Press van William Morris een typografische ommekeer teweeggebracht. Hij keerde zich tegen de negentiende-eeuwse massaproductie en formuleerde nieuwe principes voor de vormgeving van het boek.
Het voorbeeld van Morris werd breed nagevolgd, ook in Nederland, waar sommigen een eigen drukpers aanschaften om goedverzorgde boeken te drukken, vaak op speciaal handgemaakt papier. Ze lieten exclusieve lettertypen ontwerpen, gebruikten een eigen drukkersvignet en streefden naar Het Ideale Boek.
Deze tentoonstelling toont de ontwikkeling van idealisme naar variëteit, met buitenlandse voorbeelden, de eerste idealistische private presses, de bijzondere uitgaven in de Tweede Wereldoorlog en de enorme toename van ‘plezierdrukkers’ en kleurrijke ‘marginale’ uitgaven in de jaren erna. In de laatste zaal wordt een staalkaart van het bijzondere hedendaagse boek getoond, onder de noemer ‘Mooi marginaal’.
Activiteiten
Rondom de tentoonstelling worden diverse activiteiten georganiseerd (o.a. met Gerrit Komrij, Ger Kleis, masterclasses met deskundigen uit het boekenvak en een symposium over verzetsuitgaven). Zie hiervoor: www.meermanno.nl en www.kb.nl.
Publicatie en website
Bij de tentoonstelling verschijnt een rijk geïllustreerd boek; Paul van Capelleveen en Clemens de Wolf (red.), Het ideale boek. Honderd jaar private press in Nederland, 1910-2010, Uitgeverij Vantilt, Nijmegen, 248 pp., 240 ill., € 34,95. Het boek verschijnt ook in een Engelse editie.
Een speciale website met honderden afbeeldingen is vanaf 19 november 2010 te raadplegen via: www.kb.nl/privatepress.
Tentoonstelling, publicatie, activiteiten en website zijn een samenwerkingsproject van Museum Meermanno | Huis van het boek en de Koninklijke Bibliotheek.
Lezingen op Open Monumentendag
Zaterdag 11 en zondag 12 september is Museum Meermanno gratis toegankelijk van 12.00 tot 17.00 uur.
Op zondag 12 september om 14.00 en 15.00 uur biedt het museum twee interessante lezingen aan.
Jos van Heel, conservator oude collecties, vertelt over de aanpassingen die het 18de-eeuwse pand heeft ondergaan in de 19de eeuw. Na de dood van de bewoner, de baron Van Westreenen, in 1848 werd het woonhuis verbouwd tot museum.
Belangstellenden voor de lezingen kunnen zich melden bij de balie in de museumwinkel.
Zaterdag 4 september Museumnacht in Museum Meermanno | Huis van het boek
Middeleeuwse sferen in Museum Meermanno
Programma
Museum Meermanno |Huis van het boek was het woonhuis van Baron van Westreenen die in de negentiende eeuw kostbare en heel bijzondere middeleeuwse boeken en oudheden verzamelde. Het museum is deze nacht in middeleeuwse sferen gehuld. Een behulpzame monnik ontvangt de bezoeker die wordt uitgedaagd om te schrijven met inkt en ganzenveer in een sprookjesachtig verlichte tuin. Op de achtergrond klinkt middeleeuwse muziek en in de geheimzinnige oude kelder van het museum zijn hapjes en drankjes verkrijgbaar. Er zijn flitsrondleidingen langs middeleeuwse boeken. Om 21.30 kun je genieten van het adembenemende spel van Niels Brandaan Cotterink die ‘De gelukkige prins’ van Oscar Wilde opvoert (duur 50 min.).
Tijden
19.30-02.00 uur: museum open
19.30-02.00 uur: bar open in de kelder. Drankjes en middeleeuwse hapjes
21.30-22.20 uur: ‘De gelukkige prins’ (Oscar Wilde) door Niels Brandaan Cotterink
20.00-24.00 uur: workshop ’Schrijven met de ganzenveer’ in de tuin
20.00-24.00 uur: flitsrondleidingen langs middeleeuwse schatten
Boekengeluk/Book happiness
De tentoonstelling
Boekengeluk. Vijftig hoogtepunten uit de collectie van Museum Meermanno is tijdens de Museumnacht vrij te bekijken. De teksten zijn Nederlands en Engels, dus ook expats kunnen hun hart ophalen aan deze bijzondere tentoonstelling.
Passe-partouts voor de Museumnacht (10 euro) zijn o.a. te koop bij Museum Meermanno, Prinsessegracht 30, Den Haag.
Met het passe-partout hebt u gratis toegang tot alle 25 deelnemende instellingen en geeft recht op gratis vervoer met pendelbus en tram. De pendelbus rijdt elke tien minuten langs alle 25 deelnemende instellingen.
Zie ook
www.museumnachtdenhaag.nl voor het programma van de deelnemende instelllingen, en de kaartverkoop.
De museumnacht in Museum Meermanno komt tot stand met medewerking van:
Varen tijdens de Museumnacht
Ook de Willemsvaart doet mee aan de Museumnacht op 4 september. Er wordt gevaren met twee schepen tegelijkertijd.
Meevaren is gratis! De boottochten duren zo’n 25 minuten.
Route
De boten varen tot aan het Hubertus viaduct en keren dan weer terug naar de aanlegsteiger aan de Koningskade. U vaart langs het bebouwde negentiende-eeuwse deel van de Koninginnegracht dat ’s avonds mooi is verlicht. Aan boord vertelt de schipper over Museum Meermanno en Panorama Mesdag. Beide musea doen mee aan de Museumnacht en liggen op een paar minuten lopen van de aanlegsteiger.
Opstapplaats
Koningskade (tegenover dr. Kuyperstraat)
Vertrek: elk half uur van 20.00 tot 23.30 uur
Aantal: maximaal zes personen per boot i.v.m. de veiligheid
Duur: de boottocht duurt 25 minuten
Drankje en hapje
Aan boord kunnen mensen deze avond voor € 5 een kaartje voor een ‘warm buikje’ kopen. Dit is een een warme snack en een Haags Van Kleef jenevertje of een glas wijn, bier of fris Murphy’s Law aan de dr. Kuyperstraat 7.
13 juli t/m 26 september 2010
Voor de vorm. Bijzondere boekvormen uit de moderne collectie van Museum Meermanno
Een boek heeft meestal een voor iedereen herkenbare vorm: een stapel bedrukt papier, aan één zijde ingebonden en voorzien van een omslag. Moderne vormgevers en kunstenaars doen hun best om nieuwe boekvormen te bedenken, of om de bestaande boekvorm zo origineel mogelijk uit te voeren.
Deze souterraintentoonstelling toont een aantal wonderlijke, uitgesproken en unieke boeken uit de moderne collectie van Museum Meermanno, zoals miniboekjes, opblaasboeken, uitvouwbare boeken, kunstenaarsboeken en leporello’s. Niet altijd even goed leesbaar, maar wel een feest voor het oog.
Schrijfworkshop: ’pastiche en essay’
Op 5 oktober van 14.00 tot 16.30 uur
Deze schrijfworkshop wordt gegeven door Will van Sebille en Martine Lekkerker.
Na rondleiding door Museum Meermanno met verhalen over de baron krijgen de deelnemers schrijfoefeningen. Daarna voorlezen en feedback.
Inschrijven via inschrijfformulier op
www.genootschap-pomona.nl
Locatie: Museum Meermanno | Huis van het boek
Prinsessegracht 30
2514 AP Den Haag
Het ideale boek.
Honderd jaar ‘private press’ in Nederland, 1910-2010.
Op vrijdag 19 november heeft Gerrit Komrij in Theater Diligentia de tentoonstelling ‘Het ideale boek’ geopend die t/m 20 februari 2011 te zien is. Een uniek overzicht van honderden met liefde en vakmanschap gemaakte boeken waarvan zestig boeken, en dat is uitzonderlijk, door de bezoeker ter hand kunnen worden genomen.
Iedere 500ste bezoeker krijgt een boek uit de tentoonstelling cadeau!
In 1910 werd in Nederland de eerste private press opgericht, De Zilverdistel. Twintig jaar eerder had de Engelse Kelmscott Press van William Morris een typografische ommekeer teweeggebracht. Hij keerde zich tegen de negentiende-eeuwse massaproductie en formuleerde nieuwe principes voor de vormgeving van het boek.
Het voorbeeld van Morris werd breed nagevolgd, ook in Nederland, waar sommigen een eigen drukpers aanschaften om goedverzorgde boeken te drukken, vaak op speciaal handgemaakt papier. Ze lieten exclusieve lettertypen ontwerpen, gebruikten een eigen drukkersvignet en streefden naar Het Ideale Boek.
Deze tentoonstelling toont de ontwikkeling van idealisme naar variëteit, met buitenlandse voorbeelden, de eerste idealistische private presses, de bijzondere uitgaven in de Tweede Wereldoorlog en de enorme toename van ‘plezierdrukkers’ en kleurrijke ‘marginale’ uitgaven in de jaren erna. In de laatste zaal wordt een staalkaart van het bijzondere hedendaagse boek getoond, onder de noemer ‘Mooi marginaal’.
Activiteiten
Rondom de tentoonstelling worden diverse activiteiten georganiseerd (o.a. met Gerrit Komrij, Ger Kleis, masterclasses met deskundigen uit het boekenvak en een symposium over verzetsuitgaven). Zie hiervoor: www.meermanno.nl en www.kb.nl.
Publicatie en website
Bij de tentoonstelling verschijnt een rijk geïllustreerd boek; Paul van Capelleveen en Clemens de Wolf (red.), Het ideale boek. Honderd jaar private press in Nederland, 1910-2010, Uitgeverij Vantilt, Nijmegen, 248 pp., 240 ill., € 34,95. Het boek verschijnt ook in een Engelse editie.
Een speciale website met honderden afbeeldingen is vanaf 19 november 2010 te raadplegen via: www.kb.nl/privatepress.
Tentoonstelling, publicatie, activiteiten en website zijn een samenwerkingsproject van Museum Meermanno | Huis van het boek en de Koninklijke Bibliotheek.
Symposium over verzetsuitgaven
Op zondag 19 december organiseren de Koninklijke Bibliotheek en Museum Meermanno | Huis van het boek een symposium over verzetsuitgaven. Welke rol speelden clandestiene uitgevers in de periode 1940-1945?
Ontvangst om 14.00 uur, aanvang programma 14.30 uur, einde KB-programma 16.00 uur.
Na afloop bezichtiging en rondleiding tentoonstelling ’Het ideale boek’ en borrel in Museum Meermanno | Huis van het boek’.
Sprekers zijn Annemieke van Bockxmeer (NIOD), Edwin Klijn (KB, auteur van
De NSB), Lisette Lewin (auteur van
Het clandestiene boek, 1940-1945)en Kees Thomassen (KB en één van de samenstellers van
Het verborgen woord. Drukken van Hendrik Werkman en andere clandestiene publikaties uit de collectie van de KB).
U kunt zich tot uiterlijk maandag 13 december aanmelden via
:activiteiten@kb.nl of telefonisch via 070 3140529. Graag vernemen wij of u gebruik maakt van de rondleiding en de borrel in Museum Meermanno | Huis van het boek.
Tentoonstelling ‘Uit de schaduw. 20 jaar Nederlands Genootschap van Bibliofielen’.
Van 20 maart t/m 19 juni te zien in Museum Meermanno | Huis van het boek.
Wie is de bibliofiel? Dat is de vraag die centraal staat in deze voorjaarstentoonstelling van Museum Meermanno, het vroegere woonhuis van de bibliofiel bij uitstek: Baron van Westreenen. Bibliofielen blijven het liefst anoniem, maar nu treden achtenvijftig leden van het Nederlands Genootschap van Bibliofielen met hun mooiste stukken in de openheid.
De meeste boekenliefhebbers bekijken hun bijzondere boeken achter gesloten deuren die zij enkel openen voor gelijkgestemden. De vraag is: waarom? Is het vanwege angst voor vuile handen of vinden zij de boeken te kostbaar en kwetsbaar?
Het is dan ook heel bijzonder dat leden van het Nederlandse Genootschap van Bibliofielen, onder wie Ton Koopman en Piet Buijnsters, in Museum Meermanno voor het eerst uit de schaduw van hun bibliotheken treden en hun mooiste schatten aan het grote publiek tonen. Aan de hand van verhalen en foto’s leert het publiek de verzamelaars beter kennen. Hoe is de liefde voor het boek ontstaan, wat vindt de partner van de verzamelwoede, hoeveel uren brengen ze door in hun bibliotheken en welke opofferingen moeten zij zich getroosten om de begeerde boeken van hun keuze te kunnen verwerven?
De boeken die de leden van het genootschap voor deze tentoonstelling selecteerden, zijn niet alleen interessant als mooie of bijzondere boeken: de keuze wordt gepresenteerd vanuit de focus van de verzamelaar. Fotoportretten van vierentwintig verzamelaars in hun eigen omgeving en persoonlijke voorwerpen completeren de tentoonstelling.
Publicatie
Bij de tentoonstelling verschijnt het gelijknamige boek
Uit de schaduw. Twintig jaar Nederlands Genootschap van Bibliofielen, red. Edwin Bloemsaat en Isa de la Fontaine Verwey- le Grand (e.a.). Uitgeverij De Buitenkant, ontwerp: Hansje van Halem, ca. 400 pagina’s, genaaid gebonden in linnen, isbn 978 94 90913 07 6, prijs: ca. € 29,50.
Museum Meermanno | Huis van het boek
Prinsessegracht 30 Den Haag
Tel. 070 3462700
www.meermanno.nl.
Zaterdag 2 en zondag 3 april Museumweekend
Museum Meermanno trakteert het publiek al jaren op prachtige boeken.
In het Museumweekend toont de directeur op zaterdag en zondag om 12.15, 13.00, 14.00, 15.00 en 16.00 uur in het koetshuis de drie topstukken van het museum.
Daarnaast is er boekentaart voor iedereen! En gratis toegang!
Speciaal voor jou…
Iemand die heel speciaal is, verdient een heel speciale brief van heel speciaal papier. In Meermanno kan je zelf je briefpapier en envelop komen scheppen. Je maakt je papier extra mooi door er kleurtjes, bloemetjes of draadjes in te doen. Nog een wolkje parfum erop en je hebt een heel bijzondere brief. Er moet natuurlijk nog wel wat op komen te staan!
Tip:
Zondag 8 mei is het Moederdag! Neem een foto van je moeder (of van jezelf) mee, dan kan je de foto verwerken in het papier en heb je een heel origineel moederdagcadeautje. De brief en envelop moeten nog wel een dagje drogen, dus je krijgt je werkstuk twee dagen later thuisgestuurd. Nog net op tijd!
Het is voor kinderen van 6 t/m 9 jaar
Dinsdag 3 mei en woensdag 4 mei van 14 tot 16 uur
Kosten zijn 3 euro en met ooievaarspas 2 euro. Begeleiders zijn gratis.
Inschrijving o.v.v. naam en datum activiteit per mail naar:
reserveringen@meermanno.nlOptreden Ton Koopman en Tini Mathot
Ton Koopman verzorgt op dinsdagmiddag 14 juni samen met zijn vrouw Tini Mathot een concert voor twee klavecimbels. Ook vertelt Ton Koopman over zijn bijzondere verzameling (muziek)boeken.
Ontvangst met koffie en thee. Aanvang: 15.00 uur.
Kosten: De toeslag voor dit bijzondere concert is 12,50 euro (excl. entree museum, Museumkaart en Vriendenkaart geldig).
Dit evenement is uitverkocht!
Om op de hoogte te blijven van onze activiteiten kunt u zich via de
homepage inschrijven op onze maandelijkse nieuwsbrief.
Struinen in Haagse tuinen
Tijdens het weekend van 18 en 19 juni zijn ca. 30 Haagse tuinen open voor het publiek. Museum Meermanno geeft aan tuinliefhebbers toelichting op de beplanting en geschiedenis van zijn klassieke Franse siertuin. Voor kinderen is er de speelse Lettertuin.
Op vertoon van de toegangskaart verleent Museum Meermanno gratis entree tot het museum en zijn tuinen. Tevens verzorgt het museum gratis koffie en thee.
Open: 12.00-17.00 uur.
Voor toegangskaarten (€4,-) zie:
www.struineninhaagsetuinen.nlMuseum Meermanno in Den Haag is het oudste boekenmuseum ter wereld
Museum Meermanno heeft zijn nationale en internationale positie in de museumwereld tegen het licht gehouden. Gezien het internationale karakter van de museumcollectie (middeleeuwse handschriften, incunabelen, oude drukken en bijzondere moderne boeken die een beeld geven van de westerse boekgeschiedenis) ligt het in de lijn om in de nabije toekomst intensiever samen te werken met buitenlandse musea, universiteiten en andere instellingen. Daarbij zal het museum nadrukkelijk naar voren brengen dat het het oudste boekenmuseum ter wereld is.
Zolang er boeken bestaan, zijn die ook verzameld. De gewone vorm daarvoor is de bibliotheek. Sommige bibliotheken bestaan al eeuwen lang, denk aan de bibliotheek van Sankt-Gallen, van het Vaticaan of van verschillende universiteitsbibliotheken. Maar boekenmusea zijn zeldzaam.
Het Haagse Museum Meermanno is het oudste nog bestaande boekenmuseum ter wereld. Hier staat niet de inhoud van de boeken op de eerste plaats, maar de vormgeving ervan, het schrift of lettertype, de gebruikte materialen en andere fysieke aspecten: kortom het geschreven en gedrukte boek uit het verleden en heden als artefact.
Museum Meermanno is gevestigd in het vroegere woonhuis van Baron van Westreenen aan de Prinsessegracht te Den Haag. Bij zijn overlijden liet hij zijn huis en collecties na aan de staat, om tot een museum te worden omgevormd. Na enkele verbouwingen kon het museum in 1852 voor het publiek worden opengesteld. Als typisch 19de-eeuwse verzamelaar had Van Westreenen niet alleen belangstelling voor oude handschriften en vroege gedrukte werken, maar ook voor objecten afkomstig uit de antieke culturen.
Dankzij de strenge bepalingen van het testament van de baron is dit 19de-eeuws museaal ensemble integraal bewaard gebleven. Dit geeft samen met de contemporaine museuminrichting en het prachtige woonhuis met zijn 18de en19de-eeuwse elementen het museum zijn uniek karakter, gezien vanuit een internationaal perspectief.
Centraal Boekhuis sponsort Museum Meermanno
Den Haag, 19 mei 2011
Museum Meermanno | Huis van het boek in Den Haag, het oudste boekenmuseum ter wereld, en Centraal Boekhuis hebben een vijfjarige sponsorovereenkomst gesloten. Centraal Boekhuis stelt het museum een jaarlijkse bijdrage van €50.000 ter beschikking. Hiermee wordt het museum in de gelegenheid gesteld aandacht te schenken aan de jongste (digitale) ontwikkelingen rond boekproductie en boekvormgeving.
Centraal Boekhuis is dé logistieke dienstverlener in het boekenvak, gespecialiseerd in de distributie en het vervoer van boeken. Centraal Boekhuis is hiermee de schakel tussen uitgevers en alle soorten detailhandelaren in Nederland en Vlaanderen. Ook leveranciers van o.a. kantoorartikelen, stationery en wenskaarten maken gebruik van deze logistieke diensten. Als geen ander bedrijf in Nederland
bereidt Centraal Boekhuis zich voor op ‘het nieuwe lezen’.
Museum Meermanno beschikt over de deskundigheid om nieuwe ontwikkelingen in een historisch kader te plaatsen. In overleg met het Centraal Boekhuis zullen ontwikkelingen van print on demand (POD), e-books en e-readers worden gepresenteerd als onderdeel van de boekgeschiedenis.
In een speciaal daarvoor ingerichte ruimte zullen zowel de boekgeschiedenis van 1850 tot heden als de nieuwe media worden getoond.
Met het presenteren van de jongste (digitale) ontwikkelingen krijgt de bezoeker een duidelijk beeld van de nieuwste mogelijkheden op het gebied van boekproductie en -vormgeving. Hierbij kunnen steeds actuele verschijningsvormen van e-content worden bestudeerd en uitgeprobeerd en worden eindproducten van POD gepresenteerd.
Het streven is dat Museum Meermanno deze nieuwe ruimte, die onderdeel uitmaakt van de vaste collectie, nog voor het einde van dit jaar zal openstellen voor het publiek.
Hans Willem Cortenraad, algemeen directeur van Centraal Boekhuis, zegt hierover: ‘Musea brengen over het algemeen het verleden in beeld, hetgeen vanuit het historisch besef van grote waarde is. Uniek is de mogelijkheid die nu voor het Museum Meermanno ontstaat om de verbinding te maken
tussen de oude en de nieuwe wereld. De duur van de overeenkomst garandeert tegelijkertijd de toekomstige ontwikkelingen ten toon te kunnen stellen.’
Maartje de Haan, directeur van Museum Meermanno: ‘Wij zijn zeer verheugd over deze samenwerking met Centraal Boekhuis. Het oudste boekenmuseum ter wereld sluit hiermee direct aan op de nieuwste ontwikkelingen!’
Voor meer informatie en foto’s
Museum Meermanno | Huis van het boek
Aafke Boerma, boerma@meermanno.nl
t (070) 346 27 00 of 06 236 371 01
Centraal Boekhuis bv
Dennis Hoogendoorn,
d.hoogendoorn@centraal.boekhuis.nl
t (0345) 47 58 16 of 06 132 035 50
Centraal Boekhuis sponsort Museum Meermanno
Den Haag, 19 mei 2011
Museum Meermanno | Huis van het boek in Den Haag, het oudste boekenmuseum ter wereld, en Centraal Boekhuis hebben een vijfjarige sponsorovereenkomst gesloten. Centraal Boekhuis stelt het museum een jaarlijkse bijdrage van €50.000 ter beschikking. Hiermee wordt het museum in de gelegenheid gesteld aandacht te schenken aan de jongste (digitale) ontwikkelingen rond boekproductie en boekvormgeving.
Centraal Boekhuis is dé logistieke dienstverlener in het boekenvak, gespecialiseerd in de distributie en het vervoer van boeken. Centraal Boekhuis is hiermee de schakel tussen uitgevers en alle soorten detailhandelaren in Nederland en Vlaanderen. Ook leveranciers van o.a. kantoorartikelen, stationery en wenskaarten maken gebruik van deze logistieke diensten. Als geen ander bedrijf in Nederland
bereidt Centraal Boekhuis zich voor op ‘het nieuwe lezen’.
Museum Meermanno beschikt over de deskundigheid om nieuwe ontwikkelingen in een historisch kader te plaatsen. In overleg met het Centraal Boekhuis zullen ontwikkelingen van print on demand (POD), e-books en e-readers worden gepresenteerd als onderdeel van de boekgeschiedenis.
In een speciaal daarvoor ingerichte ruimte zullen zowel de boekgeschiedenis van 1850 tot heden als de nieuwe media worden getoond.
Met het presenteren van de jongste (digitale) ontwikkelingen krijgt de bezoeker een duidelijk beeld van de nieuwste mogelijkheden op het gebied van boekproductie en -vormgeving. Hierbij kunnen steeds actuele verschijningsvormen van e-content worden bestudeerd en uitgeprobeerd en worden eindproducten van POD gepresenteerd.
Het streven is dat Museum Meermanno deze nieuwe ruimte, die onderdeel uitmaakt van de vaste collectie, nog voor het einde van dit jaar zal openstellen voor het publiek.
Hans Willem Cortenraad, algemeen directeur van Centraal Boekhuis, zegt hierover: ‘Musea brengen over het algemeen het verleden in beeld, hetgeen vanuit het historisch besef van grote waarde is. Uniek is de mogelijkheid die nu voor het Museum Meermanno ontstaat om de verbinding te maken
tussen de oude en de nieuwe wereld. De duur van de overeenkomst garandeert tegelijkertijd de toekomstige ontwikkelingen ten toon te kunnen stellen.’
Maartje de Haan, directeur van Museum Meermanno: ‘Wij zijn zeer verheugd over deze samenwerking met Centraal Boekhuis. Het oudste boekenmuseum ter wereld sluit hiermee direct aan op de nieuwste ontwikkelingen!’
Voor meer informatie en foto’s
Museum Meermanno | Huis van het boek
Aafke Boerma, boerma@meermanno.nl
t (070) 346 27 00 of 06 236 371 01
Centraal Boekhuis bv
Dennis Hoogendoorn,
d.hoogendoorn@centraal.boekhuis.nl
t (0345) 47 58 16 of 06 132 035 50
Waarom de boeken zoeken...
Toelichting op de pagina.
Toelichting op de pagina.
Toelichting op de pagina.
Toelichting op de pagina.
Toelichting op de pagina.
Adoptieformulier
Heeft u nog vragen over de actie, mailt u dan naar
boekzoekt@meermanno.nlRomeinse oudheden
Buste van Livia
Haar stenen hoofd stamt uit het begin van onze jaartelling en is een Romeinse kopie van een bronzen buste die in de 5de eeuw v.Chr. in Griekenland werd gemaakt. Zij stelt de jeugdige aardgodin Kora voor, zoals die in de lente oprijst uit de onderwereld. Alleen het hoofd is antiek. De rest van de buste dateert uit de 17de of 18de eeuw, toen ook aan het hoofd, dat ongetwijfeld beschadigd was, reparaties en aanpassingen werden uitgevoerd.
Die ‘verbeteringen’ zijn niet gering. Er is een stukje van haar hals weggenomen, samen met de punten van haar krullen. De hoge diadeem op haar hoofd is afgebeiteld en van ‘banale ornamenten’ voorzien, zoals A.W. Bijvanck het in 1912 formuleerde. Ook haar neus is aangepakt. Zoals bij veel beelden uit de Oudheid was het puntje van haar neus afgebroken.
Deze markante vrouwenkop, die als ‘buste van Livia’ bekendstaat, heeft eeuwenlang een prominente plaats ingenomen in de huizen van Nederlandse notabelen. De Delftse regent Valerius Röver probeerde de kop te identificeren door hem met de koppen op antieke munten te vergelijken. Verzamelaars zagen hun munten als miniportretten van beroemde personen uit de Oudheid die de teksten van de antieke geschiedschrijvers konden illustreren. Röver twijfelde tussen Arsinoë, de vrouw van de Egyptische vorst Ptolemaeus Philadelphus, en Livia, de vrouw van keizer Augustus. Het is duidelijk dat zo’n methode van vergelijken ertoe leidde dat men vrijwel altijd bij vorstelijke personen uitkwam.
Maar Livia of geen Livia, deze kop – die in 1806 door Johan Meerman werd gekocht en die in 1815 eigendom werd van Baron Van Westreenen – vormt een van de belangrijkste beeldhouwwerken in het museum.
17 mei t/m 16 augustus in Bredevoort Boekenstad
L.J.C. Boucher, uitgever
In 1932 begon L.J.C. Boucher een uitgeverij vanuit de boekhandel van zijn vader aan het Haagse Noordeinde 39. In 2007 was dat 75 jaar geleden. Bovendien was het precies honderd jaar geleden dat gentleman-uitgever Boucher werd geboren. In november 2007 was dit voor Museum Meermanno aanleiding voor een tentoonstelling, waarvan hier een beknopte versie te zien is.
Het bescheiden fonds van Boucher heeft een nationale en zelfs internationale uitstraling. Het is zeker niet typisch Haags. Het is eigenzinnig en verrassend naar inhoud en impeccabel van vormgeving. Toch is het ook een spiegel van de tijd. Het vangt aan met bibliofiele uitgaven in de reeks Folemprise en met standaarduitgaven zoals het verzameld werk van Boutens. Daarvoor is met de beste typografen, ontwerpers en drukkers rond de Tweede Wereldoorlog samengewerkt.
In de jaren vijftig geeft vooral ontwerper J.H. Kuiper het fonds een speels en vrolijk aanzien, met als hoogtepunt de populaire Aforismen-reeks. In de jaren zestig publiceert Boucher onverwacht een reeks klassieke communistische teksten, de Manifesten.
Met grote regelmaat worden uitgaven van Boucher uitverkozen tot de Best Verzorgde Boeken van het Jaar. Financieel loopt het niet steeds op rolletjes, de zorg voor het detail wordt er echter niet minder om en Boucher waardeert de uitgeverij steeds voor wat die is: in de eerste plaats een liefhebberij. De boekhandel, die voor zijn dagelijkse brood zorgt, sluit hij einde 1982. Ook de uitgeverij houdt dan op te bestaan.
Contact
Museum Meermanno
Prinsessegracht 30
2514 AP Den Haag
T 070 346 27 00
F 070 3630350
info@meermanno.nl
www.meermanno.nl
Routebeschrijving
Wandelen vanaf Den Haag Centraal station. Parkeergarage Malieveld.

Recente aanwinsten
Kunst en samenleving
door Walter Crane, vertaald door Jan Veth met illustraties en vignetten van G.W. Dijsselhof
Bij het afscheid van directeur Leo Voogt heeft Museum Meermanno | Huis van het boek op 12 mei jl. een bijzonder geschenk ontvangen van de Koninklijke Bibliotheek.
Het gaat om een door de kunstenaar G.W. Dijsselhof zelf ingekleurd exemplaar van
Kunst en Samenleving uit 1893.
Scheltema & Holkema’s Boekhandel in Amsterdam gaf opdracht voor de productie van dit werk, dat door Jan Veth uit het Engels werd vertaald. Het oorspronkelijke werk is Walter Crane’s
Claims of Decorative Art. Dijsselhof voorzag de Nederlandse vertaling van veel vignetten in houtsneden, die in dit unieke exemplaar nog aan kracht en diepte hebben gewonnen door het verfijnde kleurgebruik.
De samenwerking tussen Museum Meermanno en de Koninklijke Bibliotheek krijgt een extra impuls door dit geschenk.
Kunst en Samenleving, een van de eerste voorbeelden van de Nieuwe Kunst in Nederland, is een waardevolle aanvulling op de collectie van Museum Meermanno | Huis van het boek. Het exemplaar is na 12 mei te zien in een speciale vitrine in de hal van het museum. De digitale versie van het boek is in te zien op:
www.kb.nl/dijsselhofRondleidingen
Museum Meermanno biedt verschillende rondleidingen aan door het museum:
Rondleiding Museum Meermanno
Deze algemene rondleiding voert u langs de collecties van de baron Van Westreenen, die staan opgesteld in de sfeervolle 19de-eeuwse museumzalen van Museum Meermanno. U krijgt uitleg over het museum, de baron Van Westreenen en de collecties oudheden en boeken die de baron tijdens zijn leven heeft verzameld.
Rondleiding Boekzaal Museum Meermanno
Een rondleiding door de 19de-eeuwse boekzaal met een selectie uit de collectie van de baron Van Westreenen. Naast de algemene uitleg over het ontstaan en de stichter van het museum, concentreert deze rondleiding zich op de unieke verzameling boeken die de baron in zijn leven heeft verzameld. Te zien zijn hoogtepunten vanaf het begin van de boekdrukkunst o.a. van Gutenberg tot en met de 19de eeuw.
Rondleiding Oudhedenzaal Museum Meermanno
Een rondleiding langs de antiquiteiten, schilderijen en souvenirs die de baron Van Westreenen heeft verzameld. U krijgt aan de hand van de schilderijencollectie uitleg over het ontstaan van het museum, de stichter baron van Westreenen en zijn achterneef Johan Meerman.
Te zien zijn de verzameling Griekse, Romeinse en Egyptische oudheden. Ook zal er worden stilgestaan bij de muntencollectie, een kleine verzameling vroeg-Italiaanse schilderkunst en de souvenirs, die de baron op zijn reizen heeft verzameld.
Pop-up!
Rondleiding door bijzondere en beweegbare boeken
Van 9 juli t/m 23 oktober 2011 is in Museum Meermanno de feestelijke tentoonstelling ’Pop-up! bijzondere en beweegbare boeken in Meermanno’ te zien.
In deze tentoonstelling wordt aandacht geschonken aan boeken met een beweegbaar element, een verrassing of een derde dimensie; van astronomische werken tot speelboeken in allerlei verschijningsvormen, van suikerzoete opzetprenten tot de humoristische scenes van Lothar Meggendorfer.
In de rondleiding Pop-up! wordt u meegenomen door de beweegbare boeken van 1500 tot in de toekomst van het pop-up boek.
Reserveren
Duur rondleiding: 60 minuten
Kosten: € 45,- voor een groep van maximaal 20 personen (bij meer dan 20 personen worden het twee groepen), excl. entree.
Reserveren kan direct via onze
reserveringsservice of mail voor vragen:
reserveringen@meermanno.nlLezingen op Open Monumentendag, 12 september
Museum Meermanno biedt twee interessante lezingen aan op zondag 12 september om 14.00 en 15.00 uur.
Jos van Heel, conservator oude collectie, vertelt over de aanpassingen die het 18de-eeuwse pand heeft ondergaan in de 19de eeuw. Na de dood van de bewoner, de baron Van Westreenen, in 1848 werd het woonhuis verbouwd tot museum.
Het museum is het gehele weekend van 12.00 tot 17.00 gratis toegankelijk.
Belangstellenden voor de lezingen kunnen zich melden bij de balie in de museumwinkel.
Museumnacht in Meermanno groot succes!
De Haagse Museumnacht van afgelopen zaterdag was een groot succes. Bijna tienduizend bezoekers kwamen op dit evenement af. Museum Meermanno ontving meer dan elfhonderd bezoekers.
Veel mensen kwamen af op de theatervoorstelling ’De gelukkige prins’ van Niels Brandaan Cotterink. Maar ook de rondleidingen langs de middeleeuwse schatten van het museum en het schrijven met een ganzenveer in de verlichte tuin van het museum waren zeer druk bezet.
Volgend jaar wordt de Museumnacht op zaterdag 3 september gehouden.
Souterraintentoonstelling De Best Verzorgde Boeken 2009
Een vijfkoppige vakjury koos uit 415 inzendingen de dertig Best Verzorgde Boeken van 2009. Die juryleden waren de ontwerpers Volken Beck en Ben Laloua, uitgever Nina Post (post editions, Rotterdam), drukker Paul van Mameren (Drukkerij Lecturis, Eindhoven) en designhistorica Frederike Huygen.
De Best Verzorgde Boeken zijn tevens bijeengebracht in de catalogus The Best Dutch Book Designs 2009 De Best Verzorgde Boeken. Het boek bevat over alle uitverkozen boeken een juryrapport; Frederike Huygen trad namens de jury op als pennenvoerder. De catalogus werd vormgegeven door Hansje van Halem. Het boek werd geproduceerd door de Grafische Cultuurstichting en kan verschijnen dankzij medewerking van Antalis (Almere/Andelst), Arctic Paper Benelux (Oud-Heverlee, België), L. van Heek Textiles (Losser) en een groot aantal grafische bedrijven. Het is een hardcover van 320 pagina’s, prijs € 27,50, ISBN 978 90 5965 125 8.
In de loop van het najaar zullen De Best Verzorgde Boeken 2009 te zien zijn in verschillende plaatsen in binnen- en buitenland.
De Best Verzorgde Boeken wordt mogelijk gemaakt door Antalis, BNO/Pictoright en L. van Heek Textiles.
Vacature
In de voormalige woning van Baron van Westreenen van Tiellandt (1783-1848) beheert Museum Meermanno een belangrijke collectie boek- en drukkunst van middeleeuwen tot heden. Het museum beschikt over tentoonstellingsruimten, educatieve ruimten, kantoren, depots en een leeszaal met een totale oppervlakte van 2500 m
2. Er werken 24 mensen. In verband met de ambities van het museum t.a.v. (inter) nationale presentaties en de nieuwe media is hier m.i.v. 1 januari 2011 een vacature voor een:
projectmedewerker Presentaties en Nieuwe Media
(voor 28 uur per week)
Plaats in de organisatie
De projectmedewerker maakt deel uit van de Afdeling Presentatie, die bestaat uit een leidinggevende (24u), een educatief medewerker (28u), een team van rondleiders (oproepkrachten) en een medewerker PR-marketing (27u). Laatstgenoemde werkt direct onder leiding van de directeur en zal intensief betrokken zijn bij de werkzaamheden van de projectmedewerker.
Taken ter ondersteuning van het Hoofd Presentatie
- Het in organisatorische zin assisteren bij de voorbereiding van presentaties (o.a. inrichting tentoonstellingen, bruikleenadministratie, verzekering, transport, logistiek)
- Het zelfstandig realiseren van kleine presentaties.
- Het assisteren bij de organisatie van activiteiten en culturele manifestaties in het museum of op externe locaties (boekenbeurzen, uitmarkten e.d.)
Taken ter ondersteuning van de medewerker PR-marketing
- Opstarten en onderhouden van tools en netwerken voor nieuwe media en social communities (facebook / twitter / youtube): berichten plaatsen, foto’s en video’s uploaden, enz. Bedenken en uitvoeren van cross mediale acties.
- Beheren van de website van het museum www.meermanno.nl: invoeren en bijhouden van gegevens in het CMS.
- Assisteren bij p.r. en marketingactiviteiten.
De projectmedewerker neemt deel aan het tentoonstellingsoverleg en het afdelingsoverleg (notuleert deze) en is inzetbaar voor overige museale taken, bijvoorbeeld in het kader van calamiteitenpreventie.
Functie-eisen
- Ervaring met het (projectmatig) werken t.b.v presentaties
- Uitstekende bekendheid met het werken in CMS, en met communicatietools en -netwerken als Hyves, Facebook, Linkedin, Twitter, enzovoorts.
- Minimaal HBO-opleiding op het terrein van Presentaties en/of Communicatie en PR, bijv. Reinwardt Academie
- Enige kennis van en/of aantoonbare affiniteit met (boek en/of kunst)geschiedenis
- Goede spreek – en leesvaardigheid van het Engels en een andere moderne taal (Duits of Frans)
- Goede redactionele vaardigheden.
- Goed in teamverband kunnen werken
Functiewaardering
De functie is gewaardeerd in schaal 8 van de CAO van de Vereniging van Rijksgesubsidieerde Musea (VRM); op voltijd-basis minimaal € 2.310 en maximaal € 2.891.
Sollicitatie
Belangstellenden wordt verzocht een brief met CV te zenden aan het hoofd bedrijfsvoering: drs. M.E.C. Schouten, Prinsessegracht 30, 2514 AP Den Haag, e-mail:
schouten@meermanno.nl. Laatste inzendingsdag is 7 januari 2010.
Den Haag, 15/12/2010
Vacature hoofd Facilitaire Dienst
In de voormalige woning van Baron van Westreenen van Tiellandt (1783-1848) beheert Museum Meermanno een belangrijke collectie boek- en drukkunst van middeleeuwen tot heden. Het museum beschikt over tentoonstellingsruimten, educatieve ruimten, kantoren, depots en een leeszaal met een totale oppervlakte van 2500 m2. Het organogram van het museum is ingedeeld in een Afdeling Presentatie, Afdeling Collectiebeheer en een Afdeling Bedrijfsvoering, totaal 14 fte.
Onder de laatstgenoemde afdeling valt de Facilitaire Dienst, die bestaat uit een Hoofd met vier medewerkers en een wisselend aantal uitzendkrachten en stagiairs.
Per direct is binnen Museum Meermanno een vacature voor een
Hoofd Facilitaire Dienst (36u)
Plaats in de organisatie
• De hoofdtaken van Museum Meermanno zijn presentatie en collectiebeheer. De Afdeling Bedrijfsvoering ondersteunt deze taken voor wat betreft financiën, personeelszaken, automatisering, museaal beleid en facilitaire dienstverlening. De Facilitaire Dienst maakt deel uit van de Afdeling Bedrijfsvoering en verricht diensten op velerlei gebieden, zoals: calamiteitenpreventie, beveiliging, receptie, postzaken, museumwinkel, gebouwonderhoud, catering, technische dienst, inventaris, transport, server-back-up en evenementenbegeleiding en tentoonstellingsbouw.
• Het Hoofd Facilitaire Dienst werkt onder leiding van het Hoofd Bedrijfsvoering en geeft leiding aan de medewerkers van de Facilitaire Dienst, alsmede aan uitzend- en oproepkrachten, voorzover deze worden ingezet voor de taken van de Facilitaire Dienst. Het Hoofd en de medewerkers van de Facilitaire Dienst participeren in het maandelijks werkoverleg met alle collega’s van het museum.
Taken
1) Leiding geven aan de Facilitaire Dienst
• Coördineren - maar daarnaast ook zelf verrichten - van de werkzaamheden van de medewerkers Facilitaire Dienst;
• Leiding geven aan de activiteiten op het terrein van calamiteitenpreventie, met name aan die van het Hulpteam ‘Mens en Gebouw’ (BHV-team);
• Aansturen (incl. bewaken van voortgang en kwaliteit) van door derden te verrichten werkzaamheden op het gebied van Facilitaire Zaken;
• Opstellen van werkplanningen/roosters en –afspraken, bewaken van de voortgang en kwaliteit van geleverde producten en diensten en zonodig nemen van verbeteringsmaatregelen;
• Opstellen van actielijsten, procedurevoorstellen, werkinstructies en werkafspraken op de verschillende terreinen van de Facilitaire Dienst;
• Uitvoeren van het interne personeelsbeleid binnen Facilitaire Dienst (waaronder functionerings- en beoordelingsgesprekken, verzuimbeheersing);
• Zorgdragen voor goede interne communicatie, kennis- en informatieoverdracht;
• Opstellen van managementinformatie/verantwoordingsinformatie t.b.v. Hoofd Bedrijfsvoering;
• Adviseren van Hoofd Bedrijfsvoering op het gebied van Facilitaire Dienst-beleid.
2) Administratie
• Budgethouder m.b.t. de jaarlijks vastgestelde budgetten voor schoonmaak, kantoorbenodigdheden, beveiliging/brandweer, en inhuur beveiligers;
• Controle van leveranties op het werkterrein van de Facilitaire Dienst, en hiervoor tekenen wanneer medewerkers van de administratie daarom vragen;
• Bijhouden van een logboek beveiliging, sleutelplan/afgifte, winkelvoorraad en meubelinventaris;
• Toezicht op het registreren, ordenen en aanvullen van diverse voorraden, zoals winkelassortiment, kantoormiddelen, levensmiddelen, huishoudelijke artikelen, meubelinventaris en overige huisraad van het museum.
3) Taken Medewerker Facilitaire Dienst
• Het Hoofd Facilitaire Dienst draait mee in het rooster van receptie, meldkamer, surveillance- en bereikbaarheidsdiensten. Hij of zij geeft leiding aan de medewerkers, maar verricht dagelijks ook zelf taken die beschreven staan in de functie-omschrijving van medewerker Facilitaire Dienst, alsmede overige museale werkzaamheden.
Functie-eisen
• Bij voorkeur HBO Facilitaire Dienstverlening, maar tenminste MBO op het terrein van Facilitaire Dienstverlening;
• In bezit van diploma’s beveiliging, BHV en/of EHBO;
• Ervaring als (meewerkend-)leidinggevende;
• Bij voorkeur bevoegd tot het begeleiden van stagiairs beveiliging en/of facilitaire diensten;
• Goede communicatieve eigenschappen, enige bekendheid met vreemde talen;
• Nauwkeurig werken; dienstverlenende, klantvriendelijke instelling;
• Bereidheid om vaak in het weekend en soms ’s avonds te werken, alsmede bereikbaarheidsdienst te vervullen;
• Flexibel en bereikbaar, met name inzake de taken op het gebied van calamiteitenpreventie.
• Bij voorkeur woonachtig in Den Haag
Arbeidsovereenkomst
• De arbeidsovereenkomst valt onder de CAO van de Rijksgesubsidieerde Musea (VRM), kan direct ingaan is geldig voor de duur van een jaar.
• De functie is gewaardeerd in schaal 7 van de CAO van de Rijksgesubsidieerde Musea. Het brutoloon bedraagt maximaal € 2.750, excl. onregelmatigheidstoeslagen.
Sollicitatie
Belangstellenden wordt verzocht een brief (of E-mail) met CV te zenden aan het hoofd bedrijfsvoering: drs. M.E.C. Schouten, Prinsessegracht 30, 2514 AP Den Haag, e-mail: lutkeschipholt@meermanno.nl De gesprekken zullen op zo kort mogelijke termijn plaatsvinden.
Den Haag, 20/01/11
Speciaal voor jou…
Iemand die heel speciaal is, verdient een heel speciale brief van heel speciaal papier. In Meermanno kan je zelf je briefpapier en envelop komen scheppen. Je maakt je papier extra mooi door er kleurtjes, bloemetjes of draadjes in te doen. Nog een wolkje parfum erop en je hebt een heel bijzondere brief. Er moet natuurlijk nog wel wat op komen te staan!
Tip:
Zondag 8 mei is het Moederdag! Neem een foto van je moeder (of van jezelf) mee, dan kan je de foto verwerken in het papier en heb je een heel origineel moederdagcadeautje. De brief en envelop moeten nog wel een dagje drogen, dus je krijgt je werkstuk twee dagen later thuisgestuurd. Nog net op tijd!
Het is voor kinderen van 6 t/m 9 jaar
Dinsdag 3 mei en woensdag 4 mei van 14 tot 16 uur
Kosten zijn 3 euro en met ooievaarspas 2 euro. Begeleiders zijn gratis.
Inschrijving o.v.v. naam en datum activiteit per mail naar:
reserveringen@meermanno.nlUnieke handgebonden ontwerpen
Gerenommeerde Nederlandse handboekbinders maakten een eigen uniek ontwerp voor
Uit de Schaduw, een publicatie uitgegeven bij de gelijknamige tentoonstelling.
De handgebonden exemplaren zijn vanaf heden in de museumwinkel van Museum Meermanno te koop.
De deelnemende handboekbinders zijn:
- Jeff Clements
- Wilma van Driel
- Pau Groenendijk
- Ellen Janssen
- Katinka Keus
- Marijke Raymakers
- Herre de Vries
- Marja Wilgenkamp
Voor foto’s van de boeken kunt u onze facebook pagina bekijken:
www.facebook.com/MuseumMeermanno
De tentoonstelling
Uit de Schaduw is nog tot en met 19 juni in Meermanno te zien.
Drukproef Piet Zwart
Omstreeks 1930 besloot Drukkerij Trio een relatiegeschenk te maken om ‘bekendheid te geven aan het vele, dat Drukkerij Trio vermag’. In het relatiegeschenk van Drukkerij Trio zouden voorbeelden worden opgenomen van gedurfde typografische ontwerpen en van zogenoemde foto-typografie in meerkleurendruk. Piet Zwart schreef er een stuk in getiteld ‘van oude tot nieuwe typografie’. De raad van bestuur van Drukkerij Trio moet geschrokken zijn van dit bevlogen manifest, het relatiegeschenk is nooit verschenen. Want van het eerste Nederlandse manifest over de nieuwe typografie, geschreven door Piet Zwart, een van Nederlands bekendste vormgevers ooit, werd bij Drukkerij Trio slechts een drukproef gemaakt. Van die
drukproef zijn slechts enkele exemplaren bewaard gebleven. Twee – onderling verschillende - proeven kwamen terecht bij het Museum Meermanno en worden nu ter adoptie aangeboden.
Twee exemplaren van
de drukproef van het relatiegeschenk Drukkerij Trio (Ontwerp Piet Zwart), 1930. [Obj. 1485 en Obj. 1486]
Adoptieformulier
Heeft u nog vragen over de actie, mailt u dan naar
boekzoekt@meermanno.nlSHV 1896-1996 (Irma Boom)
Dit is hét icoon van modern Nederlands grafisch design. Vormgeefster Irma Boom en kunsthistoricus Johan Pijnappel kregen van Paul Fentener van Vlissingen (1941-2006) de opdracht om ter gelegenheid van het honderdjarig bestaan van de Steenkolen Handels-Vereeniging
(SHV) een bedrijfsboek te maken. Toen dit elf centimeter dikke boek, 3,5 kilo zwaar, dat 2.136 ongenummerde pagina’s telt, in 1996 verscheen, veroorzaakte het een sensatie. Dit vanwege de druktechnische hoogstandjes waarmee het is vervaardigd: laserdruk, perforaties, complexe rasters en andere in boeken zelden vertoonde vondsten.
Paul Fentener van Vlissingen, Irma Boom, Johan Pijnappel (red.), SHV 1896-1996 . Utrecht,
SHV, 1996. [bb ned 1996.48]
Adoptieformulier
Heeft u nog vragen over de actie, mailt u dan naar
boekzoekt@meermanno.nlTentoonstelling verlengd
De tentoonstelling Boekenwijsheid. Drie eeuwen Nederlandse boekdrukkunst, 1540-1800’ is verlengd t/m 31 januari 2010.
Drukproef Piet Zwart
Omstreeks 1930 besloot Drukkerij Trio een relatiegeschenk te maken om ‘bekendheid te geven aan het vele, dat Drukkerij Trio vermag’. In het relatiegeschenk van Drukkerij Trio zouden voorbeelden worden opgenomen van gedurfde typografische ontwerpen en van zogenoemde foto-typografie in meerkleurendruk. Piet Zwart schreef er een stuk in getiteld ‘van oude tot nieuwe typografie’. De raad van bestuur van Drukkerij Trio moet geschrokken zijn van dit bevlogen manifest, het relatiegeschenk is nooit verschenen. Want van het eerste Nederlandse manifest over de nieuwe typografie, geschreven door Piet Zwart, een van Nederlands bekendste vormgevers ooit, werd bij Drukkerij Trio slechts een drukproef gemaakt. Van die
drukproef zijn slechts enkele exemplaren bewaard gebleven. Twee – onderling verschillende - proeven kwamen terecht bij het Museum Meermanno en worden nu ter adoptie aangeboden.
Twee exemplaren van
de drukproef van het relatiegeschenk Drukkerij Trio (Ontwerp Piet Zwart), 1930. [Obj. 1485 en Obj. 1486]
Adoptieformulier
Heeft u nog vragen over de actie, mailt u dan naar
boekzoekt@meermanno.nlMuseum Meermanno| Huis van het boek, het Stripmuseum en NIBBI willen samen verder
Den Haag, 8 november 2011
Museum Meermanno |Huis van het boek, het Nederlands Stripmuseum en de Stichting
Nederlands Instituut voor het Beeldverhaal en de Boek Illustratie (NIBBI) hebben een
intentieverklaring getekend waarin zij afspreken vergaand onderzoek te doen naar het
samengaan van beide musea tot één fantastisch museum voor boek en beeldverhaal in
Den Haag. Dit onderzoek wordt de komende twee maanden uitgevoerd.
Belangrijkste reden om samen te gaan is de constatering dat boek en strip twee loten zijn aan
dezelfde stam van de geschiedenis van het boek. Maar wel beide met een heel eigen verhaal, dat in
een gezamenlijke presentatie de rijke schakering van het boek in al zijn facetten tot uitdrukking
kan brengen. Bij alle verschillen zijn er ook tal van raakvlakken:
Museum Meermanno heeft papyrusrollen, geïllustreerde manuscripten en vele blokboeken die
duidelijk als de voorlopers van het stripverhaal kunnen worden beschouwd. Het Stripmuseum bezit
samen met het NIBBI een compleet overzicht van de (Nederlandse) stripgeschiedenis, dat uitstekend
aansluit en parallel loopt met het te realiseren overzicht van de boekgeschiedenis in Nederland,
van papyrus tot e-reader dat Museum Meermanno voor ogen staat. Het stripmuseum bezit samen
met het NIBBI 70.000 stripboeken, 100.000 striptijdschriften en duizenden originele werken, zoals
tekeningen en schilderijen.
Het samengaan van beide musea en het NIBBI biedt de mogelijkheid om in de nabije toekomst een
zeer brede groep boekenliefhebbers te bedienen, inclusief educatie over de boekgeschiedenis.
Het Nederlands Stripmuseum, dat nu nog in de stad Groningen is gevestigd en onderdeel is van
recreatiespecialist Libéma, zal mogelijk per 1 januari 2014 fuseren met en intrekken bij Museum
Meermanno |Huis van het boek in Den Haag, het oudste boekenmuseum ter wereld (1852), dat
al van oudsher uitstekende banden heeft en samenwerkt met de Koninklijke Bibliotheek. Het
Nederlands Stripmuseum heeft in de zeven jaar van zijn bestaan duidelijk aangetoond dat een
dergelijk museum bestaansrecht heeft. Het museum trekt jaarlijks 40.000 bezoekers.
Met het NIBBI, in de persoon van verzamelaar Hans Matla, zijn gesprekken gaande over de
verwerving voor het museum van de zeer omvangrijke collectie Matla.
Voor meer informatie kunt u contact opnemen met
Maartje de Haan, directeur Museum Meermanno:
06 547 228 77 of
dehaan@meermanno.nl,
Hans Matla, Bestuurslid Stichting NIBBI en Voorzitter
van de Stichting Panda, die eigenaresse is van de collectie
Matla: 06 226 729 62 of
Nibbi@xs4all.nl,
Jaap van Oostveen, Secretaris Bestuur Stripmuseum
Nederland: 06 248 415 17 of
jaapvanoostveen@wxs.nl.
Week van het Schrift
19 t/m 26 november 2011
Van Kleitablet tot e-Reader
Een expositie in de centrale vestiging van de Bibliotheek aan het Spui.
Op een tiental borden worden stappen uit de ontwikkeling van het schrift door de eeuwen heen uitgebeeld, waarbij per bord het verschil en soms de verrassende overeenkomst tussen ‘toen’ en ‘nu’ wordt getoond. Vanaf 15 november.
Brieven aan de Passage
(Winkelende) bezoekers van de Passage worden uitgenodigd om een brief aan de Passage te schrijven, waarin ze een (opwindende, amoureuze, verdrietige of andersoortige) belevenis waarin de Passage een rol speelt beschrijven.Om mee te kunnen doen aan de wedstrijd moet de brief uiterlijk op 22 november binnen zijn bij Vulpenhandel P.W. Akkerman.
De prijsuitreiking is op 26 november in de rotonde van de Passage. De winnende brief wordt beloond met een fraaie Parker Duofold vulpen t.w.v. € 400,-
Verder wordt een aantal ‘net niet’ winnende brieven op een bijzondere wijze gepresenteerd in de Passage. Dit onderdeel komt tot stand in samenwerking met Vulpenhandel P.W. Akkerman.
www.pw-akkerman.nl
Expositie: Machtige & Mooie Middeleeuwen
Benieuwd naar de originele ’Beatrijs’ of het prachtig geïllustreerde Trivulzio getijdenboek uit 1470? Deze en andere topstukken zijn te zien in de tentoonstelling
Machtige & Mooie Middeleeuwen.
Een grote diversiteit aan prachtige middeleeuwse archiefstukken en boeken toont een doorsnede van de vroege, de hoge en de late middeleeuwen: van oorkonde tot evangelieboek, van rekening tot kroniek, van aflaatbrief tot getijdenboek. Niet eerder toonden KB en Nationaal Archief zo een keur aan pracht en macht in een overzichtstentoonstelling. De gelegenheid om de middeleeuwen van zo dichtbij - bijna tastbaar - te ervaren, zal zich niet snel nog eens voordoen!
Machtige & Mooie Middeleeuwen is t/m 8 januari 2012 te zien in De Verdieping van Nederland.
www.deverdiepingvannederland.nl
Wat is de waarde van Cultuur?
Studenten van de kunstacademie ArtEZ uit Zwolle hebben spandoeken/installaties gemaakt over dit thema. Deze worden na een tocht op zaterdag 26 november door de binnenstad van Den Haag om 17.00 uur in de tuin van Museum Meermanno opgesteld.
Vertrek vanuit Museum Meermanno: 15.00 uur.
Workshop ‘Gekleurd Schrift’
In deze workshop onder leiding van de grafisch kunstenares Ans Hameleers, worden aan de hand van haiku’s abstracte grafische werken gemaakt.
Locatie en tijdstip: Museum Meermanno op zondag 27 november van 13 – 17 uur. Kosten van deelname € 40,- p.p. Vooraf inschrijven verplicht.
Bierviltjesroman
Tijdens de week van het schrift zullen (Haagse) auteurs in een aantal cafés / bodega’s op de achterkant van bierviltjes samen een verhaal schrijven.
Deelname aan het schrijfproces van het aanwezige publiek zal onder omstandigheden niet te vermijden, ja zelfs toe te juichen zijn.
Deelnemende schrijvers zijn: Sjaak Bral, Alfred A. Birney, Roel Janssen, Mohana van den Kroonenberg, Marly van Otterloo, Hans Sahar, Anja Sicking en Marcel Verreck.
Locaties en tijden:
*Bodega De Paas zondag 20 november vanaf 16.00 uur
*Perscentrum Nieuwspoort, donderdag 24 november vanaf 15.00 uur (o.v.)
*H’t Gulle Gasthuis, vrijdag 25 november vanaf 17.00 uur
*Bodega De Posthoorn, zaterdag 26 november vanaf 19.00 uur
Het andere boek:
Studenten Willem de Kooning
Van 7 februari t/m 29 april tonen vierderjaars studenten grafische vormgeving van de Willem de Kooning Academie, Rotterdam, hun werk in Meermanno.
Museum Meermanno biedt jong grafisch talent van kunstacademies en grafische opleidingen de mogelijkheid te exposeren in het souterrain van het museum onder de noemer Jong Talent Meermanno. Eerder presenteerden studenten van de kunstacademie ArtEZ uit Zwolle en studenten van het Mediacollege Amsterdam hun werk in Meermanno.
Week van het Schrift
19 t/m 26 november 2011
Van Kleitablet tot e-Reader
Een expositie in de centrale vestiging van de Bibliotheek aan het Spui.
Op een tiental borden worden stappen uit de ontwikkeling van het schrift door de eeuwen heen uitgebeeld, waarbij per bord het verschil en soms de verrassende overeenkomst tussen ‘toen’ en ‘nu’ wordt getoond. Vanaf 15 november.
Brieven aan de Passage
(Winkelende) bezoekers van de Passage worden uitgenodigd om een brief aan de Passage te schrijven, waarin ze een (opwindende, amoureuze, verdrietige of andersoortige) belevenis waarin de Passage een rol speelt beschrijven.Om mee te kunnen doen aan de wedstrijd moet de brief uiterlijk op 22 november binnen zijn bij Vulpenhandel P.W. Akkerman.
De prijsuitreiking is op 26 november in de rotonde van de Passage. De winnende brief wordt beloond met een fraaie Parker Duofold vulpen t.w.v. € 400,-
Verder wordt een aantal ‘net niet’ winnende brieven op een bijzondere wijze gepresenteerd in de Passage. Dit onderdeel komt tot stand in samenwerking met Vulpenhandel P.W. Akkerman.
www.pw-akkerman.nl
Expositie: Machtige & Mooie Middeleeuwen
Benieuwd naar de originele ’Beatrijs’ of het prachtig geïllustreerde Trivulzio getijdenboek uit 1470? Deze en andere topstukken zijn te zien in de tentoonstelling
Machtige & Mooie Middeleeuwen.
Een grote diversiteit aan prachtige middeleeuwse archiefstukken en boeken toont een doorsnede van de vroege, de hoge en de late middeleeuwen: van oorkonde tot evangelieboek, van rekening tot kroniek, van aflaatbrief tot getijdenboek. Niet eerder toonden KB en Nationaal Archief zo een keur aan pracht en macht in een overzichtstentoonstelling. De gelegenheid om de middeleeuwen van zo dichtbij - bijna tastbaar - te ervaren, zal zich niet snel nog eens voordoen!
Machtige & Mooie Middeleeuwen is t/m 8 januari 2012 te zien in De Verdieping van Nederland.
www.deverdiepingvannederland.nl
Wat is de waarde van Cultuur?
Studenten van de kunstacademie ArtEZ uit Zwolle hebben spandoeken/installaties gemaakt over dit thema. Deze worden na een tocht op zaterdag 26 november door de binnenstad van Den Haag om 17.00 uur in de tuin van Museum Meermanno opgesteld.
Vertrek vanuit Museum Meermanno: 15.00 uur.
Workshop ‘Gekleurd Schrift’
In deze workshop onder leiding van de grafisch kunstenares Ans Hameleers, worden aan de hand van haiku’s abstracte grafische werken gemaakt.
Locatie en tijdstip: Museum Meermanno op zondag 27 november van 13 – 17 uur. Kosten van deelname € 40,- p.p. Vooraf inschrijven verplicht.
Bierviltjesroman
Tijdens de week van het schrift zullen (Haagse) auteurs in een aantal cafés / bodega’s op de achterkant van bierviltjes samen een verhaal schrijven.
Deelname aan het schrijfproces van het aanwezige publiek zal onder omstandigheden niet te vermijden, ja zelfs toe te juichen zijn.
Deelnemende schrijvers zijn: Sjaak Bral, Alfred A. Birney, Roel Janssen, Mohana van den Kroonenberg, Marly van Otterloo, Hans Sahar, Anja Sicking en Marcel Verreck.
Locaties en tijden:
*Bodega De Paas zondag 20 november vanaf 16.00 uur
*Perscentrum Nieuwspoort, donderdag 24 november vanaf 15.00 uur (o.v.)
*H’t Gulle Gasthuis, vrijdag 25 november vanaf 17.00 uur
*Bodega De Posthoorn, zaterdag 26 november vanaf 19.00 uur
14 juni t/m 14 september 2008
Sierpapier uit de collectie Laurentius
Deze zomer toont Museum Meermanno te Den Haag de hoogtepunten uit de verzameling sierpapier van kunsthandelaren en collectioneurs Theo en Frans Laurentius. Deze prachtige privé-collectie omvat meer dan duizend vellen sierpapier uit de 16de tot en met de 19de eeuw, uitgevoerd in de meest uiteenlopende technieken en decoratiestijlen. Ze is nu voor het eerst voor het publiek te zien. Deze collectie wordt aangevuld met enkele bijzondere bruiklenen uit de Papierhistorische Collectie van de Koninklijke Bibliotheek.
In vier tentoonstellingszalen is een overzicht te zien van de drie hoofdgroepen sierpapier uit de rijke collectie. Dit zijn marmerpapier (waarvan de oudste papiervellen uit de zestiende eeuw stammen), brokaat papier (voorzien van zeer fraaie en uiteenlopende ‘goud’-motieven), en sits- of katoenpapier (bedrukt met diverse decoraties van flora en fauna). Daarbij worden de verschillende thema’s belicht, als ook de diverse vervaardigings- en decoratietechnieken. Ook is er aandacht voor verschillende driedimensionale toepassingen van sierpapier, zoals boekjes, schriften, mappen, etc.
In een zijvertrek van de tentoonstellingszalen wordt ingegaan op de technieken, waarmee sierpapier ook tegenwoordig nog wordt vervaardigd. Hierbij zijn moderne sierpapieren en linoblokken van de hand van Frans Laurentius te zien, evenals werk van de papierkunstenaars Pat Gentenaar-Torley en Peter Gentenaar.
Papier speelt een belangrijke rol in Museum Meermanno. Niet alleen omvat de museumcollectie toepassingen van sierpapier in boekvorm, maar ook in het monumentale pand, waarin het museum is gevestigd, is historisch papier te zien in een drietal stijlkamers.
De tentoonstelling valt samen met de Papierbiënnale in Museum Rijswijk (10 juni t/m 14 september 2008) en voor de derde keer in Coda te Apeldoorn. Zie voor meer informatie: Museum Rijswijk.
Samenstelling tentoonstelling
Sierpapier uit de collectie Laurentius: drs. Audrey Wagtberg Hansen (Kroon & Wagtberg Hansen, Den Haag). Bij de tentoonstelling verschijnt een vouwblad met informatie over de tentoonstelling.
Relevante websites
Handschriften in Nederlandse collecties zijn ontsloten via de website
Medieval Manuscripts in Dutch Collections (
http://www.mmdc.nl).
De verluchte handschriften zijn ontsloten via de website
Medieval Illuminated Manuscripts (
http://www.kb.nl/manuscripts/).
Alle boeken die t/m 1800 in Nederland zijn gedrukt, of die daarbuiten in de Nederlandse taal zijn verschenen zijn binnenkort te vinden via de website
Short Title Catalogue Netherlands (STCN) (
http://www.stcn.nl/).
Arrangementen
Voor bedrijfsuitjes, familiefeestjes of gewoon uit interesse kunnen ook volwassenen een programma volgen bij Museum Meermanno. Naast de verschillende rondleidingen bieden wij ook arrangementen die praktijk met theorie combineren.
scriptoriumarrangement
Bij het scriptoriumarrangement krijgt men gekleed in monnikspij een gotische kalligrafiecursus met een echte ganzenveer. Samen met een rondleiding en een kopje koffie een ideale combinatie.
Bladgoudarrangement
Dit arrangement is vergelijkbaar met het reguliere scriptoriumarrangement, alleen is het programma hier uitgebreid met bladgoud. Naast het schrijven met de ganzenveer in het scriptorium zult u uw eigen document ook gaan verluchten met echt bladgoud. Een must voor als u uw samenzijn net even iets extra’s wilt geven.
Drukkerijarrangement
Meermanno beschikt ook over een drukkerij. Bij ons drukkerijarrangement wordt gezamenlijk een tekst bedacht die vervolgens gezet en gedrukt kan worden op één van onze persen.
Maximaal 20 personen per groep (bij meer dan 20 personen worden het twee groepen).
Kosten arrangement: € 10,- p.p., incl. koffie en entree.(Bladgoud-arrangement: €12,50 p.p.)
Duur arrangement: 120 minuten
Reserveren kan direct via onze
reserveringsservice, of voor specifieke vragen of wensen kunt u mailen naar
reserveringen@meermanno.nl Lezing door Alessandro Colizzi over Bruno Munari
De Italiaanse Alessandro Colizzi promoveert op het grafische werk van Bruno Munari aan de Universiteit van Leiden. In het kader van zijn promotie presenteert Colizzi zijn onderzoek publiekelijk aan de leescommissie. De middag is Engelstalig.
Bruno Munari and the invention of modern graphic design in Italy, 1928-1945
Bruno Munari (1907–1998) was a prolific and influential artist, designer, and writer. This presentation will address key issues in his graphic design work in the years between the wars, striving for a coherent reading of a seemingly dispersive practice. Munari belonged to the modern avantgarde in 1930s Milan, whose substrate will lead to the emergence of Italy’s mature graphic and industrial design in the postwar years. Munari’s case provides a helpful example to focus on the nature of Italian modernism in the graphic arts.
14.30-15.00 uur inloop met koffie en thee
15.00-16.00 uur lezing
Het bijwonen van deze interessante middag is kosteloos. U betaalt slechts de entree voor het museum. U kunt reserveren via:
aanmelden@meermanno.nl.
Bibliofielenmiddag
Zondagmiddag 15 mei van 15.00-16.30.
Wolbert Vroom, Kenneth Boumann, Haye Bijlstra en Boukje Scheppink spreken over hun verzameling.
Gespreksleider: Maartje de Haan
Toegang is gratis excl. entree museum.
Reserveren via:
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. naam en datum activiteit.
Dante’s Divina Commedia
In de vijftiende eeuw werden gedrukte werken doorgaans geïllustreerd met miniaturen die met de hand werden aangebracht of met gedrukte houtsneden. De Florentijnse drukker Nicolaus Laurentii was de eerste die de techniek van de kopergravure toepaste, in 1477. Hierbij moeten de afbeeldingen na de druk van de tekst in een aparte drukgang worden aangebracht. Zijn tweede poging, een uitgave van de
Divina Commedia van Dante met gravures van Baldini naar tekeningen van Botticelli, bleek te ambitieus en bleef onvoltooid.
Geen enkel exemplaar heeft meer dan twintig illustraties. Het exemplaar in Meermanno heeft er slechts drie, waarvan de derde bovendien nog op een verkeerde plaats, in de ondermarge, is beland.
Dante Alighieri,
La divina commedia, met commentaar van Christophoro Landino. Florence, Nicolaus Laurentii, 30 Aug. 1481. [4 A 7
Adoptieformulier
Heeft u nog vragen over de actie, mailt u dan naar
boekzoekt@meermanno.nlPrinsessegracht 30
2514 AP Den Haag
T 070 34 62 700
info@meermanno.nl
www.meermanno.nl
Openingstijden Museum
MA | gesloten
DI t/m ZO | 12:00 - 17:00 uur
Gesloten op 1ste en 2e kerstdag, 1 jan en op overige feestdagen gesloten.
Toegangsprijzen
Best verzorgde boeken 2010
Van 1 november 2011 t/m 5 februari 2012 zijn de Best Verzorgde Boeken van 2010 te zien in Museum Meermanno.
In de expositie zijn de 33 Best Verzorgde Boeken van 2010 te zien. Deze zijn uit 376 inzendingen gekozen door een vijfkoppige vakjury. Daarin zaten Jan de Boer (Studio Jan de Boer, Amsterdam), Vanessa van Dam (zelfstandig ontwerper, Amsterdam), Erna Staal (Uitgeverij Atlas, Amsterdam), Fokko Tamminga (Drukkerij Ando, Den Haag) en Ada Lopes Cardozo (Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten, Den Haag).
Bij de expositie is de catalogus
The Best Dutch Book Designs 2010 De Best Verzorgde Boeken verschenen. Deze kon verschijnen dankzij ondersteuning van Antalis, Almere/Andelst en Arctic Paper Benelux, Oud-Heverlee (B) en een aantal grafische bedrijven. Het boek werd vormgegeven door Niels Schrader (Minddesign). Prijs € 27,50. ISBN 978 90 5965 144 9.
In het radioprogramma De Avonden sprak Anton de Goede woensdagavond 24 november met Paul van Capelleveen en Jaap Schipper over de tentoonstelling en het boek ’Het ideale boek. Honderd jaar private press in Nederland, 1910-2010’.
Deze uitzending is te beluisteren via de VPRO site.
Souterraintentoonstelling De Best Verzorgde Boeken 2009
Een vijfkoppige vakjury koos uit 415 inzendingen de dertig Best Verzorgde Boeken van 2009. Die juryleden waren de ontwerpers Volken Beck en Ben Laloua, uitgever Nina Post (post editions, Rotterdam), drukker Paul van Mameren (Drukkerij Lecturis, Eindhoven) en designhistorica Frederike Huygen.
De Best Verzorgde Boeken zijn tevens bijeengebracht in de catalogus The Best Dutch Book Designs 2009 De Best Verzorgde Boeken. Het boek bevat over alle uitverkozen boeken een juryrapport; Frederike Huygen trad namens de jury op als pennenvoerder. De catalogus werd vormgegeven door Hansje van Halem. Het boek werd geproduceerd door de Grafische Cultuurstichting en kan verschijnen dankzij medewerking van Antalis (Almere/Andelst), Arctic Paper Benelux (Oud-Heverlee, België), L. van Heek Textiles (Losser) en een groot aantal grafische bedrijven. Het is een hardcover van 320 pagina’s, prijs € 27,50, ISBN 978 90 5965 125 8.
In de loop van het najaar zullen De Best Verzorgde Boeken 2009 te zien zijn in verschillende plaatsen in binnen- en buitenland.
De Best Verzorgde Boeken wordt mogelijk gemaakt door Antalis, BNO/Pictoright en L. van Heek Textiles.
Tentoonstelling ‘Het andere boek. Boekobjecten van studenten van ArtEZ Zwolle’
in Museum Meermanno | Huis van het boek van 12 februari t/m 23 april 2011.
Op zaterdag 12 februari aanstaande opent Museum Meermanno in samenwerking met studenten van ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten te Zwolle de expositie ‘Het Andere Boek’.
De expositie ‘Het Andere Boek’ is het resultaat van een project van derdejaars studenten van de afdeling Stories & Design van ArtEZ Zwolle.
De studenten volgden de minor ‘Het Andere Boek’. In deze minor onderzochten de studenten de betekenis van het fenomeen boek. Vijf maanden ondergingen zij een intensief en vaak persoonlijk proces met het thema ‘De reis’.
De resultaten, onder meer dagboeken, animaties, prentenboeken en installaties zijn nu te zien in Museum Meermanno. Alle boeken zijn vrij in te zien in een zeer oorspronkelijk tentoonstellingsontwerp in het souterrain van het museum. Ontwerp en realisatie van de tentoonstelling en de daarbij horende uitnodiging, affiche en website waren onderdeel van de opdracht.
Museum Meermanno | Huis van het boek is voor deze minor van ArtEZ een goede partner. Het museum heeft een prachtige, ongeëvenaarde collectie boeken. In het museum staat de geschiedenis en de vormgeving van boeken centraal. Daarmee biedt het museum een inspirerend platform voor jonge grafische vormgevers, illustratoren en kunstenaars die zich met boeken bezighouden. Het is een onderdeel van het nieuwe beleid van het museum om een doorlopend podium te bieden aan studenten en pas afgestudeerden talenten van kunstacademies en grafische opleidingen.
De expositie ‘Het Andere Boek’ is een pilot project en de start van een hopelijk vruchtbare samenwerking tussen ArtEZ Zwolle en Museum Meermanno.
Voor deze tentoonstelling is door de studenten een website ontworpen:
www.hetandereboek.net.
Pop up!
Deze zomer wijden twee musea zich aan het spectaculaire pop up boek. In het Haagse Museum Meermanno | Huis van het boek vindt de tentoonstelling
Pop up! Bijzondere en beweegbare boeken plaats waarin vooral oude en zeldzame beweegbare boeken en hedendaagse kunstenaarsboeken te zien zijn. Het Veluws Museum Nairac in Barneveld toont met
Pop up! Het boek uit de band gesprongen vooral de populaire pop up boeken uit de twintigste eeuw. Niet eerder is in Nederland zo’n breed overzicht gegeven van de pop ups en de beweegbare boeken die door hun kwetsbaarheid niet vaak getoond kunnen worden.
Pop up! Bijzondere en beweegbare boeken in Museum Meermanno | Huis van het boek, 9 juli t/m 23 oktober 2011
Museum Meermanno toont anatomische atlassen en astronomische werken uit de 15de tot de 18de eeuw en speelboeken in allerlei verschijningsvormen: van suikerzoete opzetprenten tot humoristische scènes van Lothar Meggendorfer. Ook zijn er bijzondere kunstenaarsboeken te zien van 1960 tot nu (o.a. van Andy Warhol en Sjoerd Hofstra) en kunnen de nieuwste digitale pop up vormen op een e-reader ontdekt worden. Voor de bezoeker die de pop up graag ‘hands on’ beleeft, zijn er boeken beschikbaar die door iedereen aangeraakt mogen worden. Voor kinderen en volwassenen worden tijdens de tentoonstelling verschillende activiteiten en workshops georganiseerd.
Pop up! Het boek uit de band gesprongen in het Veluws Museum Nairac, 18 juni t/m 7 januari 2012
In het Veluws Museum Nairac is een grote selectie te zien uit het rijk geschakeerde aanbod van pop up boeken vanaf het begin van de twintigste eeuw tot nu, waaronder enkele zeldzame exemplaren. Van een aantal kunstenaars is veel werk te zien: de Tjech Vojtêch Kubašta (1914 – 1992) was een van de meest creatieve kunstenaars en paper-engineers vanaf de jaren ’40. Zijn levendige en kleurrijke illustraties springen letterlijk van het papier en geven een hele nieuwe draai aan de bekende sprookjes. Ook de spectaculaire werken van hedendaagse papiergeweldenaar Robert Sabuda en de artistieke abstracte vormexperimenten van David Carter zijn ruim vertegenwoordigd.
Korte geschiedenis van beweegbare en pop up boeken
De eerste beweegbare boeken stammen uit de dertiende eeuw. Deze boeken hadden vaak een wetenschappelijk of educatief karakter. Zo werden uitklapprenten gebruikt om berekeningen of landkaarten te tonen en roterende schijven maakten de werking van het heelal inzichtelijk. De eerste boeken waarbij de beweging een essentieel onderdeel uitmaakte van de beleving van het boek waren de ‘speelboeken’ uit het begin van de negentiende eeuw. Hierin kan je door deurtjes te openen of aan strookjes papier te trekken, nieuwe scènes tevoorschijn toveren en figuren in beweging brengen.
De werkelijke pop up boeken, waarbij de voorstelling vanzelf omhoog komt wanneer de bladzijde wordt omgeslagen, bereikten in de twintigste eeuw een ongekende populariteit. Sprookjes, de dierenwereld, architectuur, stripfiguren en beroemdheden als Elvis Presley komen tot leven in ingenieuze papieren 3D constructies. Ook kunstenaars lieten zich inspireren door de pop up: zo laat Andy Warhol, icoon van de pop art, in de jaren ’60 een blikje tomatenpuree rechtop staan in zijn Index book. De Nederlandse kunstenaar Sjoerd Hofstra bereikt in zijn boeken zowel een hoog artistiek niveau als een geavanceerde pop up techniek.
Een middeleeuws beestenboek
Dit verzamelhandschrift omvat onder meer een rijk geïllustreerd bestiarium, een in de middeleeuwen geliefd lees- en kijkboek. Ruim honderd bestaande dieren, zoals de beer en de krokodil, maar ook imaginaire, zoals de eenhoorn en de satyr, worden erin beschreven en afgebeeld. In de tekst worden levenslessen uit het gedrag van deze dieren getrokken. Het handschrift is waarschijnlijk een kopie van een ouder, dertiende-eeuws exemplaar.
Bestiarius. West-Frankrijk, ca. 1450. [10 B 25]
Adoptieformulier
Heeft u nog vragen over de actie, mailt u dan naar
boekzoekt@meermanno.nlHussem Festival in Meermanno
Boekomslagen Meesters der vertelkunst
Museum Meermanno toont in de halvitrine de boekenreeks
Meesters der vertelkunst, waar Willem Hussem de omslagen voor ontwierp.
Toegang tot de halvitrine is gratis op vertoon van festivalflyer of festivalkrant.
Zie voor alle andere festivalonderdelen:
www.hussemfestival.nlOde to a grand staircase
Een mooi voorbeeld van het Artists’ book, een apart soort kunstenaarsboek uit de VS, is
Ode to a grand staircase. Julie Chen van de Flying Fish Press maakte dit boek in 2001 samen met Barbara Tetelbaum van de Triangular Press. Ode to a grand staircase is geïnspireerd op Marche du grand escalier, een muziekstuk van de Franse componist Erik Satie. ‘De tekst’, zo lezen we in het colofon, is ‘gebaseerd op de muzikale aanwijzingen en onuitgesproken libretto’s bij zijn partituren.’ Ode to a grand staircase is, als je het uitvouwt, zelf een trap. Een papieren trap met kleurige treden die kunstig zijn uitgesneden met moderne lasertechnieken. Terwijl je de treden afdaalt, lees je: ‘It is a large staircase,/very large/it has more than a thousand steps/all of ivory/it is very beautiful/nobody dares use it/for fear of damaging it.’
Julie Chen,
Ode to a grand staircase. Berkeley, Flying Fish Press, 2001. [pp ame Flying Fish 2001.01]
Adoptieformulier
Heeft u nog vragen over de actie, mailt u dan naar
boekzoekt@meermanno.nlCrispin Elsted in Museum Meermanno
Op donderdagmiddag 3 november a.s. van 15.00 tot 17.00 uur zal de Canadese drukker Crispin Elsted een lezing geven over zijn Barbarian Press, en in het bijzonder over een van de laatste uitgaven,
The Play of Pericles.
Na afloop van de lezing kan een aantal werken van de Barbarian Press worden ingezien.
De Canadese Barbarian Press werd in 1977 opgericht door Crispin en Jan Elsted. Naast uitgaven van (klassieke) literatuur besteedt de pers speciale aandacht aan de houtgravure. In 1995 verscheen een van de belangrijkste uitgaven van de Barbarian Press:
Endgrain: Contemporary Wood Engraving in North America, een overzicht van 121 houtgraveurs. Daarnaast geeft de pers de reeks
Endgrain Editions uit, elk deel gewijd aan het werk van een enkele graveur. De pers werkte samen met vooraanstaande illustratoren als Barry Moser en John DePol.
De Elsteds wonnen voor hun uitgaven verschillende prijzen, waaronder de First Prize (Limited Editions) Alcuin Society Awards for Excellence in Book Design in Canada in 1997, 1999, 2008 en 2011 en een Judges Award tijdens de Oxford Fine Press Book Fair in 2005 en 2007.
Voertaal: Engels
Toegang: vrijwillige bijdrage voor het voortbestaan van het museum (excl. museumentree)
Aanmelden o.v.v. naam en datum activiteit:
aanmelden@meermanno.nl
Museum Meermanno | Huis van het boek
Prinsessegracht 30
2514 AP Den Haag
Buidelboek
Bij een middeleeuws
buidelboek loopt de leren bekleding van de platten en de rug aan de onderzijde door en eindigt in een knoop of haak, die men aan riem of gordel kan vastmaken. Uit miniaturen, schilderijen en beeldhouwwerk blijkt dat het buidelboek in de late middeleeuwen zeer gangbaar was. Nu zijn buidelboeken echter uiterst zeldzaam. Over de gehele wereld zijn er zo’n twintig bekend, waarvan slechts één exemplaar in Nederland – in Meermanno!
Gebetbuch. Neurenberg, drukker van de Rochuslegende, ca. 1484. [1 F 50]
Adoptieformulier
Heeft u nog vragen over de actie, mailt u dan naar
boekzoekt@meermanno.nl23 juni t/m 2 september 2007
Paul Schuitema. De foto in de avant-gardetypografie
Museum Meermanno toont deze zomer een uniek overzicht van het (typo-)grafische werk van Paul Schuitema (1897-1973). Paul Schuitema behoorde tijdens het interbellum tot de pioniers van de Nieuwe Typografie en de Nieuwe Fotografie. Naast boeken en reclame worden voor het eerst bijzondere proeven, originele werktekeningen van fotomontages, collages en filmmateriaal getoond. Hierdoor ontstaat een nieuw beeld van de typografische opvattingen en de werkwijze van Paul Schuitema. Veel aandacht is er voor het procédé waarbij hij foto’s en fotomontages zorgvuldig en robuust combineerde met moderne belettering en lay-out.
Ook van zijn collega’s Piet Zwart, Gerard Kiljan, Wim Brusse en Dick Elffers wordt werk getoond dat Schuitema’s typografie in de tijd plaatst. De Nieuwe Typografie en de Nieuwe Fotografie (1920-1940) kenmerken zich door het duidelijk, kort en krachtig overbrengen van de boodschap. Schuitema manifesteerde zich ook als cineast en speelde van 1930 tot 1959 een belangrijke rol als medeoprichter en docent van de afdeling Reclame-ontwerpen aan de Haagse academie van Beeldende Kunsten.
De tentoonstelling richt zich op de drie gebieden waarop Schuitema zich sterk onderscheidde: tientallen reclame-catalogi voor Van Berkel’s Patent, politiek links geëngageerde geschriften en een reeks fotoboeken. Vooral op het laatste terrein heeft Schuitema baanbrekend werk verricht. Schuitema’s moderne bedrijfsboeken maken nog steeds een filmische en dynamische indruk.
De tentoonstelling komt tot stand met bruiklenen van Dick Maan, Gemeentemuseum Den Haag en Dutch Originals, Asperen.
Van 23 juni t/m 23 september toont het Haags Gemeentemuseum meubels van o.a. Paul Schuitema in de tentoonstelling
Volmaakt verchroomd. D3 en het avant-gardemeubel. (
www.gemeentemuseum.nl)
Het Ornaprentenboek
Het Ornaprentenboek werd gezet door de surrealistische kunstenaar J.H. Moesman die we vooral kennen vanwege zijn schilderkunst, maar die hier opereert onder het pseudoniem Ton van Zuilen. Het werd gedrukt door Henk van Otterloo voor de Green Escape Press in 1982. Het boek bestaat uit negen prenten, waarvoor het zetsel is opgebouwd uit tientallen ornamenten. Met o.a. sluithaakjes, komma’s, pijlen en sierranden zijn negen voorstellingen samengesteld die nader beschouwd stuk voor stuk kleine kunstwerkjes zijn. Het boekje verscheen in 1982 in een oplage van 100 exemplaren bij Van Otterloos Green Escape Press.
Het echte Oud-Hollandse ornaprentenboek tot lering ende vermaak voor margebedrukkers en andere knutselaars met afgedankt zetmateriaal, gezet door Ton van Zuilen. Houten, Green Escape Press, 1982. [pp ned Green Escape 1982.01]
Adoptieformulier
Heeft u nog vragen over de actie, mailt u dan naar
boekzoekt@meermanno.nlReprise optreden Frans de Leef, 3 oktober om 15 uur
Reprise op zondag 3 oktober om 15.00 uur
Zanger, schrijver en beeldend kunstenaar Frans de Leef houdt een voordracht over de Baron van Westreenen, de stichter van Museum Meermanno | Huis van het boek. Staand bij de hondengrafjes in de tuin van het museum draagt hij het verhaal voor over de liefde van de baron voor zijn trouwe viervoeters en het verdriet over hun dood. Wees getuige van dit verhaal over een van de onbekende, maar ontroerende aspecten van het leven van Baron van Westreenen.
De middag begint met het zingen van het ’Huilen in Den Haag-lied’ door Frans de Leef en Hans Steijger.
Oudste handschrift
Het oudste Westerse handschrift uit de collectie van het museum is een fragment, een dubbelblad van een Latijnse bijbel die in de zesde eeuw in Italië werd geschreven. Het bevat een deel van de tekst van de kleine profeten en is geheel geschreven in het toen gangbare ronde hoofdletterschrift, de unciaal. Van deze bijbel, ooit bewaard in de abdij van Fleury in Frankrijk, zijn in totaal slechts acht bladen bewaard gebleven. Nadat de bijbel buiten gebruik was geraakt, werd dit fragment gebruikt als voorschutblad in een band waarin enkele latere handschriften werden samengebonden, en zo voor de toekomst bewaard!
Prophetae minores. Fragment van een handschrift op perkament. Italië, zesde eeuw. [10 B 1]
Adoptieformulier
Heeft u nog vragen over de actie, mailt u dan naar
boekzoekt@meermanno.nlWorkshop ’Maak je eigen museum’
Workshop in het kader van de Kennismaandactiviteiten van Museum Meermanno|Huis van het boek
Museum Meermanno is een echt verzamelmuseum. De baron die er vroeger woonde was dol op verzamelen. Hij verzamelde mummies, muntjes, boeken en zelfs honden! Heb jij ook een verzameling? Voetbalplaatjes, schelpen of flessendoppen? Neem je verzameling mee en maak er een draagbaar museumpje van.
Bereikbaarheid
Tram 9,10,16,17 of bus 18 (Malieveld)of in tien minuten lopen vanaf Den Haag CS
Voor kinderen: 6 -12 jaar
Begeleiding ouders bij workshop niet wenselijk
Workshops
Zondag 10 oktober van 14 - 16 uur
Reserveren verplicht
Tel. 070 346 27 00 of via
reserveringen@meermanno.nl.
Bezoek museum
Als je niet naar de workshops kan komen, kun je op elke dag bij de kassa van het museum een speurtocht halen door de verzameling van de baron.
Toegang museum en speurtocht gratis
Kosten workshop: € 5,-
Begeleider gratis (normaal € 4,-)
Museum open
Di. t/m zo. 12.00 – 17.00 uur
Een psalmboek uit 1459
In 1459 vervaardigden de opvolgers van Gutenberg, Johann Fust en Peter Schoeffer, te Mainz een liturgisch psalterium voor een kleine groep benedictijner kloosters. Het werk is heel beroemd. Dat komt omdat het het tweede boek in de Westerse wereld is dat de naam van de drukker en het jaar van uitgave vermeldt. Maar daarom niet alleen: de tekst en de versieringen zijn op perkament in drie kleuren gedrukt in één drukgang, een technisch hoogstandje dat later niet meer is herhaald.
Psalterium Benedictinum. [Mainz], Johann Fust en Peter Schoeffer, 1459. [27 A 1]]
Adoptieformulier
Heeft u nog vragen over de actie, mailt u dan naar
boekzoekt@meermanno.nl28 april t/m 27 juli 2008
De verbeelding van Borges. Zweite Enzyklopädie von Tlön - Tweede encyclopedie van Tlön
Boekkunst-project door Ines von Ketelhodt en Peter Malutzki
Tussen 1997 en 2006 publiceerden twee Duitse kunstenaars, Ines von Ketelhodt (1961) en Peter Malutzki (1951), vijftig boeken die er aan de buitenkant ongeveer hetzelfde uitzien, gebonden in grijs papier, linnen of leer, maar waarvan de inhoud per deel sterk verschilt. De oplage is 40 exemplaren. Museum Meermanno heeft destijds ingetekend op de reeks. Er is in Nederland geen tweede set aanwezig.
Deze "encyclopedie" is een antwoord op een verhaal van Jorge Luis Borges,
Tlön, Uqbar, Orbis Tertius uit 1941. Daarin stuit de verteller bij toeval op een artikel in een encyclopedie over een mysterieus land, Uqbar. Het is een verwijzing naar Orbis Tertius (de derde wereld), een intellectuele samenzwering waarmee een ideale wereld is verzonnen. Door die wereld te bedenken is hij ook daadwerkelijk geschapen. Het hele verhaal staat in het teken van de filosofie van Berkeley, in een goddeloze versie: hier is de mens de schepper. De wereld van Tlön dient de verbazing.
Aan het slot schreef Borges: "Als we de tekenen niet misverstaan, zal over honderd jaar iemand de honderd delen van de Tweede encyclopedie van Tlön ontdekken". De boekkunstenaars hebben deze verwachting nu al half waargemaakt: vijftig jaar later zijn er alvast vijftig delen. Sleutelwoorden uit het verhaal zijn gebruikt als titels, iedere letter uit het alfabet is vertegenwoordigd, maar een echte encyclopedie is dit natuurlijk niet.
Ketelhodts bijdragen gaan in eerste instantie uit van foto’s. Malutzki begint eerder met grafiek en typografie. Sommige pagina’s zijn met de hand gezet en gedrukt, andere zijn digitaal ontworpen. Aan de woorden van Borges zijn soms andere teksten toegevoegd. Steeds is het concept van een deel aangepast aan de begrippen uit de titels. Het deel ‘Naam’ bevat pagina’s uit het New Yorkse telefoonboek. ‘Tijd’ bestaat uit kranten uit een groot aantal landen, precies lopend tussen 1 juli 1999 en 30 juni 2000. ‘Nacht’ is geheel gedrukt in zwart op zwart papier. ‘Water’ is gedrukt op transparant papier. ‘Droom’ bevat geen tekst, alleen een sequens van beelden. Zo is ieder deel in vorm én inhoud een unieke verbeelding van een begrip uit het verhaal van Borges.
Het project is in 2007 afgerond met een monografie over de reeks. Een exemplaar daarvan ligt op de tafel tussen de vensters.
Wegens succes verlengd t/m 25 mei 2008
Peters meesters. Peter van Straaten en zijn inspiratiebronnen
Vanaf 9 februari is in Museum Meermanno een tentoonstelling te zien rondom het werk van Peter van Straaten. Het bijzondere van deze tentoonstelling is dat zijn werk wordt getoond naast werk van kunstenaars (tekenaars, illustratoren en cartoonisten) die hem geïnspireerd hebben.
Peter van Straaten ontving in 2006 de Gouden Ganzenveer. In het kader daarvan heeft Museum Meermanno hem gevraagd naar zijn inspiratiebronnen. Daaraan is nu een tentoonstelling gewijd, die aldus ook een sterk persoonlijk karakter heeft. Natuurlijk zal er ook werk van de meester zelf te zien zijn.
Peters meesters zijn bepaald niet onder één noemer te vangen. Zo is er bijvoorbeeld zowel werk te zien van Charles Dana Gibson (1867-1944), de Amerikaanse tekenaar die bekend werd door zijn ‘Gibson Girls’, als van Jo Spier (1900-1978), onder andere bekend om zijn politieke prenten, en Rembrandt, vanwege zijn oog voor mensen en situaties. Tijdgenoten van Van Straaten vinden we ook, bijvoorbeeld in Peter Vos (1935) en Quentin Blake (1932).
De tentoonstelling toont boeken, tijdschriften en prenten met werk van deze kunstenaars, voorzien van commentaar van Peter van Straaten. Naast eerder genoemden zijn dit James Montgomery Flagg, Harold Foster (o.a. Prins Valiant), Winsor McCay (Little Nemo); Nederlandse kunstenaars als Piet van der Hem, Eppo Doeve, Albert Hahn, Leendert Jordaan, Sjoerd Kuperus, Otto Dicke, J.H. Isings en Gerard van Straaten; voorts Fougasse, Ronald Searle, Arthur Rackham, Edmond Dulac en Gustave Doré.
Peter van Straaten (Arnhem, 1935) begon in 1958 als reportagetekenaar bij
Het Parool. Later maakte hij ook illustraties en vanaf 1983 politieke tekeningen voor deze krant. Van Straaten werkt ook al sinds 1968 voor
Vrij Nederland. Peter van Straaten is bekend van zijn strip ’Vader & Zoon’ en zijn cartoon ‘Het dagelijks leven’, beide in
Het Parool. Met de lotgevallen van ’Agnes’, eerst in
Het Parool en later in
Vrij Nederland, leefden vanaf 1984 talloze lezers mee. Ook verschijnt sinds 1995
Peter’s zeurkalender.
Van 11 februari t/m 30 april 2006
De Best Verzorgde Boeken 2004
Jaarlijks bekroont de Stichting Best Verzorgde Boeken maximaal 50 Nederlandse boekuitgaven, die zich in het bijzonder onderscheiden door de verzorging van hun vormgeving, typografie, illustratie en grafisch-technische productie.
In 2005 selecteerde een vijfkoppige vakjury bestaande uit Nikki Gonnissen (ontwerper, Thonik, Amsterdam), Paul Hefting (kunsthistoricus en publicist, Haarlem), Kees van den Hoek (uitgever, THOTH, Bussum), Ron van Roon (ontwerper, Studio Van Roon, Amsterdam) en Koos Schuurman (drukker, De Maasstad, Rotterdam) de winnende uitgaven.
De gehele selectie wordt jaarlijks door de Stichting De Best Verzorgde Boeken geschonken aan Museum Meermanno.
De catalogus De Best Verzorgde Boeken 2004 The Best Dutch Book Designs (ontwerp -SYB-) is verkrijgbaar in de museumwinkel.
19 oktober 2001 t/m 3 februari 2002
75 jaar Best Verzorgde Boeken
Donderdag 18 oktober heeft grafisch ontwerpster Irma Boom in Literair Theater Branoul de tentoonstelling ’75 jaar Best Verzorgde Boeken’ geopend. De tentoonstelling loopt van 19 oktober 2001 t/m 3 februari 2002. Nederland was indertijd het eerste land in Europa dat de beoordeling van het uiterlijk van het boek ter hand nam door jaarlijks een jury van vakgenoten uit de uitgeverij, de grafische vormgeving en de grafische industrie vijftig ‘best verzorgde boeken’ te laten kiezen.
De expositie geeft aan de hand van de bekroonde boeken uit de jaren 1925, 1962 en 1986 een indruk van de ‘best verzorgde boeken’ van de afgelopen 75 jaar. Deze drie jaren geven een beeld van deze geschiedenis die zich afspeelde tussen: 1925-1931, 1947-1970 en 1986-heden. Vanwege onenigheid over de selectiecriteria, de Tweede Wereldoorlog en gebrek aan geld werden in de tussenliggende jaren geen boeken bekroond. Behalve de bekroonde boeken uit bovengenoemde drie jaren is er nog meer te zien. Enkele tientallen mensen die op een of andere wijze beroepsmatig met het boek te maken hebben, onder wie Wim Crouwel, Bram de Does en Lisa Kuitert, dragen hun persoonlijke twee best verzorgde boeken voor. De boeken zullen met de toelichting onderdeel uitmaken van de tentoonstelling. In het souterrain ten slotte kan de bezoeker de volledige keuze over het jaar 2000 bekijken die eerder dit jaar in het Stedelijk Museum werd getoond.
Bij de tentoonstelling verschijnt een publicatie met een historisch essay over de geschiedenis van 75 jaar ‘best verzorgde boeken’ in Nederland, geschreven door Koosje Sierman, sinds vele jaren publiciste op het gebied van de boekvormgeving. In het boekje is een bibliografie opgenomen van alle best verzorgde boeken uit de periode 1925-2000. Het zal daarmee een onmisbaar naslagwerk voor alle boekenliefhebbers in en buiten Nederland worden. Het boekje wordt uitgegeven door de Grafische Cultuurstichting te Amstelveen en kost ƒ 19,90 (€ 9,-).
Workshop ’Maak je eigen museum’
Workshop in het kader van de Kennismaandactiviteiten van Museum Meermanno|Huis van het boek
Museum Meermanno is een echt verzamelmuseum. De baron die er vroeger woonde was dol op verzamelen. Hij verzamelde mummies, muntjes, boeken en zelfs honden! Heb jij ook een verzameling? Voetbalplaatjes, schelpen of flessendoppen? Neem je verzameling mee en maak er een draagbaar museumpje van.
Bereikbaarheid
Tram 9,10,16,17 of bus 18 (Malieveld)of in tien minuten lopen vanaf Den Haag CS
Voor kinderen: 6 -12 jaar
Begeleiding ouders bij workshop niet wenselijk
Workshops
Zondag 24 oktober van 14 - 16 uur
Reserveren verplicht
Tel. 070 346 27 00 of via
reserveringen@meermanno.nl.
Bezoek museum
Als je niet naar de workshops kan komen, kun je op elke dag bij de kassa van het museum een speurtocht halen door de verzameling van de baron.
Toegang museum en speurtocht gratis
Kosten workshop: € 5,-
Begeleider gratis (normaal € 4,-)
Museum open
Di. t/m zo. 12.00 – 17.00 uur
Vastenavondgeschrift, 16de eeuw
Dit is waarschijnlijk het zotste handschrift in Museum Meermanno. Het is wel een draaiboek voor een Vastenavondviering, de feestelijke vooravond van de veertigdaagse vasten, genoemd. Het belangrijkste thema van dit handschrift is de zotheid. Naast spotteksten bevat het handschrift een parodie op een heraldisch wapenboek met kleurrijke nepwapens vol zotskappen en de tekst en muziek van twee liedjes, het een voor de maaltijd op Vastenavond, het andere voor de Vastentijd. De noten van het eerste lied bestaan uit een grote variëteit aan etenswaren en dranken, die van het vastenlied alleen uit brood,vis en bierkannen.
Vastenavondgeschrift. Jutphaas of omgeving, midden 16de eeuw. [10 C 26]
Adoptieformulier
Heeft u nog vragen over de actie, mailt u dan naar
boekzoekt@meermanno.nl25 januari t/m 27 april 2008
Boekbandententoonstelling Koppermaandagproject 2008, ‘Lijmen/Het been’
Stichting ‘t Ambachthuys, opleidingsintstituut voor handboekbinders in Den Haag, en Atelier De Ganzenweide, uitgeverij van boeken in losse katernen voor handboekbinders en bibliofielen, organiseren samen een boekbind-evenement onder de titel Koppermaandag. Koppermaandag betreft een oude traditie in de grafische wereld, en valt op de eerste maandag na de dag des Heren, volgend op Driekoningen, voor 2008 was dat 14 januari.
Handboekbinders worden jaarlijks uitgenodigd om voor Koppermaandag katernen te binden tot een fraai boekwerk. Iedereen is welkom tot deelname, er worden geen eisen gesteld aan materiaalkeuze, opleiding of ervaring. Het project heeft als doel het handboekbinden te stimuleren, en kent geen wedstrijdelement Het project heeft mede als doel te inspireren.
Dit jaar is gekozen voor
Lijmen/Het Been van de Belgische schrijver Willem Elsschot (1882-1960); in dit boek zijn reproducties opgenomen van de illustraties (lino’s) die de Belgische kunstenaar Henri van Straten (1892-1944) speciaal voor de boeken Lijmen (1923) en Het Been (1938) maakte.
Vijftig boekbinders hebben hun werk ingezonden en beschikbaar gesteld voor expositie in Museum Meermanno; zij geven met deze expositie zicht op enkele bindwijzen, uitvoeringen, en bandontwerpen. Onder deze vijftig zijn zowel beginnende als zeer ervaren boekbinders.
Bij het project waren mede betrokken het Willem Elsschot Genootschap (Kalmthout), Athenaeum-Polak & Van Gennep (Amsterdam), Jan Baes (Kalmthout), Martinus Boutsen (Brussel) en het AMVC-Letterenhuis (Antwerpen). Het project is ondersteund door de Nederlandse Handboekbindersliga.
van 2 december 2005 t/m 26 februari 2006
P.C. Boutens’ Naenia. Het zeldzaamste boek van de 20ste eeuwse Nederlandse literatuur
In Museum Meermanno wordt vanaf 2 december een kleine expositie gewijd aan P.C. Boutens’ bundel
Naenia, ook wel het ‘zeldzaamste boek van de 20ste-eeuwse Nederlandse literatuur’ genoemd. Van
Naenia werden in 1903 slechts twaalf exemplaren gedrukt.
Dankzij een particuliere schenking mag het museum zich nu de trotse eigenaar noemen van een van deze exemplaren. Ter gelegenheid van de overdracht van dit bijzondere boek wordt een kleine expositie ingericht.
Onderzoek van neerlandicus Marco Goud (gastconservator voor deze tentoonstelling) heeft de verblijfplaats van maar liefst elf exemplaren aan het licht gebracht. In de expositie worden deze voor het eerst tezamen getoond.
Naenia is een bibliofiele uitgave die bij Joh. Enschede in Haarlem werd gedrukt. Bijzonder zijn de handgeschilderde versieringen van Jan Toorop die zich in bijna alle exemplaren bevinden. Toch is elk exemplaar uniek. Het gedicht Naenia schreef Boutens naar aanleiding van de dood van een van zijn leerlingen, jonkheer Willem van Tets, die op vijftienjarige leeftijd overleed aan hersenvliesontsteking.
Naast de elf exemplaren van
Naenia zijn ook enkele andere bijzondere boekuitgaven, correspondentie en portretten van Boutens en Boutens’ leerlingen te bewonderen.
Ter gelegenheid van de schenking en de tentoonstelling verschijnt van de hand van Marco Goud de publicatie
Een ondraaglijke drukfout; De ontstaansgeschiedenis van P.C. Boutens’ Naenia, gevolgd door acht brieven van Boutens aan Joh. Enschedé en Zonen (gedrukt door de Avalon Pers in een beperkte oplage).
Week van de Geschiedenis-arrangement
Museum Meermanno biedt een speciaal Boekengeluk-arrangement aan in de Week van de Geschiedenis. U wordt ontvangen in de oude keuken in het souterrain. Onder het genot van een kopje thee of koffie luistert u naar het verhaal over de verschillende verzamelingen van het museum. Daarna krijgt u een rondleiding langs de vijftig hoogtepunten uit de collectie.
Datum en tijd: zaterdag 16 oktober van 14.00 tot 15.30 uur.
Reserveren: via aanmelden@meermanno.nl o.v.v. van naam en datum.
Kosten: arrangement is gratis, u betaalt slechts de museumentree van 4 euro. (MJK gratis)
Naenia van P.C. Boutens, 1903
Vanaf het eind van de 19de eeuw hielden kunstenaars zich met de vormgeving van boeken bezig en aan het begin van de 20ste eeuw ontstonden in Nederland de private presses. Een schakel tussen deze twee was de dichter P.C. Boutens (1870-1943), die op eigen rekening bibliofiele uitgaven liet maken, die hij vervolgens voor veel geld aan liefhebbers verkocht. Een daarvan,
Naenia, is gedrukt op Hollandsch papier van Van Gelder. Het is gebonden in een perkamenten band, er is gebruikgemaakt van een oude letter (de Augustijn nr. 28) en het boekje bevat twee initialen ontworpen en met de hand getekend door de kunstenaar Jan Toorop. Naenia – dit betekent ‘lijkzang’ of ‘treurdicht’ – bevat een in memoriam en een lijkdicht voor jonkheer Willem van Tets, een leerling van Boutens die in 1900 op vijftienjarige leeftijd aan een hersenvliesontsteking was overleden. Van dit boek werden in 1903 slechts 12 exemplaren gedrukt door Joh. Enschedé en Zonen en het is daarmee een van de zeldzaamste bibliofiele uitgaven uit de Nederlandse literatuur.
P.C. Boutens,
Naenia. Voorschoten, [P.C. Boutens], 1903. [Obj. 920]
Adoptieformulier
Heeft u nog vragen over de actie, mailt u dan naar
boekzoekt@meermanno.nl22 september 2007 t/m 6 januari 2008
Internationaal herdenkingsjaar
Henry van de Velde
De tentoonstelling
Henry van de Velde. Boekontwerp tussen Art Nouveau en Nieuwe Zakelijkheid in Museum Meermanno is verlengd t/m 6 januari 2008. De tentoonstelling is gewijd aan de boekkunst van Henry van de Velde (1863-1957).
De expositie vindt plaats in het kader van de herdenking van het 50ste sterfjaar van Van de Velde en zal als eerste in Museum Meermanno te zien zijn. Daarna reist de tentoonstelling door naar Weimar (heropening van de door brand verwoeste Anna-Amalia Bibliotheek), Gent (Design Museum), Krakow (Universiteitsbibliotheek) en Berlijn.
Henry van de Velde is vooral bekend als architect, maar geheel in de geest van zijn tijd was hij daarnaast een veelzijdig kunstnijveraar: hij ontwierp schilderingen, tapijten, meubels, zilver en keramiek en was een begenadigd boekverzorger.
Het is voor het eerst dat de boekontwerpen van Henry van de Velde in een tentoonstelling bij elkaar worden gebracht. Van de Velde beschouwde het boek als leverancier van een dagelijkse dosis cultuur maar ook als monument voor de geest. Dit is terug te zien in zijn ontwerpen, waarin eenvoud en monumentaliteit hand in hand gaan.
Zijn ontwerpen omspannen 50 jaar. In die periode ontwikkelt zijn werk zich van ‘ornament’ naar ‘lijn’; van Art Nouveau, een kunststroming met een decoratief karakter, naar Nieuwe Zakelijkheid, een stroming waarin eenvoud en functionaliteit een belangrijke rol spelen. In de tentoonstelling zijn niet alleen prachtige boekbanden en uitmuntende typografie te bewonderen, maar wordt ook een beeld gegeven van het ontstaan van de ontwerpen: er zijn schetsen, proeven en verschillende versies van hetzelfde ontwerp te zien.
Op vrijdag 30 november wordt een rondleidingen gegeven in de tentoonstelling. Reserveren via:
aanmelden@meermanno.nl.
Van de hand van John Dieter Brinks verschijnt 8 december 2007
Denkmal des Geistes. Die Buchkunst Henry van de Veldes (€ 180).
Van 3 november 2005 t/m 29 januari 2006
Een eeuw Haags Boekenbedrijf
Meermanno organiseert een bescheiden presentatie over de naamgevers van Museum Meermanno-Westreenianum, de bibliofielen Gerard Meerman, Johan Meerman en Willem van Westreenen van Tiellandt en hun relatie tot het Haagse boekenbedrijf. De tentoonstelling vindt plaats in het kader van het recent verschenen derde en laatste deel van de nieuwe geschiedschrijving van Den Haag.
Museum Meermanno is het museum dat hoogtepunten bezit uit alle perioden van de westerse boekdrukkunst. Deze collectie is in eerste instantie bijeengebracht door Willem van Westreenen (1783-1848), de stichter van het museum. Hij was een verwoed boekenverzamelaar en bestudeerde de geschiedenis van de boekdrukkunst. Van zijn dertig jaar oudere achterneef Johan Meerman (1753-1815) leerde hij wat het beoefenen van bibliofilie op grote schaal inhield.
Johan Meerman op zijn beurt had van zijn vader Gerard Meerman diens uitgebreide bibliotheek geërfd. Gerard Meerman (1722-1771) had in zijn dagen, toen Den Haag een van de belangrijke boekencentra in Europa was, zijn bibliotheek opgebouwd door via een internationaal netwerk van boekhandelaren en veilingen bijzondere uitgaven bij elkaar te brengen.
Ook liet hij zijn eigen publicaties door hen verspreiden. Zijn zoon breidde deze verzameling sterk uit en het was zijn wens deze uitgebreide boekenverzameling na te laten aan de stad Den Haag. Die weigerde echter deze nalatenschap en in 1824 werd de Meerman-bibliotheek geveild. Op deze veiling kocht Willem van Westreenen een aanzienlijk aantal middeleeuwse manuscripten en incunabelen. Uit eerbied voor zijn oom en achterneef vernoemde Van Westreenen het museum naar hen.
Week van de Geschiedenis-arrangement
Museum Meermanno biedt een speciaal Boekengeluk-arrangement aan in de Week van de Geschiedenis. U wordt ontvangen in de oude keuken in het souterrain. Onder het genot van een kopje thee of koffie luistert u naar het verhaal over de verschillende verzamelingen van het museum. Daarna krijgt u een rondleiding langs de vijftig hoogtepunten uit de collectie.
Datum en tijd: woensdag 20 oktober van 14.00 tot 15.30 uur.
Reserveren: via aanmelden@meermanno.nl o.v.v. van naam en datum.
Kosten: arrangement is gratis, u betaalt slechts de museumentree van 4 euro. (MJK gratis)
23 juni t/m 2 september 2007
Paul Schuitema. De foto in de avant-gardetypografie
Museum Meermanno toont deze zomer een uniek overzicht van het (typo-)grafische werk van Paul Schuitema (1897-1973). Paul Schuitema behoorde tijdens het interbellum tot de pioniers van de Nieuwe Typografie en de Nieuwe Fotografie. Naast boeken en reclame worden voor het eerst bijzondere proeven, originele werktekeningen van fotomontages, collages en filmmateriaal getoond. Hierdoor ontstaat een nieuw beeld van de typografische opvattingen en de werkwijze van Paul Schuitema. Veel aandacht is er voor het procédé waarbij hij foto’s en fotomontages zorgvuldig en robuust combineerde met moderne belettering en lay-out.
Ook van zijn collega’s Piet Zwart, Gerard Kiljan, Wim Brusse en Dick Elffers wordt werk getoond dat Schuitema’s typografie in de tijd plaatst. De Nieuwe Typografie en de Nieuwe Fotografie (1920-1940) kenmerken zich door het duidelijk, kort en krachtig overbrengen van de boodschap. Schuitema manifesteerde zich ook als cineast en speelde van 1930 tot 1959 een belangrijke rol als medeoprichter en docent van de afdeling Reclame-ontwerpen aan de Haagse academie van Beeldende Kunsten.
De tentoonstelling richt zich op de drie gebieden waarop Schuitema zich sterk onderscheidde: tientallen reclame-catalogi voor Van Berkel’s Patent, politiek links geëngageerde geschriften en een reeks fotoboeken. Vooral op het laatste terrein heeft Schuitema baanbrekend werk verricht. Schuitema’s moderne bedrijfsboeken maken nog steeds een filmische en dynamische indruk.
De tentoonstelling komt tot stand met bruiklenen van Dick Maan, Gemeentemuseum Den Haag en Dutch Originals, Asperen.
Van 23 juni t/m 23 september toont het Haags Gemeentemuseum meubels van o.a. Paul Schuitema in de tentoonstelling
Volmaakt verchroomd. D3 en het avant-gardemeubel. (
www.gemeentemuseum.nl)
Van 1 oktober 2005 t/m 8 januari 2006
Letterlust. Ewald Spieker/letters Kees van Kooten/woorden
Vrijdagmiddag 30 september om 15.30 uur openen Kees van Kooten en Jeltje van Nieuwenhoven de najaarstentoonstelling van Museum Meermanno
Letterlust in de Glazen Zaal van de synagoge van de Liberaal Joodse Gemeente aan de Prinsessegracht 26 in Den Haag.
Het boek
Letterlust (De Harmonie/Manteau 2003) dat deze twee ‘letterheren’ samen maakten staat centraal in de gelijknamige tentoonstelling. De tentoonstelling is naast een visualisatie van het boek ook een overzicht van het werk van Ewald Spieker, letterkunstenaar sinds 1970. Spieker (*1950) volgde zijn opleiding aan de Rietveld Academie, waar hij o.a. les kreeg van Charles Jongejans en de Duitse typograaf Josua Reichert. In zijn atelier heeft Spieker een aantal persen waar hij zijn werk op drukt.
Ewald Spieker laat zien wat de beeldende mogelijkheden van letters zijn. Wat gebeurt er als je letters omdraait, spiegelt of tegen elkaar plakt? Welke associaties roepen letters op? Ook gebruikt hij letters als materiaal om een visueel beeld op te bouwen. Daarnaast onderzoekt hij de praktische toepasbaarheid van letters en maakt bijvoorbeeld van de letter A een krukje dat je (in veelvoud) ook weer kunt stapelen tot een schijnbaar oneindige toren. Het werk krijgt zo meerdere lagen en betekenissen. Het is aan de kijker om deze te ontdekken.
In de tentoonstelling worden geen traditionele vitrines neergezet, maar ‘passiekasten’, waarin de bezoeker zelf een exclusieve pagina voor zijn
Letterlustboek kan afdrukken. Ook kan hij vanuit een luie stoel de teksten uit
Letterlust, voorgedragen door Kees van Kooten, beluisteren.
Aanleiding voor de tentoonstelling is de ‘Gouden Ganzenveer’, de prijs die Kees van Kooten in 2004 ontving voor zijn grote betekenis voor het geschreven en gedrukte woord in Nederland. Hierbij werd hem een gastconservatorschap in Museum Meermanno aangeboden.
Haagse Uitfestival
Museum Meermanno is met een stand aanwezig op de Kinderboekenmarkt op 17 oktober in het Atrium van het Haagse stadhuis. Kinderen kunnen daar meedoen aan een ’letteractiviteit’. Ook is er informatie over de jeugdactiviteiten van het museum, zoals schoolprogramma’s, workshops en verjaardagsfeestjes.
In Bredevoort Boekenstad van 26 mei t/m 26 augustus 2006
Het Ornaprentenboek
Waar zijn ze gebleven, de letterbakken met kapitalen, onderkast en ornamenten? Helaas, het loodzetsel, waarmee sinds de uitvinding van de boekdrukkunst eeuwenlang gedachten op papier zijn gezet, is in onbruik geraakt. Het zetsel is afgedankt, weggegooid, omgesmolten…Of toch niet?
In Bredevoort Boekenstad is het deze zomer mogelijk een boek mét zijn bewaarde loodzetsel te bekijken : het Ornaprentenboek, dat werd gezet door de surrealistische kunstenaar J.H. Moesman (die we vooral kennen vanwege zijn schilderkunst, maar die hier opereert onder het pseudoniem Ton van Zuilen) en dat werd gedrukt door Henk van Otterloo voor de Green Escape Press in 1982. Het boek bestaat uit negen prenten, waarvoor het zetsel is opgebouwd uit tientallen ornamenten. Met o.a. sluithaakjes, komma’s, pijlen en sierranden zijn negen voorstellingen samengesteld die nader beschouwd stuk voor stuk kleine kunstwerkjes zijn.
Eén van de prenten toont een bezoeker in het Stedelijk Museum van Amsterdam, waar schilderijen van Malevič, Mondriaan en Newman naast elkaar hangen. Niet direct de smaak van de surrealist Moesman, maar wellicht ingegeven door de onmogelijkheid om een schilderij van Max Ernst of Salvador Dalí uit losse ornamenten op te bouwen. De makers hebben duidelijk plezier gehad in het drukken van dit boek: in een andere prent roept een straatrover om dollars of ponden ($$, ££), het wegrennende slachtoffer roept No! No!, waarvoor de vaak op rekeningen of in colofons gebruikte ligatuur No (Nummer) is gebruikt.
Moesman en Van Otterloo waren zich ervan bewust dat het zetsel met losse ornamenten door de moderne techniek zou worden ingehaald en lieten daarom een notariële akte opmaken waarin het procédé werd vastgelegd. Bovendien werd het zetsel bewaard: door het tonen van het loodzetsel naast de gedrukte pagina’s krijgt de beschouwer een goede indruk van het monnikenwerk dat de makers van dit Ornaprentenboek zich hebben getroost. In de tentoonstelling zijn naast dit zetsel en het boek ook letterontwerpen en boekillustraties van Moesman te zien.
Het loodzetsel van het Ornaprentenboek is onlangs door de drukker geschonken aan Museum Meermanno in Den Haag. Dit museum, dat gewijd is aan de geschiedenis van de boek- en boekdrukkunst, beheert een uitgelezen verzameling boeken uit alle perioden van de westerse boekgeschiedenis, van middeleeuwse handschriften tot moderne kunstenaarsboeken.
Elk jaar in de zomer organiseert het museum een expositie in Bredevoort Boekenstad.
Bredevoort Boekenstad
’t Zand 25
7126BG Bredevoort
T 0543 452380
www.bredevoort-boekenstad.nl
geopend dinsdag t/m zaterdag 11.00-17.00 uur, zondag 13.00-17.00 uur
Van 11 juni t/m 11 september 2005
Bij de les. Indische schoolplaten en ander onderwijsmateriaal van Wolters-Noordhoff
Museum Meermanno organiseert een kleurrijke tentoonstelling met Indische schoolplaten en ander onderwijsmateriaal uit het begin van de vorige eeuw. Uitgangspunt is het boek
Bij de les. Schoolplaten voor Nederlands Indië van Hella S. Haasse Contact, 2004. Het boek toont bijna 40 schoolplaten met Indische taferelen, tussen 1913 en 1940 uitgegeven door de firma’s Wolters en Noordhoff. Er zijn platen met landschappen en dorpsgezichten, maar ook zogenaamde milieuplaten. Deze schetsen een geïdealiseerd beeld van het dagelijks leven. Ze werden gebruikt voor het leesonderwijs in de Nederlandse taal aan de Hollands-inlandse en Hollands-Chinese scholen.
Bij de schoolplaten werden boekjes gemaakt met toelichtende teksten voor de onderwijzers. Behalve dit materiaal hebben deze uitgevers talloze onderwijsboeken doen verschijnen voor en over Nederlands-Indië, die vaak door bekende illustratoren werden verlevendigd. Zo waren er leesboekjes, aardrijkskundige leer- en leesboekjes en een schoolatlas van Nederlands Indië, alsmede het inmiddels zeldzame Indische leesplankje en een Indische versie van
Ot en Sien. Deze schooluitgaven van Wolters-Noordhoff werden zowel voor het onderwijs in Indië, als voor het Nederlandse onderwijs over Indië gebruikt en zullen voor vele bezoekers herinneringen oproepen aan vervlogen tijden.
De tentoonstelling zal veel van dit beeldende onderwijsmateriaal tonen en komt tot stand in samenwerking met Hella S. Haasse, Jan Blokker, Uitgeverij Wolters-Noordhoff, Uitgeverij Contact en het Nationaal Schoolmuseum te Rotterdam. Meer informatie over activiteiten tijdens de Indische Zomer in Den Haag vindt u op
www.indischezomer.nl.
Kom tijdens het festival De Betovering op 19 en 21 oktober naar Museum Meermanno voor een verzamelworkshop!
Iedereen verzamelt wel iets: schelpen, voetbalplaatjes, flessendoppen, elastiekjes, muntjes…alles kan. Zou het niet leuk zijn als jouw verzameling mooi tentoongesteld zou zijn, zoals in een echt museum?
Museum Meermanno is een echt verzamelmuseum. Tweehonderd jaar geleden woonde in het museum een rijke baron die heel veel mooie spulletjes bij elkaar verzameld heeft. Muntjes, mummies, vazen en heel veel boeken. Van zijn verzameling is toen een museum gemaakt.
Dat gaan we met jouw verzameling ook doen. Niet een heel groot museum, maar een heel kleintje. Eentje die je mee kan nemen naar huis. Jouw draagbare museum!
Datum en tijd: 19 en 21 oktober van 14.00 tot 16.00 uur
Kosten: 5 euro per kind. Ouders mogen tijdens de workshop gratis de tentoonstelling ’Boekengeluk’ bekijken.
Let op: Als je mee wilt doen aan deze workshop moet je wel een verzameling hebben. En ook meenemen natuurlijk!
Aanmelden via:
reserveringen@meermanno.nlSouterraintentoonstelling t/m 31 mei 2007
Mooi Marginaal
In 2006 werden op initiatief van de Stichting Laurens Janszoon Coster voor de tweede keer de mooiste door marginale drukkers in Nederland en België vervaardigde drukwerken uitgekozen.
In Nederland en België zijn enkele honderden marginale drukkers actief, die met loodzetsel en oude drukpersen het traditionele drukkersambacht uitoefenen zoals dit eeuwenlang het geval was, totdat de moderne druktechnieken hun intrede deden. Met vaak eenvoudige middelen, maar steeds met veel liefde en aandacht, vervaardigen zij drukwerk dat gekoesterd wordt door een kleine kring van liefhebbers.
De bedoeling van het initiatief ‘Mooi Marginaal’ is om de aandacht van een groter publiek te vestigen op deze bijzondere uitgaven. De jury, bestaande uit Jeffrey Bosch, Jan de Jong, Laurens van Krevelen, Marcus de Schepper en Joost Swarte, koos uit ruim 130 inzendingen vijftig drukwerken, vervaardigd in de jaren 2004 en 2005.
De catalogus waarin alle bekroonde drukwerken staan beschreven en afgebeeld is voor € 7,- te koop in de museumwinkel.
Zie ook
www.mooimarginaal.nl26 februari t/m 22 mei 2005
Marokko door Nederlandse ogen, 1605-2005. Verslag van een reis door de tijd
Museum Meermanno organiseert dit voorjaar de tentoonstelling
Marokko door Nederlandse ogen 1605-2005. De tentoonstelling gaat in op de relatie tussen Marokko en Nederland zoals deze is opgetekend en verbeeld door Nederlandse reizigers. Hun visies en ervaringen zien we weerspiegeld in een boeiend geheel van brieven, atlasbladen, prenten en tekeningen, en veel bijzondere boeken, waaronder geïllustreerde reisverslagen.
De tentoonstelling is als een drieluik opgebouwd. In het eerste deel van de tentoonstelling vinden we gezanten van de staat, scheepsofficieren, avontuurlijke kooplieden en bevrijde slaven, die in de 17de en 18de eeuw hun gedane zaken, ervaringen en ontberingen vastlegden. In het tweede deel komen schrijvers en kunstenaars aan het woord die rond 1900 naar Marokko gingen op zoek naar inspiratie en onderwerpen voor hun werk. Tot slot wordt de periode na 1960 belicht, waarin ondermeer aandacht is voor de migratie naar Nederland en het toerisme naar Marokko.
Ook het werk van Nederlands-Marokkaanse auteurs komt aan bod. De tentoonstelling wordt zo ingericht dat de bezoekers, zowel volwassenen als kinderen, aan de hand van deze reizigers door de geschiedenis worden meegenomen.
Met deze tentoonstelling sluit Museum Meermanno aan bij de manifestaties in het kader van de viering van de 400-jarige relaties tussen Nederland en Marokko (zie ook
www.marokkonederland2005.nl). De aanleiding voor de tentoonstelling is het zeer onlangs bij De Arbeiderspers verschenen boek
Marokko door Nederlandse ogen, 1605-2005 van de historicus Herman Obdeijn en auteur Abdelkader Benali.
Het museum volgt de opzet van dit boek waarin gastconservator Herman Obdeijn het historische deel voor zijn rekening neemt en Abdelkader Benali in de huid van verschillende personen kruipt en fictieve verhalen uit hun mond noteert. Deze verhalen zijn in de tentoonstelling te horen.
Bij de tentoonstelling wordt een uitgebreid educatief programma gepresenteerd ondersteund door een kleurrijke inrichting.
Noot voor de redactie: De tentoonstelling wordt geopend op vrijdag 25 februari in de aula van de Koninklijke Bibliotheek. Beide auteurs zullen bij deze gelegenheid spreken.
Kom tijdens het festival De Betovering naar Museum Meermanno voor een verzamelworkshop!
Iedereen verzamelt wel iets: schelpen, voetbalplaatjes, flessendoppen, elastiekjes, muntjes…alles kan. Zou het niet leuk zijn als jouw verzameling mooi tentoongesteld zou zijn, zoals in een echt museum?
Museum Meermanno is een echt verzamelmuseum. Tweehonderd jaar geleden woonde in het museum een rijke baron die heel veel mooie spulletjes bij elkaar verzameld heeft. Muntjes, mummies, vazen en heel veel boeken. Van zijn verzameling is toen een museum gemaakt.
Dat gaan we met jouw verzameling ook doen. Niet een heel groot museum, maar een heel kleintje. Eentje die je mee kan nemen naar huis. Jouw draagbare museum!
Datum en tijd: 21 oktober van 14.00 tot 16.00 uur
Kosten: 5 euro per kind. Ouders mogen tijdens de workshop gratis de tentoonstelling ’Boekengeluk’ bekijken.
Let op: Als je mee wilt doen aan deze workshop moet je wel een verzameling hebben. En ook meenemen natuurlijk!
Aanmelden via:
reserveringen@meermanno.nl3 maart t/m 28 mei 2007
Penguinparade. Zeventig jaar Penguinpockets
Een van de grootste uitgevers ter wereld, Penguin, bestaat zeventig jaar. Reden voor Museum Meermanno om de jubileumtentoonstelling van Penguin die vorig jaar te zien was in het Victoria & Albert Museum in Londen, naar Nederland te halen. Meermanno breidt deze tentoonstelling uit met veel ruimte voor de geschiedenis van de uitgever, de markante vormgeving van de boeken en de invloed van Penguin op de Nederlandse pocketreeksen. Aansluitend wordt een scala aan Penguin-activiteiten georganiseerd in samenwerking met Penguin Books Benelux: bekende Nederlanders kiezen hun favoriete Penguin, een workshop ‘Maak je eigen pocket-omslag’, lezingen met Penguin-auteurs en verkoop van talloze Penguin-artikelen in de museumwinkel.
Iedereen kent de oranje pockets met de pinguïns. Hoe verliep deze successtory? Penguin-uitgever Allen Lane legde in 1935 als eerste hoge standaarden aan bij de productie van de pocket, zowel door een verantwoorde selectie van teksten als door hoge typografische eisen. Voor dat laatste haalde hij in 1947 Jan Tschichold naar de uitgeverij en later Hans Schmoller. Vele beroemde ontwerpers zouden hen volgen. Vanaf dat moment prijkte in ieders boekenkast eersteklas typografie voor het extreem lage bedrag van ‘sixpence’, de toenmalige prijs van een pakje sigaretten. Allen Lane had een goed gevoel voor marketing en stunts. Toen hij in 1960 de als pornografie verboden roman Lady Chatterley’s lover van D.H. Lawrence uitbracht in Engeland, verkocht hij in een dag 200.000 exemplaren.
De tentoonstelling zal deze ontwikkelingen met een ‘parade van Penguins’ tonen, met heel veel boeken uit diverse series, origineel publiciteitsmateriaal, foto’s en oorspronkelijke ontwerptekeningen van bekende ontwerpers. Voor de jubileumuitgave van de vijf Designer Classics vroeg Penguin vijf beroemde ontwerpers hun favoriete Penguin-titel vorm te geven. Ook deze vijf kunstwerken, van o.a. fotografe Sam Taylor-Wood en schoenenontwerper Manolo Blahnik, zijn te zien in Meermanno. Speciale aandacht kan nu al worden gevraagd voor de ‘Penguin-experience’, een speciale ruimte waar de bezoeker zich onder kan dompelen in het echte Penguin-gevoel.
17 december 2004 – 13 februari 2005
Bookmark. Een keuze uit de Midden-Europese typografie
De tentoonstelling Bookmark is een initiatief van het
Platform Culture Central Europe, dat vier jaar geleden door de ministers van buitenlandse zaken van enkele landen werd opgericht, met het doel de cultuur van Midden-Europa te promoten. Het initiatief is vooral gericht op de nieuwe toetredingslanden van de EU: de Tsjechische Republiek, Polen, Hongarije, Slovenië, Slowakije en Oostenrijk. De genoemde landen organiseren samen culturele evenementen in het land dat op dat moment voorzitter is van de EU: op dit moment is dat Nederland. De tentoonstelling is een initiatief van Slowakije.
Taal is een basiskenmerk van de culturele identiteit van een land. De meeste Europese landen gebruiken voor het vastleggen van hun taal hetzelfde alfabet – het Latijnse schrift - maar binnen elke taal bestaan er weer andere specifieke letters en tekens. Juist deze verschillen zijn het onderwerp van deze tentoonstelling. Het ontwerpen van een goede, leesbare letter is een lastige opgave, waarvoor letterontwerpers, specialisten op het gebied van grafisch ontwerp, zich gesteld zien. De tentoonstelling
Bookmark toont werk van negentien ontwerpers uit de zes bovengenoemde landen. In totaal worden meer dan dertig verschillende soorten letterontwerpen getoond, die inmiddels nationaal en internationaal hun plaats hebben verworven. Het belang van typografie groeit: dat bewijst ook het steeds grotere aantal ontwerpers, dat zich met het creëren van nieuwe letters bezighoudt.
De catalogus is tevens de basis van de tentoonstelling. Deze bestaat uit losse bladen, die tevens als boekenleggers gebruikt kunnen worden. Gewoonlijk gebruiken we de boekenlegger om een bepaald deel van een boek terug te kunnen vinden. De boekenleggers van de tentoonstelling
Bookmark zijn informatiedragers, die het verhaal over het ontstaan van de verschillende letterontwerpen vertellen.
In Museum Meermanno zullen de boekenleggers tussen de boeken van Nederlandse auteurs, vertaald in de verschillende Midden-Europese talen, geplaatst worden. In de historische boekzaal van het museum, temidden van de middeleeuwse handschriften en vroege drukken, zal een boekenkast worden neergezet, waarin de boeken en boekenleggers hun plaats krijgen. Het concept van de tentoonstelling maakt het mogelijk om de boekenleggers ook op andere lokaties tentoon te stellen, zoals bibliotheken en boekwinkels.
Tentoonstellende ontwerpers:
Oostenrijk: Johannes Lang en Wolfram Wiedner, Viktor Szolt Bittner, Fidel Peugeot
Tsjechische Republiek: Frantisek Storm, Jana Horácková, Tomás Brousil
Hongarije: Gábor Kothai, Amondo Szegi, Peter Csatai
Polen: Lukasz Dziedzic, Piotr Wozniak, Artur Frankowski
Slovenie: Lucijan Bratuš, Ermin Mededovič
Slowakije: Peter Bilak, Johana Balusíková, Emil Drliciak, Andrej Krátky
De tentoonstelling ontstond met de hulp van het internationale team van medewerkers.
Johanna Balusikova (SK/NL), Erwin Bauer (AT), Petra Cerne Oven (SL), Krisztina Somogyi (HU), Jan Willem Stas (NL) Alan Zaruba (CZ), en de Slowaakse vertegenwoordiging in Den Haag.
Concept ontwerp expositie en catalogus: Emil Drliciak
Organisator: Slovak Design Centre, Bratislava
Lunchbijeenkomst met Gerrit Komrij
Op donderdag 18 november 2010 van 12.30 tot 13.30 uur vertelt Gerrit Komrij over zijn passie voor boeken en over zijn ervaringen met uitgevers, drukkers en vormgevers. Komrij-kenner Onno Blom zal hem hierover vragen stellen en Komrij leest voor uit zijn werk.
U kunt een plaats voor deze lezing reserveren via:
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. uw naam en de datum van de activiteit.
Kosten: de lezing is gratis toegankelijk, u betaalt slechts de entree voor het museum.
23 september t/m 4 februari 2007
Een droom van een boek. De betoverende kracht van de Hypnerotomachia Poliphili, Venetië 1499
De tentoonstelling van Museum Meermanno over de
Hypnerotomachia Poliphili is wegens succes verlengd t/m 4 februari 2007. De tentoonstelling biedt de bezoeker de unieke kans het exemplaar van Museum Meermanno, de eerste druk van de
Hypnerotomachia Poliphili uit 1499, in al zijn luister te bewonderen. Omdat het eeuwenoude boek toe is aan restauratie en uit elkaar genomen moet worden, toont het museum een groot aantal prachtig opgemaakte pagina’s met fascinerende houtsneden.
Uit de bibliotheek van Willem van Oranje kon diens exemplaar, de Franse vertaling uit 1554, aan de tentoonstelling worden toegevoegd. Het boek is voor het eerst in Nederland te zien en zal na afloop van de tentoonstelling worden verkocht door Antiquariaat Forum.
De
Hypnerotomachia Poliphili is een boek dat vanwege zijn raadselachtige inhoud, de nog altijd onbekende auteur, maar vooral vanwege de 170 prachtige houtsneden en de bijzondere typografie in de loop van de eeuwen de status van cultboek heeft verworven. Eerder dit jaar verscheen voor het eerst in vijfhonderd jaar een Nederlandse vertaling in de Gouden Reeks van Athenaeum-Polak&Van Gennep. Voor deze vertaling ontving Ike Cialona onlangs de vertaalprijs van het Fonds van de Letteren.
Naast het museumexemplaar van de
Hypnerotomachia Poliphili wordt in de tentoonstelling ook aandacht besteed aan het oeuvre van de beroemde drukker Aldus Manutius en aan de boekdrukkunst van zijn Venetiaanse tijdgenoten. Ook worden alle exemplaren van de
Hypnerotomachia Poliphili die zich in Nederlandse publieke collecties bevinden getoond. De tentoonstelling biedt hiermee een prachtig inzicht in de vroege Italiaanse boekdrukkunst.
Publicatie
Bij de tentoonstelling is een speciale uitgave beschikbaar van Leeslint, het tijdschrift van Museum Meermanno, met daarin bijdragen van renaissancekenner David Rijser, boekhistoricus Frans Janssen en architect Wolbert Vroom.
27 oktober 2004 t/m 23 januari 2005
Het woord is boek geworden. De bijbel in handschrift en druk van de zesde eeuw tot vandaag
Museum Meermanno organiseert ter gelegenheid van het verschijnen van de Nieuwe Bijbelvertaling op 27 oktober 2004 een tentoonstelling over de bijbel als boek. Niet de inhoud, tekst of de vertaling van de bijbel, maar de uitvoering ervan vormt het uitgangspunt. Daarom beperkt de tentoonstelling zich niet tot Nederlandse bijbels.
De expositie zal tevens laten zien hoe de tekst van de bijbel - in de grondtalen en in vertaling (Grieks, Latijn, Frans, Duits, Engels en Nederlands) - in verschillende tijden, voor verschillende doelen en voor verschillende gebruikers steeds op andere manieren vorm is gegeven.
Zo zijn er verschillende uitvoeringen van kanselbijbels, bijbels voor de kerkgangers om mee te nemen, bijbels voor thuis, huwelijksbijbels, bijbels voor de literair geïnteresseerden (zonder de traditionele hoofdstuk- en versnummering), en bijbels met of zonder illustraties.
De tentoonstelling is grotendeels samengesteld uit werken die behoren tot de eigen collectie van het museum. Deze keuze vormt tevens een brede en aantrekkelijke doorsnede van de gehele boekencollectie van het museum, van zeer vroeg tot heden, van laatantiek handschrift tot druk van gisteren.
De nieuwe vertaling van de bijbel in het Nederlands is een historische gebeurtenis. De Nederlanden kennen een lange traditie van bijbels in de volkstaal. De eerste volledige Nederlandse bijbelvertaling dateert van 1360 en de eerste gedrukte Nederlandse bijbel verscheen in 1477. De oudste tekst in de tentoonstelling is een Latijnse bijbel uit de zesde eeuw uit de collectie van Museum Meermanno.
De opzet van de tentoonstelling is in hoofdzaak chronologisch en zal uit vele belangrijke perioden diverse uitvoeringen laten zien. Ook zal van elke uitvoering van de Nieuwe Bijbelvertaling een exemplaar voor bezoekers beschikbaar zijn om door te bladeren.
Zaterdag 23 oktober van 12.00-17.00 uur
Dag van de Haagse Geschiedenis
In Museum Meermanno rondleidingen door de tentoonstelling ‘Boekengeluk’ met speciale aandacht voor het levensverhaal van de baron en zijn grote liefde voor honden.
In de Grote Kerk van 11.00-17.00 uur tevens een doorlopende ‘waterige workshop’ voor kinderen. Met verschillende waterverftechnieken kunnen kinderen gratis hun eigen boekje maken.
Rondleidingen, entree museum en workshop in de kerk gratis.
16 oktober t/m 16 januari 2005
100 seizoenen Atalanta Pers
De Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten (KABK) en Museum Meermanno organiseren gezamenlijk de dubbeltentoonstelling ‘Honderd seizoenen Atalanta Pers’. De Atalanta Pers bestaat 25 jaar en maakte 68 opmerkelijke boekuitgaven. Door de dubbeltentoonstelling in de KABK-Galerie en in het Museum Meermanno krijgt u een uitgebreid beeld van de publicaties die deze pers heeft uitgegeven. De Atalanta Pers staat bekend om haar bijzondere zet- en drukwerk en om de grote zorg die besteed wordt aan de vormgeving. Ter gelegenheid van het vijfentwintigjarig bestaan van de Atalanta Pers wordt een volledig overzicht van een kwart eeuw Atalanta-publicaties gepresenteerd.
Ger Kleis spreekt over Sub Signo Libelli
Op zondagmiddag 28 november om 15.00 uur: interview met Ger Kleis over zijn pers Sub Signo Libelli. Bezoekers mogen na het interview bladeren in zijn boeken en Ger Kleis vragen stellen.
U kunt voor deze middag een plaats reserveren via:
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. uw naam en de datum van de activiteit.
Kosten: het bijwonen van deze middag is gratis. U betaalt slechts de entree voor het museum.
Tot en met 15 augustus 2004
Gloednieuwe letters in zomerpresentatie van Museum Meermanno
Tot en met 15 augustus 2004 toont Museum Meermanno eindexamenwerk van studenten van de tweede fase opleiding Type & Media van de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten. De tien studenten die afkomstig zijn uit onder andere Mexico, Spanje, Nieuw-Zeeland en Rusland, laten zien wat er mede dankzij de digitale techniek mogelijk is. Zij tonen hun werk, geven zicht op het ontwerpproces en laten zien in welke omgeving hun letters het best tot hun recht komen.
De namen van de afgestudeerden, het land van afkomst en de naam van hun letterontwerp:
Susana Carvalho (Portugal)
Vertigo: One Big Acting Family
Alessandro Colizzi (Italië)
Mirabelle Mignonne, an optically balanced font for small text setting
Vera Evstafieva (Rusland)
Basileus, a multiscript display typeface
Maarten Idema (Nieuw-Zeeland)
Pam, a typeface for Bulgarian Cyrillic and Latin
Laura Meseguer (Spanje)
Rumba, a ‘big’ typeface
Diego Mier-y-Teran (Mexico)
Tuhun, a typeface for Mixtec language
Trine Rask Olsen (Denemarken)
North, a book typeface
Circe Penningdevries (Nederland)
Picture the type
Bas van Vuurde (Nederland)
Type in public spaces
De internationaal geroemde tweede fase opleiding Type & Media is een gespecialiseerde eenjarige opleiding in letterontwerpen en typografie. Veel bekende letterontwerpers en grafisch vormgevers treden op als docent en gastdocent. Zie voor meer informatie ook op:
www.kabk.nl.
Discussiemiddag met Wim Crouwel
Deze middag is helemaal volgeboekt. U kunt niet meer reserveren
Studiemiddag met als thema: ’Wim Crouwel vraagt zich af of de discussie tussen Max Bill en Jan Tschichold over klassieke versus moderne typografie nog relevant is?
In samenwerking met Stichting De Roos en Stichting Premsela/
Morf.
Aanvang: 14.00 uur
Kosten: Het bijwonen van deze middag is gratis. U betaalt slechts de entree van het museum.
Reserveren via
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. uw naam en de datum van de activiteit.
15 april t/m 25 juni 2006
Mozart in Meermanno. De ontdekking van de ‘Donaueschingen Harmoniemuziek’
Hoe wordt een onbekend muziekstuk een échte Mozart? In het kader van het Mozartjaar toont Museum Meermanno het verhaal van de ontdekking van een tot nu toe onbekend muziekstuk voor blazers-ensemble, gecomponeerd door Wolfgang Amadeus Mozart.
In 1983 stuitte de Nederlandse musicus Bastiaan Blomhert in een bibliotheek in Duitsland bij toeval op een werk voor blazers, een bewerking van de muziek van de opera
Die Entführung aus dem Serail van Mozart. Al snel werd duidelijk, dat dit het afschrift kon zijn van de zg. ‘Harmoniemusik’, waarover Mozart in een brief aan zijn vader (d.d. 20 juli 1782) had geschreven, maar waarvan men vermoedde dat die verloren was gegaan.
Het afschrift was echter niet in het handschrift van Mozart zelf, dus was het mogelijk dat deze bewerking door iemand anders gemaakt kon zijn. Blomhert heeft inmiddels aangetoond dat Mozart werkelijk de componist moet zijn. Dit blijkt uit het feit dat voor deze blazersversie exclusieve elementen uit drie verschillende compositiestadia van de opera zijn gebruikt. In de eerste operaversie componeerde Mozart vrijuit, maar in de tweede versie en ook de laatste versie heeft hij nog aanpassingen gemaakt. Echter, het stuk voor blazersensemble is geschreven terwijl de eerste en de laatste versie van de opera niet meer ter inzage waren voor de componist. De eerste versie had Mozart de dag na de tweede voorstelling opgestuurd naar vader Leopold in Salzburg en de laatste versie was eigendom van de Oostenrijkse Keizer en derhalve niet meer in te zien. Diegene die dit stuk componeerde moest dus putten uit zijn herinnering. De enige die dat kon was Mozart zelf.
Na veel wetenschappelijke discussie heeft de officiële bronnenpublicatie van Mozarts’ oeuvre, de Neue Köchel Verzeichnis, aangekondigd dat deze zg. ‘Donaueschingen Harmoniemusik’ opgenomen zal worden onder nummer 384 (samen met de opera). De wetenschappelijke uitgave en het speelmateriaal zijn inmiddels verschenen, evenals een CD ingespeeld door de blazers van de Academy of St. Martin in the Fields onder leiding van de ontdekker. Deze muziek is ook te beluisteren in de tentoonstelling.
De tentoonstelling toont de achtergronden van de ontdekking, en laat zien in welk muzikaal klimaat het stuk voor blazers ontstond. Naast het originele afschrift, afkomstig uit de collectie van de Badische Landesbibliothek in Karlsruhe zijn in de tentoonstelling verschillende muziekuitgaven en documenten te zien dit het verhaal illustreren.
t/m 15 augustus 2004 in Bredevoort Boekenstad
Uit de boeken van... ex libris uit de verzameling Jan Ebing
Een tentoonstelling samengesteld door Museum Meermanno Den Haag in het bezoekerscentrum van Bredevoort Boekenstad.
De Latijnse woorden ex libris betekenen ‘uit de boeken van’. Samen met de naam van de bezitter van het boek vormt deze formule een eigendomsmerk. Exlibris, aaneen geschreven, duidt het eigendomsmerk zelf aan. Het verzamelen en bestuderen van exlibris is eind negentiende eeuw in zwang geraakt, eerst in Engeland en Duitsland.
De exlibrisverzameling Jansen Ebing werd bijeengebracht door de uitgever en verzamelaar Johan H.A. Jansen (1913-1992) en is na diens overlijden beheerd en verder uitgebreid door zijn echtgenote Hillegonda Jansen-Ebing. De collectie omvat ongeveer tachtigduizend bladen exlibris en gelegenheidsgrafiek en is recent toegevoegd aan de reeds zeer omvangrijke verzameling van tweehonderdvijftigduizend bladen van Museum Meermanno.
In deze expositie worden 70 persoonlijke bladen exlibris van het echtpaar getoond, die door kunstenaars in opdracht werden vervaardigd. Een aantal exlibris is te zien tezamen met voorstudies, proefdrukken en/of correspondentie tussen opdrachtgevers en kunstenaar.
De Oosteuropese kunstenaars, zo belangrijk voor de ontwikkeling van het moderne exlibris, zijn ruim vertegenwoordigd in de collectie Jansen Ebing. De rijke naoorlogse Tsjechische exlibriskunst wordt getoond aan de hand van het werk van enkele representatieve kunstenaars. Daarnaast is werk te zien van kunstenaars uit Hongarije, Rusland, Estland, Litouwen, Duitsland, Italië, Spanje, België en Nederland.
DEZE MIDDAG IS VOLGEBOEKT
Masterclass over het ideale boek
Zondagmiddag 16 januari om 15.00 uur: masterclass i.h.k.v. de tentoonstelling ’Het ideale boek’. Experts uit diverse disciplines laten zien hoe verschillend zij naar hetzelfde boek kijken.
Sprekers zijn ontwerper Tessa van der Waals, boekbinder Jeff Clements en boekhistoricus Frans A. Janssen.
Reserveren via
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. uw naam en datum activiteit.
3 mei t/m 4 juni 2006
Ralph Prins, typografisch werk
Beeldend kunstenaar Ralph Prins woont en werkt in Den Haag. Op 3 mei is hij 80 jaar geworden. Ter gelegenheid hiervan is de gehele maand mei op verschillende locaties in Den Haag werk van hem te zien: in de Koninklijke Academie, de Affichegalerij, de Openbare bibliotheek en Stroom.
Ralph Prins wordt in 1926 in Amsterdam geboren. Tijdens de oorlog volgt hij lessen op de Joodse Kunstnijverheidsschool. Later in Westerbork tekent hij veel en heeft hij contact met beeldhouwer Jobs Wertheim. Na de oorlog volgt hij een opleiding typografie aan de Kunstnijverheidsschool in Zürich en typografie-reclame aan de Kunstnijverheidsschool in Amsterdam.
Tijdens zijn opleiding aan de Koninklijke Academie in Den Haag oriënteert hij zich zo ruim mogelijk op verschillende disciplines: fotografie, tekenen, schilderen, grafische vormgeving, reclame, druktechnieken en monumentaal werk. De docenten typografie Gerrit Kilian en Paul Schuitema drukken een duidelijk stempel op zijn werk. Prins’ grote belangstelling voor de (on)mogelijkheden van druk- en fotografische technieken spreekt onder andere uit zijn typografieën van gedichten. Vanaf de jaren ’50 ontwerpt hij voor een groot aantal instellingen en bedrijven verpakkingen, jaarverslagen, logo’s en drukwerk. In de jaren ’80 is Ralph Prins een van de eerste ontwerpers die met behulp van de computer ontwerpt.
Uit zijn beeldend werk spreekt een grote betrokkenheid met mensen. Veel van het latere werk, zoals de affiches in opdracht van Amnesty International, heeft een ideologisch karakter. Zijn afkomst en zijn ervaringen in de oorlog maken dat Prins zich steeds meer gaat inzetten voor een samenleving in vrede en vrijheid. In 1970 maakt hij het monument voor Westerbork, het omgebogen spoor. In 2006 krijgt hij de opdracht voor de jaarpenning van de Nederlandse Vereniging voor Penningkunst, met als thema ‘Vrede en vrijheid’.
Vijftig hoogtepunten
Inleiding
Willem Hendrik Jacob van Westreenen van Tiellandt (1783-1848) wist al jong wat hij wilde worden. Op zijn veertiende schreef hij in een brief aan zijn achterneef Johan Meerman, in rammelend Frans: ‘Ce sera pour moi toute une fortune que de devenir boek-wurm, et pour lors je solicite votre pratique pour les livres classiques’ (‘Ik droom ervan om een “boek-wurm” te worden, en daarom doe ik voor de klassieke boeken een beroep op uw ervaring.’)
Een jongen van veertien die boekenwurm wil worden – ook toen, aan het eind van de 18de eeuw, moet dat tamelijk zeldzaam zijn geweest.
De jonge Willem woonde indertijd vlak bij zijn achterneef. Johan Meerman resideerde in het ‘Huis aan den Boschkant’, een klein ‘stadspaleis’ op de hoek van het Korte Voorhout en de Prinsessegracht. De jonge Willem kwam graag bij zijn dertig jaar oudere neef, die over een schitterende bibliotheek beschikte. Meermans boekerij, met zijn prachtige collectie handschriften en oude drukken, zou voor Van Westreenen een lichtend voorbeeld blijven.
Er zijn diverse redenen om aan te nemen dat Willem van Westreenen een excentrieke, onaangepaste man was. Dat blijkt bijvoorbeeld uit zijn loopbaan. Een dag voor zijn zestiende verjaardag ging hij vrijwillig in dienst bij het Bataafse (Nederlandse) leger. Hij begon aan een opleiding tot genieofficier, die hij nooit voltooide. In 1805 liet hij zich als rechtenstudent inschrijven aan de universiteit van Leiden, maar er bestaan geen aanwijzingen dat hij daar ook werkelijk heeft gestudeerd.
Ondanks zijn afkomst en relaties slaagde Van Westreenen er nooit in om een politieke functie van enige betekenis te krijgen. ’Tot zijn dood toe bleven zijn functies beperkt tot ereambten’, concludeerde conservator Jos van Heel in 1998 in het boekje
Drie verzamelaars en een museum.
Ook uit verklaringen van tijdgenoten en anekdotes achteraf weten we dat Van Westreenen – die zich vanaf 1821 baron mocht noemen – een excentrieke indruk maakte. Hij was erg beweeglijk en viel op door zijn ’wat zonderlinge kleding en gedrag’, zoals het ergens heet. Zijn liefde voor zijn honden was buitensporig (zie nummer 29 in deze catalogus) en ook was hij wel érg trots op zijn onderscheidingen (zie nummer 9).
In 1848, kort na de dood van baron Van Westreenen, schreef F. de Reiffenberg in een necrologie in het
Bulletin du bibliophile belge: ’De heer Van Westreenen bezat naar men zegt een onschatbare collectie topstukken van de boekdrukkunst. Maar omdat hij buitensporig gehecht was aan die schat, bevreesd dat een ander naar die banden onderzoek zou doen dat hij zelf van plan was – zonder zich daar ooit aan te wagen –, en beducht voor de uitwerking van het boze oog, de schennende handen en zelfs de schadelijke adem van bezoekers, borg hij zijn bibliotheek achter slot en grendel en heeft hij haar in de veertig jaar dat hij haar bijeenbracht aan niemand laten zien, zelfs niet aan zijn naaste vriend Holtrop.’
Overigens was het J.W. Holtrop, indertijd ’hoofdbestuurder’ van de Koninklijke Bibliotheek (KB), wel bijna een keer gelukt om de boeken van Van Westreenen te zien, zo meldde de
Arnhemsche courant op 22 juli 1878, in een artikel over Museum Meermanno. Waarschijnlijk is dit artikel geschreven door, of gebaseerd op informatie van M.F.A.G. Campbell, zwager van Holtrop, onderbibliothecaris bij de KB en de toenmalige beheerder van het Meermanno.
’Na een aanhouden, dat jaren lang duurde, gelukte het eindelijk den voormaligen bibliothecaris Holtrop, een even groot boekenkenner en minnaar als van Westreenen, hem de vergunning te ontrooven van die schatten op de bovenvoorkamer aan den Boschkant te mogen bezigtigen. Maar het berouw over deze gulheid deed den naijverigen eigenaar aan die bezigtiging zulke dolle voorwaarden verbinden, dat Holtrop boos werd en hem voor die buitengewone eer bedankte. Hij, en de andere boekenliefhebber die mede zijn deel aan de bezigtiging hebben zou, moesten namelijk eerst splinternieuwe kamerjaponnen over hunne kleeding en splinternieuwe muilen over hun schoeisel aantrekken: eerst dan zou de deur van het heiligdom hun worden ontsloten!’
Je kunt niet uitsluiten dat bij deze teksten, die het karakter hebben van roddels, afgunst een rol speelde, maar zeker is dat Van Westreenen zijn collectie boeken en handschriften nooit aan wetenschappers of onderzoekers liet zien.
Het klopt overigens niet dat Van Westreenen nooit over zijn boeken publiceerde. Zo verscheen in 1809 zijn
Verhandeling over de uitvinding der boekdrukkunst; in Holland oorspronkelijk uitgedacht, te Straatsburg verbeterd en te Mentz [= Mainz] voltooid. Wel ging het hier om een boek met een waterhoofd – hij voegde 124 bladzijden met bronnen toe aan een verhandeling van slechts 58 pagina’s. Bovendien wemelde het boek van de drukfouten, wat Van Westreenen indertijd op forse kritiek kwam te staan.
Op de
Verhandeling volgden nog enkele artikelen. Zo publiceerde Van Westreenen in 1815 een uitvoerig overzicht van de stukken die de Fransen uit wetenschappelijke verzamelingen en kunstverzamelingen hadden geroofd. In andere artikelen deed hij gedetailleerd verslag van buitenlandse veilingen, waarbij hij er steevast op wees dat bepaalde boekwerken of oudheden door hem waren gekocht of al in zijn bezit waren.
Is het Willem van Westreenen gelukt om de ambities die hij als veertienjarige jongen had, waar te maken? Is hij de boek-wurm geworden die hem voor ogen stond?
Niet als je onder boekenwurm een geleerde verstaat die doortimmerde boeken schrijft. Van Westreenen was geen goede bibliograaf, noch een wetenschappelijk onderzoeker. Hij heeft nooit een substantiële bijdrage geleverd aan de geschiedschrijving van de boekdrukkunst. Zijn leven lang bleef hij, in de woorden van conservator Jos van Heel, ´een dilettant’.
Toch wist Van Westreenen veel over de dingen die hij verzamelde: naast boeken en handschriften ook Egyptische, Griekse, Romeinse en Germaanse oudheden, munten, penningen en kunstvoorwerpen.
Zijn grootste kracht was echter zijn verzamelwoede. Hij begon al op zijn twaalfde met verzamelen en ging er tot zijn dood mee door – rusteloos en met grote vastberadenheid. Van Westreenen had wat dit betreft zijn tijd mee. Het eind van de 18de eeuw en het begin van de 19de eeuw was namelijk een gouden tijd voor verzamelaars. In 1773 had paus Clemens de jezuïetenorde verboden; in 1782 verbood de Duitse keizer Jozef II de zogenoemde contemplatieve kloosterorden en tijdens de Franse Revolutie (1789-1801) volgde een golf van sluitingen van alle religieuze instellingen. Bovendien werd er tijdens de Franse Revolutie op grote schaal beslag gelegd op de bezittingen van edellieden.
Door dit alles kwamen ongekende hoeveelheden oude boeken en handschriften op de markt. Dat stelde verzamelaars als Van Westreenen in staat topstukken voor relatief lage prijzen te kopen. Dankzij zijn stalen geheugen – dat door diverse tijdgenoten wordt geroemd – en zijn koppige vasthoudendheid wist de baron een zeer fraaie en samenhangende collectie vroege drukken te verzamelen.
Op maatschappelijk gebied was Van Westreenen erg conservatief, maar in het verzamelen was hij beslist bij de tijd, zonder dat hij alle modes klakkeloos volgde. Hij lette goed op en beproefde nieuwe mogelijkheden en trends. Op het moment dat er Egyptische stukken op de markt kwamen, sloeg hij toe – als eerste in Nederland. Hij deed dat ook toen er Griekse vazen en Italiaanse panelen te koop werden aangeboden.
Van Westreenen kocht regelmatig uit catalogi die binnen- en buitenlandse handelaren hem toestuurden en hij liet op veilingen voor zich bieden. De vele verkoopcatalogi die hij naliet zijn nu een waardevolle bron voor bibliografisch en boekhistorisch onderzoek.
Op latere leeftijd trok Van Westreenen er ook zelf op uit. Tussen 1827 en 1846 maakte hij vijftien buitenlandse reizen – onder meer naar Duitsland, Italië, Hongarije en Ierland – mede om boeken en handschriften bij elkaar te brengen. Dankzij zijn zorgvuldige boekhouding is van veel boeken, handschriften en kunstvoorwerpen de herkomst precies na te gaan.
´Van de verzamelingen in Van Westreenen’s nalatenschap´, concludeerde W.A. Laseur in 1998, in een belangrijke studie over het Musuem Meermanno, ´zijn die van de incunabelen en van de munten het meest evenwichtig en systematisch uitgebouwd. Toch zijn ook de andere collecties interessant, onder meer door de zeldzame of unieke stukken die zich erin bevinden. De grootste prestatie van Van Westreenen als verzamelaar zijn ongetwijfeld de verzamelingen middeleeuwse handschriften en incunabelen die hij bijeen wist te brengen – zijn incunabelcollectie is in ons land nog altijd de grootste, na die van de Koninklijke Bibliotheek.´
Toen Holtrop en Campbell de collectie uiteindelijk te zien kregen, na de dood van de baron, waren zij dan ook verbijsterd: de rijkdom en variëteit overtrof hun stoutste verwachtingen. En het was ook zo veel! De boeken lagen, schreef Holtrop in een verslag aan de minister van Binnenlandse Zaken, ´in secretaires, bureaux, kasten, laden en hoeken, meerendeels in pakken, door het geheele huis verspreid´. In 1849 werkten hij en Campbell maandenlang elke avond tot laat door om een eerste inventarisatie te maken. Het duurde uiteindelijk nog tot 1960 – ruim een eeuw! – voordat alle circa twintigduizend gedrukte werken en handschriften op een acceptabele wijze waren ontsloten.
Tot voorbij zijn dood was Baron van Westreenen terughoudend in het tonen van zijn schatten. In zijn testament had hij bepaald dat het museum slechts tweemaal per maand te bezichtigen zou zijn, voor personen die een introductie hadden gekregen van de bibliothecaris van de Koninklijke Bibliotheek. Hij had ook laten vastleggen dat er nooit ´onder welk voorwendsel ook´ iets aan zijn collectie mocht worden toegevoegd of gewijzigd. Ook mocht er niks worden uitgeleend, ´opdat alles blijve in dien stand, waarin ik het zal hebben nagelaten; terwijl op den voorgevel van het gebouw mijn geslachtwapen zal worden geplaatst´.
Gelukkig hebben latere generaties zich niet bij al deze beperkingen neergelegd. Een museum waarin je nooit iets mag veranderen is een dood museum; en een museum met zulke beperkte bezoektijden, trekt natuurlijk nooit veel bezoekers (in de 19de eeuw bleef het aantal bezoekers beperkt tot enkele tientallen per jaar). Nadat in 1925 in het zogenoemde ´Museumwetje´ was bepaald dat al te knellende bepalingen in legaten aan openbare instellingen gewijzigd mochten worden, paste de Hoge Raad in 1935 de eerste vier artikelen in het testament van de baron aan. De bezoektijden werden verruimd, er mochten boeken en handschriften aan de KB worden uitgeleend en er mochten nieuwe aankopen worden gedaan, mits die strikt gescheiden werden gehouden van de oorspronkelijke collectie.
Later werd de speelruimte van het museum via Koninklijke Besluiten nog verder verruimd. De belangrijkste stap volgde in 1960: toen werd het Museum van het Boek onderdeel van het Museum Meermanno.
Wie nu dit huis van het boek aan de Prinsessegracht bezoekt, ziet dan ook twee musea ineen: op de eerste verdieping wordt men verrast door twee zalen die niet alleen bijzonder zijn door de boeken, handschriften en kunstvoorwerpen die er te zien zijn, maar ook door hun inrichting. Men wandelt hier recht de 19de eeuw in. Dit is een van de weinige musea in Nederland waar de 19de-eeuwse opstelling en inrichting bewaard is gebleven en je moet wel van hout zijn om hier niet van onder de indruk te raken.
Elders in het gebouw maakt men, deels via wisselende tentoonstellingen, kennis met de boekdrukkunst zoals die zich ontwikkelde na de dood van baron Van Westreenen. Sinds enkele decennia verzamelt het museum de moderne, Westerse boekkunst van 1850 tot heden. Het Museum van het Boek is het enige museum in Nederland dat zich geheel op de boekkunst richt. Niet de literaire inhoud, maar de uiterlijke aspecten van een boek zijn doorslaggevend in het verzamelbeleid. Men moet daarbij denken aan de typografie, de illustratie en de band. De boeken worden hier dus verzameld als voorwerpen van toegepaste kunst.
Voor dit onderdeel van de collectie dankt het museum veel aan de meesterdrukker Jean François van Royen (zie nummer 35 van deze catalogus) en aan de Utrechtse bibliofiel en mecenas M.R. Radermacher Schorer. Radermacher Schorer (1888-1956) bracht gedurende zijn leven duizenden moderne bibliofiele uitgaven uit binnen- en buitenland bijeen (zie nummer 42 van deze catalogus).
In totaal bezit het museum ruim 4000 boeken uit zijn collectie, die een breed en representatief overzicht geven van de hoogtepunten van de West-Europese boekkunst vanaf omstreeks 1890. Bijna alle belangrijke particuliere persen (private presses) uit Engeland, Duitsland en Nederland zijn met verschillende uitgaven vertegenwoordigd. Daarnaast geeft de collectie een vrijwel compleet beeld van de Nederlandse boekverzorging van 1920 tot 1950. In dat opzicht was het een ideale springplank voor latere aankopen op het gebied van de moderne boekkunst.
Enkele voorbeelden van schenkingen en aankopen sinds die tijd zijn de uitgebreide collectie margedrukwerk (onder andere: Frans de Jong, de Regulierenpers, Sub Signo Libelli), de jaarlijks bekroonde Best Verzorgde Boeken, collecties kalligrafie, Tsejchische avantgarde boeken, Canadese persen, miniatuurboeken, Amerikaanse pocketboeken, archieven van vormgevers en typografen (Dick Dooijes, Helmut Salden, Alexander Verberne, Aldert Witte), reclamedrukwerk van Stefan Schlesinger, affiches van K.F. Treebus, illustraties van Eppo Doeve en uitgeversarchieven (Brusse, Boucher, Van Goor, Stols, Stichting De Roos).
De aanwinsten – voor de oude of de moderne collectie - vormden vaak de aanleiding voor tentoonstellingen in het museum, zoals in 1965 bij de verwerving van een handschrift: ´Rondom de meesters van Catharina van Kleef´. De collectie Italiaanse incunabelen stond centraal in de tentoonstelling ´Vroege boekdrukkunst uit Italië´ (1987) en de restauratie van de ´´Hypnerotomachia Poliphili´´ gaf het museum in 2006 de gelegenheid voor de tentoonstelling ´Een droom van een boek. De betoverende kracht van de Hypnerotomachia Poliphili, Venetië 1499´.
De moderne collectie werd bijvoorbeeld getoond in de tentoonstellingen ´Jean François van Royen´ (1964), ´Het Nederlandse boek en de nieuwe kunst (1892-1906)´(1965), ´Jan van Krimpen´ (1967), ´S.L. Hartz´(1969), ´Dijsselhof, Nieuwenhuis en Lion Cachet´ (1977), ´Van William Morris tot Roswitha Quadflieg. Een eeuw private presses´ (1986) en ´Minnaar van het schoone boek. M.R. Radermacher Schorer´ (1998).
Ook werden tentoonstellingen gemaakt over zulke uiteenlopende onderwerpen als Nederlandse letterontwerpers, Haagse boekvormgeving, Paul Schuitema, Penguin boeken, de Insel Verlag, boeken in reeksen (´Het uiterlijk behang´, 1997) en kwamen de oude en de moderne collectie elkaar tegen in gezamenlijke tentoonstellingen zoals ´Beesten in de band: tien eeuwen dieren in boeken´ (1996) en ´Robert Schwarz, Getijdenboeken´ (2002).
Het museum maakt naast drie of vier grote tentoonstellingen zeven of acht kleinere exposities per jaar om de rijkdom van de eigen collectie en de wereld van het boek te tonen.
In de publicatie
Boekengeluk zijn vijftig hoogtepunten uit de collectie van Museum Meermanno afgebeeld en beschreven: uit de moderne collectie en uit de collectie die is bijeengebracht door baron van Westreenen. Sommige stukken – de portretten, de bavelaar, de adelaarssteen – zijn opgenomen om meer over de bijzondere ontstaansgeschiedenis van dit museum te kunnen vertellen. De andere moeten worden gezien als representanten van de collectie. Zo bezit het museum 372 voorwerpen uit het oude Egypte, maar worden er in deze catalogus slechts twee beschreven: een papyrus en de mummie van een kat. Het museum bezit allerlei letterontwerpen; hier wordt alleen stilgestaan bij de Romulus-ontwerpen door Jan van Krimpen.
De hoogtepunten zijn geselecteerd door de diverse conservatoren van het museum, in overleg met de stafleden. Jos van Heel tekende voor de oude collectie, Paul van Capelleveen en bibliothecaris Rickey Tax voor de moderne collectie. Alle drie verleenden zij hun ruimhartige medewerking, waarvoor veel dank. Vooral bij nummer 18 in deze catalogus, een boek dat deels in blokdruk en deels in boekdruk is uitgevoerd, had ik veel hulp van Van Heel nodig, simpelweg omdat de technische kanten van deze zaak mij boven de pet gingen. Voor Van Westreenen was dit juist een heel belangrijk werk: hij dacht hiermee een bewijsstuk in handen te hebben dat de boekdrukkunst in Nederland was uitgevonden.
Overigens begon Van Westreenen in 1828 zelf aan een catalogus met hoogtepunten uit zijn verzameling gedrukte werken. Maar die catalogus is, net als diverse andere geschriften van de baron, nooit gepubliceerd.
Tot slot een persoonlijk woord: ik kende de collectie van het Museum Meermanno slechts oppervlakkig toen ik aan deze catalogus begon. Terugkijkend moet ik zeggen dat ik daarmee echt iets heb gemist. De topstukken, de grote en interessante archieven, de gigantische collectie ex libris en bovenal de indrukwekkende kennis bij de conservatoren en medewerkers maken het Meermanno tot een museum om geregeld te bezoeken en te bevragen.
Ewoud Sanders
Tweede masterclass over het ideale boek
DEZE MASTERCLASS IS VOLGEBOEKT. U KUNT ZICH HELAAS NIET MEER OPGEVEN.
Zondagmiddag 30 januari om 15.00 uur: tweede masterclass i.h.k.v. de tentoonstelling ’Het ideale boek’. Experts uit diverse disciplines laten zien hoe verschillend zij naar hetzelfde boek kijken.
Sprekers zijn redacteur/ontwerper Françoise Berserik, drukker en (ex-)veilinghouder Bubb Kuyper en boekbinder Pau Groenendijk.
Reserveren via
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. uw naam en datum activiteit.
Vijftig hoogtepunten
Inleiding
Willem Hendrik Jacob van Westreenen van Tiellandt (1783-1848) wist al jong wat hij wilde worden. Op zijn veertiende schreef hij in een brief aan zijn achterneef Johan Meerman, in rammelend Frans: ‘Ce sera pour moi toute une fortune que de devenir boek-wurm, et pour lors je solicite votre pratique pour les livres classiques’ (‘Ik droom ervan om een “boek-wurm” te worden, en daarom doe ik voor de klassieke boeken een beroep op uw ervaring.’)
Een jongen van veertien die boekenwurm wil worden – ook toen, aan het eind van de 18de eeuw, moet dat tamelijk zeldzaam zijn geweest.
De jonge Willem woonde indertijd vlak bij zijn achterneef. Johan Meerman resideerde in het ‘Huis aan den Boschkant’, een klein ‘stadspaleis’ op de hoek van het Korte Voorhout en de Prinsessegracht. De jonge Willem kwam graag bij zijn dertig jaar oudere neef, die over een schitterende bibliotheek beschikte. Meermans boekerij, met zijn prachtige collectie handschriften en oude drukken, zou voor Van Westreenen een lichtend voorbeeld blijven.
Er zijn diverse redenen om aan te nemen dat Willem van Westreenen een excentrieke, onaangepaste man was. Dat blijkt bijvoorbeeld uit zijn loopbaan. Een dag voor zijn zestiende verjaardag ging hij vrijwillig in dienst bij het Bataafse (Nederlandse) leger. Hij begon aan een opleiding tot genieofficier, die hij nooit voltooide. In 1805 liet hij zich als rechtenstudent inschrijven aan de universiteit van Leiden, maar er bestaan geen aanwijzingen dat hij daar ook werkelijk heeft gestudeerd.
Ondanks zijn afkomst en relaties slaagde Van Westreenen er nooit in om een politieke functie van enige betekenis te krijgen. ’Tot zijn dood toe bleven zijn functies beperkt tot ereambten’, concludeerde conservator Jos van Heel in 1998 in het boekje
Drie verzamelaars en een museum.
Ook uit verklaringen van tijdgenoten en anekdotes achteraf weten we dat Van Westreenen – die zich vanaf 1821 baron mocht noemen – een excentrieke indruk maakte. Hij was erg beweeglijk en viel op door zijn ’wat zonderlinge kleding en gedrag’, zoals het ergens heet. Zijn liefde voor zijn honden was buitensporig (zie nummer 29 in deze catalogus) en ook was hij wel érg trots op zijn onderscheidingen (zie nummer 9).
In 1848, kort na de dood van baron Van Westreenen, schreef F. de Reiffenberg in een necrologie in het
Bulletin du bibliophile belge: ’De heer Van Westreenen bezat naar men zegt een onschatbare collectie topstukken van de boekdrukkunst. Maar omdat hij buitensporig gehecht was aan die schat, bevreesd dat een ander naar die banden onderzoek zou doen dat hij zelf van plan was – zonder zich daar ooit aan te wagen –, en beducht voor de uitwerking van het boze oog, de schennende handen en zelfs de schadelijke adem van bezoekers, borg hij zijn bibliotheek achter slot en grendel en heeft hij haar in de veertig jaar dat hij haar bijeenbracht aan niemand laten zien, zelfs niet aan zijn naaste vriend Holtrop.’
Overigens was het J.W. Holtrop, indertijd ’hoofdbestuurder’ van de Koninklijke Bibliotheek (KB), wel bijna een keer gelukt om de boeken van Van Westreenen te zien, zo meldde de
Arnhemsche courant op 22 juli 1878, in een artikel over Museum Meermanno. Waarschijnlijk is dit artikel geschreven door, of gebaseerd op informatie van M.F.A.G. Campbell, zwager van Holtrop, onderbibliothecaris bij de KB en de toenmalige beheerder van het Meermanno.
’Na een aanhouden, dat jaren lang duurde, gelukte het eindelijk den voormaligen bibliothecaris Holtrop, een even groot boekenkenner en minnaar als van Westreenen, hem de vergunning te ontrooven van die schatten op de bovenvoorkamer aan den Boschkant te mogen bezigtigen. Maar het berouw over deze gulheid deed den naijverigen eigenaar aan die bezigtiging zulke dolle voorwaarden verbinden, dat Holtrop boos werd en hem voor die buitengewone eer bedankte. Hij, en de andere boekenliefhebber die mede zijn deel aan de bezigtiging hebben zou, moesten namelijk eerst splinternieuwe kamerjaponnen over hunne kleeding en splinternieuwe muilen over hun schoeisel aantrekken: eerst dan zou de deur van het heiligdom hun worden ontsloten!’
Je kunt niet uitsluiten dat bij deze teksten, die het karakter hebben van roddels, afgunst een rol speelde, maar zeker is dat Van Westreenen zijn collectie boeken en handschriften nooit aan wetenschappers of onderzoekers liet zien.
Het klopt overigens niet dat Van Westreenen nooit over zijn boeken publiceerde. Zo verscheen in 1809 zijn
Verhandeling over de uitvinding der boekdrukkunst; in Holland oorspronkelijk uitgedacht, te Straatsburg verbeterd en te Mentz [= Mainz] voltooid. Wel ging het hier om een boek met een waterhoofd – hij voegde 124 bladzijden met bronnen toe aan een verhandeling van slechts 58 pagina’s. Bovendien wemelde het boek van de drukfouten, wat Van Westreenen indertijd op forse kritiek kwam te staan.
Op de
Verhandeling volgden nog enkele artikelen. Zo publiceerde Van Westreenen in 1815 een uitvoerig overzicht van de stukken die de Fransen uit wetenschappelijke verzamelingen en kunstverzamelingen hadden geroofd. In andere artikelen deed hij gedetailleerd verslag van buitenlandse veilingen, waarbij hij er steevast op wees dat bepaalde boekwerken of oudheden door hem waren gekocht of al in zijn bezit waren.
Is het Willem van Westreenen gelukt om de ambities die hij als veertienjarige jongen had, waar te maken? Is hij de boek-wurm geworden die hem voor ogen stond?
Niet als je onder boekenwurm een geleerde verstaat die doortimmerde boeken schrijft. Van Westreenen was geen goede bibliograaf, noch een wetenschappelijk onderzoeker. Hij heeft nooit een substantiële bijdrage geleverd aan de geschiedschrijving van de boekdrukkunst. Zijn leven lang bleef hij, in de woorden van conservator Jos van Heel, ´een dilettant’.
Toch wist Van Westreenen veel over de dingen die hij verzamelde: naast boeken en handschriften ook Egyptische, Griekse, Romeinse en Germaanse oudheden, munten, penningen en kunstvoorwerpen.
Zijn grootste kracht was echter zijn verzamelwoede. Hij begon al op zijn twaalfde met verzamelen en ging er tot zijn dood mee door – rusteloos en met grote vastberadenheid. Van Westreenen had wat dit betreft zijn tijd mee. Het eind van de 18de eeuw en het begin van de 19de eeuw was namelijk een gouden tijd voor verzamelaars. In 1773 had paus Clemens de jezuïetenorde verboden; in 1782 verbood de Duitse keizer Jozef II de zogenoemde contemplatieve kloosterorden en tijdens de Franse Revolutie (1789-1801) volgde een golf van sluitingen van alle religieuze instellingen. Bovendien werd er tijdens de Franse Revolutie op grote schaal beslag gelegd op de bezittingen van edellieden.
Door dit alles kwamen ongekende hoeveelheden oude boeken en handschriften op de markt. Dat stelde verzamelaars als Van Westreenen in staat topstukken voor relatief lage prijzen te kopen. Dankzij zijn stalen geheugen – dat door diverse tijdgenoten wordt geroemd – en zijn koppige vasthoudendheid wist de baron een zeer fraaie en samenhangende collectie vroege drukken te verzamelen.
Op maatschappelijk gebied was Van Westreenen erg conservatief, maar in het verzamelen was hij beslist bij de tijd, zonder dat hij alle modes klakkeloos volgde. Hij lette goed op en beproefde nieuwe mogelijkheden en trends. Op het moment dat er Egyptische stukken op de markt kwamen, sloeg hij toe – als eerste in Nederland. Hij deed dat ook toen er Griekse vazen en Italiaanse panelen te koop werden aangeboden.
Van Westreenen kocht regelmatig uit catalogi die binnen- en buitenlandse handelaren hem toestuurden en hij liet op veilingen voor zich bieden. De vele verkoopcatalogi die hij naliet zijn nu een waardevolle bron voor bibliografisch en boekhistorisch onderzoek.
Op latere leeftijd trok Van Westreenen er ook zelf op uit. Tussen 1827 en 1846 maakte hij vijftien buitenlandse reizen – onder meer naar Duitsland, Italië, Hongarije en Ierland – mede om boeken en handschriften bij elkaar te brengen. Dankzij zijn zorgvuldige boekhouding is van veel boeken, handschriften en kunstvoorwerpen de herkomst precies na te gaan.
´Van de verzamelingen in Van Westreenen’s nalatenschap´, concludeerde W.A. Laseur in 1998, in een belangrijke studie over het Musuem Meermanno, ´zijn die van de incunabelen en van de munten het meest evenwichtig en systematisch uitgebouwd. Toch zijn ook de andere collecties interessant, onder meer door de zeldzame of unieke stukken die zich erin bevinden. De grootste prestatie van Van Westreenen als verzamelaar zijn ongetwijfeld de verzamelingen middeleeuwse handschriften en incunabelen die hij bijeen wist te brengen – zijn incunabelcollectie is in ons land nog altijd de grootste, na die van de Koninklijke Bibliotheek.´
Toen Holtrop en Campbell de collectie uiteindelijk te zien kregen, na de dood van de baron, waren zij dan ook verbijsterd: de rijkdom en variëteit overtrof hun stoutste verwachtingen. En het was ook zo veel! De boeken lagen, schreef Holtrop in een verslag aan de minister van Binnenlandse Zaken, ´in secretaires, bureaux, kasten, laden en hoeken, meerendeels in pakken, door het geheele huis verspreid´. In 1849 werkten hij en Campbell maandenlang elke avond tot laat door om een eerste inventarisatie te maken. Het duurde uiteindelijk nog tot 1960 – ruim een eeuw! – voordat alle circa twintigduizend gedrukte werken en handschriften op een acceptabele wijze waren ontsloten.
Tot voorbij zijn dood was Baron van Westreenen terughoudend in het tonen van zijn schatten. In zijn testament had hij bepaald dat het museum slechts tweemaal per maand te bezichtigen zou zijn, voor personen die een introductie hadden gekregen van de bibliothecaris van de Koninklijke Bibliotheek. Hij had ook laten vastleggen dat er nooit ´onder welk voorwendsel ook´ iets aan zijn collectie mocht worden toegevoegd of gewijzigd. Ook mocht er niks worden uitgeleend, ´opdat alles blijve in dien stand, waarin ik het zal hebben nagelaten; terwijl op den voorgevel van het gebouw mijn geslachtwapen zal worden geplaatst´.
Gelukkig hebben latere generaties zich niet bij al deze beperkingen neergelegd. Een museum waarin je nooit iets mag veranderen is een dood museum; en een museum met zulke beperkte bezoektijden, trekt natuurlijk nooit veel bezoekers (in de 19de eeuw bleef het aantal bezoekers beperkt tot enkele tientallen per jaar). Nadat in 1925 in het zogenoemde ´Museumwetje´ was bepaald dat al te knellende bepalingen in legaten aan openbare instellingen gewijzigd mochten worden, paste de Hoge Raad in 1935 de eerste vier artikelen in het testament van de baron aan. De bezoektijden werden verruimd, er mochten boeken en handschriften aan de KB worden uitgeleend en er mochten nieuwe aankopen worden gedaan, mits die strikt gescheiden werden gehouden van de oorspronkelijke collectie.
Later werd de speelruimte van het museum via Koninklijke Besluiten nog verder verruimd. De belangrijkste stap volgde in 1960: toen werd het Museum van het Boek onderdeel van het Museum Meermanno.
Wie nu dit huis van het boek aan de Prinsessegracht bezoekt, ziet dan ook twee musea ineen: op de eerste verdieping wordt men verrast door twee zalen die niet alleen bijzonder zijn door de boeken, handschriften en kunstvoorwerpen die er te zien zijn, maar ook door hun inrichting. Men wandelt hier recht de 19de eeuw in. Dit is een van de weinige musea in Nederland waar de 19de-eeuwse opstelling en inrichting bewaard is gebleven en je moet wel van hout zijn om hier niet van onder de indruk te raken.
Elders in het gebouw maakt men, deels via wisselende tentoonstellingen, kennis met de boekdrukkunst zoals die zich ontwikkelde na de dood van baron Van Westreenen. Sinds enkele decennia verzamelt het museum de moderne, Westerse boekkunst van 1850 tot heden. Het Museum van het Boek is het enige museum in Nederland dat zich geheel op de boekkunst richt. Niet de literaire inhoud, maar de uiterlijke aspecten van een boek zijn doorslaggevend in het verzamelbeleid. Men moet daarbij denken aan de typografie, de illustratie en de band. De boeken worden hier dus verzameld als voorwerpen van toegepaste kunst.
Voor dit onderdeel van de collectie dankt het museum veel aan de meesterdrukker Jean François van Royen (zie nummer 35 van deze catalogus) en aan de Utrechtse bibliofiel en mecenas M.R. Radermacher Schorer. Radermacher Schorer (1888-1956) bracht gedurende zijn leven duizenden moderne bibliofiele uitgaven uit binnen- en buitenland bijeen (zie nummer 42 van deze catalogus).
In totaal bezit het museum ruim 4000 boeken uit zijn collectie, die een breed en representatief overzicht geven van de hoogtepunten van de West-Europese boekkunst vanaf omstreeks 1890. Bijna alle belangrijke particuliere persen (private presses) uit Engeland, Duitsland en Nederland zijn met verschillende uitgaven vertegenwoordigd. Daarnaast geeft de collectie een vrijwel compleet beeld van de Nederlandse boekverzorging van 1920 tot 1950. In dat opzicht was het een ideale springplank voor latere aankopen op het gebied van de moderne boekkunst.
Enkele voorbeelden van schenkingen en aankopen sinds die tijd zijn de uitgebreide collectie margedrukwerk (onder andere: Frans de Jong, de Regulierenpers, Sub Signo Libelli), de jaarlijks bekroonde Best Verzorgde Boeken, collecties kalligrafie, Tsejchische avantgarde boeken, Canadese persen, miniatuurboeken, Amerikaanse pocketboeken, archieven van vormgevers en typografen (Dick Dooijes, Helmut Salden, Alexander Verberne, Aldert Witte), reclamedrukwerk van Stefan Schlesinger, affiches van K.F. Treebus, illustraties van Eppo Doeve en uitgeversarchieven (Brusse, Boucher, Van Goor, Stols, Stichting De Roos).
De aanwinsten – voor de oude of de moderne collectie - vormden vaak de aanleiding voor tentoonstellingen in het museum, zoals in 1965 bij de verwerving van een handschrift: ´Rondom de meesters van Catharina van Kleef´. De collectie Italiaanse incunabelen stond centraal in de tentoonstelling ´Vroege boekdrukkunst uit Italië´ (1987) en de restauratie van de ´´Hypnerotomachia Poliphili´´ gaf het museum in 2006 de gelegenheid voor de tentoonstelling ´Een droom van een boek. De betoverende kracht van de Hypnerotomachia Poliphili, Venetië 1499´.
De moderne collectie werd bijvoorbeeld getoond in de tentoonstellingen ´Jean François van Royen´ (1964), ´Het Nederlandse boek en de nieuwe kunst (1892-1906)´(1965), ´Jan van Krimpen´ (1967), ´S.L. Hartz´(1969), ´Dijsselhof, Nieuwenhuis en Lion Cachet´ (1977), ´Van William Morris tot Roswitha Quadflieg. Een eeuw private presses´ (1986) en ´Minnaar van het schoone boek. M.R. Radermacher Schorer´ (1998).
Ook werden tentoonstellingen gemaakt over zulke uiteenlopende onderwerpen als Nederlandse letterontwerpers, Haagse boekvormgeving, Paul Schuitema, Penguin boeken, de Insel Verlag, boeken in reeksen (´Het uiterlijk behang´, 1997) en kwamen de oude en de moderne collectie elkaar tegen in gezamenlijke tentoonstellingen zoals ´Beesten in de band: tien eeuwen dieren in boeken´ (1996) en ´Robert Schwarz, Getijdenboeken´ (2002).
Het museum maakt naast drie of vier grote tentoonstellingen zeven of acht kleinere exposities per jaar om de rijkdom van de eigen collectie en de wereld van het boek te tonen.
In de publicatie
Boekengeluk zijn vijftig hoogtepunten uit de collectie van Museum Meermanno afgebeeld en beschreven: uit de moderne collectie en uit de collectie die is bijeengebracht door baron van Westreenen. Sommige stukken – de portretten, de bavelaar, de adelaarssteen – zijn opgenomen om meer over de bijzondere ontstaansgeschiedenis van dit museum te kunnen vertellen. De andere moeten worden gezien als representanten van de collectie. Zo bezit het museum 372 voorwerpen uit het oude Egypte, maar worden er in deze catalogus slechts twee beschreven: een papyrus en de mummie van een kat. Het museum bezit allerlei letterontwerpen; hier wordt alleen stilgestaan bij de Romulus-ontwerpen door Jan van Krimpen.
De hoogtepunten zijn geselecteerd door de diverse conservatoren van het museum, in overleg met de stafleden. Jos van Heel tekende voor de oude collectie, Paul van Capelleveen en bibliothecaris Rickey Tax voor de moderne collectie. Alle drie verleenden zij hun ruimhartige medewerking, waarvoor veel dank. Vooral bij nummer 18 in deze catalogus, een boek dat deels in blokdruk en deels in boekdruk is uitgevoerd, had ik veel hulp van Van Heel nodig, simpelweg omdat de technische kanten van deze zaak mij boven de pet gingen. Voor Van Westreenen was dit juist een heel belangrijk werk: hij dacht hiermee een bewijsstuk in handen te hebben dat de boekdrukkunst in Nederland was uitgevonden.
Overigens begon Van Westreenen in 1828 zelf aan een catalogus met hoogtepunten uit zijn verzameling gedrukte werken. Maar die catalogus is, net als diverse andere geschriften van de baron, nooit gepubliceerd.
Tot slot een persoonlijk woord: ik kende de collectie van het Museum Meermanno slechts oppervlakkig toen ik aan deze catalogus begon. Terugkijkend moet ik zeggen dat ik daarmee echt iets heb gemist. De topstukken, de grote en interessante archieven, de gigantische collectie ex libris en bovenal de indrukwekkende kennis bij de conservatoren en medewerkers maken het Meermanno tot een museum om geregeld te bezoeken en te bevragen.
Ewoud Sanders
Van 4 februari t/m 30 april 2006
In de Roos. Zestig jaar bijzondere boeken
Museum Meermanno eert zestigjarige Stichting De Roos met een tentoonstelling.
Vrijdagmiddag 3 februari opende Bram Kempers, hoogleraar Sociologie van de Kunst aan de Universiteit van Amsterdam, de tentoonstelling
In de Roos. Zestig jaar bijzondere boeken. De opening werd voorafgegaan door een seminar
De toekomst van het bibliofiele boek. Onder leiding van Bram Kempers geven Irma Boom, Hugues Boekraad en Just Enschedé hun visie op dit onderwerp. Opening en seminar vinden plaats in de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten.
De tentoonstelling toont o.a. werk van Jan van Krimpen, S.H. de Roos, Willem Sandberg, Hermanus Berserik en Jenny Dalenoord; zij zijn enkele van de ontwerpers en illustratoren die gedurende het zestigjarig bestaan van Stichting De Roos de boeken maakten. Van deze mensen zijn de boeken te zien, maar ook archiefmateriaal zoals brieven, werktekeningen en clichés.
In 1945 richtten Chris Leeflang, Charles Nypels en G.M. van Wees in Utrecht Stichting de Roos op. Het doel van de stichting was: ‘Het maken van boeken en drukwerken enkel om de ongerepte en dus onbaatzuchtige liefde voor typografie en kunst, in alle denkbare vormen waarin deze kunnen samengaan.’ Na de oorlogsperiode met censuur en schaarste was er behoefte aan waardevolle teksten in een bijzondere vormgeving. En nog steeds benadert Stichting de Roos twee à drie keer per jaar een ontwerper met het verzoek een bibliofiele uitgave voor haar leden te ontwerpen. Sinds de oprichting in 1945 is er overigens vaak een wachtlijst geweest: het maximale ledenaantal is namelijk beperkt tot 175.
In de tentoonstelling wordt aan de hand van een aantal uitgaven van De Roos bijzondere aandacht besteed aan uiteenlopende papiersoorten en aan illustratietechnieken als ets en steendruk. Bezoekers kunnen deze boeken doorbladeren.
Rijk geïllustreerde begeleidende publicatie:
In beperkte oplage, tekst Mathieu Lommen, ontwerp Karen Polder, Uitgeverij THOTH, € 19,90)
Symposium over verzetsuitgaven
Op zondag 19 december organiseren de Koninklijke Bibliotheek en Museum Meermanno | Huis van het boek een symposium over verzetsuitgaven. Welke rol speelden clandestiene uitgevers in de periode 1940-1945?
Ontvangst om 14.00 uur, aanvang programma 14.30 uur, einde KB-programma 16.00 uur.
Na afloop bezichtiging en rondleiding tentoonstelling ’Het ideale boek’ en borrel in Museum Meermanno | Huis van het boek’.
Sprekers zijn Annemieke van Bockxmeer (NIOD), Edwin Klijn (KB, auteur van
De NSB), Lisette Lewin (auteur van
Het clandestiene boek, 1940-1945)en Kees Thomassen (KB en één van de samenstellers van
Het verborgen woord. Drukken van Hendrik Werkman en andere clandestiene publikaties uit de collectie van de KB).
U kunt zich tot uiterlijk maandag 13 december aanmelden via
:activiteiten@kb.nl of telefonisch via 070 3140529. Graag vernemen wij of u gebruik maakt van de rondleiding en de borrel in Museum Meermanno | Huis van het boek.
Zaterdag 2 en zondag 3 april Museumweekend
Museum Meermanno trakteert het publiek al jaren op prachtige boeken.
In het Museumweekend toont de directeur op zaterdag en zondag om 12.15, 13.00, 14.00, 15.00 en 16.00 uur in het koetshuis de drie topstukken van het museum.
Daarnaast is er boekentaart voor iedereen! En gratis toegang!
Grondleggers
Portret Gerard Meerman
Zijn
finest hour beleefde Gerard Meerman (1722-1771) in 1764. Toen kocht deze rijke Rotterdamse rechtsgeleerde de vrijwel complete verzameling handschriften van het opgeheven jezuïetencollege in Parijs. De beroemde collectie telde honderden middeleeuwse Griekse en Latijnse handschriften. Pas toen de koop al gesloten was, kwam de Franse kroon in het geweer en liet er beslag op leggen. Vervolgens werd een schikking getroffen. De handschriften mochten naar Rotterdam worden vervoerd, Meerman zou de Franse koning er 37 schenken, en als tegenprestatie zou de koning aan Meerman de orde van St. Michel verlenen.
Gerard Meerman was al op zijn twintigste begonnen met het verzamelen van boeken. Aanvankelijk vooral op het gebied van het Romeins recht; later verbreedde hij zijn verzamelgebied. Hij legde zich in het bijzonder toe op de aankoop van middeleeuwse handschriften en producten van de vroegste boekdrukkunst. Diplomatieke missies naar Engeland werden benut om daar in allerlei bibliotheken onderzoek te doen en op veilingen en bij handelaren in binnen- en buitenland verwierf hij talloze zeldzame werken. Zo kocht hij in 1755 uit de nalatenschap van de Enkhuizense predikant Thade Muil het in 1332 voltooide manuscript van de
Rijmbijbel van Jacob van Maerlant – nu één van de topstukken van het Museum Meermanno.
We kijken hier niet alleen in het grijs bepruikte gezicht van een verzamelaar, omstreeks 1761 geschilderd door Jean Baptist Perronneau, maar ook naar iemand die de boeken die hij kocht degelijk bestudeerde. Zo publiceerde Gerard Meerman in 1765 een omvangrijke studie over de uitvinding en vroege geschiedenis van de boekdrukkunst, de
Origines typographicae. Het hier afgebeelde schilderij van Meerman diende als voorbeeld voor de gravure die als frontispice werd opgenomen in deze studie.
Meerman stierf al op zijn 49ste, tijdens een kuur in Aken.
Private press
Boekenkast van de Kelmscott Press van William Morris
William Morris (1834-1896) was een welgestelde Britse auteur, kunstenaar en manager van de firma Morris & Co, waar zijn ontwerpen van behangselpapier, meubels en tapijten werden uitgevoerd. Ook redigeerde hij een socialistische krant, die hij soms zelf op straat uitventte.
Maar beroemd werd Morris ook met de oprichting, in 1891, van de eerste moderne
private press van Engeland – een pers die wereldwijd een revolutie ontketende in de opvattingen over drukwerk.
Met de Kelmscott Press wilde Morris de kwaliteit van de drukkunst verhogen en het niveau van de 15de-eeuwse drukkers evenaren. Hij kocht een handpers (merk Albion) en ontwierp drie verschillende lettertypen, waaronder de
Golden Type, een letter die was gebaseerd op de romeinse letter van de 15de-eeuwse Venetiaanse drukker Nicolas Jenson. Morris ontwierp ook de initialen en randversieringen voor zijn boeken, terwijl Edward Burne-Jones de houtsneden maakte.
Tussen 1891 en oktober 1896 – toen Morris stierf – produceerde de Kelmscott Press 42 boeken. Na Morris’ dood zetten zijn medewerkers de pers nog anderhalf jaar voort om de elf uitgaven waarmee Morris was begonnen, te voltooien.
Van alle uitgaven, die in kleine oplagen verschenen, werd één exemplaar verzameld in een fraaie eikenhouten kast, die in het atelier van Morris was gemaakt. Dit kastje bevat 53 uitgaven in 66 banden in de oorspronkelijke perkamenten of half-linnen banden, plus twee proefvellen op perkament voor een niet verschenen uitgave.
Het kastje, dat is gesigneerd ‘Morris & Co. 449 Oxford St. W’, werd in 1954 door de Koninklijke Bibliotheek (KB) voor 900 pond aangekocht bij een antiquariaat in Londen. ‘Deze fraaie collectie’, vermeldde de catalogus, ‘verkeert in ongewoon frisse staat, doordat de delen, sedert ze vele jaren geleden werden bijeengebracht, in de speciale kast zijn bewaard.’
De KB gaf de kast met boeken in permanente bruikleen aan het Museum Meermanno. Daarmee beschikt dit museum als enige in Nederland over een complete collectie van de Kelmscott Press. Zelfs in Europa is dat heel zeldzaam.
Industriële boekbanden
De collectie Struik
Tot en met de 18de eeuw verscheen een boek in principe ongebonden. Je kocht bij de uitgever of drukker een stapel losse vellen en ging daarmee naar de binder om die naar eigen smaak, en op eigen kosten, te laten inbinden. Nadat het boek was gebonden werd de band met de hand voorzien van een decoratie.
Pas vanaf ongeveer 1820 werd het, door de komst van de stoommachine, mogelijk om banden grotendeels machinaal te vervaardigen, en vanaf 1830 kwamen er zware persen op de markt waarmee grote bandstempels in één keer konden worden aangebracht. Men noemt dit industriële boekbanden. Na de Tweede Wereldoorlog nam de vraag ernaar af, vooral door de opkomst van het pocketboek.
Nederland kent op dit gebied twee grote verzamelaars: Fons van der Linden (1923-1998) en A.S.A. Struik (1926-2006). Albert Struik verzamelde ruim 35 jaar lang industriële boekbanden. In 1991 schonk hij de Nederlandse industriële boekbanden, ruim 8.000 exemplaren, aan de Universiteitsbibliotheek van Amsterdam; het Museum Meermanno kreeg de ruim 3.000 buitenlandse boekbanden.
Het gaat om een schitterende en in de wereld unieke verzameling met banden uit onder meer Duitsland, Engeland, Frankrijk, Midden- en Oost-Europa en Scandinavië.
Wie deze collectie bestudeert, ziet onder meer hoezeer geslaagde bandontwerpen in heel Europa werden nagevolgd – zeker als er afbeeldingen van waren getoond in kunsttijdschriften zoals
The Studio. We komen dus geregeld zeer vergelijkbare omslagen tegen bij boeken die verder niets met elkaar te maken hebben. Lang niet altijd waren de navolgingen even secuur: sommige fraaie ontwerpen werden door de kopieerders zelfs volledig om zeep geholpen. Dat gebeurde ook in Nederland. Het museum beschikt gelukkig naast deze buitenlandse boekbanden ook over een flink aantal Nederlandse voorbeelden.
Toen ze nog bij hem thuis stonden, deed Struik er alles aan om de boeken te beschermen: direct voor de met vilt – tegen het stof – afgezette boekenplanken waren gordijnen aangebracht om ‘de jas om het woord’ te beschermen tegen het zonlicht.
Art Nouveau
Nieuwenhuis-kastje
Vlak bij de Kelmscott-kast staat een ander kastje dat je het liefst meteen zou willen opentrekken om erin te neuzen. Wat je door het glas kunt zien is namelijk veelbelovend. Het gaat hier om het zogenoemde Nieuwenhuis-kastje, met daarin art-nouveau-boeken in groot formaat.
Deze sierlijke boekenkast is gemaakt door Theodoor Nieuwenhuis (1866-1951). Nieuwenhuis werkte sinds 1898 in de ‘werkplaats voor binnenhuiskunst’ van de Amsterdamse kunsthandel Van Wisselingh & Co. ‘Wat Nieuwenhuis maakte’, zou Ernst Braches later schrijven, ‘was op de meest zorgvuldige wijze vervaardigd uit voortreffelijke materialen: het was kostelijk verzorgd en daardoor kostbaar.’
Die grote zorgvuldigheid blijkt uit al zijn werk: zijn typografie, zijn boekbanden, zijn meubels, zijn wandbespanningen – Nieuwenhuis’ werkterrein was heel breed, net als dat van andere kunstenaars destijds (Morris bijvoorbeeld).
Nieuwenhuis noemde zichzelf een
sierkunstenaar – wat aan het eind van de 19de eeuw en het begin van de 20ste eeuw, een nieuw woord was. Bij Van Wisselingh & Co. werkte hij samen met een andere bekende sierkunstenaar, de Amsterdammer C.A. Lion Cachet (1864-1945). Lion Cachet was zo mogelijk nog veelzijdiger. Hij batikte en was houtgraveur, hij ontwierp affiches, behang, tapijten, sieraardewerk, meubels, complete salons op passagiersschepen, en bankbiljetten. Én hij maakte houtgravures, litho’s en boekbanden die indertijd, in het tijdperk van de ‘Nieuwe Kunst’, een sensatie veroorzaakten.
Dit Nieuwenhuis-kastje bevat negen boeken waarvoor Lion Cachet de banden of de illustraties verzorgde. Het gaat om tijdschriften (
De tuin;
De kunstwereld) en kunstboeken (soms portefeuilles met losse prenten) over onder anderen Rembrandt, Jan Steen, Breitner en Jacob Maris. De meeste van deze boeken werden uitgegeven door Scheltema en Holkema’s Boekhandel. Het Museum Meermanno bezit nog veel meer ‘Nieuwe-Kunst-banden’, van Lion Cachet en van andere sierkunstenaars.
Overigens gaat dit kastje van Nieuwenhuis – die de laatste vijftien jaar van zijn leven door blindheid was gedwongen tot nietsdoen – alleen bij speciale gelegenheden open.
Egyptische oudheden
Papyrus Denon
Op een avond in maart 1826 stopte voor het woonhuis van Baron Van Westreenen, nu het gebouw van het Museum Meermanno, de ene koets na de andere. Van Westreenen liet zelden iets van zijn verzameling zien, maar nu had hij een kleine tentoonstelling georganiseerd, waar zelfs de broer van de koning naar kwam kijken.
Er is een verslag van die avond bewaard gebleven, opgesteld door een van de bezoekers. Er was veel moois te zien, schreef deze, ‘doch hetgeen aller bewondering verdiende en alles verduisterde wat men reeds gezien had, of zien zou, was een lang stuk Egijptisch papier’.
Europa was in die periode in de ban van Egyptische oudheden, mede doordat de Franse geleerde Champollion tussen 1822 en 1824 het hiëroglyfenschrift had weten te ontcijferen.Baron Van Westreenen was de eerste die in Nederland Egyptische oudheden verzamelde, daarom wekte zijn minitentoonstelling zoveel belangstelling. Vanaf 1822 schafte de baron in totaal 372 Egyptische voorwerpen aan.
Het absolute topstuk is het zogenoemde
Boek van het ademen van Isis. Het is een zeldzaam voorbeeld van de late oud-Egyptische dodenliteratuur. Dit ‘boek’ was bestemd voor Nespaoetitawi die omstreeks 42 v.Chr. priester was in Thebe. Van Westreenen kocht het in 1827 op een veiling in Parijs uit de nalatenschap van de oudheidkundige Dominique Vivant Denon. De papyrus was in 1799 in Egypte gevonden en in 1801 in Parijs aan de Franse keizer getoond. Die reageerde met de woorden:
Ah! mon Dieu! Que c’est laid! (‘O! Mijn God! Wat is dat lelijk!’) Toen iemand zei dat weinig papyri zo mooi en onbeschadigd bewaard waren gebleven, antwoordde Napoleon dat hij vast mooi zou hangen ‘achter de voorzittersstoel’ van een historisch instituut.
Uiteindelijk kwam de papyrus in het Museum Meermanno te hangen, aan de wand van de oudhedenzaal. In 1988 viel die lijst opeens twee meter naar beneden, waardoor de papyrus alsnog beschadigd raakte, door glassplinters. Het stuk werd vervolgens zorgvuldig gerestaureerd.
Egyptische oudheden
Mummie van een kat
Het is een museumstuk dat vooral de aandacht trekt van kinderen, ook omdat ze een gemummificeerde kat zielig vinden. Het gaat om een mummie van een onvolwassen
Felis silvestris lybica (kleine huiskat) van tussen de 9 en 12 maanden oud, die stamt uit de Grieks-Romeinse periode. De mummie is in een perfecte staat met uitzondering van de halswervelkolom. Er bestaat een verschuiving van vrijwel alle halswervels.
Hoe weten we dat, van die verschoven halswervels? Omdat de mummie met behulp van een röntgenapparaat is doorgelicht. Dat de halswervels van dit jonge katje waren verschoven was overigens geen verrassing: dit is bij vrijwel alle gemummificeerde katten het geval. Hun nekken werden gebroken en opgerekt om de mummie de gewenste vorm te kunnen geven.
In het oude Egypte werden allerlei dieren gemummificeerd: rammen, bavianen, krokodillen, honden, enzovoorts. Maar met katten gebeurde dit op kolossale schaal. Zij werden onder meer geofferd aan de godin Bastet, de godin van vreugde en muziek, die meestal wordt voorgesteld als een vrouw met een kattenkop. Pelgrims kochten gemummificeerde katjes die speciaal voor dit doel waren gefokt. Ze werden gedood als ze tussen de één en vier maanden oud waren, of tussen de negen en twaalf maanden.
De pelgrims gaven die gemummificeerde katjes aan een priester bij een tempel, die ze vervolgens begroef. Er zijn, verspreid over heel Egypte, kattenkerkhoven gevonden met
miljoenen gemummificeerde katten. Het waren er zoveel dat de verpulverde restanten zo’n honderd jaar geleden als mest over het land werden verstrooid.
Men denkt overigens dat er zoveel kattenmummies zijn gevonden omdat dit voor pelgrims relatief goedkope offers waren – een stuk goedkoper dan de stenen of bronzen kattenbeelden die in de Grieks-Romeinse tijd bij de Egyptenaren in de mode waren.
Griekse oudheden
Griekse vaas
Canino is een Italiaans plaatsje in het noorden van Latium, vlak bij de vroegere Etruskische stad Volci. Aan het begin van de 19de eeuw vestigde Lucien Bonaparte, de tweede broer van Napoleon, zich hier op een landgoed. Onder dat landgoed bleek een Etruskische dodenstad te liggen.
Bij opgravingen die Lucien vanaf 1828 op zijn landgoed liet uitvoeren, kwamen graven tevoorschijn vol met vazen die door de Etrusken uit Griekenland waren gehaald. Zij vormden de basis voor zijn Museum Etruscum. Lucien Bonaparte kon echter slecht met geld omgaan en zag zich genoodzaakt zijn collecties te gelde te maken.
Op een van de Canino-vazen die Baron van Westreenen in 1839 en 1840 kocht, zien we een Grieks schip in volle zee afgebeeld. Voor de stuurman zitten vijf roeiers.
Waren dit alle roeiers die aan boord waren? Nee, want we zien
zeven riemen. Maar de schilder van deze waterkruik, die omstreeks 510 v.Chr. werd gemaakt, vond het beter uitkomen om slechts vijf roeiers af te beelden.
Boven het hoofd van de stuurman staat een nonsensinscriptie in Griekse letters, misschien een uitroep om de roeiers aan te sporen. Die roeiers hadden geregeld aansporingen nodig, want ze moesten hard werken. Met dit type zeil is het namelijk alleen mogelijk om min of meer voor de wind te varen. Als de wind niet uit een gunstige hoek kwam, zou dit schip volledig uit de koers raken. Daarom waren er ook roeiers aan boord; bij ongunstige wind moesten zij het schip voortstuwen.
In 1961 werd deze waterkruik beschreven door een oudheidkundige die later naam zou maken als schrijver: F.L. Bastet. Hij schreef: ‘Het Museum Meermanno-Westreenianum is wel bevoorrecht met het bezit van dit kunstzinnige en tegelijk zo charmante product van de Attische vaasindustrie uit haar bloeitijd.’
Romeinse oudheden
Kurkmodel Vestatempel
In Tivoli, een stadje in de nabijheid van Rome, staat boven een hoge rotswand een ronde tempel die is gewijd aan Vesta, de Romeinse godin van het haardvuur. De tempel is al eeuwen een toeristische trekpleister.
Wie deze tempel nu bezoekt, zal er waarschijnlijk een foto of filmpje van maken. Vóór de uitvinding van de fotografie kochten reizigers gravures of tekeningen. Maar vanaf de tweede helft van de 18de eeuw, toen de antieke architectuur opnieuw in de belangstelling kwam te staan, ontstond de behoefte de belangrijkste monumenten uit de Oudheid in drie dimensies te kunnen bestuderen en natekenen – ook wanneer men weer naar huis was teruggekeerd.
In die behoefte voorzagen de kurkmodellen op schaal. Ze werden vervaardigd met een techniek die al langer bestond en in het koninkrijk Napels op grote schaal bij de productie van kerststallen werd toegepast. Kurkmodellen van antieke gebouwen raakten in de tweede helft van de 18de eeuw in de mode, ook al waren ze kostbaar, omdat niet alleen de aanschaf maar ook het transport heel prijzig was.
Een van de bekendste bouwers van kurkmodellen was de Italiaan Antonio Chichi. Chichi had een goed oog voor details. Met grote zorg maakte hij de Vestatempel na, inclusief het mos op het dak en op de grond. De modellen die gebouwen in staat van verval en vol begroeiing weergaven, onderstreepten dat zelfs de Romeinse beschaving met al zijn grootheid ooit in verval was geraakt.
Het Museum Meermanno bezat ooit vier kurkmodellen van antieke bouwwerken, waarvan alleen deze de tand des tijds heeft doorstaan. Ze dateren uit het laatste kwart van de 18de eeuw, maar werden door Baron Van Westreenen later uit Nederlandse verzamelingen aangekocht.
Grondleggers
Een bavelaar
Een
bavelaar, zegt de Grote Van Dale, is een ‘kunstig in hout of ivoor gesneden uitbeelding van een groep of een interieur op zeer kleine schaal’.
Het Museum Meermanno bezat ooit vier van dergelijke voorstellingen, die hun naam danken aan de Leidse houtsnijder Cornelis Bavelaar (1747-1830). Een van die miniatuurvoorstellingen is heel bijzonder: zij toont de veiling waarop Baron van Westreenen in 1824 voor ruim elfduizend gulden boeken en handschriften kocht uit de nalatenschap van zijn achterneef Johan Meerman.
Meerman had zijn bibliotheek aan de stad Den Haag nagelaten, samen met zijn huis en zijn kunstverzamelingen. Maar de stad weigerde het legaat omdat de onderhoudskosten te hoog zouden zijn, en daarom werd de collectie geveild.
De veiling-Meerman, die vier weken duurde, veroorzaakte grote opwinding in de wereld van bibliotheken en verzamelaars. Zelden waren er op één veiling zoveel kostbare en zeldzame werken aangeboden. De lijst kopers vermeldt meer dan 150 personen, die samen ruim 131.000 gulden uitgaven – voor die tijd een sensationeel bedrag. Meer dan de helft van de boeken en handschriften werd aan buitenlandse handelaars en verzamelaars verkocht, vooral uit Groot-Brittannië. Onder de Nederlandse kopers waren de academische bibliotheken van Leiden, Utrecht en Franeker.
Baron Van Westreenen kon goed tekenen. Tijdens de veiling maakte hij een schets, die hij later aan Bavelaar gaf. Die maakte een eerste ontwerp, dat hij van de baron terugkreeg met een lijstje kritiekpunten. Het ging allemaal om details: er moesten twee stoelen bij – ‘de eene ledig en op de andere een zittend beeldje met een vel papier voor zich’ – enzovoorts. De baron tekende het nog even voor.
U kunt er dus op rekenen dat het er in grote lijnen zo heeft uitgezien: de veiling van de collectie-Meerman in 1824. De veilingmeester zit midden voor de erker; een bediende komt met een stapel boeken uit het belendende vertrek. Het is een van de oudste niet-karikaturale afbeeldingen van een boekenveiling.
Grondleggers
Arendssteen
Maria Catharina Dierkens (1747-1826), de moeder van Baron van Westreenen, was een mooie vrouw. Op een portret dat in 1770 van haar is gemaakt door Guillaume de Spinny, zien we haar met opgestoken bruin haar, in een zijden japon met bontranden.
In 1776 trad zij in het huwelijk met Johan Adriaan van Westreenen (1742-1820). Als gevolg van miskramen bleef het huwelijk verscheidene jaren kinderloos. In 1783 verliep de zwangerschap naar wens en op 2 oktober van dat jaar bracht zij Willem Hendrik Jacob – de latere baron Van Westreenen – ter wereld.
Om de goede afloop van haar zwangerschap te bevorderen had Maria een zogenoemde
arendssteen bij zich gedragen. De arendssteen – ook wel
klappersteen of
adelaarssteen genoemd – is een klomp leemsteen, geel of zwartbruin van kleur, bol- of eivormig, en meestal hol van binnen. Men meende dat arenden dergelijke stenen mee naar hun nest namen om het uitbroeden van de eieren te bevorderen, vandaar de naam.
In de arendssteen kon je soms losse steenkorrels horen ‘klapperen’, waardoor hij aan een moederbuik met foetus deed denken. In 1822, vier jaar voor haar dood, bond Maria Dierkens een briefje aan deze steen. Daarin schrijft zji dat zij de steen ‘onder de linkerarm regt in het kuyltje’ had gedragen, van ‘veertien daage over de tijt der stonden […] tot de halve dragt van swangerschap’, zoals het indertijd werd voorgeschreven.
Vóór haar, zo lezen we, was deze steen al gedragen door onder anderen de prinses van Oranje, kroonprinses van Engeland, toen die na twee doodgeboren dochters zwanger was van prinses Carolina (geboren in 1743). ‘Deeze steen is lange jaare in de familie geweest’, besluit Maria Dierkens, ‘en is mij van mijn moeder present gegeeve toen ik van mijn zoon swanger was.’
Grondleggers
Portret van Baron van Westreenen
Er is van Baron van Westreenen (1783-1848) één foto bekend, een daguerreotypie die in 1841 in Parijs werd gemaakt. Daar staat de baron bijzonder ongunstig op, met een groot hoofd op veel te smalle schouders. Veel gunstiger staat hij op het schilderij dat hij omstreeks 1839 liet maken door J.R. Post Brants.
Dit portret moest de barons status en en prestige laten uitkomen. Om die reden speldde hij al zijn onderscheidingen op. Het zijn er maar liefst twaalf: links op de borst twee, op een breed halslint drie en op de linker revers zeven. We zien onder meer de Russische Sint-Annaster, de Toscaanse Sint-Stephanusorde en de Witte Valk van Saksen-Weimar.
Van Westreenens ijdelheid gaf nog lang na zijn overlijden aanleiding tot spot. Zo vermeldde
Het Leeskabinet nog in 1896: ‘Toen echter de verzamelaar weer eens een nieuwe onderscheiding machtig werd en den koning mondeling toestemming vroeg om die te dragen, zou de vorst niet zonder humor geantwoord hebben:
Dat is een kwestie tusschen uw staatsierok en kleermaker, baron; kan het er nog bij, des te beter, maar ik vrees…’
En in de belangrijkste publicatie over de baron en zijn museum, het jubileumboek uit 1998, schrijft W.A. Laseur: ‘Soms zou men uit de stukken bijna kunnen concluderen dat de vijftien onderscheidingen die de ijdele baron op zijn borst droeg, zijn dierbaarste collectie waren.’
Overigens bevat dit portret een vergissing – van de baron of van de schilder. Het ridderkruis van de Johannieter Orde hoort aan een zwart lint te hangen en de Sint-Annaster aan een rood. Hier is het andersom.
Op de daguerreotypie droeg de baron trouwens ook onderscheidingen, maar daar zien we er slechts twee.
Handschriften
Fragment Latijnse bijbel
In 1762 verbood het hooggerechtshof van Parijs de jezuïetenorde binnen zijn gebied. De goederen van de orde werden in beslag genomen en voor een deel te gelde gemaakt. Voor de boeken en handschriften van het Collège de Clermont, het jezuïetencollege in Parijs, werden veilingcatalogi gemaakt, die over heel Europa werden verspreid.
Iemand die de handschriftencatalogus met zeer veel belangstelling bekeek, was de rijke boekenverzamelaar en rechtsgeleerde Gerard Meerman (1722-1771). De collectie was dan ook zeer uitzonderlijk. Zo bevatte zij honderden middeleeuwse Griekse en Latijnse handschriften. De catalogus bood de mogelijkheid de complete collectie vóór de veiling te kopen, en Meerman greep die kans. Voor 15.000
louis d’or – voor die dagen een enorm bedrag – werd hij eigenaar van een unieke collectie handschriften.
Toen de handschriften in 1765 in Rotterdam aankwamen, nam Meerman zijn nieuwe aanwinsten zorgvuldig onder de loep. Handschrift 628 bestond uit acht teksten die in de 10de, 11de en 12de eeuw waren gekopieerd. Maar nog uitzonderlijker was het schutblad. Daarvoor was een dubbelblad gebruikt dat deel had uitgemaakt van een Latijnse bijbel die in de zesde eeuw in Italië was geschreven in het toen gangbare ronde hoofdletterschrift, de unciaal. Meerman splitste het handschrift op in verschillende stukken en legde het bijzondere dubbelblad bij zijn verzameling handschriftfragmenten.
Later kwamen deze fragmenten in het bezit van Baron van Westreenen, die ze afzonderlijk liet inbinden. Zijn vaste binder, Willem Carbentus, had moeite ze uit elkaar te houden en verwisselde de etiketten, zodat dit fragment een verkeerde titel op het voorplat heeft. Van dezelfde unciaalbijbel zijn nog zeven bladen bewaard in de bibliotheek van Orléans. De herkomst van alle bladen is de abdij van Fleury, vroeger een van de belangrijkste benedictijner abdijen in Frankrijk.
Handschriften
Maerlants ‘Rijmbijbel’
Toen het Museum Meermanno begin 2008 bekendmaakte dat een van de handschriften met de
Rijmbijbel van Jacob van Maerlant vanwege een restauratie uit elkaar zou worden genomen, haalde dit het NOS Journaal. Van Maerlants
Rijmbijbel behoort dan ook tot de bekendste boeken uit de Nederlandse literatuur.
Jacob van Maerlant, een Vlaamse dichter die aanvankelijk ridderromans schreef, voltooide de
Rijmbijbel in 1271. In dit boek, dat een vrije bewerking is van de
Historia Scholastica uit 1178 van Petrus Comestor, zette Van Maerlant bijbelse geschiedenis op rijm.
Bijzonder was dat Van Maerlant dat in zijn landstaal deed, het Middelnederlands. Boeken werden in het Latijn geschreven, een taal die de lagere adel en de opkomende burgerij niet goed beheersten. De literatuur in de volkstaal was tot dan toe voornamelijk mondeling overgedragen.
Wij zouden de
Rijmbijbel nu een
bestseller noemen, maar in een tijd dat boeken met de hand werden geschreven en verlucht, verliep de productie natuurlijk langzaam. Er viel dan ook heel wat over te schrijven: ruim 27.000 verzen voor het eerste stuk, en bijna 8.000 voor het tweede.
Er zijn, uit de 13de tot de 15de eeuw, vijftien volledige manuscripten van de
Rijmbijbel bekend, het vroegste van omstreeks 1285. Daarnaast zijn er fragmenten van allerlei andere exemplaren bewaard.
Je kon indertijd bij de kopiisten een eenvoudig uitgevoerd, snel geschreven en ongeïllustreerd exemplaar bestellen, of een zorgvuldig gekalligrafeerd en geïllustreerd exemplaar, dat uiteraard veel duurder was. Van de vijftien volledige manuscripten zijn er zes zonder verluchting, bevatten er zeven enkele miniaturen en zijn er twee voorzien van een min of meer doorlopende illustratie.
Het Museum Meermanno bezit één van die ‘rijke’ exemplaren, een
Rijmbijbel die in 1332 schitterend werd verlucht door Michiel van der Borch. Het is het vroegste gesigneerde en gedateerde verluchte handschrift uit de Noordelijke Nederlanden.
Handschriften
Petrus Comestor, ‘Bible historiale complétée’
Er zijn oude handschriften waar we heel weinig over weten, en er zijn handschriften waar we juist heel veel over weten. Over dit handschrift – een Franse vertaling van de
Historia scholastica van Petrus Comestor – weten we juist heel veel.
De tekst is uit het Latijn vertaald door Guyars des Moulins, gekopieerd door Raoulet d’Orléans en voor een deel verlucht door Jean Bondol. De eerste bezitter was de Franse koning Karel V en via een lange reeks bezitters en leners, soms met lacunes, kunnen we het volgen tot het in 1769 werd verkocht in de veiling van de bibliotheek van de beroemde Franse bibliofiel Louis-Jean Gaignat. De koper was Gerard Meerman, die het naliet aan zijn zoon Johan Meerman. Niet lang na diens overlijden, in 1815, kwam het werk op niet gedocumenteerde wijze in handen van diens achterneef Baron van Westreenen.
Maar dit handschrift is niet in de eerste plaats beroemd vanwege deze indrukwekkende stamboom. Het handschrift werd geschreven en verlucht in opdracht van raadsheer Jean de Vaudetar, die het op 28 maart 1372 aan zijn vorst Karel V aanbood. De openingsminiatuur laat zien hoe Jean de Vaudetar het werk aan hem overhandigt. De bibliofiele vorst is gehuld in de kleding van een geleerde – niet alleen als een teken van zijn serieuze wetenschappelijke belangstelling, maar ook als een blijk van de informele manier waarop hij met zijn hoge dienaren wenste om te gaan. Deze prachtige presentatieminiatuur is zonder enige twijfel de beroemdste miniatuur uit de collectie van het Museum Meermanno.
Handschriften
Getijdenboek voor Catharina van Kleef
Op 24 januari 1430 trouwde Catharina van Kleef, toen dertien jaar oud, met hertog Arnold van Gelre. Ter gelegenheid van dit huwelijk kreeg zij van haar vader een gebedenboek dat was geïllustreerd – verlucht – door een meester van wie we de naam niet kennen.
Het atelier van diezelfde meester, die later door A.W. Byvanck de ‘Meester van Catharina van Kleef’ is gedoopt, vervaardigde omstreeks 1460 een zogeheten getijdenboek, een gebedenboek voor leken. Het werd van een fraaie leren band voorzien door de Brugse binder Anthonius de Gavere. In de tweede helft van de 18de eeuw was het in het bezit van Sara Ploos van Amstel. In 1964 werd het, met financiële steun van de Vereniging Rembrandt, door het Museum Meermanno gekocht van een antiquaar in New York.
Over de Meester van Catharina van Kleef is weinig bekend. Waarschijnlijk werkte hij in Utrecht. Voor dit getijdenboek kreeg hij hulp van de bekende Gentse boekverluchter Lieven van Lathem, die tijdelijk naar Utrecht was uitgeweken.
Men vermoedt dat dit een van de laatste werken is die de Meester van Catharina van Kleef heeft verlucht. Over zijn werk wordt met veel bewondering gesproken. Men roemt zijn grote aandacht voor details en zijn voorkeur voor het anekdotische. Dit laatste zien we terug in de vele ‘drôlerieën’ uit het dagelijks leven: muzikanten, bakkers die broden in de oven schuiven, geleerden met brillen op, kopiisten met ganzenveren en veel etende en drinkende mannen en vrouwen.
Oorspronkelijk telde het handschrift zes paginavullende, toegevoegde miniaturen, één aan het begin van elk getijde. Hiervan zijn er nog drie aanwezig. Daarnaast bevat het talloze kleine initialen. Op een miniatuur op de achterzijde van blad 13 zien we Maria met het Christuskind. De twee knielende figuren naast haar verbeelden het echtpaar dat opdracht gaf tot het maken van dit handschrift. Vermoedelijk behoorden zij tot de Utrechtse familie van Lochorst.
Handschriften
Augustinus, ‘La Cité de Dieu’
In 1371 gaf de Franse koning Karel V aan Raoul de Presles de opdracht om
De civitate Dei (‘De stad Gods’) van de kerkvader Augustinus in het Frans te vertalen. De koning vond dat dit werk, dat fundamenteel was voor de verhouding tussen kerk en staat in de Middeleeuwen, ook toegankelijk moest zijn voor de leden van zijn hof die het Latijn niet beheersten. Raoul de Presles voltooide zijn vertaling in 1375.
Toen Gerard Meerman in 1764 de handschriftencollectie van het Parijse Collège de Clermont kocht, trof hij daarbij een foliodeel aan met de tekst van de boeken 11 tot 22. Vijf jaar later kocht hij op een veiling in Parijs een eerste deel, eveneens folio op perkament, maar veel luxer en fraaier uitgevoerd. Dit laatste handschrift, met de tekst van de boeken 1 tot 10, werd vervaardigd in opdracht van Jacques d’Armagnac en na diens terechtstelling in 1477 voltooid in opdracht van de Franse diplomaat en kroniekschrijver Philippe de Commines. Het bevat 11 grote en 275 kleinere miniaturen. Op de eerste grote miniatuur zien we hoe de Franse koning de vertaling krijgt aangeboden.
Meerman bezat nu twee handschriften die inhoudelijk wel bij elkaar aansloten, maar niet qua uitvoering. Om ze toch tot een stel te maken, liet Meerman beide banden eraf ‘slopen’ (de woordkeuze is van boekhistoricus P.C. Boeren), waarna hij ze liet voorzien van een zogenoemde Jansenistenband, een eenvoudige, nauwelijks versierde band van leer.
Weten we toevallig hoe de oorspronkelijke band om deel één eruit heeft gezien? Ja, want het tweede deel dat bij het Haagse eerste deel hoort, is bewaard gebleven in de stadsbibliotheek in Nantes. Die band heeft houten platten die met rood fluweel zijn bekleed. Daarop zijn schelpen van zilver aangebracht die overeenkomen met de schelpen in het wapen van de familie de Commines.
Italiaanse panelen
Madonna met kind
Als jongeling, wanneer hij bij de familie Meerman over de vloer kwam, hoorde Baron Van Westreenen veel over Italië. Zijn achterneef Johan Meerman was tweemaal langdurig in Italië geweest en had van zijn reizen souvenirs en oudheden meegenomen. In overeenstemming met de mode van die dagen was het vooral de klassieke Oudheid die bij Meerman in de belangstelling stond.
Pas in 1833, toen hij al 51 jaar was, besloot Van Westreenen zelf naar Italië te gaan. Hij was enthousiast, bleef langer dan hij van plan was, en ging het jaar daarop weer. De baron ging op audiëntie bij de paus, hij bezocht paleizen, kerken, kloosters, musea, bibliotheken, privécollecties en opgravingen. Hij kocht er oudheden, souvenirs en minstens één ‘Florentijns altaarstuk’. Met zijn belangstelling voor dergelijke werken liep de baron in Nederland voorop. Hij was de eerste in Nederland die middeleeuwse paneelschilderkunst verzamelde.
Eén van de mooiste stukken die Van Westreenen in de laatste vijftien jaar van zijn leven verwierf, is een klein, ongesigneerd paneel dat nu wordt toegeschreven aan Francesco di Vanuccio (tweede helft 15de eeuw). Deze Francesco, die goudsmid en schilder in Siena was, maakte omstreeks 1380 een tweeluikje: twee met een scharnier verbonden panelen. De panelen raakten los van elkaar. Het rechter paneel, met Christus aan het kruis, is nu te zien in Philadelphia. Het linker, met Christus als kind op schoot bij Maria, kwam in het bezit van Van Westreenen. Links van Maria staat de heilige Laurentius, rechts de heilige Andreas. Boven de troon waken vijf engelen.
Francesco di Vanuccio is wel (door Henk van Os) een ‘schilderende goudsmid’ genoemd: zelfs in die tijd was het uitzonderlijk om zoveel goud, bladgoud en halfedelstenen in een paneel te verwerken. Er zat nog meer goud in de omlijsting, maar die is bij het Haagse deel van het tweeluikje verdwenen.
Vroege drukken
’Psalterium Benedictinum’
De kunst om met losse, gegoten letters te drukken werd uitgevonden door Johann Gutenberg uit Mainz. Gutenberg had waarschijnlijk een achtergrond als edelsmid. Vanaf omstreeks 1450 bracht hij zijn uitvinding in praktijk.
Voor het drukken van de grote Latijnse bijbel die in 1455 zou worden voltooid, deed Gutenberg beroep op een geldschieter, de koopman Johann Fust. Zij kregen een conflict, waarvan de afloop niet duidelijk is. In ieder geval verscheen in 1457 een psalmenboek waarvan het colofon meedeelt dat het op 15 augustus 1457 was voltooid door Johann Fust en Peter Schoeffer.
Dit is het eerste boek in de westerse wereld dat de naam van de drukker en het jaar van uitgave vermeldt. Op 29 augustus 1459 drukten Fust en Schoeffer nogmaals een psalterium, ditmaal bestemd voor de kloosters van de benedictijner congregatie van Bursfeld. Het hier getoonde exemplaar was ooit in gebruik in het klooster van Ettenheimmünster in Baden-Württemberg.
Het boek is op perkament gedrukt. De vernieuwingen ten opzichte van het eerste gedrukte boek, de Gutenberg-bijbel, zijn opvallend. De tekst is gezet in letters van twee verschillende grootten, ook de initialen en hun versiering zijn gedrukt, en er is gebruik gemaakt van driekleurendruk. Men neemt aan dat de drie kleuren niet afzonderlijk, maar tegelijkertijd in één drukgang werden aangebracht. Alleen de muzieknotatie moest nog met de hand worden toegevoegd.
In de 18de eeuw maakte dit exemplaar een lange reis langs de verzamelingen van verschillende beroemde bibliofielen. In 1806 werd het werk, waar inmiddels bladzijden uit waren verdwenen, in Parijs gecompleteerd met bladen uit een ander defect exemplaar. Het werd opnieuw gebonden door Jean-Claude Bozérian, indertijd de beroemdste boekbinder van Parijs. Baron Van Westreenen kocht dit psalterium in 1830 in Londen voor 120 pond.
Ga naar de online catalogus >Vroege drukken
Macrobius, ‘In somnium Scipionis’
Tot 1462 werd de boekdrukkunst vrijwel uitsluitend in Mainz beoefend. In dat jaar bracht oorlog een economische malaise over de stad, waardoor de drukkers elders een goed heenkomen zochten. Daarmee introduceerden zij de nieuwe techniek elders in Duitsland en in het buitenland. In 1469 vestigden de eerste Duitse drukkers zich in Venetië, een jaar later gevolgd door de Fransman Nicolas Jenson, die in 1458 te Mainz in de leer was gegaan.
Jenson ging met grote voortvarendheid aan de slag. In de eerste jaren drukte hij vooral werken van auteurs uit de klassieke Oudheid. Hij liet voor deze teksten lettertypen snijden die geënt waren op het humanistische boekschrift.
‘Nicolaus Jenson’, schrijft R.E.O. Ekkart in
Vroege boekdrukkunst uit Italië, ‘is één van de belangrijkste grootmeesters uit de geschiedenis van de boekdrukkunst en zijn werken vormen met die van Aldus Manutius het hoogtepunt van de Venetiaanse drukkunst. Reeds in 1470 introduceerde Jenson zijn eigen letter, de eerste romein die geheel is aangepast aan de eisen van de typografie en die beschouwd kan worden als één van de fraaiste drukletters uit de geschiedenis van de boekdrukkunst.’
In 1472 publiceerde Jenson het slot van Cicero’s werk over de staat (
De republica), dat bekendstaat als de ‘Droom van Scipio’. Hij voegde het uitvoerige commentaar van de laatantieke auteur Macrobius toe, gevolgd door Macrobius’
Saturnalia. De decoratie van het eerste blad, die kort na de druk werd aangebracht, is geïnspireerd op antieke wandschilderingen die niet lang daarvoor te Rome in het paleis van Nero waren ontdekt.
Ga naar de online catalogus >Vroege drukken
Petrus Comestor, ‘Historia scholastica’
Een van de meest gelezen en gebruikte boeken van de late Middeleeuwen was de
Historia scholastica van Petrus Comestor. Petrus Comestor werd geboren in Troyes. In 1168 werd hij docent aan de kathedraalschool van de Nôtre Dame in Parijs. Een jaar later begon hij aan het boek dat hem beroemd zou maken: de
Historia scholastica. In dit monumentale werk, waar hij vier jaar aan werkte, vermengde hij verhalen uit de bijbel met teksten waarin die verhalen werden uitgelegd en aangevuld.
Petrus Comestor bracht zijn gegevens bijeen uit allerlei bronnen, die volgens kenners soms verrassend onorthodox waren. Bovendien raadpleegde hij zoveel bronnen dat zijn bewonderaars hem
Manducator noemden, wat ‘verslinder’ betekent. Ook Petrus Comestor, in het Frans Pierre le Mangeur, is een bijnaam, die je kunt vertalen als ‘Peter de (Boeken) Eter’.
Comestor schreef dit boek voor zijn studenten, maar het werd al snel een klassieke bron van kennis voor zowel geestelijken als leken.
Het deel van de
Historia scholastica dat het Nieuwe Testament bestrijkt, werd in 1473 in Utrecht gedrukt door Nicolaas Ketelaer en Gerard van Leempt. Dit is het eerste gedrukte boek uit de Noordelijke Nederlanden dat van een jaartal is voorzien (het eerste gedrukte boek met een jaartal uit de Zuidelijke Nederlanden verscheen datzelfde jaar te Aalst). Het Museum Meermanno bezit een van de dertien exemplaren die van de Utrechtse editie bewaard zijn gebleven. Merkwaardig is dat bij twee exemplaren het begin en het slot verschillend zijn van die in de overige exemplaren. Toen het drukken zo goed als voltooid was, werd de tekst van het begin en het slot nog aangepast. Het Meermanno bezit een van die twee aangepaste exemplaren; het andere is aanwezig in de Bibliothèque nationale de France in Parijs.
Ga naar de online catalogus >Vroege drukken
’Speculum humanae salvationis’
Het
Speculum humanae salvationis (‘Spiegel der menselijker behoudenisse’) is een godsdienstig werk dat het leven van Christus en de Heilige Maagd vertelt. Boven aan elke bladzijde staan twee voorstellingen, zodat men er vier ziet als het boek open ligt. Eén voorstelling geeft een gebeurtenis uit het Nieuwe Testament weer, terwijl de drie overige oudtestamentische geschiedenissen verbeelden. De oudtestamentische gebeurtenissen werden gezien als voorafschaduwingen van de heilsgeschiedenis in het Nieuwe Testament. Dit laatmiddeleeuwse werk is in handschrift, blokdruk en boekdruk overgeleverd, in verschillende talen.
Tot ver in de 19de eeuw meende men dat blokdruk – de techniek om teksten te drukken met houten platen waar die tekst in was gesneden – een voorloper was van de boekdrukkunst, het drukken met zetsel dat was opgebouwd uit losse letters. Baron Van Westreenen dacht dat Laurens Jansz. Coster, de vermeende Haarlemse uitvinder van de boekdrukkunst, eerst de blokdruk had beoefend en vervolgens was gaan drukken met zetsel van losse houten letters. Het gebruik van losse
metalen letters zou dan de Duitse bijdrage aan de ontwikkeling van de boekdrukkunst zijn geweest.
Deze in Nederland gedrukte Latijnse uitgave van het
Speculum is deels in blokdruk en deels in boekdruk uitgevoerd. Van Westreenen meende hiermee een bewijsstuk in handen te hebben voor een uiterst belangrijk moment in de boekgeschiedenis: hij geloofde dat een deel van het boek met blokken was gedrukt, maar dat men gaandeweg op het drukken met losse houten letters was overgeschakeld – de uitvinding van de boekdrukkunst op heterdaad betrapt dus. Nauwkeurige bestudering van de pagina’s in blokdruk heeft echter aangetoond dat die naar een typografisch voorbeeld zijn gemaakt (de houtsnijder had dus een ‘gezet’ exemplaar bij de hand).
Van Westreenen kocht dit zeldzame boek in 1809 in Brussel op de veiling van de bibliotheek van de Belgische bibliothecaris C.C. de La Serna Santander, een groot kenner van de vroege geschiedenis van de boekdrukkunst.
Ga naar de online catalogus >Vroege drukken
Regiomontanus, ‘Calendarium’
Wie een hedendaags boek openslaat, ziet eerst de zogenoemde Franse titel (de verkorte titel), gevolgd door een volledige titelpagina. Op die titelpagina vinden we – als het goed is – de naam van de auteur, een aanduiding van de inhoud (de titel), de plaats van uitgave, de naam van de uitgever en dikwijls ook het jaar van uitgave.
De eerste titelpagina waarop we al deze elementen terugvinden, staat in een boek dat in 1476 werd gedrukt, ongeveer 25 jaar na het begin van de boekdrukkunst. Het gaat om het
Calendarium van Johannes Regiomontanus, de gelatiniseerde naam van Johann Müller uit Königsberg. Dit boek werd in Venetië gedrukt door de Duitsers Erhard Ratdolt, Bernhard Maler en Peter Löslein.
Op het eerste gezicht heeft deze pagina meer weg van een kerstkaart dan van een titelpagina. Binnen een fraaie randversiering zien we een Latijns gedicht dat begint met de regels: ‘Dit werk is van goud er is geen kostbaarder edelsteen dan het Calendarium’. Maar ín het gedicht staat wel degelijk wat we zoeken: de inhoud van het werk in de regels 3 tot 8, de naam van de schrijver in regel 9, en de plaats van uitgave in regel 10. Onder het gedicht vinden we het jaar van uitgave en weer daaronder – in rode inkt – de namen van de drukkers.
Namen andere drukkers dit voorbeeld al snel over? Nee, zo is het niet gegaan. De conventies voor de titelpagina zijn heel geleidelijk in de beginperiode van de boekdrukkunst ontstaan. Met de uitvinding van de boekdrukkunst werden de boekproducenten met een nieuw verschijnsel geconfronteerd: zij werkten doorgaans niet meer op bestelling, zoals in de periode van het handschrift, maar produceerden een groot aantal exemplaren van één bepaald werk voor een anonieme markt. De ontwikkeling van de titelpagina vormde onderdeel van hun strategie om de aandacht van potentiële kopers te trekken en het werk aan te prijzen.
Ga naar de online catalogus >Vroege drukken
Boethius, ’De consolatione philosophiae’
De Romeinse staatsman, literator en filosoof Boethius (ca. 480-ca. 524), die diende onder Oost-Gotische koning Theodorik de Grote, viel op een gegeven ogenblik in ongenade en werd gevangen gezet. Tijdens zijn gevangenschap schreef hij
De consolatione philosophiae (‘Vertroosting van de wijsbegeerte’), een werk in proza en verzen, waarin de verpersoonlijkte Wijsbegeerte (vrouwe Philosophia) troost biedt aan de ten onrechte beschuldigde auteur die op de voltrekking van zijn doodvonnis wacht. ‘Zij wijst hem erop’, zo heet het ergens, ‘dat het lot per definitie onberekenbaar is en dat hij dus niet mag verwachten dat de slechten altijd ongelukkig zijn en de wijzen altijd gelukkig, dat het lot een lagere uitingsvorm is van de voorzienigheid, die samenvalt met het hoogste goed, God.’
Dit filosofische werk werd later met een sterk christelijke bril gelezen en behoort tot de meest becommentarieerde teksten van de Middeleeuwen.
In 1485 werd de Latijnse tekst, vergezeld van een Nederlandse vertaling en een uitvoerige Nederlandse toelichting, gedrukt door Arend de Keysere in Gent. De naam van de vertaler en van de schrijver van het commentaar is niet bekend, maar gezien de dialectkleur van zijn taalgebruik kwam hij waarschijnlijk uit Gent of omgeving.
Het drukken van dit dikke boek, één van de twee omvangrijkste werken die vóór 1501 in de Nederlanden verschenen, moet voor De Keysere een grote inspanning zijn geweest. De Gentse drukker moet ook haastig hebben gewerkt, want de tekst bevat allerlei fouten. Financieel was het geen succes. Toen De Keysere in 1490 overleed waren er nog 100 van de 400 exemplaren onverkocht.
De
Vertroosting bestaat uit vijf boeken. Aan het begin van elk boek is een ruimte van driekwart bladzijde uitgespaard voor een miniatuur. Die miniaturen zijn niet in alle exemplaren aangebracht, maar hier wel. Aan het begin van het derde boek ziet men hoe vrouwe Philosophia in de gevangenis met Boethius een gesprek voert.
Ga naar de online catalogus >Boekbanden
Buidelboek
In 1836 veilde Sotheby’s in Londen een boekencollectie van de medicus Georg Kloss uit Frankfurt am Main. Kloss genoot bekendheid als verzamelaar van bronnen voor de geschiedenis van de vrijmetselarij en voorbeelden van de oudste boekdrukkunst. Hij had zijn vroege drukken aan verschillende Duitse bibliotheken aangeboden, maar die wilden ze niet hebben.
Kavel nummer 4028 in de Sotheby-catalogus betrof een gebedenboek dat omstreeks 1484 te Neurenberg bij een naamloze drukker was gedrukt. Het werd door een Londense antiquaar gekocht die het in juli 1836 – voor slechts zes shilling – aan Van Westreenen verkocht.
De Kloss-catalogus vermeldde dat het boek in de oorspronkelijke band zat, een band ‘zoals die indertijd op scholen werd gebruikt’. Had die bijzondere band inderdaad iets met scholen te maken? Nee, het ging om een zogeheten
buidelboek. Een buidelboek (een term die overigens pas aan het eind van de 19de eeuw opgang maakte) is een type boekband waarbij de leren bekleding van het boek naar boven doorloopt en tuitvormig eindigt in een grote knoop of een metalen haak. Buidelboeken waren in de 14de en 15de eeuw in zwang en zijn dan ook zeer vaak in de beeldende kunst van die tijd te zien. Het buidelboek werd hangend gedragen aan een riem of koord dat men om zijn middel had. Het boek hing ondersteboven, maar kon in een handomdraai worden geraadpleegd. Deze bindwijze was niet alleen bij religieuze, maar ook bij juridische en andere soorten boeken in gebruik.
Toen men boeken steeds meer op planken ging plaatsen, werden de meeste buidelboeken òf herbonden òf van hun staart ontdaan. Over de hele wereld zijn er slechts zo’n twintig bewaard gebleven. Het Meermanno-exemplaar is het enige in Nederland.
Ga naar de online catalogus >17de-eeuwse drukken
Atlas van Blaeu
Vraag iemand om een beroemde Nederlandse kaartenmaker te noemen en zijn antwoord is hoogstwaarschijnlijk: Blaeu. Willem Janszoon Blaeu (1571-1638) verwierf in de 17de eeuw grote bekendheid met zijn kaartboeken en atlassen. Zijn bedrijf werd overgenomen door zijn zoon Johannes Blaeu (1596-1673), die de uitgeverij tot ver buiten de Nederlandse grenzen bekend maakte.
Het beroemdste werk van Johannes Blaeu is zijn wereldatlas, die in een Latijnse, Nederlandse, Franse en Duitse versie verscheen. Het Museum Meermanno bezit een elfdelig exemplaar van de Latijnse versie, de
Atlas Maior, met 600 kaarten van de toen bekende wereld. De delen verschenen tussen 1662 en 1665. Nog voordat de atlas werd ingebonden, werden er talrijke kaarten van andere herkomst aan toegevoegd.
Dit exemplaar is zo mooi omdat de kaarten zijn ingekleurd door Dirk Janz. van Santen. Nederland stond in de 17de eeuw bekend als het land waar je de mooiste boeken en kaarten kon laten maken. Dat kwam mede door de prachtige ‘versiering’ van het drukwerk. Hiermee bedoelde men het inkleuren (dat indertijd
afzetten werd genoemd) van de kaarten en titelprenten, vignetten en tekstillustraties.
Vrijwel alle ‘const- en caertafzetters’ uit die tijd zijn anoniem gebleven, met als belangrijkste uitzondering Dirk Janz. van Santen. De bijbels en atlassen die Van Santen inkleurde en ‘versierde’ waren geliefd als geschenken bij prinsen en koningen. Dichters en reizigers bewierookten zijn werk (‘met onvermoeyelijcken arbeyt en grote kosten op ’t alderschoonste afgeschildert’).
De
Atlas Maior die Dirk Janz. van Santen verzorgde voor de Amsterdamse patriciër Laurens van der Hem was zó bekend dat vorsten speciaal naar Amsterdam kwamen om dit werk te zien.
Baron Van Westreenen kocht dit pronkstuk in 1824 op de Meermanveiling. Het was in 1761 door Gerard Meerman verworven en maakte eerder deel uit van de bibliotheek van de Utrechtse hoogleraar Adriaan Reland.
Ga naar de online catalogus >17de-eeuwse drukken
Koerbagh
In 1668 publiceerde de Amsterdamse arts Adriaan Koerbagh het enige woordenboek dat ooit in Nederland werd verboden. Waarom nam men zo’n aanstoot aan
Een Bloemhof van allerley lieflijkheyd? Vanwege de definities die Koerbagh, een volgeling van Spinoza, schreef bij de theologische begrippen.
Eén voorbeeld volstaat: ‘Het woord
bibel is aan het Grieks ontleend woord dat simpelweg
boek betekent, al was het een boek over Reintje de Vos of over Uilenspiegel.’
Een Bloemhof werd in beslag genomen en verbrand. De Amsterdamse schout eiste dat Koerbaghs tong met een gloeiende priem zou worden doorboord, dat zijn rechterduim zou worden afgehakt en dat hij voor dertig jaar zou worden opgesloten.
Koerbagh vluchtte naar Culemborg, indertijd een vrije heerlijkheid, waar hij aan een nieuw boek begon:
Een ligt schijnende in Duystere Plaatsen. Hierin zette hij zijn filosofische en godsdienstige opvattingen nog eens systematisch uiteen.
Toen de drukker ontdekte met wie hij te doen had, overhandigde hij het manuscript, dat slechts ten dele was gedrukt, aan de Amsterdamse schout. Die vertrok naar Culemborg om de stedehouder te dwingen Koerbagh uit te leveren, maar de vogel bleek gevlogen. Vermomd met een zwarte pruik wist Koerbagh zich in Leiden nog een tijdje schuil te houden onder de naam Pieter Wilte, maar hij werd verraden, van zijn bed geboeide voeten (
pede ligato) naar Amsterdam vervoerd. Daar werd hij opgesloten in het zogenoemde rasphuis, waar hij hardhout moest raspen. Koerbagh stierf al snel van uitputting, 37 jaar oud.
Ruim honderdvijftig jaar later, in 1822, kocht Baron Van Westreenen dit exemplaar van het werkje voor één gulden. De tekst is tot bladzijde 176 gedrukt, de rest – tot bladzijde 454 – is in handschrift aangevuld. Twee jaar later kocht Van Westreenen nog zo’n exemplaar. Voor zover bekend zijn dit de enige exemplaren die bewaard zijn gebleven.
Ga naar de online catalogus >17de- en 18de-eeuwse drukken
Het Elzevierkastje
In de boekzaal op de middenverdieping van het Museum Meermanno staan aan de raamkant twee lage boekenkastjes. In het rechter kastje staan – op vijf planken, drie rijen dik – ruim vierhonderd Elzevieruitgaven.
De Elzeviers waren een beroemd geslacht van drukkers en uitgevers. Tussen 1580 en 1712 waren zij actief in Leiden, Den Haag, Amsterdam en Utrecht. Internationaal maakten de Elzeviers naam vanaf 1625, toen Abraham en Bonaventura Elzevier begonnen met het uitgeven van talrijke klassieke teksten en landbeschrijvingen in verzorgde boekjes, die dankzij het kleinere formaat relatief goedkoop waren.
Aan het eind van de 18de maar vooral in de 19de eeuw was het een rage om die kleine Elzevieruitgaven te verzamelen. Omdat de boekjes met de hand waren gedrukt en dikwijls pas in opdracht van de koper waren gebonden, vertoonden de exemplaren grote verschillen in kwaliteit van de druk, de manier van binden en de mate waarin zij afgesneden zijn. Hoe meer wit er om het tekstblok aanwezig was, hoe meer het boekje waard was.
Er ontstond een ware jacht op de zeldzaamste en beste exemplaren, een jacht die in 1832 fraai werd geparodieerd door de Parijse bibliothecaris en schrijver Charles Nodier, zelf een geducht jager. De hoofdpersoon van zijn
Bibliomaan raakt in coma als hij hoort dat niet zíjn Elzevierexemplaar maar dat van een ander de breedste marges heeft.
Baron Van Westreenen was als verzamelaar in dit opzicht een kind van zijn tijd. Aan de handgeschreven catalogus van de topstukken in zijn collectie voegde hij een aparte lijst met Elzeviers toe. Hij telde er 417. Die staan nu schouder aan schouder in kast nummer 8.
Gebouw
De boekzaal
Op donderdag 7 oktober 1852 opende het Museum Meermanno officieel zijn deuren. Dat was niet toevallig een donderdag: Baron Van Westreenen had in zijn testament bepaald dat het museum op de eerste of derde donderdag van de maand geopend zou zijn.
Er was toen al veel aan het huis aan de Prinsessegracht veranderd en er zou de komende decennia nog een paar keer flink worden verbouwd, maar wie nu de voor- en achterzaal van het Meermanno betreedt, ziet een van de zeldzame Nederlandse voorbeelden van een 19de-eeuwse museuminrichting. Net als in 19de eeuw worden de stukken hier niet alleen getoond, maar ook bewaard. Vroeger deed de voorzaal, ook wel ‘boekzaal’ genoemd, bovendien dienst als leeszaal; mensen die boeken wilden raadplegen konden ze voor het raam aan tafels inzien.
Ook de baron bewaarde zijn kostbaarste stukken al in dit deel van het huis. Daar zat een idee achter: de ruimte is niet te dicht bij het dak, niet te dicht bij de grond en ligt op het noorden (minder zonlicht, minder warm).
De wandkasten zijn van H.P. Terwinkel (of Ter Winkel), de meester-timmerman die ook al voor Van Westreenen werkte – hij leverde zelfs diens doodskist. Op de kasten staan 18de-eeuwse busten, deels kopieën van antieke. De mahoniehouten vitrines in het midden van de zaal zijn hier in 1892-1893 geplaatst. Deze vitrinekasten bevatten ook de ‘grootformaten’ – boeken die moeten liggen omdat ze anders uitzakken. In deze kasten liggen onder meer de befaamde Blaeu-atlassen.
Overigens is bekend wie tot de eerste bezoekers van het museum behoorden: uit een aantekenboekje van de onderbibliothecaris van de Koninklijke Bibliotheek blijkt dat koningin Sophie en enkele niet nader genoemde leden van het koningshuis het museum op 27 december 1849 van twee tot vier uur hebben bezocht. Ook dat was, uiteraard, een donderdag.
Gebouw
Zaal van de oudheden
Na de dood van Baron van Westreenen bracht men eerst de voorzaal tot stand. De verbouwingen gingen in fasen: men moest telkens wachten tot er voldoende geld was. Het vermogen dat Van Westreenen aan de Staat had nagelaten was ondergebracht in een fonds, en uit de rente werden de kosten van het onderhoud, de verfraaiing en de exploitatie van het museum bestreden.
In 1867, toen er voldoende geld was gespaard, maakte men de achterzaal gereed voor een passende presentatie van de oudheden. Om een min of meer Griekse sfeer te creëren bracht men een zogenoemd cassettenplafond aan – een type plafond dat bekend is uit gebouwen uit de Oudheid. Verantwoordelijk voor deze verbouwingsronde was rijksbouwmeester W.N. Rose, samen met Berlage en Cuypers een der groten uit de Nederlandse architectuurgeschiedenis.
Rechts was vroeger de slaapkamer van de baron; links was een kamer die hij gebruikte om zijn oudheden op te slaan – een waar pakhuis. Nu hangen rechts de portretten die Van Westreenen verzamelde, niet als kunst maar om zijn afkomst te tonen. In deze ‘vooroudergalerij’ (de volledige collectie telt 40 doeken) zijn nu voornamelijk leden van de familie Meerman te zien.
In de achterzaal zijn in hoofdzaak de oudheidkundige collecties ondergebracht: de Egyptische collectie, een grote verzameling antieke munten, de Griekse collectie (die voor een belangrijk deel bestaat uit vazen en wat terracottamateriaal) en de Romeinse collectie. Ook de oudheden van vaderlandse bodem zijn hier opgeborgen.
In een kabinet aan de achterkant zijn bovendien de Italiaanse panelen te zien. Toen Van Westreenen nog leefde had hij een verdieping lager een kabinetje met precies dezelfde plattegrond, maar gespiegeld, dat was ingericht als een soort kapel. Daarin waren de Italiaanse en andere middeleeuwse panelen ondergebracht.
Gebouw
Het behang
Je zou er zomaar aan voorbij lopen, aan het behang in de rechter voor- en achterkamer in het Museum Meermanno. Er is hier al zoveel moois te zien, en behang is maar behang, niet?
Toch loont het de moeite dit behang goed te bekijken. U ziet hier namelijk het oudste papierbehang dat in Nederland ter plekke bewaard is gebleven.
Is dit meteen het oudste papierbehang in Nederland? Nee, het oudste fragment is (pas in 1994) aangetroffen op een kastdeur in een opkamer aan het Rapenburg in Leiden. Dat fragment dateert van omstreeks 1760. En dan heb je nog het behang, uit 1765, in een kamer aan de Oudegracht in Utrecht. In beide gevallen gaat het om Engels behang.
Engeland domineerde lang de markt voor papierbehang in Europa, maar aan het eind van de 18de eeuw nam Frankrijk die positie over. Omstreeks 1785 telde alleen Parijs al vijftig fabriekjes die uitsluitend behang produceerden. De belangrijkste fabriek was die van Jean Baptiste Réveillon (1725-1811), de leverancier van het behang dat in het Museum Meermanno te zien is. Réveillon had driehonderd mensen in dienst en liet zijn behang door bekende kunstenaars ontwerpen.
De zogenoemde grisailles (grauwschilderingen) van het Haagse behang worden toegeschreven aan de decoratieschilder Jean Honoré Fragonard, de ornamentiek aan de ontwerper Jean Baptiste Fay. De voorstellingen en de decoraties zijn geïnspireerd op de Romeinse fresco’s die niet lang te voren in Herculaneum en Pompeii waren ontdekt.
Het Réveillonbehang in het Museum Meermanno dateert van omstreeks 1788. Kort nadat het woonhuis van de baron een museum was geworden – in het midden van de 19de eeuw – schoof men er wandenvullende boekenkasten voor. Toen die kasten in 1958 werden verwijderd, kwam het behang tevoorschijn, nog fris van kleur en nauwelijks beschadigd.
Gebouw
De hondengrafjes
Baron Van Westreenen was niet alleen een groot liefhebber van handschriften, boeken en kunst, maar ook van honden. Tijdens zijn leven had hij er minstens zeven. Hun namen zijn bekend: Caesar, Negresse, Diana, Actaeon, Donau, Leto en Feltlauff.
Toen Diana, Actaeon, Donau en Leto stierven, werden ze bijgezet in een kleine begraafplaats die voor het koetshuis was aangelegd. Van Westreenen liet op hun graven stenen met inscripties plaatsen. Het was de bedoeling dat Feltlauff, die zijn baasje overleefde, in het graf van de baron zou worden bijgezet – hij had dit testamentair laten vastleggen – maar dat is niet gebeurd.
De grafstenen voor de honden zijn nog te zien in de tuin van het museum. De grafschriften, in het Latijn, wemelen van de spelfouten omdat de steenhouwer het handschrift van de baron niet goed kon lezen. Zo staat er bijvoorbeeld
Hollndico op de steen van Leto, waar
Hollandico had moeten staan. De teksten getuigen van veel liefde. Zo luidt de graftekst voor Actaeon: ‘Ter nagedachtenis aan het spierwitte hondje Actaeon, toonbeeld van ijdelheid en schoonheid, heeft bBron Van Westreenen van Tiellandt met een bedroefd gemoed deze steen geplaatst in het jaar 1845.’
Op 22 juli 1878 haalde de
Arnhemsche Courant een anekdote op over Van Westreenens ongewone hondenliefde: ‘Wanneer een zijner viervoetige huisgenooten het tijdelijke met het eeuwige verwisselde, […] had er eene plegtige begrafenis plaats; de baron zelf ging, gekleed met zijn gegalonneerden rok van thesaurier en archivaris van den Hoogen Raad van Adel, als eerste rouwdrager achter het lijk, dat in een fraaije kist besloten was. De lijfjager [een bediende] volgde met de nagebleven honden, als nabestaanden van den overledene, en alle andere dienstboden van den huize namen deel aan den begrafenisstoet.’
‘Dit fraaie verhaal’, oordeelde W.A. Laseur in 1998, ‘bevat stellig een kern van waarheid. Voor Van Westreenen bezaten zijn huisdieren bijna menselijke waarden.’
Gebouw
Het scriptorium
Wie ’s ochtends het Museum Meermanno bezoekt, loopt grote kans om een schoolklas tegen te komen. Kinderen die geknield voor de glazen kast in de achterzaal naar de mummie van de kat kijken (‘Dat is toch gewoon zielig!’), of die op weg zijn naar de zolderverdieping, waar het zogenoemde scriptorium is gevestigd.
Daar kun je van alles doen. Gehuld in monnikspij met een ganzenveer een eigen tekst schrijven of een regel van Augustinus overschrijven (in Gotische letters). Met loden letters een stuk tekst zetten, zoals het vroeger ging, zodat je even achterstevoren, ondersteboven en in spiegelbeeld leest. Of op Apples een schoolkrant of een verjaardagskrant maken, met behulp van een speciaal voor het museum gemaakt desktop publishing-programma. Binnen een uur is zo’n krant geprint en gevouwen.
Wie ’s middags het Museum Meermanno bezoekt, loopt grote kans om groepen volwassenen tegen te komen. Ook zij eindigen vaak in het scriptorium, want het educatieve programma van het museum is een groot succes. Sinds de verbouwing van de zolder, in 2000, is het aantal groepen op jaarbasis gestegen van 40 tot maar liefst 400 – ongeveer de helft kinderen en de helft volwassenen.
Voor alle groepen geldt dat het werk op zolder wordt gecombineerd met een bezoek aan de collectie. Voorafgaand aan de kalligrafieles met ganzenveer worden er handschriften getoond (waarin je kunt zien dat ook monniken geregeld woorden of zelfs zinnen vergaten). Voorbeelden van de vroege boekdrukkunst dienen als inspiratie bij het zetten in loden letters. Voor er met de Apples wordt gewerkt, worden er topstukken uit de moderne collectie van het museum bekeken.
In de meeste musea kun je slechts kijken. In het Museum Meermanno kun je ook
doen – dingen die bijna vanzelf de liefde voor het boek opwekken.
Private press
Boutens’ ‘Naenia’
Vanaf het eind van de 19de eeuw hielden kunstenaars zich met de vormgeving van boeken bezig en aan het begin van de 20ste eeuw ontstonden in Nederland de
private presses. Een schakel tussen deze twee was de dichter P.C. Boutens (1870-1943), die op eigen rekening bibliofiele uitgaven liet maken, die hij vervolgens voor veel geld aan liefhebbers verkocht.
Een van de zeldzaamste bibliofiele uitgaven van Boutens is
Naenia, dat in 1903 werd gedrukt door Joh. Enschedé en Zonen. Het colofon vermeldt dat er van dit boekje slechts twaalf exemplaren zijn gedrukt, maar recent archiefonderzoek suggereert dat het er misschien veertien zijn geweest.
Naenia – dit betekent ‘lijkzang’ of ‘treurdicht’ – bevat een in memoriam en een lijkdicht voor jonkheer Willem van Tets, een leerling van Boutens die in 1900 op vijftienjarige leeftijd aan een hersenvliesontsteking was overleden.
Naenia is gedrukt op Hollandsch papier van Van Gelder. Het is gebonden in een perkamenten band, er is gebruikgemaakt van een oude letter (de Augustijn nr. 28) en het boekje bevat twee initialen ontworpen en met de hand getekend door de kunstenaar Jan Toorop.
Uit de bewaard gebleven correspondentie tussen auteur en uitgever blijkt hoe intensief Boutens zich met deze uitgave bemoeide. De laatste regel van de derde strofe van het ‘In memoriam’ luidt: ‘Ons adem keert uit U in angstgefluister’. Eerst werd deze zin, aldus Boutens, door een ‘ondragelijke drukfout’ getroffen: ‘u’ was weggelaten. Vervolgens ging er nog iets mis. Boutens in een brief aan Enschedé: ‘De ingevoegde U moet een kleine u zijn en geen hoofdletter. Als U de letters nog gezet hebt staan, zag ik dit nog graag veranderd.’ Maar het zetsel was al uit elkaar genomen, en vanwege de vele proeven was het bestelde papier op.
Een van de zeldzaamste bibliofiele boeken uit de Nederlandse literatuur bevat dus nog steeds een foutje.
Ga naar de online catalogus >Private press
Matrijzen Zilverdistelpers
In 1909 richtten Jan Greshoff, J.C. Bloem en P.N. van Eyck naar Engels voorbeeld de eerste Nederlandse
private press op: de Zilverdistel. De grote man achter deze pers werd al snel een nieuw bestuurslid: mr. Jean François van Royen (1878-1942). Van Royen, die sinds 1904 in dienst was bij de P.T.T., had een uitgesproken mening over het overheidsdrukwerk, die hij in 1912 als volgt verwoordde in het boekentijdschrift
De witte mier: ‘Laten we het in drie woorden zeggen: het Rijksdrukwerk is leelijk, leelijk, leelijk, d.i. driewerf leelijk in lettervorm, in zetwerk en in papier, de drie hoofdelementen, waaruit het druk-karakter is samengesteld.’
In 1914 gaf Van Royen de bekende typograaf S.H. de Roos opdracht een letter voor de Zilverdistel te ontwerpen, de
Zilvertype, die in 1915 gereedkwam. Uit de bewaard gebleven en later gepubliceerde correspondentie – 152 brieven en kaarten – blijkt hoe intensief Van Royen zich met dit ontwerp heeft bemoeid. Een tweede letter, de
Disteltype, die in opdracht van Van Royen werd ontworpen door de Frans-Britse kunstenaar/drukker Lucien Pissarro, kwam in 1915 gereed.
Van Royen leidde de Zilverdistel tot 1922, waarna hij de naam van deze pers veranderde in Kunera Pers.
Het laatste boekje dat Van Royen drukte, op 1 maart 1942, is
In den keerkring, een dichtbundeltje van P.C. Boutens. Vier dagen na het voltooien van dit boek werd Van Royen opgepakt door de Duitsers en opgesloten in kamp Amersfoort, waar hij twee maanden later stierf van uitputting.
De pers van Van Royen was toen al gedemonteerd en ondergebracht in het Nederlands Postmuseum. Na vervolgens jarenlang in de magazijnen van de Koninklijke Bibliotheek te hebben gestaan, verhuisde de pers met alle toebehoren in 1964 naar het Museum Meermanno, samen met Van Royens complete archief. Inmiddels beschikt het Meermanno zelfs over de unieke matrijzen voor beide lettertypen.
Private press
Cranach Presse, Petronius’ Satyricon
Uitgaven van de Duitse Cranach Presse komen regelmatig op veilingen, maar wisselen dan steeds voor topprijzen van eigenaar. De uitgaven van de Cranach Presse zijn zo gezocht omdat ze tot de klassieken van de moderne boekdrukkunst behoren.
De Cranach Presse is opgericht door de Duitse graaf Harry Kessler (1868-1937). Kessler was een kosmopoliet. Zijn vader was een rijke Hamburgse bankier, zijn moeder een Ierse barones. Kessler groeide op in Duitsland, Frankrijk en Engeland. Hij was publicist (en hield een dagboek bij), diplomaat, kunstverzamelaar, museumdirecteur en uitgever.
Na ervaring te hebben opgedaan bij onder meer de Insel-Verlag begon Kessler in 1913 in Weimar zijn eigen drukkerij/ uitgeverij. Kosten noch moeite werden gespaard om de mooiste en meeste luxueuze boeken te maken – boeken die al snel een voorbeeld werden voor andere
private presses in Europa. Kessler werkte alleen met de beste drukkers, lettersnijders, illustratoren en binders. Ook hierin toonde hij zich een kosmopoliet: hij bevorderde consequent de internationale samenwerking tussen kunstenaars, en van zijn boeken verschenen soms drie edities: een Franse, een Duitse en een Engelse.
In 1927 vroeg Kessler de Duitse kunstenaar Marcus Behmer om illustraties te maken bij een editie van de
Satyricon van Petronius, een schelmenroman uit de Romeinse tijd over de zelfkant van de samenleving. Wegens verplichtingen aan andere uitgeverijen slaagde Behmer er pas in 1930 in de eerste houtsneden te leveren. Tegen die tijd verkeerde de Cranach Presse in financiële moeilijkheden. Behmer leverde in totaal 46 houtsneden in, maar de
Satyricon is nooit verschenen. Vanaf 1931 zocht Kessler medefinanciers voor zijn pers en in 1933 verliet hij Duitsland voorgoed, uit afkeer van de nazi’s.
Van de
Satyricon zijn wél enkele proefdrukken gemaakt, die nóg zeldzamer zijn dan de uitgaven van de Cranach Presse. Een van die proefdrukken, die bestaat uit twee gevouwen bladen, maakt deel uit van de museumcollectie.
Ga naar de online catalogus >Private press
’Het echte Oud-Hollandse ornaprentenboek’
Het colofon bevat een dialoog over de totstandkoming van dit bijzondere boek. ‘Op een keer trok ik een kast met een groot, weinig gebruikt corps open en wat zie ik daar? Een man met een bolhoed op.’
Aan het woord is Henk van Otterloo, indertijd notaris en margedrukker. In het colofon richt Van Otterloo zich tot ‘zijn knechtje’ Ton van Zuilen, een pseudoniem van de Utrechtse kunstenaar J.H. Moesman. ‘Nou maar Ton daar zijn die ornamentjes toch niet voor. Die zijn toch om mooie randjes te maken!’
Bij oude lettercorpsen zitten doorgaans allerlei ornamenten – sierranden, wijzende handjes, klavertjes enzovoorts – waar je, met de nodige fantasie, allerlei figuurtjes mee kunt maken, zoals ‘een man met een bolhoed op’. Dat was wat ‘Ton’ had gedaan, en waar hij op verzoek van Van Otterloo mee doorging.
Samen maakten en drukten ze, in zes jaar tijd, uiteindelijk negen prenten, waarvoor het zetsel is opgebouwd uit tientallen ornamenten. We zien bijvoorbeeld een portret van Laurens Jansz. Coster, een zeemeermin en een schilderijententoonstelling. De prenten werden samengevoegd in een boekje getiteld
Het echte Oud-Hollandse ornaprentenboek tot lering ende vermaak voor margebedrukkers en andere knutselaars met afgedankt zetmateriaal gezet. Het werd op 19de-eeuws papier gedrukt en verscheen in 1982 in een oplage van 100 exemplaren bij Van Otterloos Green Escape Press.
Begin jaren tachtig waren de druktechnieken ingrijpend veranderd, en Moesman en Van Otterloo beseften dat (‘nu alles fotografisch gaat’) hun monnikenwerk mogelijk niet meer als handwerk te herkennen zou zijn. Daarom lieten zij het procedé vastleggen in een notariële akte, die mede werd ondertekend door Dick Bruna.
Ook het zetsel bleef overigens bewaard. Dit werd in 2006 overgedragen aan het Museum Meermanno. Om het kwetsbare zetsel te kunnen exposeren en verantwoord te kunnen bewaren, liet het museum speciale houten opbergdozen maken.
Ga naar de online catalogus >Private press
Drukkers in de Marge
In 1985 publiceerde het Museum Meermanno
Drukkers in de marge. Dit boekje verscheen ter gelegenheid van het tienjarig bestaan van de Stichting Drukwerk in de Marge, een vereniging van plezierdrukkers.
In de roerige jaren zestig was er van alles en nog wat veranderd, ook in de druktechnieken. Offset nam de plaats in van het zetten en drukken met loden letters op de handpers: die oude materialen werden met containers tegelijk weggegooid. De amateurdrukkers hebben daarvan nog veel materiaal gered en drukten voortaan hun boekjes thuis, in de schuur, de keuken of de huiskamer.
In de jaren zeventig nam het aantal Nederlandse marginale drukkers snel toe, mede geïnspireerd door buitenlandse
small presses. Dat het drukken een tijdrovende bezigheid was, zag je terug in de namen van de kleine drukkers, namen als
De slofpers,
De Lange Afstand en
Presse d’Escargot.
Er is veel vergaderd over de doelstellingen van de Stichting Drukwerk in de Marge, en die doelstellingen zijn niet altijd hetzelfde gebleven. Was men in de beginjaren van mening dat margedrukkers ‘nauwelijks geïnteresseerd’ dienden te zijn in verkoop of omzet, in 1982 werd de definitie van ‘niet-commercieel’ opgerekt: van de 200 margedrukkers die indertijd waren aangesloten, waren de meesten nu ‘wel bereid hun voortbrengselen te verkopen om althans een deel van hun kosten terug te verdienen’.
Maar het voornaamste bleef dat margedrukkers ‘niet-beroepsmatig’ werkten, dat wil zeggen: dat zij drukten in hun vrije tijd, ‘uitdrukkelijk voor hun genoegen’.
Dat dit genoegen breed werd gedeeld is onder meer terug te zien in de tientallen projecten die de margedrukkers sinds 1981 gezamenlijk hebben ondernomen. Vaak ging het daarbij om huldeblijken voor collega-margedrukkers. Een voorbeeld hiervan is
Zo’n uitvreter toch! Een vriendendoos voor Kees Thomassen. Deze fraaie doos, met daarin 23 bijdragen van margedrukkers, verscheen in 2000 in een oplage van 45 exemplaren.
Ga naar de online catalogus >Moderne boekvormgeving
N.V. Drukkerij Trio
Omstreeks 1930 besloot Drukkerij Trio een relatiegeschenk te maken om ‘bekendheid te geven aan het vele, dat Drukkerij Trio vermag’.
In de jaren daarvoor had deze Haagse drukkerij naam gemaakt met drukwerk dat mede was opgevallen door de gewaagde en vernieuwende vormgeving van Piet Zwart (1885-1977).
Zwart, die indertijd op een architectenbureau werkte, had aanvankelijk helemaal geen ervaring met typografie (‘Ik wist niet eens wat onderkast was of kapitaal’) maar juist daardoor kon hij er met een frisse blik naar kijken.
In het relatiegeschenk van Drukkerij Trio zouden voorbeelden worden opgenomen van gedurfde typografische ontwerpen en van zogenoemde foto-typografie in meerkleurendruk. Piet Zwart schreef er een stuk in getiteld ‘van oude tot nieuwe typografie’. Na een overzicht van de historische stijlen definieerde Zwart hierin een aantal belangrijke kenmerken van de nieuwe typografie: haar zakelijkheid, haar technische precisie, functionaliteit en asymmetrie. Zwart vond dat een letter ‘elementair’ moest zijn: ‘hoe oninteressanter de letter, hoe typografisch bruikbaarder’. Daarnaast pleitte hij voor het resoluut afschaffen van hoofdletters.
De raad van bestuur van Drukkerij Trio moet geschrokken zijn van dit bevlogen manifest. De raad nam al gast terug in het voorwoord (‘Wij hebben niet de bedoeling […] propaganda te maken voor een bepaalde typografische opvatting’), maar kennelijk ging dit niet ver genoeg, want uiteindelijk besloot men dit relatiegeschenk helemaal niet uit te geven. Van het eerste Nederlandse manifest over de nieuwe typografie, geschreven door een van Nederlands bekendste vormgevers ooit, werd bij Drukkerij Trio slechts een drukproef gemaakt. Van die drukproef zijn slechts enkele exemplaren bewaard gebleven. Twee – onderling verschillende - proeven kwamen terecht bij het Museum Meermanno.
Ga naar de online catalogus >Moderne boekvormgeving
Irma Boom: SHV 1896-1996
Toen dit elf centimeter dikke boek, dat 2.136 ongenummerde pagina’s telt, in 1996 verscheen, veroorzaakte het een sensatie. En nog altijd komen jonge typografen speciaal naar het Museum Meermanno om dit 3,5 kilo zware boek te bekijken. Dit vanwege de druktechnische hoogstandjes waarmee het is vervaardigd: laserdruk, perforaties, complexe rasters en andere in boeken zelden vertoonde vondsten.
Stellig is dit het duurste jubileumboek dat ooit is verschenen. Vormgeefster Irma Boom en kunsthistoricus Johan Pijnappel kregen van Paul Fentener van Vlissingen (1941-2006) de opdracht om ter gelegenheid van het honderdjarig bestaan van de Steenkolen Handels-Vereeniging (SHV) een boek te maken dat aansloot bij het motto van dit familiebedrijf: ‘Look for the unusual’. Ze werkten ruim vijf jaar aan dit jubileumboek, dat uiteindelijk zo’n 1,3 miljoen euro kostte.
Voor het binnenwerk werd speciaal papier gemaakt dat eeuwen houdbaar blijft. In de losse rug werd een stalen plaat toegevoegd, die de jaartallen 1896 en 1996 op het boekblok zó weerspiegelt dat er ‘2096’ komt te staan (‘alsof het boek zelf met zijn honderdjarige geschiedenis de komende eeuw een spiegel voorhoudt’). Op de snede van het boek, dat acht leeslinten telt, is een tulpenveld afgedrukt, dat bij het doorbladeren veranderd in een gedicht van Gerrit Achterberg (‘De Bolero van Ravel’). Drukkerij Rosbeek in Nuth moest drie maanden lang al het andere werk stilleggen om dit boek te kunnen drukken.
Het verscheen in twee edities: een Nederlandse in het wit (oplage 4.000) en een Chinese in het zwart (oplage 500). De Chinese editie is niet wit, omdat dit daar de kleur van de dood is.
Het Museum Meermanno bezit, als een van weinige instellingen in Nederland, beide edities. Overigens is de titel van het jubileumboek op geen van beide exemplaren te zien, want pas na intensief gebruik verschijnen er drie letters: SHV.
Ga naar de online catalogus >Archieven
Romulus-ontwerpen door Jan van Krimpen
Jan van Krimpen (1892-1958) is een van de belangrijkste letterontwerpers en typografen die Nederland heeft voortgebracht. Door schenkingen, bruiklenen en aankopen bezit het Museum Meermanno een Van Krimpen-archief dat 315 objecten telt, met daarin ontwerpen van uitgeversvignetten, postzegels en grafstenen, drukproeven (ook van nooit verschenen boeken), brieven, lezingen en letterontwerpen. Toen het museum in 1975 voor 35.0000 gulden (16.000 euro) de zogenoemde Romulus-ontwerpen aankocht, meldde het jaarverslag: ‘Thans kan gezegd worden dat op een enkele uitzondering van gering belang na, het geheel van ontwerpen van deze wereldberoemde letterontwerper voor Nederland behouden is.’
Van Krimpen, die sinds 1925 in dienst was bij drukkerij Enschedé, ontwierp de Romulus tussen 1931 en 1937. ‘Het denkbeeld’, schreef hij later, ‘was een volledige letterfamilie te creëren, bestaande om te beginnen uit romein, schuine romein, halfvet en smal-halfvet, ten minste vier gradaties schreefloos, een script, en een aantal Griekse karakters.’ Alles bij elkaar ging het om een plan, aldus Van Krimpen, ‘ambitieuzer dan voor- of nadien ooit ter hand is genomen in de geschiedenis van de letterproduktie’.
Van Krimpen had deze letterfamilie zelf
Epiphania willen noemen, maar dat vond zijn leermeester, de Britse typograaf Stanley Morison, ‘te moeilijk voor de gemiddelde drukker’. Bij de Monotype Corporation, die de letter samen met Enschedé in productie nam, noemde men de nieuwe lettergroep aanvankelijk
Van Krimpen face, maar daar wilde Van Krimpen niets van weten. Er passeerden nog diverse namen, tot de Amerikaanse typografe Beatrice Warde in 1939 de knoop doorhakte. Het moest
Romulus worden, schreef zij aan Van Krimpen, want ‘als dat geen goede Romein was, wie dan wel?’ (volgens de legende was Romulus de stichter van Rome).
De letterontwerpen staan op grote borden die laten zien hoe ongelooflijk nauwkeurig Van Krimpen werkte. Ze bevatten geen enkele doorhaling.
Ga naar de online catalogus >Archieven
Ralph Chubb, ‘Water Cherubs’
Het Museum Meermanno bezit niet alleen drukwerk van marginale drukkers, maar soms ook complete archieven. Dit geldt bijvoorbeeld voor het archief van de Britse dichter, drukker en kunstenaar Ralph Chubb (1892-1960). De zogeheten ‘Ralf Chubb Memorial Collection’ van het Meermanno is uniek in de wereld. Zij bevat onder meer alle werken die Chubb tussen 1924 en 1960 uitgaf, gecompleteerd met luxe, handgekleurde exemplaren, postume werken, proeven, manuscripten, foto’s, tekeningen, schilderijen, correspondentie (bijna 900 brieven) en houtblokken. In totaal gaat het om 2.235 objecten, waaronder, aldus de inventarislijst van het museum, ‘1 knuffeldier’.
Chubb was een zonderlinge man. Zijn leven is in 1970 beschreven door Anthony Reid en beter kunnen we Chubbs tragische leven niet samenvatten: ‘Wat de Engelse kunstenaar en excentriekeling Ralph Nicholas Chubb tot stand heeft gebracht, is gauw gezegd. Hij maakte schilderijen, die niemand kocht. Een paar zijn er zelfs door gechoqueerde mensen vernield. Hij schreef boeken, die bedrijven weigerden te drukken. Clandestien vervaardigde exemplaren werden voor schandalig uitgemaakt en zelfs ritueel verbrand. Maar in zijn overtuiging dat hij een door God gezonden genie was, weigerde de kunstenaar zich door wat dan ook te laten tegenhouden. Zijn boodschap – die een eigenaardige religie en nog eigenaardiger seksuele activiteiten verkondigde – móést aan de wereld worden gebracht.’
Zijn volharding en zeer individuele overtuiging plaatsen hem in een Engelse traditie die teruggaat naar William Blake, ook door de wijze van productie.
Chubb bracht zijn boodschap in gelithografeerde boeken die hij zelf schreef, illustreerde en drukte. We zien er veel jonge blote jongens in, wat aansloot bij Chubbs geaardheid. Van het hier afgebeelde
Water Cherubs uit 1936 zijn dertig exemplaren gedrukt, op drie soorten papier. Aan geen boek had hij zo hard gewerkt als aan dit werk, aldus Reid. Als annotatie lezen we: ‘Illustrations are of nude boys. Text is outspoken.’
Ga naar de online catalogus >Archieven
Van Goors kinderboeken
Een van de bekendste kinderboekenuitgevers uit de 20ste eeuw was G.B. van Goor. Van Goor stond vooral bekend om de geïllustreerde kinderboeken. Vrijwel alle jeugdboekenillustratoren van naam hebben in de loop der jaren voor deze uitgeverij gewerkt.
In de tweede helft van de 20ste eeuw werd Van Goor overgenomen door Elsevier. Bij die gelegenheid kwam het complete illustratiearchief van Van Goor bij Elsevier terecht, dat het in 1982 afstond aan het Museum Meermanno.
Het illustratiearchief van Van Goor beslaat tientallen meters archiefdozen, met daarin duizenden oorspronkelijke tekeningen van honderden illustratoren. Je hoeft maar een willekeurige doos te openen om een schat op te delven. Zo vind je in een van die mappen de originele tekeningen die Nans van Leeuwen (1900-1995) in 1938 maakte bij een boek van Emmy Vosma getiteld
Hoe Els in wonderland kwam (een titel die duidelijk is geënt op
Alice in Wonderland).
Deze tekeningen zijn niet alleen mooi, ze bevatten soms ook nuttige historische informatie. Zo zien we op de eerste illustratie in dit boek twee jongens met open monden in de deuropening van een snoepwinkel staan. Hun gezichten zijn zwartgemaakt en in hun handen houden zij een pot. De meisjes in de winkel luisteren aandachtig. Wat zijn die jongens aan het doen?
Op pagina 13 lezen we het antwoord: ‘Ze hadden allemaal een bloempot in hun linkerarm gekneld, waarover een varkensblaas was gespannen. Door ’t gaatje, dat in de varkensblaas was gemaakt, bewogen ze een rietje op en neer, waardoor een eigenaardig zoemend geluid ontstond. Duidelijk hoorde je foeke-foeke-foeke. Dat was de muziek bij de vastenavondliedjes.’
We zien hier dus een afbeelding van een zogenoemde
foekepot of
rommelpot – een voorwerp dat werd gebruikt bij een kinderritueel dat inmiddels is verdwenen.
Ga naar de online catalogus >Archieven
John Buckland Wright,‘The vigil of Venus’
Onder de boekillustratoren van de 20ste eeuw neemt John Buckland Wright (1897-1954) een belangrijke plaats in. Buckland Wright werd in Nieuw-Zeeland geboren, maar woonde het grootste deel van zijn leven in Europa. In 1929 begon deze kunstenaar, die eigenlijk was opgeleid tot architect, als boekillustrator bij de Nederlandse uitgever A.A.M. Stols.Vanaf 1936 werkte hij voornamelijk voor Engelse uitgevers, waaronder The Folio Society en de Golden Cockerel Press.
Het Museum Meermanno bezit de belangrijkste en grootste Buckland Wright-collectie ter wereld. Vrijwel alle boeken die hij illustreerde zijn aanwezig, samen met vrije grafiek, schetsen en zo’n tweeduizend brieven. De meeste brieven – 473 in totaal – zijn gericht aan Christopher Sandford van de Golden Cockerel Press.
In totaal illustreerde Buckland Wright zestien boeken voor de befaamde Golden Cockerel Press. Zelf was hij het meest tevreden over
Pervigilium Veneris. The Vigil of Venus, een vertaling door F.L. Lucas van een anoniem liefdesgedicht uit de Oudheid.
Dit boek verscheen in 1939 in een oplage van honderd exemplaren. In een catalogus heeft ooit gestaan dat vijftig exemplaren later per ongeluk zijn vernietigd, maar daar is nooit een bewijs voor gevonden.
Buckland Wright werkte twee jaar aan de illustraties voor dit boek. Over de houtgravures kreeg hij ruzie met Sandford, mede over het (te lage) erotische gehalte van de illustraties. Daarna maakte hij kopergravures.
In 2006 kocht het Museum Meermanno op een veiling van Christie’s een complete en unieke set proeven van dit boek, met daarop uitgebreide zetaanwijzingen en aantekeningen. Het gaat hier om een zogenoemde plakproef.
The Vigil of Venus verscheen in december 1939. Kort daarvoor, op 3 september 1939, had Engeland Duitsland de oorlog verklaard. Vanwege de politieke toestand bleef dit boek, dat Buckland Wright beschouwde als zijn mooiste werk, geheel onbesproken in de pers.
Ga naar de online catalogus >Archieven
M.C. Escher, ‘Regelmatige vlakverdeling’
Stichting De Roos werd in juni 1945 opgericht – een maand na de bevrijding van Nederland. Tijdens de Tweede Wereldoorlog waren er heel wat clandestiene bibliofiele uitgaven verschenen, en die liefde voor het boek wilden de oprichters levend houden. In hun eerste prospectus verduidelijkten zij: ‘Het maken dus van boeken en drukwerken enkel om de ongerepte en dus ook onbaatzuchtige liefde voor typografie en kunst, in alle denkbare vormen waarin deze kunnen samengaan.’ De bekendste en antiquarisch meest gezochte uitgave van Stichting De Roos is
Regelmatige vlakverdeling uit 1958 van M.C. Escher.
Sinds 2003 is het Museum Meermanno in het bezit van het archief van Stichting De Roos. Dit rijke archief bevat onder meer de ledenadministratie, de notulen, het productiemateriaal en de zogenoemde projectdossiers van de uitgaven, die worden geproduceerd in een oplage van 175 exemplaren. Uit het projectdossier van
Regelmatige vlakverdeling blijkt dat Escher eerst was gevraagd om een boek van Belcampo te illustreren. Maar Escher voelde meer voor een eigen tekst, over zijn grote specialisme. ‘Het zou’, schreef hij in 1956 aan bestuurslid Karel Asselbergs, ‘een hoogst curieuze uitgave kunnen worden; in alle geval iets, (in alle bescheidenheid gezegd), dat geen enkele andere graficus op de hele aardbol, U zou kunnen leveren. ’t Klinkt niet erg bescheiden, maar wat kan ik er aan doen? Zo is het nu eenmaal.’
Het Museum Meermanno bezit niet alleen het eerste exemplaar (nr. 1) van dit gezochte boek, maar ook de proeven plus de houtblokken die Escher ervoor maakte. Dat het Museum Meermanno het eerste exemplaar verwierf, komt doordat het museum het abonnement op de uitgaven van Stichting De Roos overnam van M.R. Radermacher Schorer, een van de grootste verzamelaars van bibliofilie die Nederland ooit heeft gekend. Het Meermanno heeft veel aan Radermacher Schorer te danken: ruim 4.000 van de fraaiste exemplaren uit diens collectie zijn in het museum terechtgekomen.
Ga naar de online catalogus >Archieven
Archief Helmut Salden
‘Mijn behoefte aan ordening en subtiliteit in mijn werk’, zei Helmut Salden ooit, ‘komt voort uit de chaos in mijn leven.’
Helmut Salden (1910-1996), die opgroeide in Essen in Duitsland, verliet zijn vaderland in 1933, na de machtsovername door Hitler. Na verblijf in Parijs, Mallorca en Zwitserland kwam hij, mede door toedoen van de dichter Hendrik Marsman, in Nederland terecht. Daar bracht Menno ter Braak hem in contact met Nederlandse uitgevers, die al snel wegliepen met zijn werk.
De Tweede Wereldoorlog bracht voor Salden: onderduiken, arrestatie, terdoodveroordeling wegens dienstweigering, begenadiging tot tuchthuisstraf, deportatie, opsluiting in diverse concentratiekampen en bevrijding door de Russen.
Na de oorlog keerde hij terug naar Nederland, waar hij – met zijn behoefte aan ordening en subtiliteit – een gevierd boekontwerper werd. Hij werkte in totaal voor 65 uitgevers. Het meeste werk verzette hij voor De Arbeiderspers (258 titels, plus 2 tijdschriften), Van Oorschot (181 titels, waaronder de Russische Bibliotheek), Stols (86 titels, plus 1 tijdschrift) en uitgeverij Contact (75 titels, plus 2 tijdschriften).
Saldens werk werd vele malen tentoongesteld en bekroond. Hij verwierf tweemaal een staatsprijs, in 1949 voor het verzameld werk van Menno ter Braak en in 1952 voor dat van J.H. Leopold. In 1954 ontving hij de H.N. Werkmanprijs van de gemeente Amsterdam voor het verzameld werk van Paul van Ostaijen. Na nog diverse buitenlandse prijzen ontving hij in 1994 de oeuvreprijs van de Stichting Fonds voor Beeldende Kunsten, Vormgeving en Bouwkunst.
Vanaf het begin van de jaren tachtig nam Salden geen opdrachten meer aan, maar hij ging wel vaak in op ‘verzoeken’ en hij werkte tot de dag voor zijn dood. Het laatste wat hij maakte was een vignet voor de Vrienden van de Koninklijke Bibliotheek.
In 1996 verwierf het Museum Meermanno het complete archief van Helmut Salden.
Ex libris
Ex libris-collectie Jansen-Ebing
Het Museum Meermanno bezit een veelzijdige ex libris-collectie, een van de grootste ter wereld. In totaal gaat het om ruim 330.000 bladen, die sinds 1929 door aankoop of schenkingen zijn verkregen. De verzameling bevat niet alleen ex libris, maar ook – wat het allemaal nóg interessanter maakt – ontwerpschetsen, houtblokken, clichés, proefdrukken, varianten, naslagwerken en correspondentie.
De kern van de collectie werd bijeengebracht door beroemde verzamelaars op dit gebied, onder wie J.F. Verster, Johan J. Schwencke en Eugène Strens. In 1995 kwam er nog een imposante verzameling bij, die van uitgever Johan H.A. Jansen (1913-1992) en zijn vrouw Hillegonde Jansen-Ebing.
Het echtpaar Jansen-Ebing werkte ruim 54 jaar aan hun verzameling. Onder ex libris-verzamelaars worden vaak hele collecties in één keer aangekocht, maar Jansen en zijn vrouw verzamelden de ex libris blad voor blad, met gemiddeld 1.500 bladen per jaar. Alle aanwinsten werden gemonteerd op groengrijze opzetkartons en opgeborgen in kartonnen cassettes. Deze cassettes werden ingedeeld naar het land van herkomst van de kunstenaar. Voor de belangrijkste kunstenaars werden aparte mappen aangelegd.
Jansen en zijn vrouw verzamelden speciale thema’s, waaronder koninklijke ex libris en ex libris met afbeeldingen van Don Quichot en Tijl Uilenspiegel. Goed vertegenwoordigd zijn verder vroege Duitse ex libris uit de periode 1490-1600, oude Engelse uit de jaren 1600-1880, Europese uit de periode 1895-1925 en ex libris uit Tsjechië en Slowakije uit de tweede helft van de 20ste eeuw. In totaal bracht het echtpaar ruim 80.000 bladen bijeen, die werden ontsloten met een kaartsysteem (dat ook meeverhuisde naar het museum).
Wie wil weten hoe het ex libris van bijvoorbeeld Hitler, Mussolini en Chamberlain eruitziet, moet hier een keer komen kijken.
Kunstenaarsboeken
’Ode to a grand staircase’
Vanaf de jaren zestig bestaat in de Verenigde Staten een apart soort kunstenaarsboek, het
artists’ book. Vaak is dat goedkoop en in grote oplage gedrukt en is het verwant aan
pop-art of
fluxus (twee kunststromingen). Daarnaast bestaan er meer traditionele
private presses, die al sinds 1900 (onder invloed van William Morris en anderen) mooie boeken maken.
Sommige van die persen maken heel persoonlijk, soms autobiografisch werk met bijvoorbeeld familiequilts als afbeeldingen. Een van de meer subtielere persen is de Flying Fish Press van Julie Chen in Berkeley, Californië. Chen is docente in ‘Book Arts’ aan het Mills College. Zij richtte deze pers op in 1987. Tegenwoordig geeft zij vrijwel alleen nog werk uit, maar voorheen werkte zij meestal samen met beeldend kunstenaars. Haar streven is om ‘kunstwerken uit te geven die lezen als boeken, en boeken met de impact van beeldende kunst’.
Een mooi voorbeeld van haar ‘boekarchitectuur’ is
Ode to a grand staircase. Chen maakte dit boek in 2001 samen met Barbara Tetelbaum van de Triangular Press, die is gevestigd in Portland, Oregon. Het was, schrijft Chen, een ‘long-distance duet’.
Ode to a grand staircase is geïnspireerd op
Marche du grand escalier, een muziekstuk van de Franse componist Erik Satie. ‘De tekst’, zo lezen we in het colofon, is ‘gebaseerd op de muzikale aanwijzingen en onuitgesproken libretto’s bij zijn partituren.’
Ode to a grand staircase is, als je het uitvouwt, zelf een trap. Een papieren trap met kleurige treden die kunstig zijn uitgesneden met moderne lasertechnieken. Terwijl je de treden afdaalt, lees je: ‘It is a large staircase,/very large/it has more than a thousand steps/all of ivory/it is very beautiful/nobody dares use it/for fear of damaging it.’
Ga naar de online catalogus >Kunstenaarsboeken
Een papieren labyrint
Eigenlijk is dit geen boek om op een foto of in een vitrine te bekijken. Je moet het in handen houden. Als je het oppakt, merk je onmiddellijk dat er iets vreemds aan de hand is. Wij weten uit ervaring wat een boek van die omvang ongeveer moet wegen, en dit boek is veel te licht. Dat komt doordat Margit Rijnaard (1961), de Haagse kunstenares die dit boek tussen 2000 en 2003 maakte, uit alle bladen stukken papier heeft uitgesneden.
Dit is een woordloos boek. Het bevat geen letters, geen typografie en zelfs niet de suggestie daarvan. ‘Dit boek is gekocht’, schreef de conservator moderne collectie van het Museum Meermanno, ‘om de grens van de collectie in beeld te brengen. Dat kan alleen door die af en toe te overschrijden.’
In de ramsj kocht Rijnaard voor een habbekrats een dummy, in een zwart kartonnen omslag. Met potlood voorzag zij alle bladen van patronen, die voornamelijk uit rechthoeken en vierkanten bestaan. Die patronen sneed zij vervolgens uit, een karwei dat, zoals gezegd, drie jaar in beslag nam. Op ieder blad zijn andere patronen uitgesneden. Dat geeft, als je het boek doorbladert, een duizelingwekkend effect.
Het lijkt alsof je in een papieren labyrint terecht bent gekomen, in een matrix van geometrische vlakken en leegtes. Bovendien maakt dit bijzondere kunstenaarsboek – een van de vele in de collectie van het Meermanno – bij het doorbladeren geluid. In de woorden van de conservator: ‘Er klinkt bij het doorbladeren een zacht tikkend geluid, als van riethalmen of van houten lamellen.’
Ga naar de online catalogus >Miniboekjes
Dickens, ‘A Christmas Carol’
Het is een van de bekendste boeken uit de Britse literatuur:
A Christmas Carol van Charles Dickens. Een paar dagen voor Kerstmis in 1843 verscheen de eerste oplage van zesduizend exemplaren die binnen een week was uitverkocht. Sindsdien zijn er talloze edities van dit boek gepubliceerd, maar slechts één is er gebonden in donkerbruin palingleer en niet groter dan een vingerkootje.
Dit miniatuurboekje, dat vanzelfsprekend slechts een fragment van Dickens’ tekst bevat, verscheen in 2004 bij uitgeverij Miniatuur Boekbinden van Tine Krijnen in een oplage van 150 exemplaren. Het telt negen, als een harmonica gevouwen pagina’s met opspringende en bewegende figuren. De tekst, gedrukt in lettergrootte 0,5, is leesbaar met een vergrootglas, en de sluiting aan de voorzijde van het bandje bestaat volgens de uitgever uit een stukje ‘gerecycled ivoor’.
Het Museum Meermanno bezit ruim zeshonderd miniatuurboekjes, waaronder meer dan vijftig uit de 17de en 18de eeuw en enkele tientallen uit de 19de eeuw. De kern van de collectie – ruim 170 boekjes – is afkomstig uit de verzameling van Abraham en Alice Horodisch – bekende namen op dit gebied. Abraham Horodisch was antiquaar in Amsterdam. Sinds 1943 maakte Alice ieder jaar een uniek miniatuurboekje voor zijn verjaardag. Zij ging hiermee door tot haar dood in 1984. Ook al die boekjes, veertig in totaal, zijn aanwezig in het Meermanno.
Het oudste miniboekje in de Meermanno-collectie dateert van 1521 en komt uit Venetië. Een ander topstuk is
Bloemhofje van C. van Lange, dat in 1673 te Middelburg werd gedrukt. Twee eeuwen lang stond dit bekend als het kleinste boekje ter wereld. Het is niet groter dan een vingernagel, telt 24 bedrukte pagina’s, is gebonden in verguld rood marokijn en voorzien van een filigreingouden slotje.
Het Meermanno bezit behalve een exemplaar van
A Christmas Carol, ook een proefpagina van dat boekje, dat niet alleen een miniatuurboek, maar bovendien een pop-up-boek is.
Ga naar de online catalogus >Vrienden van het Museum van het Boek
’Sine amicitia vita non valet’ (naar Cicero)
(‘Zonder vriendschap heeft het leven geen waarde’)
Vrienden en Boeken. Boekenvrienden.
Die combinatie is de kracht van de grote en actieve groep van ruim 800
Vrienden van het Museum van het Boek. Graag nodigen wij u uit om u aan te sluiten bij dit brede netwerk van boekenvrienden.
Als
Vriend ondersteunt u nieuwe ontwikkelingen van het museum, interessante projecten en belangrijke aanwinsten.
Bovendien ontvangt u als Vriend de volgende voordelen:
- gratis toegang tot de vaste collectie en de bijzondere tentoonstellingen van het museum (binnen reguliere openingstijden)
- tweemaal per jaar het speciale Vriendentijdschrift
Leeslint
- uitnodigingen voor openingen van tentoonstellingen van het museum
- uitnodigingen voor de jaarlijkse Vriendendag (met lezingen en demonstraties) en voor de nieuwjaarsbijeenkomst (afwisselend in het museum en elders in het land).
Een bijzondere categorie
Vrienden vormen onze
Begunstigers en
Vrienden voor het Leven. Zij ontvangen naast de bestaande Vriendenvoordelen jaarlijks een bijzondere bibliofiele uitgave van een speciaal geselecteerde tekst die in verband staat met de collecties van het museum.
Voor relaties met bedrijven en/of organisaties maken wij graag afzonderlijke afspraken, om uw behoeften en wensen zorgvuldig in kaart te brengen.
De tarieven van het lidmaatschap zijn voor 2010 vastgesteld op € 25,- voor Vrienden, € 20,- voor studenten en minimaal € 50,- voor Begunstigers. U kunt Vriend voor het Leven worden door een eenmalige donatie van € 500,-.
De Vriendenstichting heeft de zogenaamde
ANBI-status, waardoor bepaalde fiscale faciliteiten gelden. U kunt zich door een notariële akte verbinden tot een fiscaal aftrekbare donatie gedurende tenminste vijf jaren. De Stichting kan u met een dergelijke akte helpen en de kosten daarvan voor haar rekening nemen als de gift minimaal € 200 per jaar bedraagt. Voor legaten gelden fiscaalvriendelijke mogelijkheden. Ook de eenmalige donatie van € 500 voor de status van Vriend voor het Leven is afhankelijk van uw eigen situatie mogelijk voor de fiscus aftrekbaar.
Uw aanmelding stellen we zeer op prijs en is mogelijk via
vrienden@meermanno.nl of door een briefje te sturen aan Vrienden van Museum van het Boek | Huis van het boek, Antwoordnummer 10869, 2501 WB Den Haag.
Voor nadere informatie kunt u telefonisch contact opnemen met het museum (070 – 3462700) of per e-mail
vrienden@meermanno.nl (Pauline van Gulik).
2005
De Best Verzorgde Boeken 2005
Jaarlijks bekroont de Stichting Best Verzorgde Boeken Nederlandse boekuitgaven, die zich in het bijzonder onderscheiden door de verzorging van hun vormgeving, typografie, illustratie en grafisch-technische productie.
Dit jaar bestaat de selectie uit 32 boeken. Deze selectie kwam tot stand onder verantwoordelijkheid van een jury bestaand uit de grafisch ontwerpers Brigitte Slangen en Nikki Gonnissen, uitgever Joost Nijsen, adviseur Kunst & Vormgeving Julius Vermeulen en drukker Koos Schuurman.
De selectie was eerder te zien in het Stedelijk Museum Amsterdam en zal hierna nog te zien zijn bij LenoirSchuring in Amstelveen, op de Leipziger Buchmesse, op de Frankfurter Buchmesse en in de Neue Hauptbücherei in Wenen.
De gehele selectie wordt jaarlijks door de Stichting De Best Verzorgde Boeken geschonken aan Museum Meermanno.
3 oktober 2009 t/m 10 januari 2010
Boekenwijsheid. Drie eeuwen Nederlandse boekdrukkunst 1540-1800
Van 3 oktober 2009 t/m 10 januari 2010 organiseert Museum Meermanno de tentoonstelling ‘Boekenwijsheid. Drie eeuwen Nederlandse boekdrukkunst, 1540-1800’.
In deze eeuwen beleefde de Nederlandse boekproductie een ongekende bloei – zowel in aantal als in kwaliteit. In
boekenland Nederland verschenen in deze periode meer dan 200.000 titels. De tentoonstelling laat hieruit een dwarsdoorsnede zien. Van topstukken tot gebruiksdrukwerk, van prachtige illustraties tot haastig handwerk, van almanakken tot atlassen, van devote werken tot erotisch proza. Een uniek overzicht dat de bezoeker overtuigend duidelijk maakt waarom Nederland destijds internationaal een uitzonderlijke positie innam op het terrein van het gedrukte boek.
De directe aanleiding voor de tentoonstelling is de recente voltooiing van het STCN-project van de Koninklijke Bibliotheek: de STCN, de
Short-Title Catalogue Netherlands geeft een overzicht van alle boeken die in de periode 1540-1800 in Nederland zijn gedrukt, of die daarbuiten in de Nederlandse taal verschenen zijn. (zie ook
www.stcn.nl). Voor het eerst wordt nu een prachtige selectie getoond uit de werken die in deze database zijn vastgelegd.
De tentoonstelling sluit aan op het boek
Boekenwijsheid. Drie eeuwen kunst en cultuur in 30 bijzondere boeken. Opstellen bij de voltooiing van de Short-Title Catalogue, Netherlands. Voor dit boek kozen dertig gerenommeerde wetenschappers een boek uit de periode 1540-1800, dat zij voor hun vakgebied als kenmerkend beschouwen. Het kon gaan om werken die algemeen als belangrijk beschouwd worden, maar ook om ten onrechte vergeten boeken; om prachtig geïllustreerde folianten, maar ook om onooglijke kleine boekjes. -1
De tentoonstelling komt tot stand in nauwe samenwerking met de Koninklijke Bibliotheek.
Publicatie:
Boekenwijsheid. Drie eeuwen kunst en cultuur in 30 bijzondere boeken. Opstellen bij de voltooiing van de Short-Title Catalogue, Netherlands, Walburg pers, 2009. Prijs: € 29,95.
Prinsessegracht 30 | 2514 AP | Den Haag | T 070 3462700 | F 070 3630350
Contact
Museum Meermanno
Prinsessegracht 30
2514 AP Den Haag
T 070 346 27 00
F 070 3630350
info@meermanno.nl
www.meermanno.nl
Routebeschrijving
Wandelen vanaf Den Haag Centraal station. Parkeergarage Malieveld.

Online catalogus
Collecties Museum Meermanno | Huis van het Boek via het web raadpleegbaar
Hiermee maakt het museum zijn boekenbezit en andere schatten voor een nationaal en internationaal publiek toegankelijk. De webpresentatie is de kroon op een langlopend project, waarin de afzonderlijke toegangen op de verschillende collectieonderdelen werden geïntegreerd in één systeem.
Voor het eerst is nu op het web te zien hoe rijk de verzamelingen zijn die baron van Westreenen en zijn navolgers bij het Museum van het Boek bijeen hebben bijeengebracht. Honderdduizenden records zijn al online beschikbaar, en dat aantal zal nog groeien als ook andere collectieonderdelen beschikbaar komen.
Museum Meermanno verwacht veel belangstelling voor de catalogus vanuit zeer veel verschillende disciplines en achtergronden. Zowel van onderzoekers, studenten, liefhebbers als van verzamelaars – of het nu gaat om oude drukken of moderne boeken, brieven en ontwerpen van vormgevers, of exlibris materiaal.
Met name de geïnteresseerden in boekvormgeving wordt hiermee een belangrijke nieuwe bron geboden. Voor het eerst kan ook gezocht worden op specifieke aspecten van de boekvormgeving, bijvoorbeeld de illustrator, de boekverzorger of de bandontwerper.
De catalogus biedt toegang tot de volgende bestanden:
- westerse boekkunst vanaf circa 1450: 70.000 objecten: incunabelen, postincunabelen en andere oude drukken, veiling- en antiquariaatscatalogi, zeldzame en kostbare werken vanaf de negentiende eeuw, moderne bibliofilie, industriële boekbanden, kunstenaarsboeken, kinderboeken, geïllustreerde boeken en naslagwerken op dit terrein
- 11.000 archieven en archivalia van letterontwerpers, boekverzorgers en uitgeverijen, boekkunst en typografie (met de nadruk op Nederland) vanaf 1850: ontwerpmateriaal, drukproeven, grafische voorwerpen, brieven, affiches, kalenders, prospectussen, waaronder de collecties J.F. van Royen, Eugène Strens, Uitgeverij Brusse en Uitgeverij Van Goor.
- 330.000 ex libris en klein grafiek, waaronder de collecties Beels, Schelling, Schwencke, Strens en Verster (hiervan zijn er 245.000 doorzoekbaar).
- 10.000 brieven vanaf 1870 van en aan onder anderen Henri Friedlaender, Christopher Sandford, J.F. van Royen, John Buckland Wright, Lucien Pissarro, A.A.M. Stols en Paul Valéry.
- Ruim 10.000 munten, en penningen , waaronder 9000 uit de Klassieke Oudheid.
De bestanden kunnen worden geïntegreerd en op verschillende niveaus worden doorzocht. Zoekresultaten kunnen geprint, opgeslagen of per e-mail worden verzonden.
Organisatie
Directie
directeur:
Maartje de Haan (
dehaan@meermanno.nl)
hoofd bedrijfsvoering/plv. directeur:
Rien Schouten (
schouten@meermanno.nl)
Bedrijfsvoering
plv. hoofd bedrijfsvoering: Stef Katwijk (
katwijk@meermanno.nl)
hoofd Facilitaire Dienst: Eddy Stumpf (
stumpf@meermanno.nl)
financieel medewerker, inkoop museumwinkel:
Patricia Peltenburg-Toet (
peltenburg@meermanno.nl)
coördinator evenementen, zaalverhuur, management-assistente:
Gitana Lutke Schipholt (
evenementen@meermanno.nl)
administratie Vrienden:
Pauline van Gulik (
vangulik@meermanno.nl en
vrienden@meermanno.nl)
Collectiebeheer
hoofd collectiebeheer, bibliotheek, externe bruiklenen:
Rickey Tax (
tax@meermanno.nl)
aanvraag beeldmateriaal:
Petra Luijkx (
luijkx@meermanno.nl)
Conservatoren
conservator oude collecties:
Jos van Heel (
vanheel@meermanno.nl)
Presentatie
hoofd presentatie, tentoonstellingen:
Ellen van Schie (
vanschie@meermanno.nl)
coördinator educatie, schoolprogramma’s, rondleidingen, verjaardagspartijtjes:
Winnifred Dijkstra (
reserveringen@meermanno.nl)
projectmedewerker presentaties en nieuwe media:
Leonie Wingen (
wingen@meermanno.nl)
Pr/marketing
pr/marketing, webredactie, redactie Leeslint:
Aafke Boerma (
boerma@meermanno.nl)
Raad van Toezicht
Drs. W.J. Deetman, lid Raad van State, (voorzitter)
Drs. J.S.M. Savenije, alg. directeur Koninklijke Bibliotheek (qq, permanent lid)
Drs. C. van Dijkhuizen, Managing Director NIBC Bank N.V. (lid)
Mevr. prof.dr. L. Kuitert, Leerstoel Boekwetenschap, UvA (lid)
Dr. S. Noorda, Voorzitter van de Vereniging van Universiteiten VSNU (lid)
Mevr. drs. A. Portegies, directeur directei Querido, Nijgh en Athenaeum (lid)
Bedrijfsgegevens
Bankrekeningnummer Museum Meermanno: 611459 (ING)
IBAN number: NL62INGB0000611459
BIC number: INGBNL2A
BTW nummer: NL 803276242B01
KVK-nummer: 41158851
van 21 februari t/m 20 juni 2004
Ha! Haagse boekvormgeving na 1945
Van 21 februari t/m 20 juni 2004 toont Museum Meermanno een kleurrijke selectie uit zestig jaar Haagse boekvormgeving. Jan Middendorp, auteur van het boek
Ha, daar gaat er een van mij! Kroniek van het grafisch ontwerpen in Den Haag 1945-2000 dat in 2002 verscheen, stelt de tentoonstelling samen.
Omdat de productie in deze periode zo veelsoortig en omvangrijk is, wordt er ingezoomd op drie aspecten van het naoorlogse boek. De tentoonstelling heeft dan ook de structuur van een drieluik.
1.‘Schilders en tekenaars’, belicht het geïllustreerde, handbeletterde boekomslag van kunstenaars als Hermanus Berserik, W.J. Rozendaal, Bertram Weihs en Ootje Oxenaar.
2.‘Boeken met een baan’, gaat in op het boek als functioneel ontwerp – van bedrijfscatalogus tot spoorboekje, van jaarverslag tot troonrede – met ontwerpers als Paul Schuitema en Frits Stapel, en bureaus als Tel Design en de SdU.
3.Onder de subtitel ‘Den Haag Vandaag’ tenslotte liggen tientallen geslaagde boeken van het laatste decennium ter inzage, vormgegeven met de nieuwe digitale middelen. Er zal werk te zien zijn van Rudo Hartman, Arthur Meyer, Klaus Baumgärtner, Faydherbe/De Vringer, Karen Polder, Caroline de Lint, Ontwerpwerk, Vorm Vijf, Studio Tint en Studio Dumbar.
Naast boeken zijn ook affiches en ander grafisch werk te zien. Bij de tentoonstelling verschijnt een kleine publicatie met kleurenafbeeldingen van de getoonde boeken en een inleiding van de hand van gastconservator Jan Middendorp. De vormgeving is in handen van Huug Schipper van Studio Tint die ook de vormgeving verzorgde van
Ha, daar gaat er een van mij! Kroniek van het grafisch ontwerpen in Den Haag 1945-2000 dat behoorde tot de Best Verzorgde Boeken van 2002.
van 1 november 2003 t/m 1 februari 2004
Gesloten boeken. De mooiste boekbanden van het Koninklijk Huis
Het museum toont 75 banden uit de collectie van het Koninklijk Huisarchief, geselecteerd niet vanwege hun inhoud, maar vanwege hun rijke decoratie. Door de kostbare materialen, opmerkelijke vormgeving of luxe uitvoering behoren deze boeken tot de topstukken van het Koninklijk Huisarchief. Al deze banden werden geschonken aan leden van het koninklijk huis of zijn afkomstig uit hun persoonlijk bezit. Er zijn onder meer huldeblijken, gedenkboeken, bijbels en fotoalbums.
De banden zijn gemaakt van uiteenlopende materialen, zoals goudbestempeld leer, gemarmerd of bedrukt papier, zijde of fluweel, of gebatikt perkament (met name banden van C.A. Lion Cachet). Daarnaast werden ze rijk versierd met beslag in koper, zilver of goud, kunstig gesneden hout of ivoor, voorzien van inlegwerk of zelfs edelstenen (zoals het
Typografisch Album van drukkerij Enschedé naar ontwerp van P.J.H. Cuypers). Op sommige banden glinsteren zeer kostbare materialen, andere schitteren in hun eenvoud en doordacht ontwerp.
Het zwaartepunt in de tentoonstelling ligt op de ontwikkeling in vormgeving in de tweede helft van de 19de en eerste helft van de 20ste eeuw, van het ‘Historisme’ tot de ‘Nieuwe Zakelijkheid’. Ook de ‘Nieuwe Kunst’, de decoratieve stijl, die rond 1900 de Nederlandse beeldende kunst, vormgeving en typografie tot nieuwe hoogtepunten bracht, is ruim vertegenwoordigd. Andere thema’s zijn banden met monogrammen en wapens, de invloed van de Japanse kunst en de relatie met Nederlands-Indië.
Van 26 juni t/m 24 oktober 2010
Boekengeluk. Vijftig topstukken in zomertentoonstelling
Verborgen schatten
Museum Meermanno toont deze zomer en najaar zijn vijftig topstukken. Nooit eerder werden al deze topstukken samen geëxposeerd. De boeken bevinden zich immers veelal in het depot en worden uitsluitend ter gelegenheid van tijdelijke tentoonstellingen (vaak ook in het buitenland) tevoorschijn gehaald.
Onder de topstukken bevinden zich bijzondere middeleeuwse handschriften zoals de
Rijmbijbel van Jacob van Maerlant en het
Getijdenboek van Catharina van Cleef, maar ook archiefstukken, zoals de proeven voor letterontwerpen van Jan van Krimpen.
Boekenkasten en bijzondere drukken
Uit de bijzondere boekenkasten van het museum, zoals het zgn. Kelmscottkastje met alle uitgaven van de pers van William Morris, het Nieuwenhuiskastje en het Elzevierkastje worden de mooiste uitgaven uitgestald. Tevens zijn twee delen te zien uit de vermaarde
Atlas van Blaeu, waarvan Meermanno een met de hand ingekleurd exemplaar bewaart.
Nieuwe context
De tentoonstelling ‘Boekengeluk’ stelt de bezoeker bovendien in de gelegenheid deze vijftig topstukken in een geheel nieuwe context te bekijken. Zo zijn de Griekse en Romeinse oudheden doorgaans in hun 19de-eeuwse setting op de eerste verdieping te zien, maar worden ze bij deze gelegenheid als unica in de schijnwerpers gezet.
Daarnaast is er ruim aandacht voor de stichter van het museum, de Baron van Westreenen, het monumentale museumpand en de tuinen.
Under construction. Hier komt een tekst.
Under construction. Hier komt een tekst.
4 maart t/m 30 mei
Beeld verplaatst. Joost Zwagerman en het werk van 14 Nederlandse kunstenaars
Een ode aan het kijken
Museum Meermanno | Huis van het boek organiseert van 4 maart t/m 30 mei een tentoonstelling rond Joost Zwagerman. Zwagerman werkt vaak samen met beeldend kunstenaars. Onder het motto ‘Een ode aan het kijken’ is in deze tentoonstelling zijn poëzie te zien in samenhang met het werk van veertien kunstenaars.
Zwagerman ontving in 2008 de Gouden Ganzenveer. Museum Meermanno biedt de laureaat van de Gouden Ganzenveer aan als gastconservator betrokken te worden bij een tentoonstelling. Zwagerman is in 2010 ook de auteur van het Boekenweekgeschenk. De 75ste Boekenweek vindt van woensdag 10 t/m zaterdag 20 maart plaats.
Al bij de eerste publicatie van Zwagermans gedichten in het tijdschrift
Maatstaf (1986) werden deze samen met beeldend werk afgedrukt: in dit geval van Brecht (Swaanswijk). Er zijn meer publicaties te zien, onder meer de lijvige bibliofiele uitgave
De Nomade, die hij in 2000 samen met Pieter Bijwaard en Harald Vlugt maakte en waaraan een groot aantal kunstenaars en schrijvers meewerkten.
Ook bij werk van Rob Scholte, Sandra Derks, Hans Op de Beeck, Aldert Mantje, Marlene Dumas maakte Zwagerman poëzie. Het gaat in dit samenspel tussen beeld en tekst niet om eenrichtingsverkeer. Soms inspireert het gedicht het beeldend werk, soms andersom. Zo maakten Harald Vlugt en Emo Verkerk recentelijk nieuw werk bij gedichten van Zwagerman. Ook dit werk zal te zien zijn in Meermanno.
Bij latere samenwerkingsverbanden treedt de fotografie meer op de voorgrond, zoals in de fotoserie Kristal van Paul Blanca met daarbij het gedicht ‘Hemellichaam’ (2008). Recenter nog schreef hij het gedicht ‘Alles sal reg kom’ bij een foto van Rineke Dijkstra van een meisje dat Zwagerman deed denken aan het meisje van Verspronck, een beroemd schilderij uit de collectie van het Rijksmuseum. Daarnaast zijn er foto’s te zien van Koos Breukel, Charlotte Dumas en Erwin Olaf.
Bij de Arbeiderspers verschijnt het boek
Beeld verplaatst. Deze bundel, waarin de gepresenteerde teksten en beelden zijn samengebracht, wordt tijdens de opening van de tentoonstelling gepresenteerd.
Under construction. Hier komt een tekst.
Museumgeschiedenis
Het museum is gevestigd in het sfeervolle vroegere woonhuis van baron van Westreenen van Tiellandt (1783-1848) en richt zich op het geschreven en gedrukte boek in het heden en verleden. De uiterlijke vorm en de ontwikkeling van de vormgeving van boeken staan daarbij centraal. Het museum organiseert circa vier maal per jaar tijdelijke tentoonstellingen over zowel het oude als het moderne boek.
Boekgeschiedenis vanaf de zesde eeuw
Het museum beheert een uitgelezen verzameling boeken uit alle perioden van de westerse boekgeschiedenis. Allereerst zijn dat middeleeuwse handschriften die nog geheel met de hand geschreven en verlucht zijn. De ontwikkeling van het schrift, de lay-out en de versiering van handschriften is in vogelvlucht te volgen in de sfeervolle boekzaal waar een selectie van deze pronkstukken is te zien.
De boekzaal is een uniek voorbeeld van 19de-eeuwse museuminrichting en is nog geheel in deze stijl bewaard gebleven. Naast de middeleeuwse handschriften zijn hier voorbeelden te vinden van de oudste vormen van het gedrukte boek, de zogenaamde incunabelen.
Het huis van een verzamelaar
De naam Meermanno-Westreenianum herinnert aan twee personen die aan de wieg hebben gestaan van dit museum. De belangrijkste is Baron W.H.J.van Westreenen van Tiellandt (1783-1848) die in dit huis, waar hij woonde, een uitgebreide boekenverzameling bijeenbracht. Zijn achterneef en belangrijke inspirator, Johan Meerman (1751-1815), bezat eveneens een indrukwekkende boekencollectie, waarvan een deel uiteindelijk ook werd opgenomen in de collectie van Van Westreenen.
Na de dood van Van Westreenen vielen huis en gehele collectie toe aan de staat. In 1852 werd het huis opengesteld als museum. Van Westreenen was een typische 19de-eeuwse verzamelaar die grote belangstelling had voor de geschiedenis van de oude culturen. Hij verzamelde niet alleen boeken maar ook voorwerpen uit onder andere de Griekse, Romeinse en Egyptische oudheid. Hij wist daarbij bijzondere stukken te bemachtigen. Bovendien zijn er onder meer familieportretten en souvenirs van zijn reizen in het museum te vinden.
Moderne boeken
In aansluiting op de collectie van Van Westreenen verzamelt het museum actief boeken uit de periode van 1850 tot heden. De vorm en de vormgeving van boeken zijn daarbij nog steeds het uitgangspunt. Regelmatig zijn er tentoonstellingen waarin delen uit deze rijke moderne collectie getoond worden. Tevens zijn er wisselende kleine presentaties van exlibris, de gedrukte eigendomsmerken voor boeken. Het museum beheert de grootste collectie exlibris in Nederland.
Vijftig hoogtepunten
Inleiding
Willem Hendrik Jacob van Westreenen van Tiellandt (1783-1848) wist al jong wat hij wilde worden. Op zijn veertiende schreef hij in een brief aan zijn achterneef Johan Meerman, in rammelend Frans: ‘Ce sera pour moi toute une fortune que de devenir boek-wurm, et pour lors je solicite votre pratique pour les livres classiques’ (‘Ik droom ervan om een “boek-wurm” te worden, en daarom doe ik voor de klassieke boeken een beroep op uw ervaring.’)
Een jongen van veertien die boekenwurm wil worden – ook toen, aan het eind van de 18de eeuw, moet dat tamelijk zeldzaam zijn geweest.
De jonge Willem woonde indertijd vlak bij zijn achterneef. Johan Meerman resideerde in het ‘Huis aan den Boschkant’, een klein ‘stadspaleis’ op de hoek van het Korte Voorhout en de Prinsessegracht. De jonge Willem kwam graag bij zijn dertig jaar oudere neef, die over een schitterende bibliotheek beschikte. Meermans boekerij, met zijn prachtige collectie handschriften en oude drukken, zou voor Van Westreenen een lichtend voorbeeld blijven.
Er zijn diverse redenen om aan te nemen dat Willem van Westreenen een excentrieke, onaangepaste man was. Dat blijkt bijvoorbeeld uit zijn loopbaan. Een dag voor zijn zestiende verjaardag ging hij vrijwillig in dienst bij het Bataafse (Nederlandse) leger. Hij begon aan een opleiding tot genieofficier, die hij nooit voltooide. In 1805 liet hij zich als rechtenstudent inschrijven aan de universiteit van Leiden, maar er bestaan geen aanwijzingen dat hij daar ook werkelijk heeft gestudeerd.
Ondanks zijn afkomst en relaties slaagde Van Westreenen er nooit in om een politieke functie van enige betekenis te krijgen. ’Tot zijn dood toe bleven zijn functies beperkt tot ereambten’, concludeerde conservator Jos van Heel in 1998 in het boekje
Drie verzamelaars en een museum.
Ook uit verklaringen van tijdgenoten en anekdotes achteraf weten we dat Van Westreenen – die zich vanaf 1821 baron mocht noemen – een excentrieke indruk maakte. Hij was erg beweeglijk en viel op door zijn ’wat zonderlinge kleding en gedrag’, zoals het ergens heet. Zijn liefde voor zijn honden was buitensporig (zie nummer 29 in deze catalogus) en ook was hij wel érg trots op zijn onderscheidingen (zie nummer 9).
In 1848, kort na de dood van baron Van Westreenen, schreef F. de Reiffenberg in een necrologie in het
Bulletin du bibliophile belge: ’De heer Van Westreenen bezat naar men zegt een onschatbare collectie topstukken van de boekdrukkunst. Maar omdat hij buitensporig gehecht was aan die schat, bevreesd dat een ander naar die banden onderzoek zou doen dat hij zelf van plan was – zonder zich daar ooit aan te wagen –, en beducht voor de uitwerking van het boze oog, de schennende handen en zelfs de schadelijke adem van bezoekers, borg hij zijn bibliotheek achter slot en grendel en heeft hij haar in de veertig jaar dat hij haar bijeenbracht aan niemand laten zien, zelfs niet aan zijn naaste vriend Holtrop.’
Overigens was het J.W. Holtrop, indertijd ’hoofdbestuurder’ van de Koninklijke Bibliotheek (KB), wel bijna een keer gelukt om de boeken van Van Westreenen te zien, zo meldde de
Arnhemsche courant op 22 juli 1878, in een artikel over Museum Meermanno. Waarschijnlijk is dit artikel geschreven door, of gebaseerd op informatie van M.F.A.G. Campbell, zwager van Holtrop, onderbibliothecaris bij de KB en de toenmalige beheerder van het Meermanno.
’Na een aanhouden, dat jaren lang duurde, gelukte het eindelijk den voormaligen bibliothecaris Holtrop, een even groot boekenkenner en minnaar als van Westreenen, hem de vergunning te ontrooven van die schatten op de bovenvoorkamer aan den Boschkant te mogen bezigtigen. Maar het berouw over deze gulheid deed den naijverigen eigenaar aan die bezigtiging zulke dolle voorwaarden verbinden, dat Holtrop boos werd en hem voor die buitengewone eer bedankte. Hij, en de andere boekenliefhebber die mede zijn deel aan de bezigtiging hebben zou, moesten namelijk eerst splinternieuwe kamerjaponnen over hunne kleeding en splinternieuwe muilen over hun schoeisel aantrekken: eerst dan zou de deur van het heiligdom hun worden ontsloten!’
Je kunt niet uitsluiten dat bij deze teksten, die het karakter hebben van roddels, afgunst een rol speelde, maar zeker is dat Van Westreenen zijn collectie boeken en handschriften nooit aan wetenschappers of onderzoekers liet zien.
Het klopt overigens niet dat Van Westreenen nooit over zijn boeken publiceerde. Zo verscheen in 1809 zijn
Verhandeling over de uitvinding der boekdrukkunst; in Holland oorspronkelijk uitgedacht, te Straatsburg verbeterd en te Mentz [= Mainz] voltooid. Wel ging het hier om een boek met een waterhoofd – hij voegde 124 bladzijden met bronnen toe aan een verhandeling van slechts 58 pagina’s. Bovendien wemelde het boek van de drukfouten, wat Van Westreenen indertijd op forse kritiek kwam te staan.
Op de
Verhandeling volgden nog enkele artikelen. Zo publiceerde Van Westreenen in 1815 een uitvoerig overzicht van de stukken die de Fransen uit wetenschappelijke verzamelingen en kunstverzamelingen hadden geroofd. In andere artikelen deed hij gedetailleerd verslag van buitenlandse veilingen, waarbij hij er steevast op wees dat bepaalde boekwerken of oudheden door hem waren gekocht of al in zijn bezit waren.
Is het Willem van Westreenen gelukt om de ambities die hij als veertienjarige jongen had, waar te maken? Is hij de boek-wurm geworden die hem voor ogen stond?
Niet als je onder boekenwurm een geleerde verstaat die doortimmerde boeken schrijft. Van Westreenen was geen goede bibliograaf, noch een wetenschappelijk onderzoeker. Hij heeft nooit een substantiële bijdrage geleverd aan de geschiedschrijving van de boekdrukkunst. Zijn leven lang bleef hij, in de woorden van conservator Jos van Heel, ´een dilettant’.
Toch wist Van Westreenen veel over de dingen die hij verzamelde: naast boeken en handschriften ook Egyptische, Griekse, Romeinse en Germaanse oudheden, munten, penningen en kunstvoorwerpen.
Zijn grootste kracht was echter zijn verzamelwoede. Hij begon al op zijn twaalfde met verzamelen en ging er tot zijn dood mee door – rusteloos en met grote vastberadenheid. Van Westreenen had wat dit betreft zijn tijd mee. Het eind van de 18de eeuw en het begin van de 19de eeuw was namelijk een gouden tijd voor verzamelaars. In 1773 had paus Clemens de jezuïetenorde verboden; in 1782 verbood de Duitse keizer Jozef II de zogenoemde contemplatieve kloosterorden en tijdens de Franse Revolutie (1789-1801) volgde een golf van sluitingen van alle religieuze instellingen. Bovendien werd er tijdens de Franse Revolutie op grote schaal beslag gelegd op de bezittingen van edellieden.
Door dit alles kwamen ongekende hoeveelheden oude boeken en handschriften op de markt. Dat stelde verzamelaars als Van Westreenen in staat topstukken voor relatief lage prijzen te kopen. Dankzij zijn stalen geheugen – dat door diverse tijdgenoten wordt geroemd – en zijn koppige vasthoudendheid wist de baron een zeer fraaie en samenhangende collectie vroege drukken te verzamelen.
Op maatschappelijk gebied was Van Westreenen erg conservatief, maar in het verzamelen was hij beslist bij de tijd, zonder dat hij alle modes klakkeloos volgde. Hij lette goed op en beproefde nieuwe mogelijkheden en trends. Op het moment dat er Egyptische stukken op de markt kwamen, sloeg hij toe – als eerste in Nederland. Hij deed dat ook toen er Griekse vazen en Italiaanse panelen te koop werden aangeboden.
Van Westreenen kocht regelmatig uit catalogi die binnen- en buitenlandse handelaren hem toestuurden en hij liet op veilingen voor zich bieden. De vele verkoopcatalogi die hij naliet zijn nu een waardevolle bron voor bibliografisch en boekhistorisch onderzoek.
Op latere leeftijd trok Van Westreenen er ook zelf op uit. Tussen 1827 en 1846 maakte hij vijftien buitenlandse reizen – onder meer naar Duitsland, Italië, Hongarije en Ierland – mede om boeken en handschriften bij elkaar te brengen. Dankzij zijn zorgvuldige boekhouding is van veel boeken, handschriften en kunstvoorwerpen de herkomst precies na te gaan.
´Van de verzamelingen in Van Westreenen’s nalatenschap´, concludeerde W.A. Laseur in 1998, in een belangrijke studie over het Musuem Meermanno, ´zijn die van de incunabelen en van de munten het meest evenwichtig en systematisch uitgebouwd. Toch zijn ook de andere collecties interessant, onder meer door de zeldzame of unieke stukken die zich erin bevinden. De grootste prestatie van Van Westreenen als verzamelaar zijn ongetwijfeld de verzamelingen middeleeuwse handschriften en incunabelen die hij bijeen wist te brengen – zijn incunabelcollectie is in ons land nog altijd de grootste, na die van de Koninklijke Bibliotheek.´
Toen Holtrop en Campbell de collectie uiteindelijk te zien kregen, na de dood van de baron, waren zij dan ook verbijsterd: de rijkdom en variëteit overtrof hun stoutste verwachtingen. En het was ook zo veel! De boeken lagen, schreef Holtrop in een verslag aan de minister van Binnenlandse Zaken, ´in secretaires, bureaux, kasten, laden en hoeken, meerendeels in pakken, door het geheele huis verspreid´. In 1849 werkten hij en Campbell maandenlang elke avond tot laat door om een eerste inventarisatie te maken. Het duurde uiteindelijk nog tot 1960 – ruim een eeuw! – voordat alle circa twintigduizend gedrukte werken en handschriften op een acceptabele wijze waren ontsloten.
Tot voorbij zijn dood was Baron van Westreenen terughoudend in het tonen van zijn schatten. In zijn testament had hij bepaald dat het museum slechts tweemaal per maand te bezichtigen zou zijn, voor personen die een introductie hadden gekregen van de bibliothecaris van de Koninklijke Bibliotheek. Hij had ook laten vastleggen dat er nooit ´onder welk voorwendsel ook´ iets aan zijn collectie mocht worden toegevoegd of gewijzigd. Ook mocht er niks worden uitgeleend, ´opdat alles blijve in dien stand, waarin ik het zal hebben nagelaten; terwijl op den voorgevel van het gebouw mijn geslachtwapen zal worden geplaatst´.
Gelukkig hebben latere generaties zich niet bij al deze beperkingen neergelegd. Een museum waarin je nooit iets mag veranderen is een dood museum; en een museum met zulke beperkte bezoektijden, trekt natuurlijk nooit veel bezoekers (in de 19de eeuw bleef het aantal bezoekers beperkt tot enkele tientallen per jaar). Nadat in 1925 in het zogenoemde ´Museumwetje´ was bepaald dat al te knellende bepalingen in legaten aan openbare instellingen gewijzigd mochten worden, paste de Hoge Raad in 1935 de eerste vier artikelen in het testament van de baron aan. De bezoektijden werden verruimd, er mochten boeken en handschriften aan de KB worden uitgeleend en er mochten nieuwe aankopen worden gedaan, mits die strikt gescheiden werden gehouden van de oorspronkelijke collectie.
Later werd de speelruimte van het museum via Koninklijke Besluiten nog verder verruimd. De belangrijkste stap volgde in 1960: toen werd het Museum van het Boek onderdeel van het Museum Meermanno.
Wie nu dit huis van het boek aan de Prinsessegracht bezoekt, ziet dan ook twee musea ineen: op de eerste verdieping wordt men verrast door twee zalen die niet alleen bijzonder zijn door de boeken, handschriften en kunstvoorwerpen die er te zien zijn, maar ook door hun inrichting. Men wandelt hier recht de 19de eeuw in. Dit is een van de weinige musea in Nederland waar de 19de-eeuwse opstelling en inrichting bewaard is gebleven en je moet wel van hout zijn om hier niet van onder de indruk te raken.
Elders in het gebouw maakt men, deels via wisselende tentoonstellingen, kennis met de boekdrukkunst zoals die zich ontwikkelde na de dood van baron Van Westreenen. Sinds enkele decennia verzamelt het museum de moderne, Westerse boekkunst van 1850 tot heden. Het Museum van het Boek is het enige museum in Nederland dat zich geheel op de boekkunst richt. Niet de literaire inhoud, maar de uiterlijke aspecten van een boek zijn doorslaggevend in het verzamelbeleid. Men moet daarbij denken aan de typografie, de illustratie en de band. De boeken worden hier dus verzameld als voorwerpen van toegepaste kunst.
Voor dit onderdeel van de collectie dankt het museum veel aan de meesterdrukker Jean François van Royen (zie nummer 35 van deze catalogus) en aan de Utrechtse bibliofiel en mecenas M.R. Radermacher Schorer. Radermacher Schorer (1888-1956) bracht gedurende zijn leven duizenden moderne bibliofiele uitgaven uit binnen- en buitenland bijeen (zie nummer 42 van deze catalogus).
In totaal bezit het museum ruim 4000 boeken uit zijn collectie, die een breed en representatief overzicht geven van de hoogtepunten van de West-Europese boekkunst vanaf omstreeks 1890. Bijna alle belangrijke particuliere persen (private presses) uit Engeland, Duitsland en Nederland zijn met verschillende uitgaven vertegenwoordigd. Daarnaast geeft de collectie een vrijwel compleet beeld van de Nederlandse boekverzorging van 1920 tot 1950. In dat opzicht was het een ideale springplank voor latere aankopen op het gebied van de moderne boekkunst.
Enkele voorbeelden van schenkingen en aankopen sinds die tijd zijn de uitgebreide collectie margedrukwerk (onder andere: Frans de Jong, de Regulierenpers, Sub Signo Libelli), de jaarlijks bekroonde Best Verzorgde Boeken, collecties kalligrafie, Tsejchische avantgarde boeken, Canadese persen, miniatuurboeken, Amerikaanse pocketboeken, archieven van vormgevers en typografen (Dick Dooijes, Helmut Salden, Alexander Verberne, Aldert Witte), reclamedrukwerk van Stefan Schlesinger, affiches van K.F. Treebus, illustraties van Eppo Doeve en uitgeversarchieven (Brusse, Boucher, Van Goor, Stols, Stichting De Roos).
De aanwinsten – voor de oude of de moderne collectie - vormden vaak de aanleiding voor tentoonstellingen in het museum, zoals in 1965 bij de verwerving van een handschrift: ´Rondom de meesters van Catharina van Kleef´. De collectie Italiaanse incunabelen stond centraal in de tentoonstelling ´Vroege boekdrukkunst uit Italië´ (1987) en de restauratie van de ´´Hypnerotomachia Poliphili´´ gaf het museum in 2006 de gelegenheid voor de tentoonstelling ´Een droom van een boek. De betoverende kracht van de Hypnerotomachia Poliphili, Venetië 1499´.
De moderne collectie werd bijvoorbeeld getoond in de tentoonstellingen ´Jean François van Royen´ (1964), ´Het Nederlandse boek en de nieuwe kunst (1892-1906)´(1965), ´Jan van Krimpen´ (1967), ´S.L. Hartz´(1969), ´Dijsselhof, Nieuwenhuis en Lion Cachet´ (1977), ´Van William Morris tot Roswitha Quadflieg. Een eeuw private presses´ (1986) en ´Minnaar van het schoone boek. M.R. Radermacher Schorer´ (1998).
Ook werden tentoonstellingen gemaakt over zulke uiteenlopende onderwerpen als Nederlandse letterontwerpers, Haagse boekvormgeving, Paul Schuitema, Penguin boeken, de Insel Verlag, boeken in reeksen (´Het uiterlijk behang´, 1997) en kwamen de oude en de moderne collectie elkaar tegen in gezamenlijke tentoonstellingen zoals ´Beesten in de band: tien eeuwen dieren in boeken´ (1996) en ´Robert Schwarz, Getijdenboeken´ (2002).
Het museum maakt naast drie of vier grote tentoonstellingen zeven of acht kleinere exposities per jaar om de rijkdom van de eigen collectie en de wereld van het boek te tonen.
In de publicatie
Boekengeluk zijn vijftig hoogtepunten uit de collectie van Museum Meermanno afgebeeld en beschreven: uit de moderne collectie en uit de collectie die is bijeengebracht door baron van Westreenen. Sommige stukken – de portretten, de bavelaar, de adelaarssteen – zijn opgenomen om meer over de bijzondere ontstaansgeschiedenis van dit museum te kunnen vertellen. De andere moeten worden gezien als representanten van de collectie. Zo bezit het museum 372 voorwerpen uit het oude Egypte, maar worden er in deze catalogus slechts twee beschreven: een papyrus en de mummie van een kat. Het museum bezit allerlei letterontwerpen; hier wordt alleen stilgestaan bij de Romulus-ontwerpen door Jan van Krimpen.
De hoogtepunten zijn geselecteerd door de diverse conservatoren van het museum, in overleg met de stafleden. Jos van Heel tekende voor de oude collectie, Paul van Capelleveen en bibliothecaris Rickey Tax voor de moderne collectie. Alle drie verleenden zij hun ruimhartige medewerking, waarvoor veel dank. Vooral bij nummer 18 in deze catalogus, een boek dat deels in blokdruk en deels in boekdruk is uitgevoerd, had ik veel hulp van Van Heel nodig, simpelweg omdat de technische kanten van deze zaak mij boven de pet gingen. Voor Van Westreenen was dit juist een heel belangrijk werk: hij dacht hiermee een bewijsstuk in handen te hebben dat de boekdrukkunst in Nederland was uitgevonden.
Overigens begon Van Westreenen in 1828 zelf aan een catalogus met hoogtepunten uit zijn verzameling gedrukte werken. Maar die catalogus is, net als diverse andere geschriften van de baron, nooit gepubliceerd.
Tot slot een persoonlijk woord: ik kende de collectie van het Museum Meermanno slechts oppervlakkig toen ik aan deze catalogus begon. Terugkijkend moet ik zeggen dat ik daarmee echt iets heb gemist. De topstukken, de grote en interessante archieven, de gigantische collectie ex libris en bovenal de indrukwekkende kennis bij de conservatoren en medewerkers maken het Meermanno tot een museum om geregeld te bezoeken en te bevragen.
Ewoud Sanders
Boekengeluk. Vijftig topstukken in Museum Meermanno
Naar aanleiding van de publicatie
Boekengeluk. Vijftig hoogtepunten uit het Museum Meermanno, een rijk geïllustreerde ‘museumgids’ met teksten van Ewoud Sanders, wordt deze zomer een tentoonstelling geheel gewijd aan de topstukken die hierin zijn beschreven.
Tegelijk wordt de nieuwe website van het museum gepresenteerd, waarvan deze vijftig objecten één van de highlights vormen.
Nooit eerder werden al deze topstukken samen geëxposeerd. De boeken bevinden zich immers veelal in het depot en worden uitsluitend ter gelegenheid van tijdelijke tentoonstellingen (vaak ook in het buitenland) tevoorschijn gehaald.
Onder de topstukken bevinden zich bijzondere middeleeuwse handschriften zoals de
Rijmbijbel van Jacob van Maerlant, maar ook archiefstukken, zoals de proeven voor letterontwerpen van Jan van Krimpen.
Uit de bijzondere boekenkasten van het museum, zoals het zgn. Kelmscottkastje met alle uitgaven van de pers van William Morris, het Nieuwenhuiskastje en het Elzevierkastje worden de mooiste uitgaven uitgestald. Tevens zijn twee delen te zien uit de vermaarde
Atlas van Blaeu, waarvan Meermanno een met de hand ingekleurd exemplaar bewaart.
De tentoonstelling
Boekengeluk stelt de bezoeker bovendien in de gelegenheid deze vijftig topstukken in een geheel nieuwe context te bekijken. Zo zijn de Griekse en Romeinse oudheden doorgaans in hun 19de-eeuwse setting op de eerste verdieping te zien, maar worden ze bij deze gelegenheid als unica in de schijnwerpers gezet.
Daarnaast is er ruim aandacht voor de stichter van het museum, de Baron van Westreenen, het monumentale museumpand en de tuinen.
Studenten
Ook studenten zijn bij Museum Meermanno van harte welkom. Het museum over boekgeschiedenis en -vormgeving sluit aan bij verschillende studies.
Er zijn verschillende rondleidingen die meer vertellen over de geschiedenis van het museum of die dieper ingaan op de geschiedenis van het boek en zijn vormgeving. Ook is het mogelijk om een aangepaste rondleiding aan te vragen over een thema dat aansluit bij een bepaald vak.
Scriptoriumarrangement
Na luisteren toe aan praktijk? In het middeleeuwse scriptorium op de zolder van het museum kunnen de studenten een kalligrafieworkshop krijgen. Gehuld in monnikspij leren ze gotische letters kalligraferen met een echte ganzenveer. Eventueel kan deze workshop uitgebreid worden met bladgoud.
Drukkerijarrangement
Museum Meermanno heeft ook een drukkerij met verschillende drukpersen. Gezamenlijk wordt er een tekst bedacht die vervolgens gezet wordt en afgedrukt op één van de persen. In combinatie met een rondleiding door het museum de ideale combinatie van theorie en praktijk.
Zowel het scriptorium- als het drukkerijarrangement duurt twee uur. Voor studenten zijn de kosten € 25,- per groep van maximaal 20 personen. (Bij meer dan 20 studenten worden het twee groepen.)
Reserveren kan direct via onze
reserveringsservicereserveringsservice, of stuur een mail naar:
reserveringen@meermanno.nl.
Bezoek leeszaal
Individuele studenten kunnen ook een bezoek brengen aan onze leeszaal. Deze is op afspraak te bezoeken. In principe worden alle stukken uit de collectie op verzoek in de leeszaal ter inzage gegeven. Voor een beperkt aantal werken vragen wij een schriftelijk verzoek dat wordt voorgelegd aan de conservator.
Gezien de decentrale opslag is het niet altijd mogelijk de gewenste stukken onmiddellijk beschikbaar te stellen. U wordt daarom verzocht uw aanvraag minimaal een week vóór uw bezoek aan de bibliotheekafdeling door te geven.
Bezoek aan de leeszaal is dan mogelijk van dinsdag t/m vrijdag van 11:00-12:30 en van 13:00-16:45. Een afspraak kan telefonisch of schriftelijk gemaakt worden:
Museum Meermanno
t.a.v. de bibliotheek
Prinsessegracht 30
2514 AP Den Haag
Telefoon: 070-3462700
E-mail:
bibliotheek@meermanno.nlVerjaardagsfeestjes in Meermanno
Jazeker, ook in een museum kan je je verjaardag vieren! We hebben verschillende spannende feestjes voor kinderen van 7 t/m 12 jaar.
Het geheim van de mummie
De baron die vroeger in Museum Meermanno woonde, was bijzonder trots op zijn mummie. Totdat die op een nacht gestolen werd! Ergens op zolder heeft de dief de mummie met zijn schatten verstopt. Nu is het alleen nog wachten op dappere kinderen die hem kunnen vinden…
Scriptoriumfeestje
Op de spannende zolder van Meermanno is een echt middeleeuws scriptorium nagemaakt. Hier kan je gekleed in een monnikspij ervaren hoe monniken vroeger in hun schrijfwerkplaats een boek maakten. Je leert hoe je moet schrijven met een echte ganzenveer. Je mag na afloop je eigen schrijfblad mee naar huis nemen. Eventueel kan je je werkstuk nog mooier maken met bladgoud.
Drukkerijfeestje
Museum Meermanno heeft ook een eigen drukkerij met veel verschillende drukpersen. De jarige mag zijn eigen tekst zetten met losse loden letters en daarna natuurlijk drukken! Met grote houten drukletters kan het werkstuk daarna versierd worden door lekker kleurig bijvoorbeeld je naam erbij te stempelen.
Alle feestjes duren twee uur. Tussendoor krijgen de kinderen limonade en wat lekkers. Elk feestje kost € 6 per kind (het graffitifeestje met bladgoud kost € 8 per kind). Bij minder dan 8 kinderen is de prijs € 48,- voor de groep. Entree kinderen en begeleiders zit bij de prijs inbegrepen.
Voor meer informatie en voor direct reserveren kijk op onze
reserveringsservice
Heeft u nog een vraag: mail naar
reserveringen@meermanno.nlMuseum Meermanno ontvangt uniek kunstenaarsboek door Dijsselhof van Koninklijke Bibliotheek
Bij het afscheid van directeur Leo Voogt heeft Museum Meermanno | Huis van het boek op 12 mei jl. een bijzonder geschenk ontvangen van de Koninklijke Bibliotheek.
Het gaat om een door de kunstenaar G.W. Dijsselhof zelf ingekleurd exemplaar van
Kunst en Samenleving uit 1893.
Scheltema & Holkema’s Boekhandel in Amsterdam gaf opdracht voor de productie van dit werk, dat door Jan Veth uit het Engels werd vertaald. Het oorspronkelijke werk is Walter Crane’s
Claims of Decorative Art. Dijsselhof voorzag de Nederlandse vertaling van veel vignetten in houtsneden, die in dit unieke exemplaar nog aan kracht en diepte hebben gewonnen door het verfijnde kleurgebruik.
De samenwerking tussen Museum Meermanno en de Koninklijke Bibliotheek krijgt een extra impuls door dit geschenk.
Kunst en Samenleving, een van de eerste voorbeelden van de Nieuwe Kunst in Nederland, is een waardevolle aanvulling op de collectie van Museum Meermanno | Huis van het boek. Het exemplaar is na 12 mei te zien in een speciale vitrine in de hal van het museum. De digitale versie van het boek is in te zien op:
www.kb.nl/dijsselhofMuseum Meermanno | Huis van het Boek
Algemene Voorwaarden Evenementen (AVE)
Artikel 1 Toepasselijkheid
Lid 1 De AVE zijn van toepassing op alle evenementen (lezingen, seminars, rondleidingen, educatieve programma’s, recepties, vergaderingen, congressen, boekpresentaties, zaalverhuur, filmopnames) in de panden en/of tuinen van Museum Meermanno en op alle andere aanbiedingen en overeenkomsten waarop deze door Museum Meermanno van toepassing zijn verklaard, alsmede op alle aanbiedingen en overeenkomsten die hier een vervolg op zijn.
Lid 2 De algemene voorwaarden van Opdrachtgever gelden niet. Museum Meermanno wijst deze uitdrukkelijk van de hand.
Lid 3 Afwijkingen van en aanvullingen op de AVE, zijn slechts geldig indien nadrukkelijk schriftelijk tussen partijen overeengekomen.
Lid 4 Indien één of meerdere bepalingen uit de AVE om welke reden dan ook niet geldig zouden zijn, laat dit de geldigheid van de overige bepalingen onverlet. Partijen zullen in onderling overleg de ongeldige bepalingen vervangen door wel geldige bepalingen die qua strekking zo dicht mogelijk aansluiten bij de te vervangen ongeldige bepalingen.
Lid 5 Naast de AVE zijn ook de huisregels van Museum Meermanno van toepassing. Een afschrift van de meest relevante huisregels is aan deze voorwaarden gehecht. Museum Meermanno heeft altijd het recht haar huisregels aan te passen, voor zover het redelijke aanpassingen betreft, zelfs na het sluiten van de overeenkomst tussen partijen.
Artikel 2 Aanbiedingen
Lid 1 Alle aanbiedingen van Museum Meermanno zijn volledig vrijblijvend en onder voorbehoud. Museum Meermanno heeft altijd het recht om aanbiedingen in te trekken of aan te passen, zelfs nadat Opdrachtgever heeft aangegeven van een aanbieding gebruik te willen maken. Door Museum Meermanno in of bij aanbiedingen verstrekte informatie geldt bij benadering.
Lid 2 Museum Meermanno mag in haar aanbiedingen uitgaan van de juistheid van de door Opdrachtgever en andere partijen verstrekte informatie.
Lid 3 Aanbiedingen kunnen alleen volledig en onvoorwaardelijk worden geaccepteerd. Gedeeltelijke acceptatie is niet toegestaan.
Artikel 3 Opties
Lid 1 Opties zijn slechts geldig indien schriftelijk verstrekt of bevestigd.
Lid 2 Opties zijn, tenzij nadrukkelijk anders overeengekomen, 14 dagen geldig. Indien niet binnen deze termijn van de optie gebruik wordt gemaakt, komt deze direct van rechtswege te vervallen.
Lid 3 Indien Museum Meermanno binnen een lopende optietermijn met een derde een definitieve overeenkomst kan sluiten, kan zij Opdrachtgever dwingen binnen 24 uur de optie te aanvaarden, bij gebreke waarvan de optie direct van rechtswege komt te vervallen en Museum Meermanno de overeenkomst met de andere partij mag sluiten.
Artikel 4 Overeenkomst
Lid 1 Een overeenkomst met Museum Meermanno komt pas tot stand, nadat deze schriftelijk door de bij KvK ingeschreven directie of door een door hen gemandateerde budgethouder voor akkoord is getekend. Behoudens schriftelijke toezeggingen, heeft Museum Meermanno tot aan ondertekening altijd het recht om, zonder opgaaf van redenen, te weigeren een overeenkomst aan te gaan.
Lid 2 Indien Museum Meermanno een overeenkomst sluit met meerdere Opdrachtgevers, zijn alle Opdrachtgevers hoofdelijk en volledig aansprakelijk voor de gehele nakoming van alle verplichtingen uit de overeenkomst.
Lid 3 Indien Museum Meermanno een overeenkomst sluit met een tussenpersoon, is deze - naast eventuele andere Opdrachtgevers - volledig (mede)aansprakelijk voor de gehele nakoming van alle verplichtingen uit de overeenkomst.
Lid 4 Opdrachtgever is niet gerechtigd om, zonder schriftelijke toestemming van Museum Meermanno, zijn rechten uit enige overeenkomst met Museum Meermanno aan derden over te dragen.
Artikel 5 Meer- & Minderwerk
Lid 1 Onder Meerwerk wordt verstaan: Alle diensten die door of in opdracht van Museum Meermanno aan Opdrachtgever zijn/worden geleverd, maar die niet in een overeenkomst tussen partijen zijn overeengekomen. Dit betreft dus ook de situatie waarin een hoger aantal gasten naar een evenement komt dan met Opdrachtgever is overeengekomen.
Lid 2 Onder Minderwerk wordt verstaan: Alle diensten die wel in een overeenkomst tussen partijen zijn overeengekomen, maar die niet door Opdrachtgever zijn/worden afgenomen. Dit betreft dus ook de situatie waarin een lager aantal gasten naar een evenement komt dan met Opdrachtgever is overeengekomen.
Lid 3 De kosten voor Meerwerk komen altijd volledig voor rekening van Opdrachtgever. Indien er geen afspraken zijn gemaakt over de hoogte van de kosten is Museum Meermanno in ieder geval gerechtigd hiervoor marktconforme prijzen in rekening te brengen.
Lid 4 Minderwerk wordt niet gecompenseerd, tenzij schriftelijk anders overeengekomen of Opdrachtgever gebruik maakt van de Annuleringsregeling (zie Art. 6).
Lid 5 Opdrachtgever is verplicht Museum Meermanno direct in kennis te stellen wanneer hij gebruik maakt van diensten die tot meerwerk behoren.
Artikel 6 Annuleringsregeling
Lid 1 Opdrachtgever heeft altijd het recht om een met Museum Meermanno gesloten overeenkomst geheel of gedeeltelijk te annuleren. Bij annulering is Opdrachtgever hiervoor wel het in lid 2 opgenomen vergoedingspercentage verschuldigd over de tussen partijen overeengekomen vergoeding voor hetgeen wordt geannuleerd.
Lid 2 Bij een annulering meer dan 6 maanden voor de tussen partijen overeengekomen datum van het Evenement, geldt een percentage van 10%, bij 6 maanden of minder, maar meer dan 3 maanden, geldt een percentage van 25%, bij 3 maanden of minder, maar meer dan 1 maand, geldt een percentage van 50%, bij 1 maand of minder geldt een percentage van 100%.
Lid 3 Indien niet wordt geannuleerd en niet wordt verschenen geldt eveneens het percentage van 100%. Uitstellen of aanpassen van de tussen partijen overeengekomen datum van het Evenement wordt gelijk gesteld met annuleren.
Artikel 7 Prijzen en betaling
Lid 1 Alle prijzen zijn, tenzij nadrukkelijk anders aangegeven, in Euro, exclusief BTW en andere overheidsheffingen en exclusief heffingen zoals Buma Stemra, etc. Wijzigingen in deze heffingen zullen altijd aan Opdrachtgever worden doorbelast.
Lid 2 Facturatie vindt plaats zoals bepaald in de overeenkomst, danwel bij gebreke daarvan direct na het evenement.
Lid 3 Museum Meermanno is te allen tijde gerechtigd om zonder opgaaf van redenen een naar haar eigen inzicht redelijke waarborgsom te vragen, welke door Opdrachtgever op het eerste verzoek direct aan Museum dient te worden verstrekt.
Lid 4 De betalingstermijn van een factuur bedraagt maximaal 14 dagen.
Lid 5 Indien niet tijdig wordt betaald is Opdrachtgever - naast alle incassokosten - een rente van 2% per maand aan Museum Meermanno verschuldigd, waarbij ieder gedeelte van een maand wordt afgerond naar boven als volle maand.
Lid 6 Het is een Opdrachtgever niet toegestaan betaling op te schorten en/of te verrekenen, tenzij de reden waarom wordt opgeschort of de vordering waarmee wordt verrekend, schriftelijk door de directie van Museum Meermanno is erkend.
Lid 7 Crediteringen kunnen alleen met de directie worden overeengekomen.
Artikel 8 Verplichtingen Museum
Lid 1 Museum Meermanno zal de overeengekomen ruimte(n) op de overeengekomen datum of data van het Evenement aan Opdrachtgever ter beschikking te stellen. Museum Meermanno is gerechtigd om, in plaats van de overeengekomen ruimte(n), in overleg met Opdrachtgever andere passende ruimte(n) aan te bieden.
Lid 2 Museum Meermanno is verplicht de overeengekomen aanvullende diensten te verzorgen van kwaliteit die gelet op alle omstandigheden in redelijkheid van Museum Meermanno verwacht mag worden.
Lid 3 Museum Meermanno is gerechtigd derden in te schakelen voor de uitvoering van haar verplichtingen uit deze overeenkomst.
Lid 4 Museum geeft geen garantie over haar museum collectie en/of programma tijdens het Evenement.
Artikel 9 Verplichtingen Opdrachtgever
Lid 1 Opdrachtgever mag de door Museum Meermanno beschikbaar gestelde ruimte(n) en diensten slechts gebruiken voor het doel dat tussen partijen is overeengekomen, alsmede waarvoor deze geschikt zijn.
Lid 2 Opdrachtgever mag op of om het terrein van Museum Meermanno geen activiteiten ontplooien die naar het oordeel van Museum schadelijk (kunnen) zijn voor Museum Meermanno, geen gevaarlijke zaken en/of stoffen meenemen, geen zaken verkopen en op geen enkele andere wijze overlast veroorzaken.
Lid 3 Onder Gasten wordt verstaan: iedere bezoeker van het Evenement (inclusief opbouw, ontruiming en afbouw), niet zijnde een persoon in dienst van, of ingeschakeld door Museum Meermanno. Alle Gasten/bezoekers moeten van te voren door Opdrachtgever bij Meermanno worden aangemeld. Opdrachtgever mag tijdens het Evenement (inclusief opbouw, ontruiming en afbouw) nimmer het aantal aangemelde Gasten overschrijden.
Lid 4 Opdrachtgever dient op de hoogte te zijn van de meest actuele huisregels van Museum Meermanno en deze huisregels, alsmede aanwijzingen door of namens Museum Meermanno altijd direct en volledig op te volgen. Opdrachtgever dient zich daarnaast op en rond het terrein van Museum Meermannno steeds op een correcte wijze te gedragen, een en ander volledig ter beoordeling van Museum Meermanno.
Lid 5 Opdrachtgever dient tijdens het Evenement (inclusief opbouw, ontruiming en afbouw) te allen tijde in te staan voor de veiligheid op en om het terrein van Museum Meermanno. Hij dient er daarnaast alles aan te doen om te voorkomen dat er schade wordt aangebracht op of om het terrein van Museum of de daar aanwezige zaken.
Lid 6 Het is Opdrachtgever niet toegestaan wijzigingen en/of toevoegingen aan te brengen aan (de omgeving van)het terrein en/of gebouw(en) van Museum Meermanno. Opdrachtgever dient alles achter te laten in dezelfde staat als het werd aangetroffen.
Lid 7 Opdrachtgever dient er voor zorg te dragen dat hij de in dit artikel opgelegde verplichtingen ook aan zijn Gasten oplegt, alsmede dat zijn Gasten zich aan deze verplichten zullen houden. Opdrachtgever dient in te staan voor de identiteit, integriteit en gedragingen van al zijn Gasten.
Lid 8 Museum Meermanno is, indien nodig zelfs zonder voorafgaande waarschuwing, gerechtigd om haar dienstverlening per direct (tijdelijk) te staken, indien opdrachtgever en/of (één van) zijn Gasten, naar het oordeel van Museum, zich niet of onvoldoende aan voornoemde verplichtingen houden en/of zich niet (voldoende) correct gedragen en hiermee de veiligheid en/of openbare orde in gevaar komt.
Lid 9 Museum Meermanno is, indien nodig zelfs zonder voorafgaande waarschuwing, gerechtigd om Opdrachtgever en/of (één van) zijn Gasten de toegang tot haar terrein en/of gebouw(en) te ontzeggen, indien naar het oordeel van Museum Meermanno, voornoemde verplichtingen niet of onvoldoende worden nagekomen, er sprake is van niet onbehoorlijk gedrag, danwel de indruk bestaat dat de kans groot is dat deze persoon/personen de veiligheid en/of openbare orde in gevaar (kunnen) brengen.
Lid 10 Opdrachtgever dient zorg te dragen voor eventueel benodigde vergunningen etc.
Lid 11 Opdrachtgever dient er voor zorg te dragen dat alle minderjarige Gasten door voldoende meerderjarige Gasten worden begeleid.
Lid 12 Opdrachtgever dient er voor te zorgen dat hij en zijn Gasten meewerken aan eventuele veiligheidscontroles van personen, jassen, tassen, etc.
Artikel 10 Aansprakelijkheid Museum
Lid 1 Opdrachtgever en zijn Gasten bezoeken het pand van Museum Meermanno op eigen risico. Museum Meermanno is slechts aansprakelijk voor schade, door welke oorzaak dan ook, indien en voor zover er sprake is van opzet of grove schuld door Museum Meermanno en/of haar leidinggevenden.
Lid 2 Museum Meermanno sluit haar aansprakelijkheid voor alle vormen van indirecte-, bedrijfs- en gevolgschade uit en maximaliseert haar aansprakelijkheid bovendien tot maximaal het bedrag dat door haar verzekering wordt uitgekeerd te vermeerderen met haar eigen risico. Indien Museum Meermanno daarnaast toch nog aansprakelijk zou zijn, beperkt zij haar aansprakelijkheid tot het bedrag van de waarde van de tussen partijen gesloten overeenkomst, met een maximum van € 15.000,-.
Lid 3 Museum Meermanno verstrekt slechts vrijblijvende adviezen. Museum Meermanno is nimmer aansprakelijk voor de inhoud en/of de gevolgen van door haar verstrekte adviezen, behoudens opzet of grove schuld door Museum of een van haar leidinggevenden.
Lid 4 Museum Meermanno is niet aansprakelijk voor schade veroorzaakt door gedragingen van door haar ingeschakelde derden, danwel hun personeel of toeleveranciers.
Lid 5 Museum Meermanno is nimmer aansprakelijk voor schade aan of met voertuigen van Opdrachtgever.
Lid 6 Opdrachtgever en zijn Gasten zijn zelf volledig verantwoordelijk voor de door hen meegenomen eigendommen. Museum Meermanno is behoudens opzet of grove schuld door haar of haar leidinggevenden niet aansprakelijk voor beschadiging of verlies van deze eigendommen, tenzij deze tegen betaling door Museum in bewaring zijn genomen en hiervoor een genummerde bewaarbon is verstrekt. In dat geval is de aansprakelijkheid beperkt tot het in bewaring genomen goed en niet de inhoud ervan en in alle gevallen gemaximaliseerd op € 1.000,-.
Lid 7 Op voornoemde beperkingen kunnen ook personeelsleden en toeleveranciers van Museum Meermanno een beroep doen.
Lid 8 Indien rechtens een minder vergaande beperking zou zijn toegestaan dan hiervoor is opgenomen, geldt deze minder vergaande beperking.
Artikel 11 Aansprakelijkheid Opdrachtgever
Lid 1 Tijdens het Evenement (inclusief opbouw, ontruiming en afbouw) dient Opdrachtgever in te staan en is hij verantwoordelijk voor alle gedragingen van zijn Gasten op de terrein(en) en in de gebouw(en) van Museum Meermanno, alsmede in de directe omgeving.
Lid 2 Opdrachtgever is jegens Museum Meermanno volledig aansprakelijk voor alle schade die Museum Meermanno lijdt door zijn gedragingen. Opdrachtgever is daarnaast volledig verantwoordelijk en hoofdelijk aansprakelijk voor alle schade die Museum Meermanno lijdt door gedragingen van zijn Gasten, onverminderd het recht van Museum Meermanno om deze Gasten (ook) zelf direct aan te spreken voor de schade.
Lid 3 Opdrachtgever vrijwaart Museum Meermanno voor alle aanspraken van derden die ontstaan door uitvoering van de tussen partijen gesloten overeenkomst(en), tenzij deze schade wordt veroorzaakt door opzet of grove schuld door Museum Meermanno of een van haar leidinggevenden.
Lid 4 Museum Meermanno gaat er vanuit dat Opdrachtgever zijn aansprakelijkheid voldoende verzekert.
Artikel 12 Technische faciliteiten
Lid 1 Bediening van de technische faciliteiten geschiedt alleen door of onder toezicht van Museum Meermanno.
Lid 2 Museum Meermanno draagt alleen zorg voor die technische faciliteiten en technici die in de overeenkomst tussen partijen zijn overeengekomen.
Lid 3 Opdrachtgever of zijn Gasten mogen alleen zelf technische faciliteiten meenemen en gebruiken, indien hiervoor toestemming is van de directeur van Museum Meermanno.
Lid 4 Het maken van beeld- en/of geluidsopnames, op welke wijze dan ook, is slechts toegestaan met toestemming van de directeur van Museum Meermanno.
Artikel 13 Intellectueel eigendom
Lid 1 Museum Meermanno is en blijft rechthebbende van alle intellectuele eigendomsrechten die aan haar zijn gerelateerd.
Lid 2 Eventuele intellectuele eigendomsrechten die voortkomen uit (de uitvoering van) de tussen partijen overeenkomst, komen enkel en alleen volledig voor rekening van Museum Meermanno.
Lid 3 Het is Opdrachtgever niet toegestaan om op welke wijze dan ook inbreuk te maken op intellectuele eigendomsrechten van Museum Meermanno.
Lid 4 Het is Opdrachtgever niet toegestaan om, zonder voorafgaande nadrukkelijke schriftelijke toestemming van Museum Meermanno, een naam, logo, etc. van Museum Meermanno publicitair te gebruiken.
Artikel 14 Klachten
Lid 1 Opdrachtgever dient eventuele klachten binnen één maand nadat hij hiermee bekend was, danwel bekend had kunnen zijn, de klachten bij Museum Meermanno te hebben ingediend, bij gebreke waarvan het recht om te klagen is komen te vervallen.
Lid 2 Klachten kunnen alleen per aangetekende post of deurwaardersexploot worden ingediend.
Artikel 15 Ontbinding
Lid 1 Onverminderd de andere bepalingen in deze voorwaarden, mag Museum Meermanno de tussen partijen gesloten overeenkomst ontbinden, indien is voldaan aan een van onderstaande voorwaarden:
(a) Opdrachtgever komt relevante verplichtingen niet na.
(b) Opdrachtgever is in staat van faillissement verklaard, heeft (voorlopige) surseance aangevraagd, danwel heeft een aanvraag gedaan op grond van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen.
(c) Opdrachtgever heeft zijn bedrijf stilgelegd, geliquideerd of overgedragen aan een derde.
(d) Indien er voldoende aanwijzingen zijn dat het Evenement een ander karakter zal hebben dan tussen partijen is overeengekomen en Museum Meermanno de overeenkomst niet gesloten zou hebben als ze bekend was geweest met dit karakter.
Lid 2 Beide partijen zijn gerechtigd deze overeenkomst te ontbinden, zonder enige vergoeding aan de andere partij verschuldigd te zijn, indien er sprake is van overmacht zoals bedoeld in de wet. In een dergelijke situatie dienen zij de andere partij(en) hiervan direct mondeling in kennis te stellen en dit per ommegaande schriftelijk aan hen te bevestigen.
Lid 3 Indien Museum Meermanno ten tijde van de ontbinding reeds prestaties ter uitvoering van de overeenkomst heeft verricht, zullen deze prestaties en de daarmee samenhangende betalingsverplichtingen niet door of na de ontbinding ongedaan worden gemaakt. Opdrachtgever blijft de kosten voor de reeds door Museum Meermanno verrichte prestaties derhalve altijd verschuldigd.
Artikel 16 Tot slot
Lid 1 Op de aanbiedingen en overeenkomsten is uitsluitend Nederlands recht van toepassing. Alleen de Nederlandse rechter is bevoegd.
Lid 2 In alle gevallen waarin deze AVP en/of de Huisregels van Museum Meermanno niet voorzien, beslist Museum Meermanno.
Lid 3 Indien gebruik wordt gemaakt van een vertaling is bij onduidelijkheden de Nederlandse tekst bindend.
Het gebouw
Het museum is gevestigd in het sfeervolle vroegere woonhuis van baron van Westreenen van Tiellandt (1783-1848) en richt zich op het geschreven en gedrukte boek in het heden en verleden. De uiterlijke vorm en de ontwikkeling van de vormgeving van boeken staan daarbij centraal. Het museum organiseert circa vier maal per jaar tijdelijke tentoonstellingen over zowel het oude als het moderne boek.
Boekgeschiedenis vanaf de zesde eeuw.
Het museum beheert een uitgelezen verzameling boeken uit alle perioden van de westerse boekgeschiedenis. Allereerst zijn dat middeleeuwse handschriften die nog geheel met de hand geschreven en verlucht zijn. De ontwikkeling van het schrift, de lay-out en de versiering van handschriften is in vogelvlucht te volgen in de sfeervolle boekzaal waar een selectie van deze pronkstukken is te zien.
De boekzaal is een uniek voorbeeld van 19de eeuwse museuminrichting en is nog geheel in deze stijl bewaard gebleven. Naast de middeleeuwse handschriften zijn hier voorbeelden te vinden van de oudste vormen van het gedrukte boek, de zogenaamde incunabelen.
Het huis van een verzamelaar
De naam Meermanno-Westreenianum herinnert aan twee personen die aan de wieg hebben gestaan van dit museum. De belangrijkste is Baron W.H.J.van Westreenen van Tiellandt (1783-1848) die in dit huis, waar hij woonde, een uitgebreide boekenverzameling bijeenbracht. Zijn achterneef en belangrijke inspirator, Johan Meerman (1751-1815), bezat eveneens een indrukwekkende boekencollectie, waarvan een deel uiteindelijk ook werd opgenomen in de collectie van Van Westreenen. Na de dood van Van Westreenen vielen huis en gehele collectie toe aan de staat. In 1852 werd het huis opengesteld als museum.
Van Westreenen was een typische 19de eeuwse verzamelaar die grote belangstelling had voor de geschiedenis van de oude culturen. Hij verzamelde niet alleen boeken maar ook voorwerpen uit onder andere de Griekse, Romeinse en Egyptische oudheid. Hij wist daarbij bijzondere stukken te bemachtigen. Bovendien zijn er onder meer familieportretten en souvenirs van zijn reizen in het museum te vinden.
Moderne boeken
In aansluiting op de collectie van Van Westreenen verzamelt het museum actief boeken uit de periode van 1850 tot heden. De vorm en de vormgeving van boeken zijn daarbij nog steeds het uitgangspunt. Regelmatig zijn er tentoonstellingen waarin delen uit deze rijke moderne collectie getoond worden. Tevens zijn er wisselende kleine presentaties van exlibris, de gedrukte eigendomsmerken voor boeken. Het museum beheert de grootste collectie exlibris in Nederland.
Scriptorium en drukkerij
In het scriptorium, een ’middeleeuws’ schrijfatelier, kunnen bezoekers kennis maken met de fascinerende wereld van het middeleeuwse boek. Zij kunnen zelf, zoals monniken dat deden in de Middeleeuwen, met een ganzenveer een stukje tekst kopiëren en verluchten. Ook is er een ouderwetse drukkerij waarin met losse loden letters gezet kan worden. In de computerwerkplaats kan met de computer een boek (op)gemaakt worden. Zie ook: educatie.
Bekijk ook ons introductiefilmpje (Engels):
De tuinen van het museum
Koetshuis achter in de tuin
In 1848 liet Baron van Westreenen (1783-1848) zijn woonhuis en zijn collecties na aan de Nederlandse Staat en werd het Museum Meermanno-Westreenianum gesticht. Achter dit museum bevindt zich een diepe, langwerpige tuin die afgesloten wordt door het vroegere stalgebouw. Daarin waren de paarden, de koetsen, het hooi én de koetsier ondergebracht. De huidige tuingevel stamt uit de jaren zestig van de vorige eeuw, toen de staldeuren links, de stalramen rechts en het hooiluik boven plaats maakten voor tuindeuren en schuiframen. Sinds de jaren negentig dient dit gebouw, nu koetshuis genoemd, als leeszaal en als depot voor een deel van de collectie.
Hondengrafjes
In de tijd van de baron ging het stalgebouw schuil achter bomen en heesters, zodat de bewoners van het huis geen last hadden van het roskammen van de paarden en het beheer van de mestvaalt. Rechts tegen de voorgevel lag het kleine hondenkerkhof, waar de baron vier van zijn overleden geliefde viervoeters ‘met bedroefd gemoed’ liet bijzetten. Toen de gevel werd aangepast, werd de begraafplaats naar de linker tuinmuur verplaatst. De grafstenen zijn voorzien van roerende Latijnse inscripties: ‘Actaeon, een toonbeeld van ijdelheid en schoonheid’ of ‘Donau, trouw metgezel op verre tochten’.
De tuin als publieksruimte
Voordat het huis museum werd, bood de tuin plaats aan hokken voor de vele dieren (honden, kippen, konijnen en duiven), aan een moestuin en aan fruitbomen. Later was de tuin het privé-domein van de inwonende beheerder van het museum, de ‘custos’, die ook de tuin moest onderhouden. In 1960 kreeg het museum tentoonstellingsfaciliteiten, en de inwonende custos verdween. De tuin werd toegankelijk voor het publiek en moest daarvoor worden aangepast. In 1965 werd een kruis van klinkerpaden door het gazon aangelegd en werden de meeste bomen gerooid. Omstreeks 1974 kwam de huidige indeling van de tuin tot stand, naar een ontwerp van Jan Mol, medewerker van de Plantsoenendienst van de gemeente Den Haag. Het is een niet geheel stijlzuiver ontwerp dat elementen van de formele tuin, zoals geschoren buxushaagjes, bevat naast perken met bloeiende planten.
Achtergevel
De achtergevel van het museumgebouw ziet er voor het grootste deel nog uit als in het midden van de achttiende eeuw. Het bordes en de deurenpartij erboven stammen uit de tijd van Baron van Westreenen (jaren twintig 19de eeuw), terwijl de bovenste verdieping van de beide uitbouwen in de jaren zestig van de 19de eeuw werd toegevoegd.
Letterkunst in de tuin
Bij verschillende tentoonstellingen in het museum werd ook de tuin betrokken, zoals in 1987 toen het werk van de Engelse letterkunstenaar David Kindersley te zien was. Een zwarte stenen plaquette met vergulde letters, voor die gelegenheid door de kunstenaar gemaakt, houdt de herinnering levend aan de tentoonstelling David Kindersley’s Workshop. Letters in stone & glass and on paper.
Lettertuin
In de tuin van het rechter buurpand is in 2008 een Lettertuin ingericht, naar een ontwerp van de Haagse grafisch ontwerpster Karen Polder. Het is een tuin waarin de letters (van het type Bauhaus rounded) als speelobjecten functioneren: de eerste typografische speeltuin ter wereld. Je kunt er letters en woorden ontdekken, op de letters klimmen of je eigen spel verzinnen.
Maartje de Haan nieuwe directeur Museum Meermanno
Maartje de Haan (1963) wordt per 1 augustus 2010 directeur van Museum Meermanno | Huis van het boek in Den Haag. Zij is thans nog werkzaam als conservator tentoonstellingen bij het Van Gogh Museum te Amsterdam. Hier was zij ondermeer verantwoordelijk voor de exposities ’Avant Gardes’, ’Alfred Stevens’ en ’Paul Gauguin, doorbraak naar de Moderniteit’.
Kunsthistorica Maartje de Haan is met het boekenvak in contact gekomen in de periode dat zij als conservator werkzaam was bij het Prenten- en Tekeningenkabinet van Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam (1993-2001). Ook als manager/directeur van het Haagse Museum Mesdag was zij betrokken bij diverse boekproducties. Haar eigen publicaties hebben vooral betrekking op negentiende-eeuwse kunst.
Naast de tentoonstellingen, die Maartje de Haan in het Van Gogh Museum en in Museum Mesdag organiseerde, voerde zij een zeer actief beleid ten aanzien van culturele evenementen en festivals, waarvan de Indische Zomer (2005) de bekendste is. In dit kader werkte ze intensief samen met diverse culturele instellingen, het bedrijfsleven en vermogensfondsen.
Bij Museum Meermanno zal Maartje de Haan zich inzetten om het museum onder een breder publiek bekendheid te geven, zonder aan kwaliteit en verdieping in te boeten.
Maartje de Haan is de opvolger van Leo Voogt, die met ingang van 1 juni 2010 is aangetreden als directeur van het Sectorinstituut Openbare Bibliotheken (SIOB). In de periode van 1 juni tot 1 augustus wordt de directeursfunctie waargenomen door Rien Schouten, hoofd bedrijfsvoering/plv. directeur.
Voor meer informatie: Aafke Boerma (pr/marketing), tel: 070-3462700, e-mail:
boerma@meermanno.nlPERSBERICHT
Den Haag, 27 april 2010
BOEKENGELUK
Vijftig topstukken in zomertentoonstelling Museum Meermanno | Huis van het boek
Vanaf 26 juni t/m 24 oktober toont Meermanno zijn vijftig topstukken. Naar aanleiding van de publicatie
Boekengeluk. Vijftig hoogtepunten uit het Museum Meermanno, een rijk geïllustreerde ‘museumgids’ met teksten van Ewoud Sanders, wordt deze zomer een tentoonstelling geheel gewijd aan de topstukken die hierin zijn beschreven. Tegelijk wordt de nieuwe website van het museum gepresenteerd, waarvan deze vijftig objecten één van de highlights vormen.
Nooit eerder werden al deze topstukken samen geëxposeerd. De boeken bevinden zich immers veelal in het depot en worden uitsluitend ter gelegenheid van tijdelijke tentoonstellingen (vaak ook in het buitenland) tevoorschijn gehaald. Onder de topstukken bevinden zich bijzondere middeleeuwse handschriften zoals de
Rijmbijbel van Jacob van Maerlant, maar ook archiefstukken, zoals de proeven voor letterontwerpen van Jan van Krimpen.
De tentoonstelling ‘Boekengeluk’ stelt de bezoeker bovendien in de gelegenheid deze vijftig topstukken in een geheel nieuwe context te bekijken. Zo zijn de Griekse en Romeinse oudheden doorgaans in hun 19de-eeuwse setting op de eerste verdieping te zien, maar worden ze bij deze gelegenheid als unica in de schijnwerpers gezet.
Uit de bijzondere boekenkasten van het museum, zoals het zgn. Kelmscottkastje met alle uitgaven van de pers van William Morris, het Nieuwenhuiskastje en het Elzevierkastje worden de mooiste uitgaven uitgestald. Tevens zijn twee delen te zien uit de vermaarde Atlas van Blaeu, waarvan Meermanno een met de hand ingekleurd exemplaar bewaart.
Daarnaast is er ruim aandacht voor de stichter van het museum, de Baron van Westreenen, het monumentale museumpand en de tuinen.
Op de vernieuwde website van het museum (www.meermanno.nl) zijn vanaf 26 juni alle vijftig topstukken te bekijken.
Museum Meermanno | Huis van het boek
Prinsessegracht 30
2514 AP Den Haag
Tel. 070 346 27 00
www.meermanno.nl
open: dinsdag t/m zondag 12.00-17.00 uur
Voor meer informatie en foto’s: Aafke Boerma, boerma@meermanno.nl, tel. 06 23637101.
Bestuur Vrienden
Drs. H.A. Pabbruwe, voorzitter
Drs. J.J. Hazenberg, penningmeester
Drs. J. Schipper, lid
Drs. A.G.A. Staats, lid
Dhr. F. Tamminga, lid
Drs. G. Verhoeven, lid
Mevr. drs. N.N. van Willigen, secretaris
4 maart t/m 30 mei
Beeld verplaatst. Joost Zwagerman en het werk van 14 Nederlandse kunstenaars
Een ode aan het kijken
Museum Meermanno | Huis van het boek organiseert van 4 maart t/m 30 mei een tentoonstelling rond Joost Zwagerman. Zwagerman werkt vaak samen met beeldend kunstenaars. Onder het motto ‘Een ode aan het kijken’ is in deze tentoonstelling zijn poëzie te zien in samenhang met het werk van veertien kunstenaars.
Zwagerman ontving in 2008 de Gouden Ganzenveer. Museum Meermanno biedt de laureaat van de Gouden Ganzenveer aan als gastconservator betrokken te worden bij een tentoonstelling. Zwagerman is in 2010 ook de auteur van het Boekenweekgeschenk. De 75ste Boekenweek vindt van woensdag 10 t/m zaterdag 20 maart plaats.
Al bij de eerste publicatie van Zwagermans gedichten in het tijdschrift
Maatstaf (1986) werden deze samen met beeldend werk afgedrukt: in dit geval van Brecht (Swaanswijk). Er zijn meer publicaties te zien, onder meer de lijvige bibliofiele uitgave
De Nomade, die hij in 2000 samen met Pieter Bijwaard en Harald Vlugt maakte en waaraan een groot aantal kunstenaars en schrijvers meewerkten.
Ook bij werk van Rob Scholte, Sandra Derks, Hans Op de Beeck, Aldert Mantje, Marlene Dumas maakte Zwagerman poëzie. Het gaat in dit samenspel tussen beeld en tekst niet om eenrichtingsverkeer. Soms inspireert het gedicht het beeldend werk, soms andersom. Zo maakten Harald Vlugt en Emo Verkerk recentelijk nieuw werk bij gedichten van Zwagerman. Ook dit werk zal te zien zijn in Meermanno.
Bij latere samenwerkingsverbanden treedt de fotografie meer op de voorgrond, zoals in de fotoserie Kristal van Paul Blanca met daarbij het gedicht ‘Hemellichaam’ (2008). Recenter nog schreef hij het gedicht ‘Alles sal reg kom’ bij een foto van Rineke Dijkstra van een meisje dat Zwagerman deed denken aan het meisje van Verspronck, een beroemd schilderij uit de collectie van het Rijksmuseum. Daarnaast zijn er foto’s te zien van Koos Breukel, Charlotte Dumas en Erwin Olaf.
Bij de Arbeiderspers verschijnt het boek
Beeld verplaatst. Deze bundel, waarin de gepresenteerde teksten en beelden zijn samengebracht, wordt tijdens de opening van de tentoonstelling gepresenteerd.
23 maart t/m 30 mei 2010
Pippi op Papier, 2x3=4!

Festival Boekids 2010 heeft dit jaar een bijzonder thema: Zweden@Boekids, met extra aandacht voor het rijke aanbod aan Zweedse kinderboeken, vooral het werk van Astrid Lindgren, de ‘moeder’ van vele geliefde kinderboekenpersonages zoals Pippi Langkous, Ronja de Roversdochter, Michiel van de Hazelhoeve en de dappere Gebroeders Leeuwenhart.
In de unieke tentoonstelling
Pippi op Papier, 2 x 3 = 4! in Museum Meermanno | Huis van het Boek te Den Haag zijn 170 bijzondere en geïllustreerde drukken van Pippi Langkous en andere boeken van Lindgren te bezichtigen. In het Zweeds en in vele andere vertalingen, waaronder Thai, Farsi én Nederlands.
Pippi op Papier, 2x3=4! is gebaseerd op letterkundig onderzoek van dr. Astrid Surmatz, universitair docent Zweeds en Scandinavische letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam, naar de ideologie, tijdgeest en symboliek in de boeken van Astrid Lindgren.
Wat zijn de achterliggende betekenissen van gebeurtenissen in Lindgrens fantasierijke verhalen voor kinderen? En welke ervaringen uit haar eigen leven en tijd heeft zij verwerkt in haar boeken? Vanuit interessante en dikwijls verrassende invalshoeken wordt gekeken naar de verhalen en de bijbehorende illustraties, die in de vele landen waar vertalingen van Lindgren verschenen, zijn vormgegeven door verschillende illustratoren met andere ideeën over hoe de wereld van Pippi en haar vrienden er uitziet.
Pippi op Papier is voor alle leeftijden, met voor kinderen ook de Pippi Speurtocht, een Lindgren-leestafel en het Museum Kakelbont Luistertheater.
Collecties Meermanno
Het museum beheert een grote verzameling middeleeuwse handschriften en vroege drukken, bijeengebracht door baron W.H.J.van Westreenen van Tiellandt (1783-1848). Van Westreenen was een typische 19de-eeuwse verzamelaar: hij verzamelde niet alleen boeken, maar ook voorwerpen uit de oudheid, familieportretten en reissouvenirs.
Deze verzameling wordt bewaard en getoond in de 19de-eeuwse museumopstelling op de eerste verdieping van het museum.
In aansluiting op de collectie van Van Westreenen verzamelt het museum boeken uit de periode van 1850 tot heden. De vorm en de vormgeving zijn daarbij het uitgangspunt.
Naast boeken en oudheden beheert het museum munten en penningen, brieven, archivalia, ex libris en kleingrafiek.
Voor meer informatie over de deelcollecties zie: Online catalogus.
Voor meer informatie over achtergronden en ontstaan van de collectie zie: Topstukken, inleiding Boekengeluk.
Lezingen op Open Monumentendag, 12 september
Museum Meermanno biedt twee interessante lezingen aan op zondag 12 september om 14.00 en 15.00 uur.
Jos van Heel, conservator oude collectie, vertelt over de aanpassingen die het 18de-eeuwse pand heeft ondergaan in de 19de eeuw. Na de dood van de bewoner, de baron Van Westreenen, in 1848 werd het woonhuis verbouwd tot museum.
Het museum is het gehele weekend van 12.00 tot 17.00 gratis toegankelijk.
Belangstellenden voor de lezingen kunnen zich melden bij de balie in de museumwinkel.
Workshop Maak je eigen museum
Workshop in het kader van de Vakantiepasactiviteiten van Museum Meermanno|Huis van het boek
Museum Meermanno is een echt verzamelmuseum. De baron die er vroeger woonde was dol op verzamelen. Hij verzamelde mummies, muntjes, boeken en zelfs honden! Heb jij ook een verzameling? Voetbalplaatjes, schelpen of flessendoppen? Neem je verzameling mee en maak er een draagbaar museumpje van.
Bereikbaarheid
Tram 9,10,16,17 of bus 18 (Malieveld)of in tien minuten lopen vanaf Den Haag CS
VakantiePassers: 6 -12 jaar
Begeleiding bij workshop niet wenselijk
Workshops
Woensdag 7 juli van 14 - 16 uur
Reserveren verplicht
tel. 070 346 27 00 of via
reserveringen@meermanno.nl.
Bezoek museum
Als je niet naar de workshops kan komen, kun je op elke dag in je vakantie bij de kassa van het museum een speurtocht halen door de verzameling van de baron.
Toegang museum en speurtocht gratis
Workshop € 2,50 voor Vakantiepashouders (normaal € 5,-)
Begeleider gratis (normaal € 4,-)
Museum open
di. t/m zo. 12.00 – 17.00 uur
Workshop Maak je eigen museum
Workshop in het kader van de Vakantiepasactiviteiten van Museum Meermanno|Huis van het boek
Museum Meermanno is een echt verzamelmuseum. De baron die er vroeger woonde was dol op verzamelen. Hij verzamelde mummies, muntjes, boeken en zelfs honden! Heb jij ook een verzameling? Voetbalplaatjes, schelpen of flessendoppen? Neem je verzameling mee en maak er een draagbaar museumpje van.
Bereikbaarheid
Tram 9,10,16,17 of bus 18 (Malieveld)of in tien minuten lopen vanaf Den Haag CS
VakantiePassers: 6 -12 jaar
Begeleiding bij workshop niet wenselijk
Workshops
Woensdag 7 juli van 14 - 16 uur
Reserveren verplicht
tel. 070 346 27 00 of via reserveringen@meermanno.nl.
Bezoek museum
Als je niet naar de workshops kan komen, kun je op elke dag in je vakantie bij de kassa van het museum een speurtocht halen door de verzameling van de baron.
Toegang museum en speurtocht gratis
Workshop € 2,50 voor Vakantiepashouders (normaal € 5,-)
Begeleider gratis (normaal € 4,-)
Museum open
Di. t/m zo. 12.00 – 17.00 uur
Workshop Maak je eigen museum
Workshop in het kader van de Vakantiepasactiviteiten van Museum Meermanno|Huis van het boek
Museum Meermanno is een echt verzamelmuseum. De baron die er vroeger woonde was dol op verzamelen. Hij verzamelde mummies, muntjes, boeken en zelfs honden! Heb jij ook een verzameling? Voetbalplaatjes, schelpen of flessendoppen? Neem je verzameling mee en maak er een draagbaar museumpje van.
Bereikbaarheid
Tram 9,10,16,17 of bus 18 (Malieveld)of in tien minuten lopen vanaf Den Haag CS
VakantiePassers: 6 -12 jaar
Begeleiding bij workshop niet wenselijk
Workshops
Woensdag 7 juli van 14 - 16 uur
Reserveren verplicht
tel. 070 346 27 00 of via reserveringen@meermanno.nl.
Bezoek museum
Als je niet naar de workshops kan komen, kun je op elke dag in je vakantie bij de kassa van het museum een speurtocht halen door de verzameling van de baron.
Toegang museum en speurtocht gratis
Workshop € 2,50 voor Vakantiepashouders (normaal € 5,-)
Begeleider gratis (normaal € 4,-)
Museum open
Di. t/m zo. 12.00 – 17.00 uur
Haagse Uitfestival
Museum Meermanno staat met een stand op het Haags Uitfestival. Hier krijgt u informatie over de activiteiten, tentoonstellingen en het educatieve programma voor het nieuwe seizoen. U bent van harte welkom.
Workshop ’Maak je eigen museum’
Workshop in het kader van de Kennismaandactiviteiten van Museum Meermanno|Huis van het boek
Museum Meermanno is een echt verzamelmuseum. De baron die er vroeger woonde was dol op verzamelen. Hij verzamelde mummies, muntjes, boeken en zelfs honden! Heb jij ook een verzameling? Voetbalplaatjes, schelpen of flessendoppen? Neem je verzameling mee en maak er een draagbaar museumpje van.
Bereikbaarheid
Tram 9,10,16,17 of bus 18 (Malieveld)of in tien minuten lopen vanaf Den Haag CS
Voor kinderen: 6 -12 jaar
Begeleiding ouders bij workshop niet wenselijk
Workshops
Zondag 10 oktober van 14 - 16 uur
Reserveren verplicht
Tel. 070 346 27 00 of via
reserveringen@meermanno.nl.
Bezoek museum
Als je niet naar de workshops kan komen, kun je op elke dag bij de kassa van het museum een speurtocht halen door de verzameling van de baron.
Toegang museum en speurtocht gratis
Kosten workshop: € 5,-
Begeleider gratis (normaal € 4,-)
Museum open
Di. t/m zo. 12.00 – 17.00 uur
Workshop ’Maak je eigen museum’
Workshop in het kader van de Kennismaandactiviteiten van Museum Meermanno|Huis van het boek
Museum Meermanno is een echt verzamelmuseum. De baron die er vroeger woonde was dol op verzamelen. Hij verzamelde mummies, muntjes, boeken en zelfs honden! Heb jij ook een verzameling? Voetbalplaatjes, schelpen of flessendoppen? Neem je verzameling mee en maak er een draagbaar museumpje van.
Bereikbaarheid
Tram 9,10,16,17 of bus 18 (Malieveld)of in tien minuten lopen vanaf Den Haag CS
Voor kinderen: 6 -12 jaar
Begeleiding ouders bij workshop niet wenselijk
Workshops
Zondag 24 oktober van 14 - 16 uur
Reserveren verplicht
Tel. 070 346 27 00 of via
reserveringen@meermanno.nl.
Bezoek museum
Als je niet naar de workshops kan komen, kun je op elke dag bij de kassa van het museum een speurtocht halen door de verzameling van de baron.
Toegang museum en speurtocht gratis
Kosten workshop: € 5,-
Begeleider gratis (normaal € 4,-)
Museum open
Di. t/m zo. 12.00 – 17.00 uur
Week van de Geschiedenis-arrangement
Museum Meermanno biedt een speciaal Boekengeluk-arrangement aan in de Week van de Geschiedenis. U wordt ontvangen in de oude keuken in het souterrain. Onder het genot van een kopje thee of koffie luistert u naar het verhaal over de verschillende verzamelingen van het museum. Daarna krijgt u een rondleiding langs de vijftig hoogtepunten uit de collectie.
Datum en tijd: zaterdag 16 oktober van 14.00 tot 15.30 uur.
Reserveren: via aanmelden@meermanno.nl o.v.v. van naam en datum.
Kosten: arrangement is gratis, u betaalt slechts de museumentree van 4 euro. (MJK gratis)
Week van de Geschiedenis-arrangement
Museum Meermanno biedt een speciaal Boekengeluk-arrangement aan in de Week van de Geschiedenis. U wordt ontvangen in de oude keuken in het souterrain. Onder het genot van een kopje thee of koffie luistert u naar het verhaal over de verschillende verzamelingen van het museum. Daarna krijgt u een rondleiding langs de vijftig hoogtepunten uit de collectie.
Datum en tijd: woensdag 20 oktober van 14.00 tot 15.30 uur.
Reserveren: via aanmelden@meermanno.nl o.v.v. van naam en datum.
Kosten: arrangement is gratis, u betaalt slechts de museumentree van 4 euro. (MJK gratis)
Haagse Uitfestival
Museum Meermanno is met een stand aanwezig op de Kinderboekenmarkt op 17 oktober in het Atrium van het Haagse stadhuis. Kinderen kunnen daar meedoen aan een ’letteractiviteit’. Ook is er informatie over de jeugdactiviteiten van het museum, zoals schoolprogramma’s, workshops en verjaardagsfeestjes.
Kom tijdens het festival De Betovering naar Museum Meermanno voor een verzamelworkshop!
Iedereen verzamelt wel iets: schelpen, voetbalplaatjes, flessendoppen, elastiekjes, muntjes…alles kan. Zou het niet leuk zijn als jouw verzameling mooi tentoongesteld zou zijn, zoals in een echt museum?
Museum Meermanno is een echt verzamelmuseum. Tweehonderd jaar geleden woonde in het museum een rijke baron die heel veel mooie spulletjes bij elkaar verzameld heeft. Muntjes, mummies, vazen en heel veel boeken. Van zijn verzameling is toen een museum gemaakt.
Dat gaan we met jouw verzameling ook doen. Niet een heel groot museum, maar een heel kleintje. Eentje die je mee kan nemen naar huis. Jouw draagbare museum!
Datum en tijd: 21 oktober van 14.00 tot 16.00 uur
Kosten: 5 euro per kind. Ouders mogen tijdens de workshop gratis de tentoonstelling ’Boekengeluk’ bekijken.
Let op: Als je mee wilt doen aan deze workshop moet je wel een verzameling hebben. En ook meenemen natuurlijk!
Aanmelden via:
reserveringen@meermanno.nlKom tijdens het festival De Betovering op 19 en 21 oktober naar Museum Meermanno voor een verzamelworkshop!
Iedereen verzamelt wel iets: schelpen, voetbalplaatjes, flessendoppen, elastiekjes, muntjes…alles kan. Zou het niet leuk zijn als jouw verzameling mooi tentoongesteld zou zijn, zoals in een echt museum?
Museum Meermanno is een echt verzamelmuseum. Tweehonderd jaar geleden woonde in het museum een rijke baron die heel veel mooie spulletjes bij elkaar verzameld heeft. Muntjes, mummies, vazen en heel veel boeken. Van zijn verzameling is toen een museum gemaakt.
Dat gaan we met jouw verzameling ook doen. Niet een heel groot museum, maar een heel kleintje. Eentje die je mee kan nemen naar huis. Jouw draagbare museum!
Datum en tijd: 19 en 21 oktober van 14.00 tot 16.00 uur
Kosten: 5 euro per kind. Ouders mogen tijdens de workshop gratis de tentoonstelling ’Boekengeluk’ bekijken.
Let op: Als je mee wilt doen aan deze workshop moet je wel een verzameling hebben. En ook meenemen natuurlijk!
Aanmelden via:
reserveringen@meermanno.nlOptreden Frans de Leef, 26 september om 15 uur
Zondagmiddag 26 september om 15.00 uur
Zanger, schrijver en beeldend kunstenaar Frans de Leef houdt een voordracht over de liefde van Baron van Westreenen voor zijn honden.
Zanger, schrijver en beeldend kunstenaar Frans de Leef houdt een voordracht over de Baron van Westreenen, de stichter van Museum Meermanno | Huis van het boek. Staand bij de hondengrafjes in de tuin van het museum draagt hij het verhaal voor over de liefde van de baron voor zijn trouwe viervoeters en het verdriet over hun dood. Wees getuige van dit verhaal over een van de onbekende, maar ontroerende aspecten van het leven van Baron van Westreenen.
De middag begint met het zingen van het ’Huilen in Den Haag-lied’ door Frans de Leef en Hans Steijger.
t/m 30 maart 2003
Boeken van Rie Cramer
Bij veel lezers is Rie Cramer (1887-1977) vooral bekend als illustratrice van kinderboeken.
Zij zijn veelal zelf opgegroeid met haar werk, dat in aanvang een duidelijke invloed van de Engelse Jugendstil laat zien, maar dat zeker in de latere jaren een herkenbaar eigen karakter kreeg.
In de verzameling van Museum Meermanno vormt het geïllustreerde boek een speciaal aandachtsgebied, waarbij zowel boeken voor volwassenen als kinderboeken aan bod komen. In deze kleine souterrainexpositie vindt u onder anderen enkele vroege uitgaven, sprookjesboeken, kinderboeken en jeugdboeken.
Van 14 september t/m 1 december 2002
Robert Schwarz / Getijdenboeken
Dit najaar toont Museum Meermanno kunstenaarsboeken van Robert Schwarz (Ludwigshafen,1951) aangevuld met een selectie uit de middeleeuwse getijdenboeken uit het eigen bezit van het museum. Op deze manier ontstaat een dialoog tussen de boekkunst uit het verleden en de hedendaagse beeldende kunst.
Hoewel zijn werk in Nederland nog relatief onbekend is, heeft Robert Schwarz in Duitsland reeds laten zien dat hij tot de top van de hedendaagse boekkunst behoort. Deze expositie toont een actuele stand van zaken van zijn werk waaruit blijkt dat Schwarz zich de laatste jaren vrijwel uitsluitend met het thema ‘getijdenboeken’ bezighoudt, waarbij hij zich laat inspireren door de Middeleeuwen.
Deze ‘getijdenboeken’ zijn opgebouwd langs de verhaallijnen uit de Middeleeuwen. De indeling van de boeken en de teksten komen overeen, de beelden zijn echter een confrontatie tussen heden en verleden. De vrouw als moederfiguur, als fatale vrouw, als hemelse Madonna; we komen Maria in het werk van Schwarz in alle vormen tegen. Het
Marienofficium (1998), dat gebaseerd is op een Latijns getijdenboek uit 1721, is zelfs geheel aan Maria gewijd.
De collectie van Museum Meermanno biedt de mogelijkheid om daarnaast een aantal fraaie middeleeuwse getijdenboeken te tonen. Uit deze werken blijkt onder meer de ongekende populariteit van de Maria-verering in de late Middeleeuwen. Hun eenvoud en schoonheid laten zien hoe zij konden fungeren als inspiratiebron voor Robert Schwarz. Aan de bezoekers wordt nu de kans geboden om de moderne en de historische getijdenboeken te bewonderen en onderling te vergelijken. Speciaal voor deze tentoonstelling heeft Robert Schwarz een serie nieuwe getijdenboeken en een aantal ‘wandtapijten’ gemaakt, collages van druksels met een religieus thema.
De expositie is tot stand gekomen in samenwerking met het Museum für Angewandte Kunst in Frankfurt am Main, het Klingspor Museum in Offenbach am Main en mediëvist Johan Oosterman, verbonden aan de Rijksuniversiteit Leiden. Zowel Museum Meermanno als het Klingspor Museum - beiden ‘boekenmusea’ - verzamelen al geruime tijd werk van Robert Schwarz. De tentoonstelling is hierna nog van 15 december 2002 t/m 27 januari 2003 te zien in het Klingspor Museum.
Bij de tentoonstelling verschijnt een geïllustreerde publicatie (36 p., full colour, Nederlands/Duits).
Van 14 december 2002 t/m 9 maart 2003
De Grand Tour. De reizen van Gerard en Johan Meerman in de achttiende eeuw
Veel rijke jongelingen maakten in de achttiende eeuw een ‘Grand Tour’, een educatieve reis door Europa met Italië als onbetwist hoogtepunt. Deze reis was niet uitsluitend een kunstreis. Tijdens de reis werd ook kennis opgedaan over de staatskunde, de economie en de jurisdictie in verschillende gebieden. Na terugkeer in het vaderland werd de reiziger geacht de opgedane ervaring in de praktijk te brengen tot ‘het nut van het algemeen’ en de eigen carrière in het bijzonder.
De tentoonstelling in Museum Meermanno geeft een beeld van de reizen die de jurist Gerard Meerman en zijn zoon Johan Meerman onafhankelijk van elkaar maakten door Europa. Gerard Meerman (1722-1771) was afkomstig uit een rijke koopmansfamilie uit Leiden en was één van de belangrijkste boekenverzamelaars uit de achttiende eeuw. Zijn zoon Johan (1753-1815) was ook een gedreven boekenverzamelaar. Van de verschillende reizen van Gerard en Johan Meerman worden handgeschreven en gedrukte verslagen getoond uit de archieven van Museum Meermanno-Westreenianum en de Koninklijke Bibliotheek.
In de tentoonstelling worden deze originele documenten geflankeerd door boeken en voorwerpen die onderweg werden gekocht, en door landkaarten en prenten van steden die werden bezocht. Zo is er een gravure (uit twaalf delen) te zien van Rome door Giuseppe Vasi uit 1765 van 2,65 meter breed. Ook zijn er gedichten te beluisteren die de echtgenote van Johan Meerman, Anna Meerman-Mollerus, schreef tijdens de reizen. Zijzelf kocht onderweg naturaliën voor haar ‘naturaliënkabinet’. Op een grote landkaart uit 1795 kunnen de uitgebreide reizen worden gevolgd die vaak enkele maanden tot een paar jaar duurden.
De verzamelingen van vader en zoon Meerman zijn na hun dood voor een belangrijk deel gekocht door hun achterneef, Willem van Westreenen. Deze legateerde in 1848 op zijn beurt de gehele collectie aan de Staat der Nederlanden en verbond daaraan de voorwaarde dat de collectie onder de naam ‘Museum Meermanno-Westreenianum’ in zijn woonhuis opengesteld zou worden voor het publiek.
De reizen die vader en zoon Meerman maakten, worden vergeleken met reizen van Haagse tijdgenoten. Zoals Willem Carel Dierkens, zoon van de Haagse burgemeester en vriend en leeftijdgenoot van Johan Meerman, en ook de veel oudere Aernout Vosmaer, directeur van de Stadhouderlijke Kabinetten van Natuurlijke Historie van stadhouder Willem V. De expositie toont van hen enkele geïllustreerde egodocumenten – reisverslagen en brieven – afkomstig uit het Nationaal Archief, de Universiteitsbibliotheek Leiden en het Rijksprentenkabinet te Amsterdam. Deze verschillende teksten geven een goed beeld van de smaakverschillen van de reizigers en werpen een licht op de verspreiding van de culturele en wetenschappelijke kennis in de tijd van de Verlichting.
Van 27 september 2003 t/m 4 januari 2004
De reis van Marie Cornélie van Wassenaer naar St. Petersburg, 1824-1825
In Museum Meermanno zal het reisdagboek van Marie Cornelie gravin van Wassenaer Obdam dat zij bij heeft gehouden tijdens haar reis naar St. Petersburg te zien zijn. Zij reisde destijds mee als hofdame in het gevolg van kroonprins Willem Frederik en zijn Russische gemalin Anna Paulowna naar het hof van tsaar Alexander I. Behalve haar dagboek dat afkomstig is uit kasteel Weldam, zullen haar portret, prenten en persoonlijke bezittingen, zoals diverse bijzondere geschenken, worden getoond.
In 1824 hobbelt een kleine stoet reiskoetsen van het Koninklijk Paleis te Brussel via de Duitse vorstendommen langs de barre kust van de Baltische Zee naar het hof van tsaar Alexander I te Sint-Petersburg. In de voorste koets zitten kroonprins Willem Frederik van Oranje-Nassau en zijn gemalin Anna Pavlovna. In een der volgkoetsen bevinden zich hun hofdame Sophia douairière Van Wassenaer geboren Van Heeckeren van Kell met haar stiefdochter, de jonge en puissant rijke Marie Cornélie gravin van Wassenaer Obdam (1799-1850) van Kasteel Twickel in Twente. Zonder dat men het weet, schrijft zij een uitvoerig reisdagboek.
Marie Cornélie heeft ook een klein tekenalbum bij zich, waarin ze potlood- en pentekeningen zal maken van paleizen, tuinen en interieurs. In haar bagage bevindt zich bovendien een in blauw leer gebonden album amicorum. Ze vraagt componisten, musici en hovelingen daarin hun geliefde composities te noteren.
Het vorstelijk gezelschap moet soms in herbergen vol vlooien en wandluizen overnachten. Eenmaal over de Russische grens komen ze wolven tegen die de koetspaarden bedreigen. Na veel ontberingen rijdt de koets op 10 oktober 1824 de binnenplaats van paleis Gatsjina op, waar de oude tsarina Maria Fjodorovna, moeder van Anna Pavlovna en tsaar Alexander I, op dat moment met haar hofhouding resideert.
Dezelfde dag wordt Marie Cornélie met veel ceremonieel aan de vorstin voorgesteld en schrijft ze in haar dagboek: ‘Zij is voor haar vijfenzestig jaar zeer goed geconserveerd. Zij draagt onder andere een korset, dat zo strak zit dat zij alleen hele kleine pasjes kan nemen.’
Op 5 november verschijnt tsaar Alexander, bijgenaamd ‘de Gezegende’ in Gatsjina om zijn zuster Anna Pavlovna en zwager Willem te begroeten: ‘Het voorstellen van de tsaar vond plaats bij de prinses van Oranje. De grote man leek me niet zo mooi en groot als ik had gedacht. De tsaar is erg doof, wat het gesprek met hem bemoeilijkt. Hij heeft de gewoonte om zich te parfumeren, zodat zijn sporen overal goed te volgen zijn. De prins van Oranje verhief op een vreselijke manier zijn stem als hij tegen hem sprak. Ze hebben een heel intieme band met elkaar.’
Op 17 november vertrekt Marie Cornélie in het gevolg van de tsarenfamilie per koets naar het hoofddoel van de reis: Sint-Petersburg. Ze ziet voor het eerst de schitterende, nieuwe hoofdstad die in 1703 door tsaar Peter de Grote aan de Neva werd gesticht: ‘De Admiraliteit, het Winterpaleis en het gebouw van de Generale Staf met zijn grote gewelf; dit alles vormde een prachtig schouwspel.’
Ze verblijft met haar stiefmoeder in het luisterrijke Winterpaleis, dat ruim vijftienhonderd vertrekken telt. Met de prinses van Oranje bezoekt ze onder meer de Kazankathedraal om de icoon van de Moeder Gods te kussen en de kunstcollectie in de Hermitage. In februari neemt ze deel aan een groot hofbal waarbij wel tienduizend waskaarsen branden: ‘Tijdens deze hofbals zijn ze bijzonder karig met versnaperingen Er staat alleen een grote schaal vol kleine snoepjes met daarbij enkele glazen koude limonade.’
Het Russische paasfeest viert Marie Cornélie in het Winterpleis: ‘De tsaar gaf ieder van ons een porseleinen paasei. De prinses gaf, in plaats van een paasei, aan Maman een aardige pendule van malachiet.’ Eind mei vertrekt ze met het hof naar het elegante Paleis Pavlovsk. Daar maakt ze lange wandelingen en komt in de boerderij van Maria Fjodorovna: ‘We gingen naar de koeienstal waar de hele tsarenfamilie al bezig was om het op porseleinen borden aangereikte zwarte brood aan de koeien te voeren. De stal bood geen enkele overeenkomst met andere koeienstallen; hier is het een grote zaal met een gewreven parketvloer.’
Marie Cornélie bezoekt ook de beroemde Amberzaal van Tsarskoje Selo en ze ziet in Peterhof de fonteinen spuiten. Aan het eind van de zomer neemt ze afscheid van het hof en de oude tsarina omhelst haar: ‘Ze wist wel, zo zei ze, dat ik niet van de grote wereld hield, noch van het hofleven. Ik antwoordde haar dat ik inderdaad de voorkeur geef aan het rustige en geïsoleerde leven op het platteland.’ Bij het vertrek wierp ze een laatste blik over de stad en zijn paleizen: ‘Het speet me Petersburg te verlaten, ook omdat we hier in alle opzichten zo warm waren ontvangen.’
Samenstelling tentoonstelling en teksten: Aafke Brunt, archivaris van Huisarchief Twickel, Thera Coppens en Helen Wüstefeld.
Met dank aan de bruikleengevers: Kasteel Twickel, Delden, Alfred Graaf zu Solms-Sonnenwalde, Kasteel Weldam, Markelo Koninklijke Verzamelingen, Den Haag.
Deze kleine tentoonstelling is ingericht naar aanleiding van het verschijnen van het boek Marie Cornélie. Dagboek van haar reis naar het hof van Sint-Petersburg 1824-1825 van de hand van Thera Coppens (Meulenhoff, ca. 320 pagina’s, prijs ca € 20,-, ISBN 90 290 7365 9). Het boek zal tijdens de tentoonstelling te koop zijn in de museumwinkel. Thera Coppens organiseert ook dagtochten.
Van 26 april t/m 6 juli 2003
Documentaire, boek en souterraintentoonstelling over Bram de Does
Tentoonstelling en film
In Museum Meermanno zal t/m 6 juli een bescheiden tentoonstelling uit eigen bezit worden ingericht over het werk van Bram de Does. De Does (*1934) is een van de bekendste Nederlandse letterontwerpers. De twee door hem ontworpen drukletters bepalen voor een niet onaanzienlijk deel onze leescultuur: zijn Trinité (1982) wordt veel gebruikt voor literaire werken – boekomslagen met name – en uit zijn Lexicon (1992) worden onder meer het Van Dale woordenboek, het NRC Handelsblad en de Automatisering Gids gezet. De letters van De Does bouwen nadrukkelijk voort op de traditie maar worden toch als eigentijds en oorspronkelijk ervaren. Zijn werk als boekontwerper is minder bekend maar nationaal en internationaal met belangrijke prijzen onderscheiden, zoals onlangs in Leipzig. Daar kende de internationale jury hem de bronzen medaille toe voor Kaba ornamenten.
Film
De expositie vindt plaats ter gelegenheid van de première van de film
Systematisch Slordig: Bram de Does, letterontwerper en typograaf waarvan de feestelijke première plaatsvindt in de aula van de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten in Den Haag op 26 april om 14.00 uur. De film van Coraline Korevaar en Otto de Fijter (Atelier de Kazerne, Woudrichem) wordt op 11 mei aanstaande uitgezonden door de Tros in de reeks
Kunst ... omdat het moet.
Publicatie
In de begeleidende publicatie, Nieuwe letters getiteld, worden de deelnemers aan de documentaire kort geïntroduceerd. Verder bevat deze mooi vormgegeven uitgave (prijs: € 16,50) bijdragen van Frans Janssen, Martin Majoor, Fred Smeijers en Hans Peter Willberg waarin voor een breed publiek dieper ingegaan wordt op het letterontwerpen en de technische ontwikkelingen in dit zo specialistische vakgebied.
De realisatie en première van de documentaire
Systematisch slordig is mogelijk gemaakt door fondsenwerving van Stichting Nieuwe Letters. Met dank aan: VSB-fonds, Joh. Enschedé, Stichting Harten Fonds, AVS Solutions, Kunst & Meer Waarde, Automatisering Gids, Typography Interiority & Other Serious Matters, Beroepsorganisatie Nederlandse Ontwerpers BNO, Stichting Museum Enschedé, Universiteitsbibliotheek Amsterdam, Museum De Beyerd, Museum Meermanno, Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten Den Haag en omroepvereniging Tros.
Van 5 juli t/m 12 oktober 2003
Frans de Jong, een drukker uit Amsterdam
Museum Meermanno toont grafiek van Frans de Jong uit eigen bezit, maar ook een groot aantal drukken uit het bezit van de kunstenaar die in oplage zijn gemaakt. Deze worden voor deze gelegenheid te koop aangeboden, waarbij de opbrengst ten goede komt aan de Frans de Jong Prijs. Ook schenkt Frans de Jong een omvangrijke collectie prenten aan het museum.
Frans de Jong (1921) is een van de laatste meesterdrukkers passend in de traditie van Hendrik Werkman en uniek in zijn combinatie van het bijna verdwenen boekmetier en het experimenterend omgaan met drukkersmateriaal. Hij volgde zijn opleiding aan de afdeling reclame van de Koninklijke Academie voor Beeldende Kunsten te Den Haag, o.a. bij Schuitema en Kiljan en werkte op allerlei terreinen van het drukkersvak. Zo werkte hij van 1956 tot 1962 als leidinggevende op de huisdrukkerij van de Bijenkorf, ten tijde van Benno Premsela.
In 1973 richtte hij samen met Bart Boumans en René Treumann de Stichting Het Drukhuis op en twee jaar later was hij een van de initiatiefnemers van Stichting Drukwerk in de Marge.
Op 39-jarige leeftijd presenteert hij zich als drukkunstenaar met prenten en klein gebruiksgrafiek. Zijn werk kenschetst zich door een veelheid van kleuren en een eigenzinnig gebruik van typografisch materiaal. Frans de Jong gebruikt veel materiaal-, iris- en sjabloondruk voor zijn werk. In 2002 zegt hij daarover: ‘Ik gebruikte alle mogelijke materiaal; koolbladeren, munten, raderen van klokken, machineonderdelen, schuurpapier, vogelveren, kortom alles wat maar toepasselijke structuren aandroeg’.
Ook spelen zowel poëtische elementen als ironisch verwerkte maatschappijkritiek een rol in zijn werk, bijvoorbeeld in zijn onregelmatig verschijnende periodiek "De Laatste Schreeuw".
De tentoonstelling biedt een keuze uit het oeuvre van de kunstenaar. In 1993 organiseerde Museum Meermanno al een overzichtstentoonstelling van werk van Frans de Jong. Nu schenkt de kunstenaar een omvangrijke collectie prenten aan het museum. Deze vormt een welkome aanvulling op de vele boeken van de kunstenaar die het museum reeds bezit. Zeer sympathiek en opmerkelijk is dat hij de opbrengst van de drukken in oplage die hij ter gelegenheid van deze tentoonstelling te koop aanbiedt, ten goede laat komen aan de Frans de Jong Prijs. Deze prijs is bestemd voor academieverlaters die nieuwe terreinen tussen autonome kunst en visuele communicatie willen verkennen. De prijs wordt in september uitgereikt. Het werk van de prijswinnaar zal vanaf 23 september te zien zijn in het museum.
Van 22 maart t/m 22 juni 2003
H.Th. Wijdeveld. Art deco-ontwerpen op papier
De tentoonstelling laat typografisch werk zien van de veelzijdige architect H.Th. Wijdeveld en enkele navolgers, zoals Anton Kurvers (1889-1940) en Fré Cohen (1903-1943). Het werk is afkomstig uit het Stedelijk Museum Amsterdam, het Nederlands Architectuurinstituut, privé-collecties en Museum Meermanno.
De architect Wijdeveld, opgeleid bij P.J.H. Cuypers, zag het werk van zijn leermeester niet als basis voor de eigen beroepspraktijk. Hij ontwikkelde een volstrekt persoonlijke stijl in zijn gebouwen, meubelen, theaterdecors en in zijn typografische ontwerpen. Zijn typografie is decoratief en gericht op vorm, leesbaarheid was van ondergeschikt belang.
De ornamentiek in zijn typografische ontwerpen verraadt dat hij zich liet inspireren door de architectuur van de Amsterdamse School.Zijn spel met loodzetsel, de opbouw van letters uit lijnen en blokken, vormde voor klassiek georiënteerde typografen als J.F. van Royen en S.H. de Roos, een steen des aanstoots.
Wijdeveld was hoofdredacteur en typografisch verzorger van het tijdschrift
Wendingen en als zodanig invloedrijk in de wereld van de kunst. Museum Meermanno toont nu diverse voorbeelden van zijn tentoonstellings- en theateraffiches, boekvormgeving, commercieel drukwerk, ontwerpen voor briefpapier, uitnodigingen, omslagen voor
Wendingen en het bouwkundige weekblad
Architectura.
Bij de tentoonstelling verschijnt een publicatie van de hand van gastconservator en Wijdeveld-kenner Hans Oldewarris (Uitgeverij 010 publishers, 48 pag., ca. 90 afb. in full colour, Ned./Eng. ISBN 90-6450, € 13,50)
verlengd tot en met zondag 26 mei 2002
Praal, ernst en emotie. De wereld van het Franse middeleeuwse handschrift
Museum Meermanno-Westreenianum heropent na anderhalf jaar restauratie, verbouwing en uitbreiding officieel zijn deuren met een spectaculaire tentoonstelling over de Franse middeleeuwse boekschilderkunst. Deze kunstvorm heeft in Frankrijk een grote hoogte bereikt. De tentoonstelling toont negentig handschriften uit collecties van diverse Nederlands musea en (universiteits-)bibliotheken die nog nooit in dit verband getoond zijn. Het museum toont deze handschriften niet alleen als verfijnde kunstwerken op zich. De tentoonstelling vertelt ook het boeiende verhaal van de functie van het boek in de middeleeuwse maatschappij. Het boekbedrijf en zijn clientèle, maar ook het veelsoortige gebruik dat van boeken werd gemaakt, worden belicht.
Tentoonstelling
De tentoonstelling is ingedeeld in drie gebieden. Het deel over Praal besteedt aandacht aan het mecenaat van de Franse koningen en andere hooggeplaatsten. De Franse koning Karel V speelde een cruciale rol in de cultuur van de tweede helft van de veertiende eeuw. Hij liet talloze Latijnse teksten in het Frans vertalen en maakte ze zo ook buiten de kring van geleerden toegankelijk.!
Het deel over Ernst verhaalt over de boeken voor kerken, kloosters en universiteiten. Hierbij gaat het zowel om de monnik die in afzondering zijn boeken kopieerde, als om b.v. abt Johannes de Marchello uit Amiens die een rijk versierd koorboek liet vervaardigen, waarvan de randen bevolkt zijn met dieren en fabelwezens die in groteske – en deels obscene – scènes de middeleeuwse maatschappij van ironisch commentaar voorzien.
Het deel over de Emotie ten slotte belicht de rijk verluchte gebedenboeken voor privé-devotie. Hier staan de gebedenboeken centraal die de middeleeuwse mens de gelegenheid gaven in privé-gebed uiting te geven aan zijn vreugden, angsten en verdriet. Met de fraaie gebedenboeken werd echter ook gepronkt. Door zijn luxueuze uitvoering en rijke versiering fungeerde het getijdenboek als een statussymbool. Hoogbegaafde schilders brachten hierin exquise miniaturen aan die ook de hedendaagse bezoeker van de tentoonstelling veel bewondering zullen ontlokken.
De tentoonstelling en de catalogus, vormgegeven door Anton Spruit, zijn van de hand van dr. Anne S. Korteweg, conservator middeleeuwse handschriften van de Koninklijke Bibliotheek. De collecties miniaturen van de Koninklijke Bibliotheek en het Museum Meermanno-Westreenianum zijn allemaal gedigitaliseerd. Liefhebbers kunnen deze kunstschatten bekijken op de website van de Koninklijke Bibliotheek.
Heropening
Met de recente uitbreiding en verbouwing van het museum zijn zowel de publieksvoorzieningen als de voorzieningen voor het behoud van de collectie aanmerkelijk verbeterd. In het belendende pand Prinsessegracht 31 is bovendien extra tentoonstellingsruimte gerealiseerd en er zijn nieuwe vitrines in het museum geplaatst die aansluiten bij het historische interieur. Het museum is toegankelijk gemaakt voor rolstoelgebruikers, o.a. door het plaatsen van een lift en hefplateaus. Het koetshuis is voorzien van een geklimatiseerd depot en een nieuwe leeszaal (deze is vanaf 28 mei 2002 toegankelijk voor publiek) en op zolder is ruimte gecreëerd die zal worden ingericht voor educatieve doeleinden. Voorts zijn er diverse restauratiewerkzaamheden uitgevoerd aan o.a. het historisch behang en meubilair.
Reprise optreden Frans de Leef, 3 oktober om 15 uur
Reprise op zondag 3 oktober om 15.00 uur
Zanger, schrijver en beeldend kunstenaar Frans de Leef houdt een voordracht over de Baron van Westreenen, de stichter van Museum Meermanno | Huis van het boek. Staand bij de hondengrafjes in de tuin van het museum draagt hij het verhaal voor over de liefde van de baron voor zijn trouwe viervoeters en het verdriet over hun dood. Wees getuige van dit verhaal over een van de onbekende, maar ontroerende aspecten van het leven van Baron van Westreenen.
De middag begint met het zingen van het ’Huilen in Den Haag-lied’ door Frans de Leef en Hans Steijger.
Zaterdag 23 oktober van 12.00-17.00 uur
Dag van de Haagse Geschiedenis
In Museum Meermanno rondleidingen door de tentoonstelling ‘Boekengeluk’ met speciale aandacht voor het levensverhaal van de baron en zijn grote liefde voor honden.
In de Grote Kerk van 11.00-17.00 uur tevens een doorlopende ‘waterige workshop’ voor kinderen. Met verschillende waterverftechnieken kunnen kinderen gratis hun eigen boekje maken.
Rondleidingen, entree museum en workshop in de kerk gratis.
Lunchbijeenkomst met Gerrit Komrij
Op donderdag 18 november 2010 van 12.30 tot 13.30 uur vertelt Gerrit Komrij over zijn passie voor boeken en over zijn ervaringen met uitgevers, drukkers en vormgevers. Komrij-kenner Onno Blom zal hem hierover vragen stellen en Komrij leest voor uit zijn werk.
U kunt een plaats voor deze lezing reserveren via:
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. uw naam en de datum van de activiteit.
Kosten: de lezing is gratis toegankelijk, u betaalt slechts de entree voor het museum.
Ger Kleis spreekt over Sub Signo Libelli
Op zondagmiddag 28 november om 15.00 uur: interview met Ger Kleis over zijn pers Sub Signo Libelli. Bezoekers mogen na het interview bladeren in zijn boeken en Ger Kleis vragen stellen.
U kunt voor deze middag een plaats reserveren via:
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. uw naam en de datum van de activiteit.
Kosten: het bijwonen van deze middag is gratis. U betaalt slechts de entree voor het museum.
Discussiemiddag met Wim Crouwel
Deze middag is helemaal volgeboekt. U kunt niet meer reserveren
Studiemiddag met als thema: ’Wim Crouwel vraagt zich af of de discussie tussen Max Bill en Jan Tschichold over klassieke versus moderne typografie nog relevant is?
In samenwerking met Stichting De Roos en Stichting Premsela/
Morf.
Aanvang: 14.00 uur
Kosten: Het bijwonen van deze middag is gratis. U betaalt slechts de entree van het museum.
Reserveren via
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. uw naam en de datum van de activiteit.
Symposium over verzetsuitgaven
Op zondag 19 december organiseren de Koninklijke Bibliotheek en Museum Meermanno | Huis van het boek een symposium over verzetsuitgaven. Welke rol speelden clandestiene uitgevers in de periode 1940-1945?
Ontvangst om 14.00 uur, aanvang programma 14.30 uur, einde KB-programma 16.00 uur.
Na afloop bezichtiging en rondleiding tentoonstelling ’Het ideale boek’ en borrel in Museum Meermanno | Huis van het boek’.
Sprekers zijn Annemieke van Bockxmeer (NIOD), Edwin Klijn (KB, auteur van
De NSB), Lisette Lewin (auteur van
Het clandestiene boek, 1940-1945)en Kees Thomassen (KB en één van de samenstellers van
Het verborgen woord. Drukken van Hendrik Werkman en andere clandestiene publikaties uit de collectie van de KB).
U kunt zich tot uiterlijk maandag 13 december aanmelden via
:activiteiten@kb.nl of telefonisch via 070 3140529. Graag vernemen wij of u gebruik maakt van de rondleiding en de borrel in Museum Meermanno | Huis van het boek.
DEZE MIDDAG IS VOLGEBOEKT
Masterclass over het ideale boek
Zondagmiddag 16 januari om 15.00 uur: masterclass i.h.k.v. de tentoonstelling ’Het ideale boek’. Experts uit diverse disciplines laten zien hoe verschillend zij naar hetzelfde boek kijken.
Sprekers zijn ontwerper Tessa van der Waals, boekbinder Jeff Clements en boekhistoricus Frans A. Janssen.
Reserveren via
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. uw naam en datum activiteit.
Tweede masterclass over het ideale boek
DEZE MASTERCLASS IS VOLGEBOEKT. U KUNT ZICH HELAAS NIET MEER OPGEVEN.
Zondagmiddag 30 januari om 15.00 uur: tweede masterclass i.h.k.v. de tentoonstelling ’Het ideale boek’. Experts uit diverse disciplines laten zien hoe verschillend zij naar hetzelfde boek kijken.
Sprekers zijn redacteur/ontwerper Françoise Berserik, drukker en (ex-)veilinghouder Bubb Kuyper en boekbinder Pau Groenendijk.
Reserveren via
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. uw naam en datum activiteit.
Reprise optreden Frans de Leef, 3 oktober om 15 uur
Reprise op zondag 3 oktober om 15.00 uur
Zanger, schrijver en beeldend kunstenaar Frans de Leef houdt een voordracht over de Baron van Westreenen, de stichter van Museum Meermanno | Huis van het boek. Staand bij de hondengrafjes in de tuin van het museum draagt hij het verhaal voor over de liefde van de baron voor zijn trouwe viervoeters en het verdriet over hun dood. Wees getuige van dit verhaal over een van de onbekende, maar ontroerende aspecten van het leven van Baron van Westreenen.
De middag begint met het zingen van het ’Huilen in Den Haag-lied’ door Frans de Leef en Hans Steijger.
Schrijfworkshop 2 i.h.k.v. Huilen in Den Haag
Op 2 november van 14.00 tot 16.30 uur in Museum Meermanno | Huis van het boek.
Feedback en herschrijven pastiche en essay door Will van Sebille en Martine Lekkerker.
In deze workshop krijgen de deelnemers de gelegenheid verder aan hun essay of pastiche te werken. De concepten zijn na de eerste workshop naar de leidsters toegestuurd en door hen van commentaar voorzien. Schaven, schrappen, invoegen en uitbreiden. Alles om tot een mooi resultaat te komen.
Meer informatie en nschrijven via:
www.genootschap-pomona.nlLunchbijeenkomst met Gerrit Komrij
Op donderdag 18 november 2010 van 12.30 tot 13.30 uur vertelt Gerrit Komrij over zijn passie voor boeken en over zijn ervaringen met uitgevers, drukkers en vormgevers. Komrij-kenner Onno Blom zal hem hierover vragen stellen en Komrij leest voor uit zijn werk.
U kunt een plaats voor deze lezing reserveren via:
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. uw naam en de datum van de activiteit.
Kosten: de lezing is gratis toegankelijk, u betaalt slechts de entree voor het museum.
PERSBERICHT
Den Haag, 8 november 2010
‘Het ideale boek. Honderd jaar ‘private press’ in Nederland, 1910-2010’
Tentoonstelling in Museum Meermanno | Huis van het boek, 20 november 2010 t/m 20 februari 2011.
Tentoonstelling
Op vrijdag 19 november opent Gerrit Komrij in Theater Diligentia de tentoonstelling ‘Het ideale boek’. Een uniek overzicht van honderden met liefde en vakmanschap gemaakte boeken waarvan zestig boeken, en dat is uitzonderlijk, door de bezoeker ter hand kunnen worden genomen. Iedere 500ste bezoeker krijgt een boek uit de tentoonstelling cadeau!
In 1910 werd in Nederland de eerste private press opgericht, De Zilverdistel. Twintig jaar eerder had de Engelse Kelmscott Press van William Morris een typografische ommekeer teweeggebracht. Hij keerde zich tegen de negentiende-eeuwse massaproductie en formuleerde nieuwe principes voor de vormgeving van het boek. Het voorbeeld van Morris werd breed nagevolgd, ook in Nederland, waar sommigen een eigen drukpers aanschaften om goedverzorgde boeken te drukken, vaak op speciaal handgemaakt papier. Ze lieten exclusieve lettertypen ontwerpen, gebruikten een eigen drukkersvignet en streefden naar Het Ideale Boek.
Deze tentoonstelling toont de ontwikkeling van idealisme naar variëteit, met buitenlandse voorbeelden, de eerste idealistische private presses, de bijzondere uitgaven in de Tweede Wereldoorlog en de enorme toename van ‘plezierdrukkers’ en kleurrijke ‘marginale’ uitgaven in de jaren erna. In de laatste zaal wordt een staalkaart van het bijzondere hedendaagse boek getoond, onder de noemer ‘Mooi marginaal’.
Activiteiten
Rondom de tentoonstelling worden diverse activiteiten georganiseerd (o.a. met Gerrit Komrij, Ger Kleis, masterclasses met deskundigen uit het boekenvak en een symposium over verzetsuitgaven). Zie hiervoor: www.meermanno.nl en www.kb.nl.
Publicatie en website
Bij de tentoonstelling verschijnt een rijk geïllustreerd boek; Paul van Capelleveen en Clemens de Wolf (red.), Het ideale boek. Honderd jaar private press in Nederland, 1910-2010, Uitgeverij Vantilt, Nijmegen, 248 pp., 240 ill., € 34,95. Het boek verschijnt ook in een Engelse editie.
Een speciale website met honderden afbeeldingen is vanaf 19 november 2010 te raadplegen via: www.kb.nl/privatepress.
Tentoonstelling, publicatie, activiteiten en website zijn een samenwerkingsproject van Museum Meermanno | Huis van het boek en de Koninklijke Bibliotheek.
Museum Meermanno | Huis van het boek
Prinsessegracht 30
Den Haag
Tel. 070 3462700
www.meermanno.nl
Noot voor de redactie:
De openingsbijeenkomst is op vrijdag 19 november om 16.00 uur in Theater Diligentia. Wilt u hier bij aanwezig zijn, dan graag uw bericht o.v.v. pers aan opening@meermanno.nl.
Voor meer informatie en foto’s: Aafke Boerma, pr/marketing, tel. 06 236371010 of boerma@meermanno.nl.
Museum Meermanno | Huis van het boek op 20 november gratis toegankelijk
In verband met de acties tegen de voorgenomen bezuinigingen op cultuur op zaterdag 20 november onder de noemer
Nederland schreeuwt om cultuur geeft Museum Meermanno op positieve wijze gehoor aan het verzoek tot deelname.
Museum Meermanno Huis van het boek, dat geheel gewijd is aan de geschiedenis en de vormgeving van het Westerse boek, stelt haar deuren gratis open voor bezoekers om zoveel mogelijk mensen in de gelegenheid te stellen te genieten van kunst, boeken en archeologie.
Zij zullen worden ontvangen door de eigenaar en stichter van het museum, Jonkheer Willem Hendrik Jacob, baron van Westreenen van Tiellandt (1783-1848) die hun persoonlijk en in vol ornaat zal rondleiden.
De baron heeft zo zijn eigen(wijze) opvattingen over het huidige subsidiebeleid en zal op ludieke en ironische wijze commentaar geven op zowel overheid als de bezoeker.
Van 26 juni t/m 24 oktober 2010
Boekengeluk. Vijftig topstukken in zomertentoonstelling
Verborgen schatten
Museum Meermanno toont deze zomer en najaar zijn vijftig topstukken. Nooit eerder werden al deze topstukken samen geëxposeerd. De boeken bevinden zich immers veelal in het depot en worden uitsluitend ter gelegenheid van tijdelijke tentoonstellingen (vaak ook in het buitenland) tevoorschijn gehaald.
Onder de topstukken bevinden zich bijzondere middeleeuwse handschriften zoals de
Rijmbijbel van Jacob van Maerlant en het
Getijdenboek van Catharina van Cleef, maar ook archiefstukken, zoals de proeven voor letterontwerpen van Jan van Krimpen.
Boekenkasten en bijzondere drukken
Uit de bijzondere boekenkasten van het museum, zoals het zgn. Kelmscottkastje met alle uitgaven van de pers van William Morris, het Nieuwenhuiskastje en het Elzevierkastje worden de mooiste uitgaven uitgestald. Tevens zijn twee delen te zien uit de vermaarde
Atlas van Blaeu, waarvan Meermanno een met de hand ingekleurd exemplaar bewaart.
Nieuwe context
De tentoonstelling ‘Boekengeluk’ stelt de bezoeker bovendien in de gelegenheid deze vijftig topstukken in een geheel nieuwe context te bekijken. Zo zijn de Griekse en Romeinse oudheden doorgaans in hun 19de-eeuwse setting op de eerste verdieping te zien, maar worden ze bij deze gelegenheid als unica in de schijnwerpers gezet.
Daarnaast is er ruim aandacht voor de stichter van het museum, de Baron van Westreenen, het monumentale museumpand en de tuinen.
Leeszaal gesloten tussen kerst en oud en nieuw
In verband met de feestdagen is de leeszaal van het museum van 26 december 2011 t/m 6 januari 2012 gesloten.
Leeszaal gesloten tussen kerst en oud en nieuw
In verband met de feestdagen is de leeszaal van het museum van 26 december 2011 t/m 6 januari 2012 gesloten.
DEZE MIDDAG IS VOLGEBOEKT
Masterclass over het ideale boek
Zondagmiddag 16 januari om 15.00 uur: masterclass i.h.k.v. de tentoonstelling ’Het ideale boek’. Experts uit diverse disciplines laten zien hoe verschillend zij naar hetzelfde boek kijken.
Sprekers zijn ontwerper Tessa van der Waals, boekbinder Jeff Clements en boekhistoricus Frans A. Janssen.
Reserveren via
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. uw naam en datum activiteit.
Publicaties
Rijmbijbel als E-book?
De publicatie
Maerlants Rijmbijbel in Museum Meermanno is geheel uitverkocht. Daarom biedt Museum Meermanno het boek gratis aan als E-book.
U kunt het pdf-bestand hier downloaden:

(pdf 4Mb)
Ga naar de online catalogus >De masterclass van zondag 30 januari is volgeboekt. U kunt zich helaas niet meer opgeven.
Tentoonstelling ‘Uit de schaduw. 20 jaar Nederlands Genootschap van Bibliofielen’.
Van 20 maart t/m 19 juni te zien in Museum Meermanno | Huis van het boek.
Wie is de bibliofiel? Dat is de vraag die centraal staat in deze voorjaarstentoonstelling van Museum Meermanno, het vroegere woonhuis van de bibliofiel bij uitstek: Baron van Westreenen. Bibliofielen blijven het liefst anoniem, maar nu treden achtenvijftig leden van het Nederlands Genootschap van Bibliofielen met hun mooiste stukken in de openheid.
De meeste boekenliefhebbers bekijken hun bijzondere boeken achter gesloten deuren die zij enkel openen voor gelijkgestemden. De vraag is: waarom? Is het vanwege angst voor vuile handen of vinden zij de boeken te kostbaar en kwetsbaar?
Het is dan ook heel bijzonder dat leden van het Nederlandse Genootschap van Bibliofielen, onder wie Ton Koopman en Piet Buijnsters, in Museum Meermanno voor het eerst uit de schaduw van hun bibliotheken treden en hun mooiste schatten aan het grote publiek tonen. Aan de hand van verhalen en foto’s leert het publiek de verzamelaars beter kennen. Hoe is de liefde voor het boek ontstaan, wat vindt de partner van de verzamelwoede, hoeveel uren brengen ze door in hun bibliotheken en welke opofferingen moeten zij zich getroosten om de begeerde boeken van hun keuze te kunnen verwerven?
De boeken die de leden van het genootschap voor deze tentoonstelling selecteerden, zijn niet alleen interessant als mooie of bijzondere boeken: de keuze wordt gepresenteerd vanuit de focus van de verzamelaar. Fotoportretten van vierentwintig verzamelaars in hun eigen omgeving en persoonlijke voorwerpen completeren de tentoonstelling.
Publicatie
Bij de tentoonstelling verschijnt het gelijknamige boek
Uit de schaduw. Twintig jaar Nederlands Genootschap van Bibliofielen, red. Edwin Bloemsaat en Isa de la Fontaine Verwey- le Grand (e.a.). Uitgeverij De Buitenkant, ontwerp: Hansje van Halem, ca. 400 pagina’s, genaaid gebonden in linnen, isbn 978 94 90913 07 6, prijs: ca. € 29,50.
Museum Meermanno | Huis van het boek
Prinsessegracht 30 Den Haag
Tel. 070 3462700
www.meermanno.nl.
Redevoering Komrij nu beschikbaar als bibliofiele uitgave
De redevoering ‘De crisis in de bibliofilie’ die Gerrit Komrij op vrijdag 19 november 2010 hield bij de opening van de tentoonstelling ‘Het ideale boek. Honderd jaar private press in Nederland, 1910-2010’, is in boekvorm verschenen in een oplage van 250 exemplaren, waarvan 200 voor de verkoop. Ontwerp: Arthur Reinders Folmer (Studio Tint), Den Haag, druk Lenoirschuring, Amstelveen.
Het boekje kost 12,50 euro. Vrienden van het museum betalen slechts 10 euro.
Lezing door Alessandro Colizzi over Bruno Munari
De Italiaanse Alessandro Colizzi promoveert op het grafische werk van Bruno Munari aan de Universiteit van Leiden. In het kader van zijn promotie presenteert Colizzi zijn onderzoek publiekelijk aan de leescommissie. De middag is Engelstalig.
Bruno Munari and the invention of modern graphic design in Italy, 1928-1945
Bruno Munari (1907–1998) was a prolific and influential artist, designer, and writer. This presentation will address key issues in his graphic design work in the years between the wars, striving for a coherent reading of a seemingly dispersive practice. Munari belonged to the modern avantgarde in 1930s Milan, whose substrate will lead to the emergence of Italy’s mature graphic and industrial design in the postwar years. Munari’s case provides a helpful example to focus on the nature of Italian modernism in the graphic arts.
14.30-15.00 uur inloop met koffie en thee
15.00-16.00 uur lezing
Het bijwonen van deze interessante middag is kosteloos. U betaalt slechts de entree voor het museum. U kunt reserveren via:
aanmelden@meermanno.nl.
test
Bibliofielenmiddag
Zondagmiddag 15 mei van 15.00-16.30.
Wolbert Vroom, Kenneth Boumann, Haye Bijlstra en Boukje Scheppink spreken over hun verzameling.
Gespreksleider: Maartje de Haan
Toegang is gratis excl. entree museum.
Reserveren via:
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. naam en datum activiteit.
The Unbound Book. Een conferentie over Lezen en Uitgeven in het digitale tijdperk
De conferentie vindt plaats in Amsterdam en Den Haag. Zie voor het volledige programma:
www.e-boekenstad.nl/unbound/Museum Meermanno in Den Haag is het oudste boekenmuseum ter wereld
Museum Meermanno heeft zijn nationale en internationale positie in de museumwereld tegen het licht gehouden. Gezien het internationale karakter van de museumcollectie (middeleeuwse handschriften, incunabelen, oude drukken en bijzondere moderne boeken die een beeld geven van de westerse boekgeschiedenis) ligt het in de lijn om in de nabije toekomst intensiever samen te werken met buitenlandse musea, universiteiten en andere instellingen. Daarbij zal het museum nadrukkelijk naar voren brengen dat het het oudste boekenmuseum ter wereld is.
Zolang er boeken bestaan, zijn die ook verzameld. De gewone vorm daarvoor is de bibliotheek. Sommige bibliotheken bestaan al eeuwen lang, denk aan de bibliotheek van Sankt-Gallen, van het Vaticaan of van verschillende universiteitsbibliotheken. Maar boekenmusea zijn zeldzaam.
Het Haagse Museum Meermanno is het oudste nog bestaande boekenmuseum ter wereld. Hier staat niet de inhoud van de boeken op de eerste plaats, maar de vormgeving ervan, het schrift of lettertype, de gebruikte materialen en andere fysieke aspecten: kortom het geschreven en gedrukte boek uit het verleden en heden als artefact.
Museum Meermanno is gevestigd in het vroegere woonhuis van Baron van Westreenen aan de Prinsessegracht te Den Haag. Bij zijn overlijden liet hij zijn huis en collecties na aan de staat, om tot een museum te worden omgevormd. Na enkele verbouwingen kon het museum in 1852 voor het publiek worden opengesteld. Als typisch 19de-eeuwse verzamelaar had Van Westreenen niet alleen belangstelling voor oude handschriften en vroege gedrukte werken, maar ook voor objecten afkomstig uit de antieke culturen.
Dankzij de strenge bepalingen van het testament van de baron is dit 19de-eeuws museaal ensemble integraal bewaard gebleven. Dit geeft samen met de contemporaine museuminrichting en het prachtige woonhuis met zijn 18de en19de-eeuwse elementen het museum zijn uniek karakter, gezien vanuit een internationaal perspectief.
Tentoonstelling ‘Uit de schaduw. 20 jaar Nederlands Genootschap van Bibliofielen’.
Van 20 maart t/m 19 juni te zien in Museum Meermanno | Huis van het boek.
Wie is de bibliofiel? Dat is de vraag die centraal staat in deze voorjaarstentoonstelling van Museum Meermanno, het vroegere woonhuis van de bibliofiel bij uitstek: Baron van Westreenen. Bibliofielen blijven het liefst anoniem, maar nu treden achtenvijftig leden van het Nederlands Genootschap van Bibliofielen met hun mooiste stukken in de openheid.
De meeste boekenliefhebbers bekijken hun bijzondere boeken achter gesloten deuren die zij enkel openen voor gelijkgestemden. De vraag is: waarom? Is het vanwege angst voor vuile handen of vinden zij de boeken te kostbaar en kwetsbaar?
Het is dan ook heel bijzonder dat leden van het Nederlandse Genootschap van Bibliofielen, onder wie Ton Koopman en Piet Buijnsters, in Museum Meermanno voor het eerst uit de schaduw van hun bibliotheken treden en hun mooiste schatten aan het grote publiek tonen. Aan de hand van verhalen en foto’s leert het publiek de verzamelaars beter kennen. Hoe is de liefde voor het boek ontstaan, wat vindt de partner van de verzamelwoede, hoeveel uren brengen ze door in hun bibliotheken en welke opofferingen moeten zij zich getroosten om de begeerde boeken van hun keuze te kunnen verwerven?
De boeken die de leden van het genootschap voor deze tentoonstelling selecteerden, zijn niet alleen interessant als mooie of bijzondere boeken: de keuze wordt gepresenteerd vanuit de focus van de verzamelaar. Fotoportretten van vierentwintig verzamelaars in hun eigen omgeving en persoonlijke voorwerpen completeren de tentoonstelling.
Publicatie
Bij de tentoonstelling verschijnt het gelijknamige boek
Uit de schaduw. Twintig jaar Nederlands Genootschap van Bibliofielen, red. Edwin Bloemsaat en Isa de la Fontaine Verwey- le Grand (e.a.). Uitgeverij De Buitenkant, ontwerp: Hansje van Halem, ca. 400 pagina’s, genaaid gebonden in linnen, isbn 978 94 90913 07 6, prijs: ca. € 29,50.
Museum Meermanno | Huis van het boek
Prinsessegracht 30 Den Haag
Tel. 070 3462700
www.meermanno.nl.
Handboekbinders presenteren hun ontwerpen op zondagmiddag 29 mei van 15.00-16.30 uur.
Bekende handboekbinders, onder wie Geert van Daal en Pau Groenendijk, hebben voor het boek
Uit de schaduw een speciale band gemaakt. Deze middag tonen zij hun ontwerpen en lichten die toe.
De boeken met deze speciale banden zullen in de museumwinkel te koop worden aangeboden.
Toegang is gratis, excl. entree museum. Reserveren via:
aanmelden@meermanno.nl o.v.v. naam en datum activiteit.
Tentoonstelling ‘Het andere boek. Boekobjecten van studenten van ArtEZ Zwolle’
in Museum Meermanno | Huis van het boek van 12 februari t/m 23 april 2011.
Op zaterdag 12 februari aanstaande opent Museum Meermanno in samenwerking met studenten van ArtEZ Hogeschool voor de Kunsten te Zwolle de expositie ‘Het Andere Boek’.
De expositie ‘Het Andere Boek’ is het resultaat van een project van derdejaars studenten van de afdeling Stories & Design van ArtEZ Zwolle.
De studenten volgden de minor ‘Het Andere Boek’. In deze minor onderzochten de studenten de betekenis van het fenomeen boek. Vijf maanden ondergingen zij een intensief en vaak persoonlijk proces met het thema ‘De reis’.
De resultaten, onder meer dagboeken, animaties, prentenboeken en installaties zijn nu te zien in Museum Meermanno. Alle boeken zijn vrij in te zien in een zeer oorspronkelijk tentoonstellingsontwerp in het souterrain van het museum. Ontwerp en realisatie van de tentoonstelling en de daarbij horende uitnodiging, affiche en website waren onderdeel van de opdracht.
Museum Meermanno | Huis van het boek is voor deze minor van ArtEZ een goede partner. Het museum heeft een prachtige, ongeëvenaarde collectie boeken. In het museum staat de geschiedenis en de vormgeving van boeken centraal. Daarmee biedt het museum een inspirerend platform voor jonge grafische vormgevers, illustratoren en kunstenaars die zich met boeken bezighouden. Het is een onderdeel van het nieuwe beleid van het museum om een doorlopend podium te bieden aan studenten en pas afgestudeerden talenten van kunstacademies en grafische opleidingen.
De expositie ‘Het Andere Boek’ is een pilot project en de start van een hopelijk vruchtbare samenwerking tussen ArtEZ Zwolle en Museum Meermanno.
Voor deze tentoonstelling is door de studenten een website ontworpen:
www.hetandereboek.net.
Het ideale boek.
Honderd jaar ‘private press’ in Nederland, 1910-2010.
Op vrijdag 19 november heeft Gerrit Komrij in Theater Diligentia de tentoonstelling ‘Het ideale boek’ geopend die t/m 20 februari 2011 te zien is. Een uniek overzicht van honderden met liefde en vakmanschap gemaakte boeken waarvan zestig boeken, en dat is uitzonderlijk, door de bezoeker ter hand kunnen worden genomen.
Iedere 500ste bezoeker krijgt een boek uit de tentoonstelling cadeau!
In 1910 werd in Nederland de eerste private press opgericht, De Zilverdistel. Twintig jaar eerder had de Engelse Kelmscott Press van William Morris een typografische ommekeer teweeggebracht. Hij keerde zich tegen de negentiende-eeuwse massaproductie en formuleerde nieuwe principes voor de vormgeving van het boek.
Het voorbeeld van Morris werd breed nagevolgd, ook in Nederland, waar sommigen een eigen drukpers aanschaften om goedverzorgde boeken te drukken, vaak op speciaal handgemaakt papier. Ze lieten exclusieve lettertypen ontwerpen, gebruikten een eigen drukkersvignet en streefden naar Het Ideale Boek.
Deze tentoonstelling toont de ontwikkeling van idealisme naar variëteit, met buitenlandse voorbeelden, de eerste idealistische private presses, de bijzondere uitgaven in de Tweede Wereldoorlog en de enorme toename van ‘plezierdrukkers’ en kleurrijke ‘marginale’ uitgaven in de jaren erna. In de laatste zaal wordt een staalkaart van het bijzondere hedendaagse boek getoond, onder de noemer ‘Mooi marginaal’.
Activiteiten
Rondom de tentoonstelling worden diverse activiteiten georganiseerd (o.a. met Gerrit Komrij, Ger Kleis, masterclasses met deskundigen uit het boekenvak en een symposium over verzetsuitgaven). Zie hiervoor: www.meermanno.nl en www.kb.nl.
Publicatie en website
Bij de tentoonstelling verschijnt een rijk geïllustreerd boek; Paul van Capelleveen en Clemens de Wolf (red.), Het ideale boek. Honderd jaar private press in Nederland, 1910-2010, Uitgeverij Vantilt, Nijmegen, 248 pp., 240 ill., € 34,95. Het boek verschijnt ook in een Engelse editie.
Een speciale website met honderden afbeeldingen is vanaf 19 november 2010 te raadplegen via: www.kb.nl/privatepress.
Tentoonstelling, publicatie, activiteiten en website zijn een samenwerkingsproject van Museum Meermanno | Huis van het boek en de Koninklijke Bibliotheek.
Enge dingen. Het aangetaste lichaam.- Gastconservator Adriaan van Dis.
Tot en met 19 februari 2012 is de tentoonstelling ‘Enge dingen’ te zien. Het idee voor deze tentoonstelling is bedacht door Adriaan van Dis.
De schrijver is als winnaar van de Gouden Ganzenveer 2009 u